Hazelworm

Woensdag 27 september 2017
Dit is officieel de laatste week dat we vlinders tellen. Joke en ik zien niet veel vlinders, het is ook fris. Het is een beter jaar voor paddenstoelen. In het weiland staan zwartwordende wasplaten.

Verder op de route rodekoolzwammetjes.

Ter afsluiting nemen we nog een kop koffie. Daarna loop ik de Cremermeerroute. Toch nog 4 soorten vlinders. En een rietgors.

De laatste vlinder is gelukkig een vuurvlinder, die heb ik nog niet veel gezien dit jaar.

Op de fiets zie ik gelukkig op tijd dat er een hazelworm over het pad kruipt.

Het lijkt net een echte slang met dat tongetje.

Omdat ik bang ben dat hij overreden wordt pak ik hem (brrrr) bij de staart en zet hem in het gras.

Ik ga naar het Vogelmeer en hoor vogelgezang, maar weet niet wat het is, dan zie ik net het koppie van de zwartkop.

Een roodborst gaat uitdagend in het zicht staan.

Wantsen en lieveheersbeestjes

Zondag 24 september 2017
Op het landgoed Leyduin is vandaag van alles te doen. Ik ga mee met de insectenexcursie, maar er doen wel heel veel mensen aan mee, het is de vraag of ik er nog een beetje bij kan om foto’s te maken. Nou ja, ik krijg een potje in mijn handen gedrukt met een roodbruine sikkelwants, dat is tenminste al wat.

Er komt nog een larf van een gaasvlieg voorbij, misschien ook van de franjegaasvlieg, maar nu van de onderkant.

Er is een klein meisje bij die spinnen over haar hand laat lopen, een regenworm en kikkers pakt. De kikker is in de paraplu gezet.

Maar hij wil er natuurlijk uit.

Ik vind spinnen best mooi.

Vincent houdt een libel vast, natuurlijk bij de vleugels, want libellen vangen insecten met hun poten, als je de poten beschadigt kunnen ze niet meer vangen en verhongeren ze. Bij deze libel komen er eitjes naar buiten, hij zal hem gauw terug zetten.

Ik wist niet dat pissenbedden vervellen en al helemaal niet dat ze dat altijd voor de helft doen. Ze eten hun oude huidje ook nog op.

Vincent gaat ook nog waterbeestjes vangen, want daar zitten ook wantsen tussen.

Ondertussen staat een paddenstoel te pronken in het mos.

In het water zit een larf van een libel, dicht bij de posthoornslak.

Julia heet het meisje en ze heeft nu een zuringwants in haar handjes.

Een gewone vijverloper heeft wel een hele lange snuit, het is een wants.

Wat een juweeltje scharrelt daar tussen het gras, moet je die ogen zien. (Notiophilus rufipes)

Op de terugweg kan ik het niet laten om nog bij de vliegenzwammen te kijken. Ze staan als een heksenkring om de berk.

De iets oudere zijn al platter geworden.

Wat een pracht.

De kleuren van de bladeren van het Perzisch ijzerhout zijn heel bijzonder, net als het vruchtje.

Zomer- en wintergasten

Zaterdag 9 september 2017
Nog even profiteren van het mooie weer, volgende week krijgen we regen, regen en nog eens regen. Tussen de A9 en de Rijksweg loopt de laatste tijd een damhert.

Op het bekende plekje in Spaarnwoude staat wel een heel donkere blauwe reiger.

Op het landje van Gruijters staan de zomer- en wintergasten naast elkaar: een kluut en 2 wintertalingen.

Bij fort Benoorden sta ik even te kijken, dan loop ik terug naar mijn fiets. Kijk nog eens en dan zijn 2 slobeenden vrij dichtbij van waar ik net stond. Ga ik daar weer naar toe zwemmen ze gelijk weer weg. Wat hebben ze enorme snavels.

De goudknopjes staan nog volop in bloei.

Wolken boven de klimtorens.

