Kuifaalscholver

Maandag 2 april 2018, tweede paasdag
’s Morgens is er een excursie van de KNNV bij Beeckestijn. Het is nogal vochtig weer, toch een leuke groep mensen. Het is nog niet overdadig met stinzeplanten. De vroege hyacint staat er wel mooi bij.

Gelijk er achter aan heb ik strandwacht. Ook leuk want de hele groep was uitgenodigd. Frank heeft nog het schildje van een harig porseleinkrabbetje meegenomen die we vorige keer hadden gevonden. Kleintje hoor!

Na het koffiedrinken ga ik nog naar de pier. Het mannetje kuifaalscholver zwemt meer aan het begin van de pier. Die kuif is wel heel geinig en lijkt wel uit 2 staartjes te bestaan.

Eens kijken of de zwarte zee-eenden er nog zitten. Nog maar een paar, wel een met een afwijkende kleur, misschien nog jong? Staat niet zo in het vogelboek.

Wat een grote platpoten hebben ze.

De kuifaalscholvers zijn zeker dol op botervisjes, die vangen ze vaak.

Zelden zie ik ze zo mooi in zomerkleed.

Bij het katje die ik een paar dagen verzorg zit een voorjaarszakdrager bij de voordeur.

Bovenaan zit een kleine voorjaarsuil.

Hortus Leiden

Zaterdag 10 februari 2018
Het is de laatste dag dat ik mijn vrij-reizen-dag met de trein op kan maken en ik ga naar Leiden, naar de Hortus Botanicus. Het heeft een beetje geregend, maar de zon schijnt heerlijk. Helleborus met regendruppels.

Er zijn 2 kleine aquaria met mooie vissen.

Hier kan je wel heel relaxt van worden.

Geinige kleuren hebben ze ook.

Ik weet niet hoe deze bloemen heten.

Witte orchidee.

Bekerplant die insecten lokt.

Portugese zonnedauw, lokt insecten die in het kleverige sap blijven hangen en dan verteerd worden.

Zo kom je wel van je insecten af.

Bij nog een vleesetende plant staat een waarschuwing: betreden op eigen risico 😉

Er vliegen al honingbijen en gelukkig kunnen ze bij de helleborus terecht. Verderop staat een bijenkast.

In de eettuin staat Afrikaanse aubergine, apart kleurtje zeg.

Een of andere treurboom.

Leiden is een leuke stad om in te wandelen, er zijn heel wat bezienswaardigheden, zoals deze poort.

Bomenexcursie

Woensdag 6 december 2017
Met Ank, Bernadette en Jeanette ga ik naar park Schoonenberg voor de bomen. De eerste is al gelijk een probleem, is het nu een gouden regen of niet? Hier staan aangeplante bomen, moeilijk te zeggen of het een inheems soort is of misschien toch niet.

De bast van de berk ziet er vreemd uit.

Het Perzisch ijzerhout is zeker een vreemdeling en zo ziet het er naar uit ook.

Ank heeft een boekje met bomennamen mee en daaruit kunnen we concluderen dat hier een parasolden staat met apart kegels.

Op de foto lijkt hij niet zo groot.

Helemaal leuk als we twee eekhoorntjes van de ene boom naar de andere zien springen.
Hier staat een mannelijke en vrouwelijke ginkgo. Een vrucht en een blad van de ginkgo.

Niet te geloven

Woensdag 8 november 2017
Met 3 dames ben ik planten aan het determineren bij boerderij Zorgvrij. Daar is een geurtuin en we vragen ons af, waar deze vruchtjes van zijn, want met de Heukels komen we er niet uit. Dat klopt, want het is de lederboom die aangeplant is.

Na de koffie ga ik naar het landje van Gruijters, de smienten zijn allang weer in het land. In het water lijkt het vrouwtje kleiner dan het mannetje.

Aan de kant lijkt ze juist groter.

Ik hoor al een tijdje een winterkoninkje in het riet en even later gaat hij op het hek zitten. Ik druk net af als hij er weer vandoor wil.

Bij het zijweggetje zie ik in het water richting Fort Benoorden weer het ijsvogeltje vliegen en even gaan zitten, maar veel te ver natuurlijk. Als ik weer terug kom langs het hek zit er nu een roodborstje op.

Het goudknopje bloeit in juli en augustus volgens de Heukels, maar het bloeit nog steeds.

