Aardappelgalwesp

Vrijdag 17 november 2017
Bij het nachtvlinder is ook flink gesmeerd op de bomen en Dik heeft een beestje naar het doek meegenomen, waarvan ik denk dat het een mier is, maar het blijkt een wespje te zijn: de aardappelgalwesp.

Altijd leuk als de zwarte herfstspinner langs komt.

Bij de bomen waar gesmeerd is hangen veel kleine wintervlinders aan takjes. Bij deze zijn de vleugels nog niet helemaal opgepompt.

Een zuidelijke boomsprinkhaan heeft als volwassen exemplaar hele kleine vleugels in tegenstelling tot de boomsprinkhaan.

De grote wintervlinder komt op de achterkant van het doek zitten.

Om een uur of 10 gaan we naar huis, ik fiets met Dik mee en die wil nog even kijken bij verlichte zuilen, daar zien we toch nog een oranje kruidenmot, ook leuk.

Cicades

Woensdag 18 oktober 2017
Omdat er vorige week zo weinig vlinders waren, nemen we vandaag een herkansing met nachtvlinderen. We beginnen met een satijnlichtmot, die had ik dus laatst in een potje waar hij uit een pop kwam, die ik zag op Nico zijn jas. Deze lijkt trouwens veel groter.

Op het gebouw zit een platte wielwebspin, ze lijken al mooier te worden.

Ik zie een donsvlinder op de bank bij de kist.

Zandslakken zijn zeldzaam, hier zitten honderden, op de grond, tussen de begroeiing en op de ramen. Het lijkt alsof er een ringetje zand precies om het ademhalingsgat zit. Even later is dat ringetje zand aan de achterkant van de slak uit elkaar gevallen.

Vandaag is het ook niet druk met vlinders, met een meidoornuil ben ik ook tevreden.

De meeste zandslakken hebben mooie patronen, daarom vraag ik me af of die rechtse ook een zandslak is.

Op de bladeren zit een herfstspanner.

En een papegaaitje hangt in de begroeiing.

Die wordt gevangen in een potje, maar hij blijft met de vleugels dicht. Ik tik tegen het potje en dan doet het papegaaitje zijn vleugels wel wijd zodat ik de mooie kleuren kan zien.

Haha, die antenne van de segrijnslak.

Roodstreepspanner

Tja, ik kan het niet laten om toch nog eens te kijken bij het Kennemermeer naar de baardmannetjes. Er vliegen weer heel veel spreeuwen en als ze een eindje voor me op het pad landen ga ik niet verder.

Aan de noordkant zitten er veel in de duindoorns.

Mazzel dat ik de roodstreepspanner zie landen, dan kan ik hem fotograferen. Het is een trekvlinder die nu best veel gezien wordt.

Oranje zon

Dinsdag 17 oktober 2017
Gister zag ik 10 baardmannetjes bij het Kennemermeer, maar omdat ik met de excursie mee was kon ik er niet achteraan om te fotograferen. Vandaag wil ik nog een poging wagen. Bij het Kennemermeer zie ik niets, dan ga ik naar het zuiden, die kant vlogen ze op. Langs het pad bij de IJmuiderslag verwacht ik niet zomaar een tomaat, misschien heeft iemand daar een tomaat gegeten en daar zaden verspreid?

Even verderop een mooie rups, die blijkt van de groente-uil te zijn. Zo gevarieerd van kleur kan die zijn, laatst vond ik een in mijn tuin en die rups was groen met een gele streep.

Omdat je hier vrij mag lopen worden de duinen open gehouden en krijg je stuifzand. Dicht bij zee maakt de wind zelfs diepe kuilen met grillige structuren.

Dit zijn nog ouderwetse duinen.

Er staat vandaag behoorlijk wind.

In dat stuk riet hoopte ik de baardmannetjes te zien, niets gehoord en niets gezien helaas.

Zo fantastisch die duinen hier.

Flink begroeid met duindoorns, die met de oranje besjes zijn de vrouwelijke planten, die zonder besjes zijn de mannelijke.

Zo uitgesleten kan het zand zijn.

Kom ik zomaar de beesten van de Lange Nieuwstraat tegen, ik wist niet dat die hier stonden. Bij het opknappen van de Lange Nieuw waren ze opeens verdwenen.

Een oranje zon, door het Sahara-zand, maar ook door de bosbranden in Portugal, misschien zijn de vlekjes wel roetdeeltjes daarvan.

Witvlakvlinder

Vrijdag 13 oktober 2017
We beginnen vanavond bij het nachtvlinderen met een hoekbanddennenspanner.

Schietmotten komen elke keer op licht af, maar daar zijn ook verschillende soorten van, zoals deze Limnephilus lunatus.