Knoppergal

Dinsdag 29 augustus 2017
Ik loop de Vossendel alleen en dat valt me niet tegen met 23 vlinders, waaronder deze gehakkelde aurelia. Het is me nooit opgevallen dat er zulke groene stippen op de onderkant van de vleugels zitten.

Een amaniet, welke weet ik niet.

Op sectie 13 vliegen altijd veel libellen en nu laat de bruinerode heidelibel zijn achterkantje zien.

Damherten tussen de bomen.

Er ligt een knoppergal op de grond, ik leg hem naast de eikel, want daar groeit zo’n gal omheen.

’s Middags loop ik mijn spoorlijnroute. Daar zijn tamarixen geplant en daar profiteert een honingbij van.

Slangenarend

Woensdag 23 augustus 2017
Een vogelaar tipt me dat er een slangenarend in de duinen zit. Ik heb een afspraak met Joke om de Vossendel te tellen, maar ga toch eerst maar eens kijken of ik de slangenarend kan zien. Dat lukt niet, ik ga terug naar de Vossendel, die lopen we niet voor niets, aardig wat vlinders, waaronder een keizersmantel. Bovendien een paar pantserjuffers.

Daarna ga ik toch weer een poging wagen voor de slangenarend. Ik zie de vogelaar daar en loop met hem mee, helaas wel de verkeerde kant op, want hij vliegt veel zuidelijker, dus wij weer die richting op. De slangenarend is een van de grootste roofvogels van Nederland, hier te zien in vergelijking met een buizerd.

Moeilijk te fotograferen zo tegen de lucht.

Maar ik heb hem, dat is toch wel bijzonder.

En weer ga ik naar het Kennemermeer voor de rupsjes, daarbij kom ik langs de tankval, waar achterin een Schotse hooglander staat.

Er liggen nu allemaal vervellingen bij, voor mij is het nog steeds niet helemaal duidelijk, maar ik vermoed toch dat het de drietand is.

Koereiger

Maandag 31 juli 2017
Ik fiets richting Spaarnwoude, maar kan het toch niet laten om de jonge damhertjes in het park op de foto te zetten.

Ha, hier in Spaarnwoude zijn de boerenzwaluwtjes aan het vliegen. De jongeren blijven nog mooi op de weg zitten ook.

Hier zit regelmatig de grote zilverreiger, maar wat ik nu zie vliegen is veel kleiner. Het zal toch niet de koereiger zijn???

Ik kan een hele serie foto’s maken als hij tussen de koeien loopt. Dan vliegt hij weg met een muis of zo in zijn bek.

Ik ga die kant op, want zo’n kans krijg ik voorlopig misschien niet meer. Tja, van de andere kant heb ik hem helemaal niet in beeld. Gelukkig vliegt hij weer terug en ik sta weer op dezelfde plek als de eerste keer. Die houding vind ik mooi, maar ook die achtergrond.

Ook op zijn rug heeft hij een lichtbruine vlek.

Ik dacht dat ik mijn lens op autofocus had staan, niet dus. Ik moest handmatig focussen en heel toevallig is deze precies goed.

Heel tevreden fiets ik door naar het landje van Gruijters. Daar staan de koeien in het water, maar geen koereiger te bekennen, whahaha.

Veel kieviten, verder niet zoveel. Een lepelaar staat aan iets te trekken in het water. Opeens komt er een behoorlijke tak omhoog en daar schrikt hij zo van dat hij achteruit de lucht in springt.

De kemphanen zien er nog prachtig uit.

Als ik verder fiets en door Spaarndam kom zitten daar 2 baltsende futen. Die kragen zijn imponerend.

Bij de Westhoffplas zie ik de steltkluten niet meer. De vlinders doen het hier nog goed, vooral de argusvlinder.

Vliegende jonge bergeenden.

In het water een stelletje witgatjes.