Ik wil richting pont Buitenhuizen fietsen en kom eerst door de Hekslootpolder. Ik zie een witte vogel in de buurt van koeien landen en het is toch niet te geloven dat ik weer een koereiger spot. In vergelijking met de blauwe reiger is hij erg klein.

Het is alsof hij stiekem achter de blauwe reiger probeert te sluipen.

Hij vliegt naar de andere kant van de sloot. Hij is zelfs nog witter dan de kokmeeuwen en zo lijkt hij even groot. Weer ben ik de enige die de vogel gespot heeft, gelukkig heb ik foto’s kunnen maken, anders hadden ze me niet geloofd. Misschien is het dezelfde als die op 31 juli, maar die was in zomerkleed.

Bij het weggetje langs de Mooie Nel vliegen veel kramsvogels. Ik blijf daar een tijdje staan want ik wil ze dichtbij op de foto krijgen. Ze vliegen in de bomen, maar elke keer als er een fiets of auto langs komt vliegen ze naar de overkant. Zo komen ze niet aan eten toe, maar kost wel veel energie.

Roodstreepspanner

Tja, ik kan het niet laten om toch nog eens te kijken bij het Kennemermeer naar de baardmannetjes. Er vliegen weer heel veel spreeuwen en als ze een eindje voor me op het pad landen ga ik niet verder.

Aan de noordkant zitten er veel in de duindoorns.

Mazzel dat ik de roodstreepspanner zie landen, dan kan ik hem fotograferen. Het is een trekvlinder die nu best veel gezien wordt.

Oranje zon

Dinsdag 17 oktober 2017
Gister zag ik 10 baardmannetjes bij het Kennemermeer, maar omdat ik met de excursie mee was kon ik er niet achteraan om te fotograferen. Vandaag wil ik nog een poging wagen. Bij het Kennemermeer zie ik niets, dan ga ik naar het zuiden, die kant vlogen ze op. Langs het pad bij de IJmuiderslag verwacht ik niet zomaar een tomaat, misschien heeft iemand daar een tomaat gegeten en daar zaden verspreid?

Even verderop een mooie rups, die blijkt van de groente-uil te zijn. Zo gevarieerd van kleur kan die zijn, laatst vond ik een in mijn tuin en die rups was groen met een gele streep.

Omdat je hier vrij mag lopen worden de duinen open gehouden en krijg je stuifzand. Dicht bij zee maakt de wind zelfs diepe kuilen met grillige structuren.

Dit zijn nog ouderwetse duinen.

Er staat vandaag behoorlijk wind.

In dat stuk riet hoopte ik de baardmannetjes te zien, niets gehoord en niets gezien helaas.

Zo fantastisch die duinen hier.

Flink begroeid met duindoorns, die met de oranje besjes zijn de vrouwelijke planten, die zonder besjes zijn de mannelijke.

Zo uitgesleten kan het zand zijn.

Kom ik zomaar de beesten van de Lange Nieuwstraat tegen, ik wist niet dat die hier stonden. Bij het opknappen van de Lange Nieuw waren ze opeens verdwenen.

Een oranje zon, door het Sahara-zand, maar ook door de bosbranden in Portugal, misschien zijn de vlekjes wel roetdeeltjes daarvan.

Wandeling Nunspeet

Dinsdag 3 oktober 2017
Mijn kaartje van de NS moet deze week nog gebruikt worden en ik was al langer van plan om naar Nunspeet te gaan. De reistijden lopen een beetje in het honderd en ik stap in Amsterdam in richting Zwolle, maar wel via Almere. Zodoende kom ik langs de Oostvaarder plassen. Wat staan er toch veel paarden daar.

In Nunspeet ga ik eerst helemaal naar boven in de klimtoren voor het uitzicht, maar dat is niet spectaculair.

Het is een heel afwisselende wandeling, eerst loop ik door bossen.

Ik heb brood mee, dus hoef ik geen eekhoorntjesbrood.

Ik hoopte dat de heide nog wat in bloei zou staan, maar daar ben ik te laat voor. Nog een paar plukjes die bloeien, wel met een vliegenzwam er bij, dus toch mooi.

Heidegebied, maar niet zo kleurrijk.

In een bos hoor ik een specht zacht tikken en ik hoop op een middelste of kleine bonte specht. Ik zie hem goed zitten en neem foto’s, het is toch de grote.

