Ratelaars

Zondag 3 juni 2018
Distelvlinder in de zon bij het Kennemermeer.

Ach, een icarusblauwtje mist een vleugel.

Ik zie een blauwborst in het riet, maar de foto’s zijn niet mooi geworden.
Ik hoop tussen de poelruit een poelruitspanner te vinden, dat is toch te hoog gegrepen.

Een brandnetelglittermot op een bloem van de braam.

De ratelaar heeft gezelschap van een grasje.

Een of andere langpootmug op pitrus.

Distelvlinder

Donderdag 31 mei 2018
’s Avonds ga ik naar het strand. De Kromhoutstraat is een paar jaar geleden helemaal op de schop gegaan voor de nieuwe busbaan en ik had er weinig vertrouwen in dat de berm weer zo mooi zou worden. Dat valt reuze mee, er bloeit van alles. De distelvlinder komt op ossentong af.

Een groot dikkopje steekt zijn tong in ossentong.

Pluimvoetbijen profiteren van knoopkruid. Sony A77ii 18-55mm

Grote sterns en visdiefjes bij de eblijn. Af en toe moeten ze de vleugels strekken.

Mispoes.

De grote stern moet het nog maar een keer proberen.

De visdiefjes proberen ook wat te vangen.

Op de parkeerplaats van het Kennemermeer weet ik de bijenorchissen te vinden. Ze staan er prachtig bij.

Fakkelgras, zoals deze zo mooi heet.

In het avondzonnetje een aardhommel op de rietorchis.

Bloemen duindoorn

Dinsdag 24 april 2018
Een gal van de bramentakgalwesp kan wel 200 larfjes bevatten.

Marja liet gister de bloemen van de duindoorn zien en ik probeer ze vandaag te fotograferen. Er staan maar weinig vrouwelijke struiken, dat is jammer want aan die struiken komen de bessen in het najaar.

Het terrein staat nu vol met witte uitgebloeide bloemen van het klein hoefblad.

Op het strandje zie ik eerst een puttertje, maar even later zijn ze met z’n tweetjes. Bovenin het mannetje en onder het vrouwtje. Sony A68 400mm

Even later vliegt het vrouwtje weg en het mannetje volgt uiteraard.

Zeegroene zegge

Maandag 23 april 2018
We zijn met z’n zessen voor de excursie bij het Kennemermeer. Door de wind is het veel kouder dan ik verwachtte. Toch heel leuk dat we de blauwborst mooi kunnen zien en we horen de nachtegaal volop. Op de heivlinderheuvel staan 2 plukjes gulden sleutelbloem.

Er staat heel veel zeegroene zegge.

Een vrouwtje pluimvoetbij heeft veel haar op haar achterpoten zodat ze daar veel stuifmeel mee kan verzamelen en dat doet ze hier lekker op de paardenbloem.

Aan het eind van de excursie zie ik nog een wezeltje met een prooi, het gaat te snel voor een foto. Ik kijk nog wel even tussen de duindoorns en zie hem nog eens. Ik denk dat hij een muisje heeft.
Na het koffiedrinken lopen we zomaar langs een veldje met winterpostelein.

Ik heb nog een takje van de gewone veldbies meegenomen voor een foto.

Klein hoefblad

Klein hoefblad
Maandag 16 april 2018
Lekker weer en Izzy geniet van de zon.

Pas volgende week is de excursie bij het Kennemermeer, vandaag loop ik met Hanneke een voorlooprondje en we horen en zien heel veel vogels: nachtegaal, fitis, tjiftjaf, blauwborst, ekster, zwaluw, rietgors, braamsluiper, kneu. Hier en daar is het klein hoefblad al uitgebloeid, maar in het zand staat nog een mooie groep.

We bewonderen een groot aantal planten van de winterpostelein. In het gebied staan heel veel wilgen en ook van verschillende soorten en bovendien nog hybriden, dus het is niet te zeggen welke wilg ik voor me heb. Als de hommels er maar van kunnen profiteren.

Ik zie een puttertje bovenop een tak zitten, net op het moment dat ik de foto neem vliegt hij op en heb ik een vliegend vogeltje 😉

Veterwier

Maandag 18 september 2017
Regenachtig tijdens de excursie bij het Kennemermeer. Gelukkig was het gezellig bij het koffiedrinken. Kijk het musje rechtsonder, zo leuk.