Een agaatvlinder zit een tijd op het doek, vliegt op een gegeven moment op en even later zien we hem op de stang zitten.

Ik ga bij de kist kijken, daar zie ik altijd tientallen zandslakken.

Maar liefst 3 verschillende mooie cicades, heel apart die kleuren.

Een krompootdoodgraver komt ons ook even vermaken.

De groene cicade heet Viridicerus ustulatus.

Marja en ik staan nog bij het doek, de anderen zijn bij het smeer aan het kijken. De witvlakvlinder komt even op het doek, vliegt tegen de lamp, vliegt heen en weer en eindelijk blijft hij stil op mijn fototoestel zitten. Ik ben blij dat ik mijn nieuwe toestel, de Sony A68, met dezelfde lens als op de A77ii, bij me heb.

Haha, die snuit van die vlinder met die grote geveerde antennes.

Ik wil hem van mijn toestel af hebben en tik hem voorzichtig aan, dan gaat hij op mijn hand zitten.

Vanwege de kleuren deze cicade op de foto gezet.

Hazelworm

Woensdag 27 september 2017
Dit is officieel de laatste week dat we vlinders tellen. Joke en ik zien niet veel vlinders, het is ook fris. Het is een beter jaar voor paddenstoelen. In het weiland staan zwartwordende wasplaten.

Verder op de route rodekoolzwammetjes.

Ter afsluiting nemen we nog een kop koffie. Daarna loop ik de Cremermeerroute. Toch nog 4 soorten vlinders. En een rietgors.

De laatste vlinder is gelukkig een vuurvlinder, die heb ik nog niet veel gezien dit jaar.

Op de fiets zie ik gelukkig op tijd dat er een hazelworm over het pad kruipt.

Het lijkt net een echte slang met dat tongetje.

Omdat ik bang ben dat hij overreden wordt pak ik hem (brrrr) bij de staart en zet hem in het gras.

Ik ga naar het Vogelmeer en hoor vogelgezang, maar weet niet wat het is, dan zie ik net het koppie van de zwartkop.

Een roodborst gaat uitdagend in het zicht staan.

Satijnlichtmot

Maandag 25 september 2017
Toen ik de jas waarmee Nico gevallen was wilde wassen, zag ik een kleine pop van een vlinder op zijn rugkant. Ik heb hem er voorzichtig afgepeuterd en in een potje gedaan en niet meer naar omgekeken. Nu zie ik opeens dat er een vlindertje uitgekomen is en nog wel een bijzondere: de satijnlichtmot.

Dan heb ik nog iets van vorige week: de zaden van de grote waterweegbree had ik meegenomen van het Westelijk tuinbouwgebied voor determinatie.

’s Middags strandwacht met Cora, er valt niet zo veel te beleven, toch blijven de kleine heremietkreeftjes leuk als ze nog leven, ze jagen elkaar uit de huisjes, rennen met het geleende huisje over het zand of ze graven zich in.

Een kleine mantelmeeuw heeft gele poten, deze heeft een ring en die kan ik weer doorgeven aan de ringer.

De laatste tijd zie ik al vaker halfgeknotte strandschelpen half uit het zand steken. Met hun voet graven ze zich in, maar deze heeft zelfs een sleuf gemaakt.

Deze grijze zwemkrab is belaagd geworden door een meeuw en heeft zich proberen in te graven.

Ik wil hem beter bekijken en zet hem in het water, dat wordt dus ook niets om goed te bekijken.

De blaasjeskrab is wel heel mooi, maar hij hoort hier niet.

Deze is nog levend en dat laat hij merken ook.

Zwart en blauw weeskind

Donderdag 21 september 2017
Het is al vroeg donker, maar er valt nog niet veel te beleven en een vrouw gewone oorworm moet er dan maar aan geloven.

Op het smeer zit een zwart weeskind, dus het feest begint!

Een grasmot, maar zo klein dat we er zo niet uitkomen welke het is. Het is de zwartbruine vlakjesmot.

Een beauty, de ligusterspanner.

Roodpootwantsen hebben we vrijwel elke vlindernacht wel. Zo lopen ze op het doek en zo zitten ze op de stangen van de lamp.

Iemand komt met een doodgraver in een potje aan.

Ik wil het niet zo laat maken, maar als er ‘blauw weeskind’ geroepen wordt, dan wil ik dat wel meemaken. Ze vangen hem met het vlindernet en zetten hem in een potje, maar dat is veel te klein. Hij is echt heel groot. We willen foto’s maken en laten hem er voorzichtig uit. Wat baalt Ingrid dat hij dan precies op het koordje van haar fototoestel gaat zitten.