Heel fraai deze paddenstoelen (met mestkever).

Veel mestkevers hier. Het lijkt alsof er een kleiner soort tussen zit, maar het zou ook een mannetje kunnen zijn. Er zijn sowieso bos- en paardenmestkevers in Nederland.

Op het pad zie ik een mestkever op zijn rug, dat gebeurt vaker, maar hier zit één mier aan te trekken. Of zou die mier van de mest van de mestkever snoepen?

Wat zou het hier prachtig zijn als de hei bloeit.

Het kronkelpaadje op en dan ben ik op de zandverstuiving.

Het lijkt heel groot, maar verderop ligt nog een zandverstuiving die nog groter is.

Ook al is het kaal, het is wel mooi.

In de dennenbomen hoor ik een heel mooi vogelgeluidje en ik hoop dat het kuifmeesjes zijn. En dat zijn het ook, wat een geluk. Er gaat er een heel mooi voor me zitten, maar helaas voordat ik scherp kan stellen is hij weg. Ik heb er eentje op de foto kunnen zetten, helaas alleen als bewijs, want wat zijn het leuke vogeltjes.

Tja, hier zaten ze in de bomen, het waren er een stuk of 10.

Ik wil na 10 km de bus nemen, maar dat punt heb ik gemist. Gelukkig kan ik na 12 km nog eens de bus pakken. Daarvoor kom ik langs kasteel Essenburgh en nog door een stuk bos en daar kom ik Momfer de Mol tegen.

Paddenstoelen Koningshof

Maandag 2 oktober 2017
De excursie van Marja gaat vandaag naar Koningshof, daar ben ik al een tijd niet geweest. Alfons is mee en die weet heel veel van paddenstoelen, altijd makkelijk voor determinatie en er wordt ook leuk bij verteld. Bitterzoete melkzwammen.

Helmmycena.

Zwarte kluifzwam.

We treffen het met het weer.

Roestkleurige borstelzwam.

Dit vind ik zo’n vreemde paddenstoel, ik herken het als boleet. Dan zegt Alfons dat er een goudgele zwammeneter op zit.

Er liggen veel paddenstoel los op de grond. Dan kunnen we ze wel oprapen om te fotograferen, anders blijven ze mooi staan waar ze staan. Dit is eekhoorntjesbrood.

Zo’n grote parasolzwam heb ik nog nooit gezien, zal wel 50 cm hoog zijn. Er naast eekhoorntjesbrood en een rodekoolzwammetje.

Peervormige stuifzwammen.

Roodvoetrussula.

Bundelcollybia.

Gestreepte nestzwammetjes.

Na de excursie ga ik nog even de andere kant op. Op een boom zitten hele grote tonderzwammen.

Verderop een berg honingzwammen.

Omdat het mooi weer is, wil ik nog verder fietsen, maar ik heb geen brood mee genomen en geniet nu van een heerlijke pannenkoek bij Kraantje Lek. Daar achter ga ik de duinen weer in. Ik zou het nieuwe viaduct willen zien en ga richting Zandvoort. Alleen zijn die 2 viaducten al veel ouder, want de nieuwe liggen ergens anders.

Nu fiets ik langs het gebied van de wisenten, maar zie ze niet. Hier staat dus wel het stekend loogkruid.

Nog even kijken bij de vogelhut. Alleen 2 zwanen, waarvan een alweer de andere kant op zwemt.

Perzisch ijzerhout

Vrijdag 29 september 2017
Hanneke wil ook zo graag de vliegenzwammen zien, dus samen er op af. Gelukkig zijn ze niet helemaal verregend.

De bladeren van het Perzisch ijzerhout worden al roder.

Een pantserjuffertje kromt steeds haar achterlijf omhoog.

Hoornaars tollen op de grond en we zetten er een op een paddenstoel.

Grappig is dat, want het is net alsof hij er niet vanaf durft. Als hij over de rand valt houdt hij zich vast en klimt er dan weer bovenop.

Satijnlichtmot

Maandag 25 september 2017
Toen ik de jas waarmee Nico gevallen was wilde wassen, zag ik een kleine pop van een vlinder op zijn rugkant. Ik heb hem er voorzichtig afgepeuterd en in een potje gedaan en niet meer naar omgekeken. Nu zie ik opeens dat er een vlindertje uitgekomen is en nog wel een bijzondere: de satijnlichtmot.