’s Middags wel dreigende luchten, maar het gaat allemaal langs ons heen. Op het strand is het schitterend weer.


Een heel leuk plantje in de eblijn, komt me bekend voor, maar weet nog geen naam.

Grote jongens die grote mantelmeeuwen, die kunnen grote stappen maken.

Die kleine drieteenstrandloper probeert dat ook.

De kokmeeuwen duiken steeds in de golven, leuk gezicht is dat.

Grote sterns.

Kijk die 2 kanoeten eens verlegen staan achter de zilvermeeuw.

Hanneke en ik vinden nog wel veterwier en vergelijken het met riemwier. Veterwier is bijzonder, dit is de eerste keer dat ik het hier vind.

Vriendendag

Vriendendag
Zondag 17 september 2017
Op de parkeerplaats bij het Kennemermeer scharrelt een tapuit.

Ach, een Icarusblauwtje net uit de pop geklommen en de vleugels zijn nog niet opgepompt.

Bij het Kennemermeer kom ik Guido tegen die op zoek is naar de rosse franjepoot. Ik zag daar al een man een tijd aan het fotograferen, nu weet ik dus waarom.


Ik loop naar de andere oever zodat hij wat dichter bij zit, maar dan kijk ik tegen de zon in en kan ik geen goede foto’s maken. Daar staat ook Rino, met wie ik een praatje maak.
Op het strand wil ik kijken of ik de sneeuwgors zie, nee dus. Er liggen veel hopen riemwier.

Daar sta ik wel een tijdje te praten met vogelaars en ze zeggen dat er Jan van Genten bij de pier zitten. Ik fiets naar het eind van de pier, daar zie ik wel Jan, maar geen Jan van Genten. Ook met Jan sta ik een tijdje te kletsen, daarna ga ik terug naar huis, maar dan zie ik Frank op het strand en ik ga toch een eindje met hem meelopen. Hij is natuurlijk op het veter- en riemwier afgekomen. Als ik een hoopje riemwier op til komen daar strandvlooien uit tevoorschijn.

Op een krat zitten Nieuw-Zeelandse pokken.

Er staat een rosse grutto beetje eenzaam tegen de duinenrij.

Er voor lopen een heel stel bontbekpleviertjes.

Zeepaddenstoel

Zeepaddenstoel
Zondag 3 september 2017
Ik mag meelopen met een familie-uitje om wat te vertellen over het strand. Daar ben ik niet goed in, want het hoe en waarom is niet mij niet duidelijk doordat ik geen zicht heb op het zeeleven, maar ik weet wel veel namen van wat er op het strand gevonden wordt. Daarom vond ik de volgende vraag zo leuk: “Hebben al die schelpen namen?”
Jammer dat er niet veel bijzonders is aangespoeld, alleen een zeepaddenstoel.

Nog even bij het Kennemermeer gekeken. Ik kan me niet herinneren dat er ooit in september nog zoveel parnassia’s stonden.

Vliegende speld

Vrijdag 1 september 2017
Voor de inspectie van de drietandrups ga ik naar het Kennemermeer. De rupsjes zitten nog steeds op het blad. Ik kom verder een imago gewone kielwants tegen.

Als je door de vleugels naar het smalle lijfje van deze zweefvlieg kijkt zie je waarom deze de vliegende speld wordt genoemd.

Op het hek zit een springstaartje, heel klein.

Daarom probeer ik hem door mijn loep te fotograferen en dat lukt ook nog. Er komen net mensen aan en die kijken wat ik fotografeer en het verbaast hen dat ik dat kleine beestje zelfs maar in de gaten heb.

Sterallures van de watermunt.

Zo rood heb ik niet eerder een strontvlieg gezien.

Nog even kijken op het strand. Er staat zo weinig wind, dat deze zilvermeeuw de enige surfer is.

Bonte strandlopers nog half in zomerkleed. Er is er één bij die heeft nog een hele zwarte buik van het zomerkleed.

Het kleedje van een bontbekplevier is een plezier om naar te kijken.