Met de pont van Buitenhuizen ga ik over omdat ik toch in Velsen-Noord moet zijn, ik rijd daarbij nog een heel stuk om omdat ik hier de weg niet weet en ik ben niet eens op mijn elektrische fiets ;-(
De enige mazzel is dat ik een kiekendief zie. Hij jaagt vlak boven het land, veel te ver voor een goede foto helaas.

Heelblaadjespalpmot

Donderdag 27 juli 2017
Voordat ik naar mijn vlinderroute ga wil ik eerst de keizersmantel spotten. Maar goed dat ik alleen moet lopen, want een vrouw houdt me een tijd aan de praat bij de Boshut. Bijna gegarandeerd dat de keizersmantel daar zit, bovendien nog 4 insecten op de gulden roede.

Ik ben net zo blij met het landkaartje in zomerkleding.

Ik denk een vlindertje te fotograferen op mijn vlinderroute, blijkt het een wantsje te zijn, oftewel de slanke diksprietblindwants.

Een boompieper ziet er gehavend uit, het is ook hard werken om je jonkies te voeren.

Halverwege de route zie ik een boomvalk.

Op zoek naar heelblaadjespalpmot vind ik er meerdere op het blad van het heelblaadje.

Waterpunge.

Ik kom nog een gerande spanner in het wild tegen, maar daar heb ik met de nachtvlindernachten mooiere foto’s van kunnen maken. De onderkant van de vleugels van de argusvlinder is spannend genoeg.

Argeloos blijft het jonge kneutje zitten.

Op mijn route staat een hele kudde koniks. Ze staan lekker te socialiseren.

Een enter staat nog onder toezicht lijkt het wel.

Eens kijken of het gras hier beter smaakt.

Jammie, gras met parnassia en een paar muntblaadjes, dat smaakt!

Alleen staat de Shetlander eenzaam te staan, die heeft geen maatje om te knabbelen, daarom sta ik haar een tijdje te aaien.

Zo zie ik dat ze heel veel eitjes van een horzel op haar huid heeft.

Eitje hermelijnvlinder

Woensdag 19 juli 2017
Ik ben toch nieuwsgierig of ik een rups van de hermelijnvlinder kan vinden, dus ga ik naar Duin en Kruidberg. Het eitje van gister kan ik nog wel terugvinden.

Ik ben dan vlak bij het Duinmeer. Daar staan de 3 kleuren van de Schotse hooglanders weer. Met veel kleine mantelmeeuwen.

Ik neem hetzelfde pad terug in de hoop toch nog een rups tegen te komen. Geen rups gezien, maar mijnen van de printplaatmot.

Daarbij zie ik een goudkleurig kevertje, misschien het populierengriendhaantje.

Dichtbij het Cremermeer ligt een kop van een vos. De neusholte links in beeld.

Gekleurde pad

Dinsdag 18 juli 2017
Op weg naar de Cremermeerroute kom ik 3 kleuren Schotse hooglanders tegen.

Verderop op het fietspad een pad.

Drie kleuren in één pad?

Na het vlinders tellen loop ik richting Duinmeer. Aan het eind van het voederseizoen zien de ouders van de graspiepers er verwaarloosd uit. Het is een af- en aanvliegen van voer voor de kleintjes.

Ook al willen ze het niet goedkeuren op waarneming.nl omdat het niet met zekerheid te zeggen is vanwege de details, mag ik het voor mezelf wel houden op de zeldzame gedoornde slakkenhuisbij (Osmia spinulosa).

Mannetje roodborsttapuit.

De fitis vind ik wat geler dan de tjiftjaf.

Groenlingen zijn zo schuw, ik heb ze nog niet echt mooi op de foto kunnen krijgen.

Vrouwtje roodborsttapuit.

Het is niet zo ver naar het Duinmeer als ik dacht. Daar ontdek ik een voetpad, dan zie ik wel waar ik uit kom. Ik zie een man tussen de bladeren kijken. Ik zeg dat er toch geen insecten zijn, hij zegt dat hij op zoek is naar de rups van de hermelijnvlinder. Tja, die is wel erg gaaf inderdaad, maar hier nog niet gevonden. Wel laat hij eitjes zien op de populierenbladeren. Verderop vliegen argusvlinders en er zijn blauwvleugelsprinkhanen.