Dan heb ik nog iets van vorige week: de zaden van de grote waterweegbree had ik meegenomen van het Westelijk tuinbouwgebied voor determinatie.

’s Middags strandwacht met Cora, er valt niet zo veel te beleven, toch blijven de kleine heremietkreeftjes leuk als ze nog leven, ze jagen elkaar uit de huisjes, rennen met het geleende huisje over het zand of ze graven zich in.

Een kleine mantelmeeuw heeft gele poten, deze heeft een ring en die kan ik weer doorgeven aan de ringer.

De laatste tijd zie ik al vaker halfgeknotte strandschelpen half uit het zand steken. Met hun voet graven ze zich in, maar deze heeft zelfs een sleuf gemaakt.

Deze grijze zwemkrab is belaagd geworden door een meeuw en heeft zich proberen in te graven.

Ik wil hem beter bekijken en zet hem in het water, dat wordt dus ook niets om goed te bekijken.

De blaasjeskrab is wel heel mooi, maar hij hoort hier niet.

Deze is nog levend en dat laat hij merken ook.

Zuidelijke schildwants

Donderdag 21 september 2017
Vorige week regende het, dus is het nu weer tijd om het Westelijk Tuinbouwgebied te inventariseren. Op het fietspad zie ik 2 hoornaars, gauw afgestapt voor foto’s, altijd leuk voor het nageslacht, hihi.

We verwachten niet zo veel insecten, maar libellen vliegen nu nog volop. De paardenbijter laat zich mooi zien.

Op het Koepad zien we zoveel Aziatische lieveheersbeestjes, dat is niet leuk meer. Er is echter een vijand op komst: een schimmel (Hesperomyces virescens) en die zie je hier op het achterlijf.

Er komen bovendien nog veel meer Aziatische lieveheersbeestjes: de pop en de larf.

Een nieuw soort voor deze omgeving: de zuidelijke schildwants.

Marja is blij dat ik de bruine winterjuffer ontdek, zij was er al voorbij gelopen.

Doosvrucht van een echte koekoeksbloem?

Op één blad een groene en een bruine cicade.

Fallopia

Fallopia
Dinsdag 12 september 2017
Ik loop elke week langs de oude spoorlijn, vandaag ontdek ik toch weer een nieuwe plant: Fallopia compacta, die daar aangeplant is. Het is familie van de Japanse duizendknoop, dus nu maar hopen dat het ook niet zo’n woekeraar is.

In mijn voortuintje zit een mooie spin, de naam weet ik nog niet.

En in mijn achtertuintje broeden hele kleine bosandoornwantsjes van nog geen 4 mm en ik zie er een met eitjes.

Zomer- en wintergasten

Zaterdag 9 september 2017
Nog even profiteren van het mooie weer, volgende week krijgen we regen, regen en nog eens regen. Tussen de A9 en de Rijksweg loopt de laatste tijd een damhert.

Op het bekende plekje in Spaarnwoude staat wel een heel donkere blauwe reiger.

Op het landje van Gruijters staan de zomer- en wintergasten naast elkaar: een kluut en 2 wintertalingen.

Bij fort Benoorden sta ik even te kijken, dan loop ik terug naar mijn fiets. Kijk nog eens en dan zijn 2 slobeenden vrij dichtbij van waar ik net stond. Ga ik daar weer naar toe zwemmen ze gelijk weer weg. Wat hebben ze enorme snavels.

De goudknopjes staan nog volop in bloei.

Wolken boven de klimtorens.

Vliegende speld

Vrijdag 1 september 2017
Voor de inspectie van de drietandrups ga ik naar het Kennemermeer. De rupsjes zitten nog steeds op het blad. Ik kom verder een imago gewone kielwants tegen.

Als je door de vleugels naar het smalle lijfje van deze zweefvlieg kijkt zie je waarom deze de vliegende speld wordt genoemd.

Op het hek zit een springstaartje, heel klein.

Daarom probeer ik hem door mijn loep te fotograferen en dat lukt ook nog. Er komen net mensen aan en die kijken wat ik fotografeer en het verbaast hen dat ik dat kleine beestje zelfs maar in de gaten heb.

Sterallures van de watermunt.