Op het strand zelfs twee kleine koolwitjes die op de zeeraket afkomen.

Melkdistel op de rand van het strand en duinen.

Niet veel wind, wel veel wolken.

Wilgenbladvlo

Zondag 27 augustus 2017
Ik blijf de drietandrupsen in de gaten houden bij het Kennemermeer, maar er is nog meer te zien, zoals deze mini bladvlo: de wilgenbladvlo.

Bloeiende wolfspoot.

Ik volg een andere iets grotere glimmende kever. Thuis ontdek ik op de foto dat er nog 3 doorntjes ook op staan, natuurlijk heb ik die daar niet gezien, zelfs op de foto zijn ze nog niet zo makkelijk te ontdekken. De kever heeft zelfs één poot op een doorntje.

Dichter bij het water vliegen enkele paardenbijters. Ze hangen vaak op het zelfde plekje een tijdje stil, daarom kan ik de lens scherp stellen en dan wachten op het moment dat hij in beeld komt en het is gelukt 😉

Fraai duizendguldenkruid is de kleinste van de 3 soorten.

Vruchten van de moeraswespenorchidee.

Opeens zijn de nimfen van de kielwants verveld en in het imago-stadium beland.

Nationale nachtvlindernacht

Vrijdag 25 augustus 2017
Vlak voordat ik vertrek zie ik op de schuur een groot platlijfje.

Een medespeler van badminton wil graag eens mee met me naar het Kennemermeer en ik vind het leuk om hem van alles te laten zien en begin met de drietandrupsjes. Het bladmoes eten ze tussen de nerven vandaan.

Twee zweefvliegjes op een grasspriet.

De smalle zaden van het harig wilgenroosje klappen open en dan vormen de zaadjes een v-vorm, totdat ze loslaten en een harig geheel ontstaat.

Bij het Moerbergplantsoen staat een sporthal met een artistieke gevel. Helaas willen ze sommige sporthallen slopen.

Wat leuk dat Nico ’s avonds mee gaat naar het nachtvlinderen, kan hij het ook eens meemaken. Alhoewel hij een huismoeder niet echt interessant vindt, hahaha.

Er komen niet alleen vlinders op het doek af, ook een boomsprinkhaan laat zich zien.

Een duikermot is een kleine grasmot. Ben vertelt daarover dat de eitjes in het water worden afgezet.

Vaak wordt er op Facebook gevraagd welke vlinder dit is, maar dit is een schietmot, dat is geen vlinder. Hij heeft geen Nederlandse naam: Limnephilus marmoratus.

Bij het gebouw ziet Dik een waaiermot. Ik kan er maar net bij om te fotograferen.

De bruinbandspanner zit op mijn schoen, daar kan ik beter bij.

Slangenarend

Woensdag 23 augustus 2017
Een vogelaar tipt me dat er een slangenarend in de duinen zit. Ik heb een afspraak met Joke om de Vossendel te tellen, maar ga toch eerst maar eens kijken of ik de slangenarend kan zien. Dat lukt niet, ik ga terug naar de Vossendel, die lopen we niet voor niets, aardig wat vlinders, waaronder een keizersmantel. Bovendien een paar pantserjuffers.

Daarna ga ik toch weer een poging wagen voor de slangenarend. Ik zie de vogelaar daar en loop met hem mee, helaas wel de verkeerde kant op, want hij vliegt veel zuidelijker, dus wij weer die richting op. De slangenarend is een van de grootste roofvogels van Nederland, hier te zien in vergelijking met een buizerd.

Moeilijk te fotograferen zo tegen de lucht.

Maar ik heb hem, dat is toch wel bijzonder.

En weer ga ik naar het Kennemermeer voor de rupsjes, daarbij kom ik langs de tankval, waar achterin een Schotse hooglander staat.

Er liggen nu allemaal vervellingen bij, voor mij is het nog steeds niet helemaal duidelijk, maar ik vermoed toch dat het de drietand is.

Biefstukzwammen

Dinsdag 22 augustus 2017
Ondanks dat ik flink doorrace op mijn fiets zie ik in een flits biefstukzwammen aan een boom, toch maar even afgestapt voor een foto.