Op het eind van het voetpad kom ik weer bij het fietspad uit. Er zijn nog steeds rupsen van de sintjacobsvlinders, leuk zo met die zandkorrels op zijn rug.

Nu moet ik nog wel terug om mijn fiets op te halen.

Ik heb zelfs nog tijd om mijn eigen vlinderroute langs de oude spoorbaan te lopen. Daar tref ik een verse distelvlinder.

Knobbelzwanen

Knobbelzwanen
Zaterdag 15 juli 2017
Sientje krijgt eten van me en daarna ga ik naar Lena om te vertellen hoe het met Sientje gaat. Omdat ik dan toch al ver in Heemskerk ben ga ik daarna door naar de Noordermaatweg. Leuk, een gezinnetje knobbelzwanen.

Opeens vliegen er grauwe ganzen van het ene weiland naar het andere. Er vliegt vast een roofvogel over.

De jonge knobbelzwaan blijft gewoon doorgaan met poetsen.

Zouden de koeien ook last hebben van overvliegende roofvogels? 😉

Torenvalkje doet mee met de gekte van de koeien.

Bij de Randweg Beverwijk is erg veel veranderd een paar jaar geleden. Er is een grote vijver gekomen met zwanenbloemen langs de kant.

In het water watergentiaan en meerkoetjes.

En langs het water stalkruid, niet kruipend lijkt mij.

Dravende koniks

Maandag 10 juli 2017
Met Joke ga ik de vlinderroute Vossendel lopen. Bij het neerzetten van mijn fiets zie ik een grootvlekstippelmot.

Gelijk ga ik door naar de tweede vlinderroute ‘Cremermeer’ die ik vandaag in mijn eentje loop. Heel weinig dagvlinders gezien. De nachtvlinder bosspanner lijkt wel heel erg op de roomkleurige stipspanner die ik 6 juli had, maar is toch nog net even anders.

Genietmoment als ik de koniks zie draven.

Oerpaarden zijn het.

Ze passen zo mooi in het landschap.

Zandhagedissen

Vrijdag 7 juli 2017
Met Dirk gaan we hoog in de eiken kijken naar eikenpages. Af en toe zien we een vlindertje fladderen, maar dat vind ik toch niet zo interessant. Liever kijk ik dan naar iets wat dichterbij is, zoals deze sprinkhaan.

Met Ok ga ik Middenduin nog in. Het is prachtig weer en de zandhagedissen kan je dan zien zitten zonnen, zoals dit mannetje.

Een vrouwtje kruipt toch weg voor ons.

Een ander blijft even vrouwtje poseren.

Vers groot koolwitje.

In het water op het grote veld staat een bijzondere plant: lidsteng.

De grote egelskop is veel algemener.

We wilden graag de zuidelijke keizerlibel zien, maar alleen de grote keizerlibellen vliegen hier.

In een dichtgegroeid watertje staat blauwe waterereprijs.

Op de terugweg zie ik een boomleeuwerik met zijn vrolijke kuif.

Ik hoop dat de keizersmantels nog op het zelfde plekje als gister zitten, maar nee, ze zijn vertrokken. Een geoogde worteluil vind ik ook leuk.

Harkwesp

Zondag 2 juli 2017
Ik begreep van Marja dat er 2 huidjes van libellen bij het Cremermeer moeten zitten, dus ga ik daar kijken. Ik zie denk ik 2 huidjes hangen, maar als ik mijn fototoestel wil pakken heb ik het verkeerde toestel mee. Ik ga terug naar huis om mijn camera met telelens te halen. Als ik terug kom zijn de ‘huidjes’ verdwenen. Dat zullen dus wel juffertjes geweest zijn die weggevlogen zijn, of ze zijn lager op de paal gaan zitten. Achteraf bedoelde Marja heel iets anders. Ze had op mijn weblog gekeken en dat had ik helemaal niet verwacht. Ze bedoelde de foto van 31 mei en dan zie ik ook dat dat 2 huidjes zijn.