Zo rood heb ik niet eerder een strontvlieg gezien.

Nog even kijken op het strand. Er staat zo weinig wind, dat deze zilvermeeuw de enige surfer is.

Bonte strandlopers nog half in zomerkleed. Er is er één bij die heeft nog een hele zwarte buik van het zomerkleed.

Het kleedje van een bontbekplevier is een plezier om naar te kijken.

Op het strand zelfs twee kleine koolwitjes die op de zeeraket afkomen.

Melkdistel op de rand van het strand en duinen.

Niet veel wind, wel veel wolken.

Knoppergal

Dinsdag 29 augustus 2017
Ik loop de Vossendel alleen en dat valt me niet tegen met 23 vlinders, waaronder deze gehakkelde aurelia. Het is me nooit opgevallen dat er zulke groene stippen op de onderkant van de vleugels zitten.

Een amaniet, welke weet ik niet.

Op sectie 13 vliegen altijd veel libellen en nu laat de bruinerode heidelibel zijn achterkantje zien.

Damherten tussen de bomen.

Er ligt een knoppergal op de grond, ik leg hem naast de eikel, want daar groeit zo’n gal omheen.

’s Middags loop ik mijn spoorlijnroute. Daar zijn tamarixen geplant en daar profiteert een honingbij van.

Heidelibel

Maandag 28 augustus 2017
Half 12 ga ik de Cremermeerroute lopen met Annemiek, daarna ga ik door naar het plekje met de hermelijnrupsen die er niet zijn. Onderweg heeft een bruinrode heidelibel een mooi plekje uitgezocht.
Ik denk dat ik warkruid ontdek, maar het zal wel zwaluwtong zijn.

Net voorbij het Vogelmeer is zo’n mooi stuk duinen.

Nico is vandaag een eind gaan toeren op zijn brommer, hij doet een rondje IJsselmeer. Helaas is hij gevallen bij Den Oever, toch gaat hij zijn rondje afmaken, dus door Lelystad en verderop richting Schiphol omdat het door Amsterdam te druk is.

Wilgenbladvlo

Zondag 27 augustus 2017
Ik blijf de drietandrupsen in de gaten houden bij het Kennemermeer, maar er is nog meer te zien, zoals deze mini bladvlo: de wilgenbladvlo.

Bloeiende wolfspoot.

Ik volg een andere iets grotere glimmende kever. Thuis ontdek ik op de foto dat er nog 3 doorntjes ook op staan, natuurlijk heb ik die daar niet gezien, zelfs op de foto zijn ze nog niet zo makkelijk te ontdekken. De kever heeft zelfs één poot op een doorntje.

Dichter bij het water vliegen enkele paardenbijters. Ze hangen vaak op het zelfde plekje een tijdje stil, daarom kan ik de lens scherp stellen en dan wachten op het moment dat hij in beeld komt en het is gelukt 😉

Fraai duizendguldenkruid is de kleinste van de 3 soorten.

Vruchten van de moeraswespenorchidee.

Opeens zijn de nimfen van de kielwants verveld en in het imago-stadium beland.

Nationale nachtvlindernacht

Vrijdag 25 augustus 2017
Vlak voordat ik vertrek zie ik op de schuur een groot platlijfje.

Een medespeler van badminton wil graag eens mee met me naar het Kennemermeer en ik vind het leuk om hem van alles te laten zien en begin met de drietandrupsjes. Het bladmoes eten ze tussen de nerven vandaan.

Twee zweefvliegjes op een grasspriet.

De smalle zaden van het harig wilgenroosje klappen open en dan vormen de zaadjes een v-vorm, totdat ze loslaten en een harig geheel ontstaat.

Bij het Moerbergplantsoen staat een sporthal met een artistieke gevel. Helaas willen ze sommige sporthallen slopen.

Wat leuk dat Nico ’s avonds mee gaat naar het nachtvlinderen, kan hij het ook eens meemaken. Alhoewel hij een huismoeder niet echt interessant vindt, hahaha.

Er komen niet alleen vlinders op het doek af, ook een boomsprinkhaan laat zich zien.

Een duikermot is een kleine grasmot. Ben vertelt daarover dat de eitjes in het water worden afgezet.

Vaak wordt er op Facebook gevraagd welke vlinder dit is, maar dit is een schietmot, dat is geen vlinder. Hij heeft geen Nederlandse naam: Limnephilus marmoratus.