Zo kunnen wij hem van alle kanten fotograferen.

Rokje omwijd, zodat de ondervleugels goed te zien zijn.

En wij maar tegen Ingrid zeggen dat ze vooral niet bewegen moet, hihi.

Verder waren er niet eens zo veel vlinders, we waren echter dik tevreden met deze mooie soorten. Er waren ook nog twee puntige zoomspanners bij.

Zuringwants

Woensdag 20 september 2017
Met Joke loop ik de Vossendel vlinderroute. Mij valt een zuringwants op een blad op.

Op 1 sectie zien we maar liefst 3 atalanta’s en in totaal zelfs nog 22 vlinders, best een hoge score.

Omdat ik niet precies wist hoe laat ik naar de Cremermeerroute kon gaan heb ik geen afspraak met Annemiek gemaakt, maar ik ga wel gelijk door. Op de terugweg kom ik langs het Cremermeer, heel vaag te zien rechts tussen de dennentakken.

Thuis zit een snuitkever op de achterdeur.
Sony A77ii 18-55mm

Vriendendag

Vriendendag
Zondag 17 september 2017
Op de parkeerplaats bij het Kennemermeer scharrelt een tapuit.

Ach, een Icarusblauwtje net uit de pop geklommen en de vleugels zijn nog niet opgepompt.

Bij het Kennemermeer kom ik Guido tegen die op zoek is naar de rosse franjepoot. Ik zag daar al een man een tijd aan het fotograferen, nu weet ik dus waarom.


Ik loop naar de andere oever zodat hij wat dichter bij zit, maar dan kijk ik tegen de zon in en kan ik geen goede foto’s maken. Daar staat ook Rino, met wie ik een praatje maak.
Op het strand wil ik kijken of ik de sneeuwgors zie, nee dus. Er liggen veel hopen riemwier.

Daar sta ik wel een tijdje te praten met vogelaars en ze zeggen dat er Jan van Genten bij de pier zitten. Ik fiets naar het eind van de pier, daar zie ik wel Jan, maar geen Jan van Genten. Ook met Jan sta ik een tijdje te kletsen, daarna ga ik terug naar huis, maar dan zie ik Frank op het strand en ik ga toch een eindje met hem meelopen. Hij is natuurlijk op het veter- en riemwier afgekomen. Als ik een hoopje riemwier op til komen daar strandvlooien uit tevoorschijn.

Op een krat zitten Nieuw-Zeelandse pokken.

Er staat een rosse grutto beetje eenzaam tegen de duinenrij.

Er voor lopen een heel stel bontbekpleviertjes.

Rood weeskind

Zondag 10 september 2017
Joke stelt voor om vandaag de Vossendel te gaan lopen vanwege de slechte voorspellingen. Geen gek idee, want we zien nog 12 vlinders. Best veel libellen op sectie 13, waaronder een pantserjuffer.

We gaan na afloop even koffie drinken, dan ga ik op huis aan. In een flits zie ik een vlinder op een lantaarnpaal, ik vermoed gelijk al dat het een weeskind is en ik heb gelijk, het is een rood weeskind. Nou vind ik het helemaal een goed idee dat Joke vandaag wilde lopen.

Drietandrups

Donderdag 7 september 2017
Hier zitten de gewone kielwantsjes bij elkaar. Drie in het laatste nimfstadium, de rest is net verveld en links boven is nog een vervelling te zien.

De rupsen van de drietand zijn ook al een paar keer verveld. Onder de rups ligt een vervelling en daarboven nog kleine vervellingen van eerdere stadia.

Ik kijk naar een stippelmot op wolfspoot, dan valt mijn oog op een stipje op het blad. Vergroot weergegeven is het een honingklavervouwmot.

Er staan zomaar bordjes hier en daar in het veld 😉

Een vrouw (links) en man (rechts) herfstspin.

Probeer zo’n spin maar eens scherp te krijgen, met een beetje wind zit de focus er steeds naast. Ik heb wel handmatig scherp gesteld, anders wordt het helemaal niks.

Grijze zwemkrab

Maandag 4 september 2017
Met Cora en Joske loop ik strandwacht en eindelijk vinden we een hele grijze strandkrab. Nu nog op zoek naar een gewone strandkrab om ze te vergelijken en op het eind vinden we er een. Ik wijs ze op het vierde lid van de achterpoot die bij een grijze in verhouding langer is, bovendien heeft het schild meer welving. De bovenste is dus de grijze.

Nog een andere, waarschijnlijk strandkrab, met ongelooflijke kleuren.

’s Middags heb ik nog heel wat vlinders op de spoorlijn. 18 Heen en 18 terug.