Ik ben op weg naar vlinderroute Cremermeer, waar ik met Annemiek loop. Twaalf vlinders en een paar parasolzwammen dat is alles. Omdat ik heel graag wil weten of de rupsjes van gister van een drietand of psi-uil is, ga ik weer kijken of ze al gegroeid zijn. Ze zijn inderdaad iets groter geworden.

Op maar liefst 3 bladeren zitten veel nimfen van de gewone kielwants. Wat een leukerdjes.

Op een blad zit een koker van een kokermot. Jammer dat hij op de grond valt als ik hem ook van de andere kant wil fotograferen.

Wat een kleuren heeft de berm op de Badweg. Roze rozenbloemen, rozenbottels en daartussen wikke.

Nimfen wantsen

Maandag 21 augustus 2017
Een vogelaar die met de excursie bij het Kennemermeer mee is ziet een bruine kiekendief. Zelf heb ik die hier nooit kunnen ontdekken, leuk dus. Boven Zandvoort is ook nog een waterhoos te zien. Op een paar plekken ziet het veld nog wit van de parnassia’s. Verder bloeit de melkdistel nog en daar profiteert een pluimvoetbij van.

Onderweg zien we een rups van een zwartvlekdwergspanner op klaver.

Het leukste is voor het laatst bewaard. Dik ontdekt rupsjes van een drietand of een psi-uil.

Op een elzenblad een verzameling nimfen van de gewone kielwants, met 1 ouder er nog bij.

Een nimf in het laatste stadium van een groene stinkwants komt uit de struiken vallen.

Een bladwespje van het geslacht Nematus.

Na het koffiedrinken gaan Hanneke en ik de planten op de Boulevard bestuderen. Er staat o.a. bonte luzerne.

We twijfelen over het havikskruid, met de Heukels komen we er niet uit. De oecologische Flora geeft uitsluitsel dat het schermhavikskruid is.

Pleistocene strandschelp

Pleistocene strandschelp
Zondag 20 augustus 2017
Gezellig op het strand met verschillende strandwachten (van Alkmaar, Katwijk en IJmuiden). Een pleistocene strandschelp die ik vind is wel wat teer, want er breekt een stuk vanaf.

Bij het Kennemermeer wil ik vliegende gierzwaluwen fotograferen en dat lukt ook nog aardig.

Hagendoornvlinder

Hagendoornvlinder
Vrijdag 18 augustus 2017
Wat een leuk plekje op het badkamerraam heeft de hagendoornvlinder uitgezocht.

Ik ga een kijkje nemen bij het fietspad langs het Kennemermeer. Daar staat altijd van alles, zoals ossentong, smal vlieszaad, zandambrosia en zeepkruid. Ik kijk goed in het zeepkruid of ik het vierentwintigstippelige lieveheersbeestje zie, die niet, wel een ander kevertje: het walstrohaantje.

De zeedistel is bijna overal uitgebloeid, alleen op het fietspad omhoog staan er nog een paar in bloei.

In het gras langs de Heerenduinweg staan wel 15 peenplanten met veel gallen van de scheerlingzaadgalmug.

Veel tinten groen in de bomen en struiken.

Grijskruid met een spierwit bloemetje.

Beetje stijf plantje.

De hazenpootjes zijn zo leuk.

Inktzwammetjes in het gras.

Insectenjacht

Zondag 6 augustus 2017
Vanwege de inventarisatie van insecten bij het Kennemermeer ga ik nog maar eens op insectenjacht. Ontstellend weinig insecten, ik ben al blij als ik een gewone roodpootspinnendoder zie. Grappig zoals hij het zand omhoog gooit.

De eerste bijenwolf dit jaar (en waarschijnlijk de laatste).

Een wespje die over de grond loopt volg ik, best moeilijk want hij kruipt onder de begroeiing door. Het is een mierwesp.

Gaasvlieg op peen.

Ik raak aan de praat met mensen. Ze hebben een hele rode bloem gezien in het gebied en weten niet wat het is. Gelukkig weten ze hem nog wel te staan en ik kan ze vertellen dat het niet een bloem is, maar een bedeguargal, een vergroeiing op rozen.