Ik ga de Cremermeerroute lopen, want er is van de week niets van gekomen. In de buurt van sectie 7 staan heel veel distels en een fitis vliegt net op.

Maar eigenlijk volgde ik de grasmus die een bessenschildwants in zijn bek heeft en die van het ene takje naar het andere vliegt.

Langs het wandelpad staat heel veel te bloeien, daar profiteert een harkwesp van.

Ook hier maar 9 vlinders geteld. Op het eind van de route zie ik nog een konijn.

Hooglandertje

Woensdag 21 juni 2017
Ik loop de Cremermeerroute vandaag alleen. Bij de fietsenstalling in de buurt staan de Koniks in de rij om in bad te gaan.

Aan het eind van mijn route zitten kneutjes op het pad, maar ze vliegen zo snel weg steeds. Ik ben al blij dat ik ze allebei van een afstand kan fotograferen.

Ik stap van mijn fiets omdat er een koevinkje op het pad rondjes aan het draaien is, beetje vreemd. Ik zet hem in het gras.

Bij het Vogelmeer staat een Schotse hooglander met een jong. Wat ziet de moeder en mager uit. Sony A77ii 400mm

Zo moeder, zo zoon.

In de vogelhut zie ik 9 geoorde futen!

Het jong is tussen de kattenstaarten gaan liggen.

Nachtvlinders op vlinderroute

Nachtvlinders op vlinderroute
Dinsdag 13 juni 2017
Ik loop de Vossendel alleen en tel gelijk de planten. Ik kom ook nog een vrouw oeverlibel tegen.

De score voor dagvlinders is 15 stuks, maar zoveel nachtvlinders heb ik overdag nog nooit gezien. Te beginnen met de geoogde bandspanner.

Een groene eikenbladroller.

Een maanmot.

Een zonnesproetbladroller.

Nog een vlieg: de duinrouwzwever.

Af en toe trekt er een atalanta over en die moeten ook wel eens uitrusten.

Deze had ik nooit verwacht: de zilveren groenuil. Vind ik erg leuk om die in het wild te zien.

Ik ben een paar keer een groepje damherten tegengekomen.

Nog even controleren of het ijsvogeltje thuis is. Oeps hij vliegt net weg. Opeens staan hier hele grote campanula’s.

Blauwe reiger: warm he? Ik doe even mijn jas open.

Kleurencombi van de waterhoen: rood-zwart en gifgroen.

Aan de andere kant van het water hipt een winterkoninkje heen en weer met voer in zijn bekje.

Hij heeft daar een nestje en opeens zie ik ze allebei.

Roofvlieg

Maandag 5 juni 2017
Op het hout van de fietsenstalling bij de Vossendel zit een roofvlieg.

Terwijl de zon volop schijnt zien Joke en ik toch maar 8 vlinders op de route van de Vossendel.
De Cremermeerroute loop ik alleen en het is nog iets warmer geworden. De laatste tijd lopen de Koniks steeds hier in de buurt.

En zelfs precies op mijn route, want die loopt om de krater heen.

In het water leggen de grote keizerlibellen hun eitjes.

Heel veel viervlekken hier ondertussen gezien, maar dit is de mooiste foto.

Vrouwtje platbuik zit verderop meer in de begroeiing.

Bovenop de wilgen zie ik regelmatig roodborsttapuiten zitten, nu zit er een fitis met zijn bek vol.

Schotse hooglanders

Woensdag 31 mei 2017
Het is wel mooi weer, maar nou niet om te zeggen het is bloedheet (18 graden). Toch lijken de Schotse hooglanders last van de warmte te hebben. Deze jongen heeft zijn kop op het fietspad neergevlijd.

Een ander ligt rustig te herkauwen.

Eentje zoekt verkoeling in het water. De zwaan blij, want hij stond net erg dicht bij haar plekje, waar ze wilde gaan liggen.