Bij het gebouw ziet Dik een waaiermot. Ik kan er maar net bij om te fotograferen.

De bruinbandspanner zit op mijn schoen, daar kan ik beter bij.

Slangenarend

Woensdag 23 augustus 2017
Een vogelaar tipt me dat er een slangenarend in de duinen zit. Ik heb een afspraak met Joke om de Vossendel te tellen, maar ga toch eerst maar eens kijken of ik de slangenarend kan zien. Dat lukt niet, ik ga terug naar de Vossendel, die lopen we niet voor niets, aardig wat vlinders, waaronder een keizersmantel. Bovendien een paar pantserjuffers.

Daarna ga ik toch weer een poging wagen voor de slangenarend. Ik zie de vogelaar daar en loop met hem mee, helaas wel de verkeerde kant op, want hij vliegt veel zuidelijker, dus wij weer die richting op. De slangenarend is een van de grootste roofvogels van Nederland, hier te zien in vergelijking met een buizerd.

Moeilijk te fotograferen zo tegen de lucht.

Maar ik heb hem, dat is toch wel bijzonder.

En weer ga ik naar het Kennemermeer voor de rupsjes, daarbij kom ik langs de tankval, waar achterin een Schotse hooglander staat.

Er liggen nu allemaal vervellingen bij, voor mij is het nog steeds niet helemaal duidelijk, maar ik vermoed toch dat het de drietand is.

Biefstukzwammen

Dinsdag 22 augustus 2017
Ondanks dat ik flink doorrace op mijn fiets zie ik in een flits biefstukzwammen aan een boom, toch maar even afgestapt voor een foto.

Ik ben op weg naar vlinderroute Cremermeer, waar ik met Annemiek loop. Twaalf vlinders en een paar parasolzwammen dat is alles. Omdat ik heel graag wil weten of de rupsjes van gister van een drietand of psi-uil is, ga ik weer kijken of ze al gegroeid zijn. Ze zijn inderdaad iets groter geworden.

Op maar liefst 3 bladeren zitten veel nimfen van de gewone kielwants. Wat een leukerdjes.

Op een blad zit een koker van een kokermot. Jammer dat hij op de grond valt als ik hem ook van de andere kant wil fotograferen.

Wat een kleuren heeft de berm op de Badweg. Roze rozenbloemen, rozenbottels en daartussen wikke.

Hagendoornvlinder

Hagendoornvlinder
Vrijdag 18 augustus 2017
Wat een leuk plekje op het badkamerraam heeft de hagendoornvlinder uitgezocht.

Ik ga een kijkje nemen bij het fietspad langs het Kennemermeer. Daar staat altijd van alles, zoals ossentong, smal vlieszaad, zandambrosia en zeepkruid. Ik kijk goed in het zeepkruid of ik het vierentwintigstippelige lieveheersbeestje zie, die niet, wel een ander kevertje: het walstrohaantje.

De zeedistel is bijna overal uitgebloeid, alleen op het fietspad omhoog staan er nog een paar in bloei.

In het gras langs de Heerenduinweg staan wel 15 peenplanten met veel gallen van de scheerlingzaadgalmug.

Veel tinten groen in de bomen en struiken.

Grijskruid met een spierwit bloemetje.

Beetje stijf plantje.

De hazenpootjes zijn zo leuk.

Inktzwammetjes in het gras.

Printplaatmot

Printplaatmot
Woensdag 16 augustus 2017
De aardhommel vliegt van de ene bloem naar de andere op de spoorlijnroute.

Hier staan populieren, dus even kijken of hier ook printplaatmotten patronen hebben gemaakt. Ja hoor, hier zitten ze ook.

Dan ontdek ik een grote plant van de reuzenbalsemien, familie van de springzaad.

’s Avonds fiets ik richting pier. In de jachthaven hebben de knobbelzwanen het naar hun zin.

Opspattend water in de avondzon.

Boleet

Zaterdag 12 augustus 2017
Omdat ik weer een ander katje verzorg kom ik weer vaker in Velserbeek. Op het grote grasveld staat een eenzame boleet.

Hij is niet alleen eenzaam, maar wordt ook nog opgevreten door een slak.

De knoppen van het springzaad springen open als je ze aan raakt, daar schrok ik de eerste keer een beetje van.