Met de excursie van de KNNV bij het Kennemermeer heb ik de mensen laten zien dat de ene kattenstaart een lange stamper heeft en korte meeldraden (links) en de andere kattenstaart een korte stamper en lange meeldraden (rechts). De bloemen voorkomen hiermee dat de stamper in aanraking komt met z’n eigen meeldraden zodat er meer kruisbestuiving plaats vindt.

Er vliegen hier maar liefst 2 distelvlinders rond, een record 😉

Zulke lange antennes heeft een struiksprinkhaanman.

Een elzenvlag ontstaat door een schimmel.

Maagdelijk wit zijn de parnassia’s.

Scheerlingzaadgalmuggallen

Maandag 17 juli 2017
Excursie van de KNNV bij het Kennemermeer. Engelwortel valt wel op, zo hoog is de plant.

Ik wil de bloemetjes van waternavel laten zien en raap een blaadje op, ook toevallig dat daar net eitjes op blijken te zitten. Het zijn eitjes van een daas.

De laatste tijd zo ontzettend weinig insecten gezien, bijna geen bijen, zweefvliegen, wantsen, enz. Alleen heel veel vliegen. Heel toevallig dus dat er 3 beestjes op 1 foto staan, waarbij de citroenvlinder niet te missen is.

Herfstbitterling en vaag er achter de parnassia.

Het zal wel niet goed zijn voor de salomonszegel, maar die aantasting ziet er wel mooi uit.

Jammer dat het op de foto niet uit komt, er staat water in de peen en dat glanst zo mooi. Een extraatje is de groene strekspin onder het scherm.

Ik ontdek iets heel aparts denk ik op de peen. Het blijken scheerlingzaadgalmuggallen te zijn. Iemand maakt een bolletje open en daar zit een klein larfje in.

Ik zie een blauwvleugelsprinkhaan landen, dus ik weet waar die zit. Ook al wijs ik hem met de schaduw van mijn vinger hem aan, anderen zien hem niet totdat hij weer opvliegt.

’s Middags ga ik vlinders tellen met Joke bij de Vossendel. We gaan uit ons dak als we een keizersmantel op onze route zien.

Apart standje van een koevinkje.

Ik zie een grote vogel die landt op een tak. Joke en ik denken een grote lijster, maar volgens waarneming.nl moet het een zanglijster zijn!?!?

Visjes

Zondag 9 juli 2017
Met de strandwacht zien we een school visjes zwemmen in heel ondiep water. Je ziet eerder dat ze daar zwemmen aan hun schaduw dan dat je de visjes zelf ziet.

Vrij hoog op de pier zitten nog paardenanemonen.

Na de strandwacht kijk ik nog even bij het Kennemermeer, alleen kokmeeuwen. Een jong en een volwassen exemplaar.

’s Avonds zit er in de keuken een huismotje, klein maar fijn (of niet fijn?).

Mantelanjer

Mantelanjer
Donderdag 29 juni 2017
Nog een dag telling, want er zijn wel erg veel orchideeën te tellen. We zitten al op meer dan 6300 groenknolorchideeën en meer dan 1200 en dan zijn we nog maar op de helft. Maarten plukt zomaar waternavel met een bloemetje en daar moest ik echt heel erg naar zoeken.

Het is niet helemaal droog vandaag, maar het hoost niet, dus gaan we door. Ik vind moeraszoutgras, Maarten zegt dat het vorig jaar volop heeft gestaan.

Ik kom vandaag nog een plantje daarvan tegen.

Zilt torkruid is heel herkenbaar doordat de schermpjes los van elkaar staan en ze zijn iets roze.

Regendruppels op het gras.

Volop teer guichelheil, we hoeven er niet eens meer naar te zoeken.

We stoppen om 3 uur omdat de schelpen opraken. Bij de orchideeën die we tellen leggen we een schelp zodat we weten dat die geteld zijn. Ik ga nog naar de parkeerplaats om te zoeken naar de hokjespeul, er is gemaaid, die staan er helaas niet meer. Wel zie ik mantelanjers langs het voetpad.

Ook apart.

De peen staat op uitbarsten.