Ik loop de route nog eens alleen om de nectarplanten voor vlinders te tellen. Ik kom nog Icarusblauwtjes tegen die een koppelpoging doen, maar hij vliegt weg, hij heeft hoofdpijn.

Klaverspanners zitten natuurlijk ook in de duinen en niet alleen langs de oude spoorlijn.

Ik dacht dat deze takjes bij zilte ranonkel hoorde, maar het is kransblad.

Dit is het bloemetje van zilte ranonkel.

Een mannetje platbuik gaat steeds op het zelfde takje zitten, daar kan ik mooi op focussen, maar vaag er achter zie ik ook een grote keizerlibel.

Dit is hem.

Ik denk dat ik een klein vlindertje zie vliegen. Als het landt op een takje in het water kan ik foto’s maken. Hij lijkt wel belaagd te worden door een bootsmannetje, maar hij kan ontsnappen doordat ik hem uit het water vis. Het is een bijzonder wantsje: een duinkortkopje.

In het andere poeltje vliegen libellen en juffers die ik op de foto neem, dan zie ik dat er op een stengel een huidje zit van een libel. (Het zijn er dus 2, met dank aan Marja.)

Het is een blauwe lucht met leuke wolkenluchten.

Purperreigers

Donderdag 11 mei 2017
Met Giel en Yvonne gaan Nico en ik varen op de Nieuwkoopse Plassen. Precies vandaag is het schitterend weer. Het is een behoorlijk groot water.

We varen langs een bergeend met maar liefst 13 pulletjes.

Ik kan nog net een visdiefje op de foto krijgen voordat hij weg vliegt.

De oeverloper op de kant is klein en wordt verward met een kwikstaart, maar ik zie met mijn kijker dat het een oeverloper is.

De gidsen gaan recht op hun doel af, want we komen voor de purperreigers. Gelukkig zien we ze, maar niet goed tot er een op vliegt in de typische houding van de purperreiger, die kromme nek en die poten uiteen.

Ik denk dat mijn foto’s niet gelukt zijn, maar deze kan nog net vanwege de kleuren op de vleugels.

We varen nog een klein stukje door.

Dan gaan we terug en komen weer langs purperreigers. Hij lijkt wel opgewonden vanwege de rimpels in zijn nek.

Je moet wel heel goed kijken waar ze zitten. Yvonne ziet ze eerst niet, totdat een purperreiger een flinke witte flats laat, dan weet ze waar ze zitten 😉

Gelukkig dat Yvonne ze net op tijd ziet, want hij vliegt alweer weg en de ander zit te veel verscholen.

De appelbes bloeit prachtig en is vrij zeldzaam, alleen is het hier een plaag geworden.

Koningsvarens.

Verder zien we nog een bruine kiekendief, een ooievaar vliegt hoog over en in het riet zitten futen. Dan opeens ziet iemand een haas, die rent tussen de ganzen door de andere kant op.

Tussen het gras staat veenpluis en zonnedauw, maar dat is natuurlijk niet te zien, dat is zo klein.

Het was een prachtige dag, helemaal naar wens.

Morieljes

Zondag 30 april 2017
Net als ik mijn vlinderroute bij de Vossendel bezig ben zie ik Jan. Hij vraagt of hij mee mag lopen, nou, dat vind ik heel gezellig en we zien ook nog meer met z’n tweeën. Net tussen 2 secties in waar ik moet tellen zit een geaderd witje te wachten op een mannetje, er komt wel een ander bij te fladderen, maar het komt niet tot een paring.

Langs het pad liggen 2 morieljes die om liggen (omgetrapt?). Als we ze gaan tellen zijn het er minstens 27 stuks die daar staan.

Ik ga door naar de Cremermeerroute, daar staan de koniks weer in het veld.

Bij sectie 1 staat vaak minder wind en daar zie ik de dagpauwoog.

Mooi overzicht van de duinen waar mijn route tussendoor loopt.

Op de terugweg neem ik even de tijd om betere foto’s van de paardenkastanjemineermot te maken.

Tuinbouwgebied

Donderdag 13 april 2017
Met Marja ga ik het westelijk tuinbouwgebied inventariseren. De sloot is schoongemaakt en de posthoornslakken liggen droog.

Verder nog een vuurjuffer, vale wielwebspin, zebraspringspinnetje, wederikhaantje, bruine bij onbekend en bessenbandzweefvlieg langs dit pad. En een slijk- of elzenvlieg.

Bij het volgende pad heel veel elzenhaantjes en wat zuringhaantjes en in het water een fuut.

Dan gaan we het weiland op, daar wordt het echt leuk. Veel honingbijen (er zit hier een imker in de buurt), vliegjes (niet te determineren) en hommels, o.a. de akkerhommel.

Twee bonte zandoogjes en twee grote koolwitjes.

Bruine kikker.

De laurierkers staat in een tuin.

Door de duinen fiets ik terug en ik heb mijn grote lens er weer op gezet, want er kan zomaar een leuke soort vogel in de buurt zitten. Nee dus… Duinviooltjes langs het fietspad staan er genoeg.

Tropische vlinders

Woensdag 12 april 2017
Met Giel en Yvonne mag ik mee naar de Orchideeënhoeve. Gelijk bij binnenkomst zien we roodschoudertalingen, ze zijn vorig jaar hier gekomen, maar ze zijn helemaal niet schuw. Ze zijn zo leuk.
Het lijkt meer op een jungle. De orchideeën overheersen niet echt, er zijn wel hele mooie exemplaren.

Giel wist niet dat er tegenwoordig ook aapjes in het park zijn. Het witoorpenseelaapje ontdek ik, het is een kleine aap.

De roodbuiktamarins zijn erg beweeglijk, maar zitten wel dichterbij.

Er zwemmen grote roodstaartmeervallen in een bassin. Heel veel schildpadden zwemmen er in diverse watertjes. Hier en daar een watervalletje, het is heel mooi gedaan.
In een aparte ruimte zitten best veel lori-papegaaitjes.

Daarna komen we in de vlindertuin, waar ook wat vogeltjes rondvliegen. Het gelige vogeltje is een binsenalstride, de gekleurde zijn gouldamadines en het grijzige met rood masker is een Helenafazantje.

We komen natuurlijk voor de vlinders. Al gauw zie ik de glasvleugelvlinder (Greta oto).

De monarchvlinder (Danaus plexippus) mag natuurlijk niet ontbreken.

Heel helder is de garnalenbloem.

De bovenkant van de Papilio thoas is geelbruin. De onderkant is helemaal prachtig.

De Morpho-vlinder is behoorlijk groot, mooi van tekening en de bovenkant is zo onvoorstelbaar mooi blauw, dat zie je net een klein beetje.

De uilvlinder (Caligo beltrao) is misschien nog groter, deze heeft een camel kleurige bovenkant met donkerdere rand.

Een van de vele passiebloem-vlinders: Heliconius cydno. De bovenkant lijkt de ene keer zwart en als het licht er op valt fluoriserend donkerblauw.

Terwijl de onderkant heel anders is met oranje, zwart en wit.

Alweer zulke aparte kleuren (Heliconius hewitsoni).

Steeds gaat het zilverbekje net achter een takje zitten, totdat hij er eindelijk mooi voor gaat zitten.

Een vrij grote vlinder (Attacus caesar) zit in de poppenkast, maar of hij net uitgekomen is betwijfel ik omdat hij al beschadigd is.

Wat een beauty: Hyalophora_cecropia, een oogvlinder.

De papiervlinder (Idea leuconoe) hangt aan een hibiscus.

Deze vlinder Papilio memnon zie ik eitjes afzetten op zo’n plastic bord, de eitjes zie ik liggen.

We kunnen er niet genoeg van krijgen, maar koffie is ook belangrijk ;-). We zitten hier in de zwevende tuinen die rondom van spiegels is voorzien zodat het heel groot lijkt. Prachtige fuchsia’s zie ik hier.