Ik kan nog mooi mijn vlinderroute voor de deur tellen. Zo ontzettend weinig vlinders, niet normaal. Gelukkig bloeit het boerenwormkruid en daar zit een wormkruidbijtje op.

Strandduizendguldenkruid

Strandduizendguldenkruid
Woensdag 28 juni 2017
Tweede dag van de tellingen. Het barst hier van de bijzondere planten, zoals de moeraswespenorchidee en het strandduizendguldenkruid.

Het strandduizendguldenkruid valt wel op.

De meeste groenknolorchideeën zijn uitgebloeid, maar hier staat er nog een in knop.

Vreemde vorm van een rietorchis, die zijn meestal veel meer gedrongen.

De bloem van de moeraswespenorchidee is erg fraai.

Het rondbladig wintergroen staat ook in bloei.

Dwergbloem

Maandag 19 juni 2017
Ik ga weer op stap met de groep van de KNNV. Vanwege het mooie weer zijn we met z’n vijftienen. Er is zoveel te zien dat ik ongemerkt de honingorchideeën die ik wist te staan al voorbij ben gelopen. Die komen we nog wel tegen. Bij het water zit een vroege glazenmaker ik kan hem nog net op de foto krijgen.

Want hij wordt weggejaagd door de grote keizerlibel die nu op dat plekje gaat zitten.

In ieder geval zien we de groenknolorchidee.

Teer guichelheil is bijzonder, in het gebied komen al meer grote groeiplekken. Een grote groene sabelsprinkhaan zit er tussen.

Ik moet wel heel erg mijn best doen om een bloemetje van de dwergbloem te ontdekken en ook nog goed op de foto te krijgen.

Bij thuiskomst ligt Izzy voor pampus op de bank, zo warm is het.

De bloemen die ik heb gekregen zijn uitgebloeid en ik heb ze in de groenbak gegooid. Als ik de deksel weer open doe zie ik een mooie rups, maar weet niet welke. Ik heb het op verschillende fora gepost en bij het forum van waarneming wist Rayan dat het een rups katoendaguil is. Die is meegekomen met de bloemen uit Afrika, want het is geen echt inheems soort.

Zwartsprietdikkopjes

Zondag 18 juni 2017
Op 10 juni had ik ongeveer het eerst zwartsprietdikkopje van het land. Vandaag ga ik weer tellen en op sectie 20, waar de boel niet overhoop is gehaald vanwege het nieuwe fiets- en voetpad, daar tel ik er maar liefst 20! Ze zijn best klein, maar met mooi weer fladderen ze net boven de begroeiing.

Ik ga even bij het Havenfestival kijken. Bij het neerzetten van mijn fiets zie ik het witte vetkruid staan.

Ik ben gauw uitgekeken en ga naar het Kennemermeer. De honingorchissen staan vers in bloei.

Nu een paar geelhartjes bij elkaar, over 2 weken staan er duizenden.

Nou ja, het lijkt alsof die mug de rups gebruikt als stairways to heaven.

De kleine karekiet zingt nog steeds in het riet.

En de rietgors vanaf het topje in het riet.

Wat leuk dat een vrouwtje blauwborst zo mooi getekend is.

Het mannetje is natuurlijk prachtig van kleur.

Ik raak in gesprek met mensen uit het oosten en zuiden van het land die op zoek zijn naar de groenknolorchis, op dat moment zie ik ze niet in de buurt, maar ik laat wel de dwergbloem zien. Als ik ze nog iets wil laten zien, zie ik bevertjes staan en die vind ik zo leuk, ook al zijn ze weer op hun retour.

Thuis zit het zevenstippelig lieveheersbeestje nog op de muur, maar hij is nu wel uitgekleurd.

Parelmotten

Zondag 28 mei 2017
Poelruit bloeit nu bij het Kennemermeer.

Ik ga voor de knopbiesparelmot, maar heb de grote parelmot op de foto.

Overal staan vleugeltjesbloemen in het terrein.

Ik heb toch de knopbiesparelmot te pakken.

De bruine omwindselbladen van heen lijken wel gevlochten.

Een kleine wespenboktor valt op door de gele kleuren.

Ik ben precies op tijd voor het hondskruid, volgende week kan het wel weer uitgebloeid zijn.