Zo was het een hele geslaagde dag.

Schapeneiland

Maandag 10 april 2017
Ik zag dat ik nog 1 vrij-reizen-dag op mijn NS-kaart heb en dit is de laatste dag dat ik hem kan gebruiken. Ik ga met de trein naar Den Helder. Onderweg is het een pracht met die bollenvelden.

In Den Helder huur ik een OV-fiets, ik dacht dat ik tijd genoeg had voor de veerboot van half 12, maar dat lukt niet, daarom fiets ik daar nog een tijdje rond en kijk verlangend over het Marsdiep uit naar de overkant. Joehoe, Texel, ik kom er aan!!!

Op de boot fotografeer ik een meeuw waarvan ik denk dat het een geelpootmeeuw is, maar het blijkt toch een kleine mantelmeeuw te zijn.

Mokbaai, Texel

Twee wulpen aan het foerageren in de Mokbaai. De ene is iets dichterbij dan de ander.

Het kostte wat moeite om mijn OV-fiets te verkrijgen, ik had ook eerst moeten lezen 😉
Er zitten geen versnellingen op de fiets, maar hij rijdt goed.

Landschap.

Duinen.

O, wow ik zie een kiekendief, maar ben te laat, want hij duikt alweer naar beneden. Een man zegt dat ze hier in de buurt broeden en als ik daar het voetpad op ga heb ik grote kans dat ik ze weer zie. Ik dacht dat het de blauwe kiekendief was, maar dit is het vrouwtje van de bruine kiekendief.

Het mannetje zag ik dus het eerst en ik zie hem steeds weer, wel te ver weg natuurlijk.

Ook hier bollenvelden.

Ik heb mijn GPS aan staan, zo kan ik precies zien waar ik geweest ben. Voor mijn idee ben ik veel verder geweest.

Er staat best veel wind, maar de wolkenvelden zijn prachtig.

Vanaf het strand wilde ik naar het noorden, dan moet ik echter weer helemaal terug naar Den Hoorn. Ik fiets door naar de Redoute, daar was een kleine zilverreiger gespot. Natuurlijk heb ik hem niet gezien. Er loopt wel een hele kudde jonge paarden.

Lammetjes, het is niet voor niets het schapeneiland.

Ik ga met de Texelstroom terug naar het vasteland. Het is de nieuwe boot van Teso. Op het station van Den Helder komt een kokmeeuw vlak bij zitten. Als ik zie dat hij geringd is maak ik foto’s zodat ik dat door kan geven. Hij is in Engeland geringd.

a

Rupsen van de bastaardsatijnvlinder

Zondag 9 april 2017
Het is vandaag een graad of 17 en voor dinsdag is er weer koud weer voorspeld, daarom ga ik in mijn eentje de 3 vlinderroutes lopen. Er zijn al heel veel nesten van rupsen van de bastaardsatijnvlinders te zien. Op de lijsterbes kruipen de rupsen hiervan.

De lijsterbes loopt al lekker groen uit.

Een nachtvlinder telt niet mee, dit is de weegbreemot op de route van de Vossendel.

Door de droogte staan er maar een paar plukjes dwerggras. Jammer, want het is heel bijzonder.

Sparappels.

Bij de route van het Cremermeer moet ik niet alleen naar vlinders kijken, maar ook uitkijken waar ik loop anders plet ik zomaar zo’n klein kikkertje.

Tjiftjaf.

Sinds de vorige nachtvlindernacht weet ik dat dit een echtwalstrospanner is.

Stieren

Vrijdag 7 april 2017
Toch weer even kijken bij Fort Benoorden, geen vogels, maar jonge stieren. Ze vinden elkaar leuk 😉

Bij het landje van Gruijters zie ik één kemphaan. Verder wat tureluurs, paar grutto’s, een kleine plevier, een nijlgans en een kievit. De rest zit te ver weg.