Vliegende speld

Vrijdag 1 september 2017
Voor de inspectie van de drietandrups ga ik naar het Kennemermeer. De rupsjes zitten nog steeds op het blad. Ik kom verder een imago gewone kielwants tegen.

Als je door de vleugels naar het smalle lijfje van deze zweefvlieg kijkt zie je waarom deze de vliegende speld wordt genoemd.

Op het hek zit een springstaartje, heel klein.

Daarom probeer ik hem door mijn loep te fotograferen en dat lukt ook nog. Er komen net mensen aan en die kijken wat ik fotografeer en het verbaast hen dat ik dat kleine beestje zelfs maar in de gaten heb.

Sterallures van de watermunt.

Zo rood heb ik niet eerder een strontvlieg gezien.

Nog even kijken op het strand. Er staat zo weinig wind, dat deze zilvermeeuw de enige surfer is.

Bonte strandlopers nog half in zomerkleed. Er is er één bij die heeft nog een hele zwarte buik van het zomerkleed.

Het kleedje van een bontbekplevier is een plezier om naar te kijken.

Op het strand zelfs twee kleine koolwitjes die op de zeeraket afkomen.

Melkdistel op de rand van het strand en duinen.

Niet veel wind, wel veel wolken.

Knoppergal

Dinsdag 29 augustus 2017
Ik loop de Vossendel alleen en dat valt me niet tegen met 23 vlinders, waaronder deze gehakkelde aurelia. Het is me nooit opgevallen dat er zulke groene stippen op de onderkant van de vleugels zitten.

Een amaniet, welke weet ik niet.

Op sectie 13 vliegen altijd veel libellen en nu laat de bruinerode heidelibel zijn achterkantje zien.

Damherten tussen de bomen.

Er ligt een knoppergal op de grond, ik leg hem naast de eikel, want daar groeit zo’n gal omheen.

’s Middags loop ik mijn spoorlijnroute. Daar zijn tamarixen geplant en daar profiteert een honingbij van.

Nationale nachtvlindernacht

Vrijdag 25 augustus 2017
Vlak voordat ik vertrek zie ik op de schuur een groot platlijfje.

Een medespeler van badminton wil graag eens mee met me naar het Kennemermeer en ik vind het leuk om hem van alles te laten zien en begin met de drietandrupsjes. Het bladmoes eten ze tussen de nerven vandaan.

Twee zweefvliegjes op een grasspriet.

De smalle zaden van het harig wilgenroosje klappen open en dan vormen de zaadjes een v-vorm, totdat ze loslaten en een harig geheel ontstaat.

Bij het Moerbergplantsoen staat een sporthal met een artistieke gevel. Helaas willen ze sommige sporthallen slopen.

Wat leuk dat Nico ’s avonds mee gaat naar het nachtvlinderen, kan hij het ook eens meemaken. Alhoewel hij een huismoeder niet echt interessant vindt, hahaha.

Er komen niet alleen vlinders op het doek af, ook een boomsprinkhaan laat zich zien.

Een duikermot is een kleine grasmot. Ben vertelt daarover dat de eitjes in het water worden afgezet.

Vaak wordt er op Facebook gevraagd welke vlinder dit is, maar dit is een schietmot, dat is geen vlinder. Hij heeft geen Nederlandse naam: Limnephilus marmoratus.

Bij het gebouw ziet Dik een waaiermot. Ik kan er maar net bij om te fotograferen.

De bruinbandspanner zit op mijn schoen, daar kan ik beter bij.

Dag- en nachtvlinders

Dag- en nachtvlinders
Donderdag 24 augustus 2017
Op de oude spoorlijn is een klaverspanner aktief.

Een bruidsmot heb ik al een tijd niet meer gezien.

Bij het opruimen van de voortuin zie ik een verse gewone grasuil bij de voordeur zitten.

Een moerasgrasmot op de bladeren. En als ik de groenbak gevuld heb en even later weer kijk zit er een rups van een groenteuil op de deksel.

’s Avonds heb ik een hele leuke nachtvlinderavond. Niet spectaculair, wel gezellig.
Zelfs het lijf van het zandhalmuiltje glimt als een spiegel.

Een mannetje plakker lijkt wel een vleermuis met die grote antennes.

Wat zijn nachtvlinders toch prachtig, vooral de bonte worteluil.

En moet je die parelmoermot zien.

En vergeet de goudgele boorder niet!

Hagendoornvlinder

Hagendoornvlinder
Vrijdag 18 augustus 2017
Wat een leuk plekje op het badkamerraam heeft de hagendoornvlinder uitgezocht.

Ik ga een kijkje nemen bij het fietspad langs het Kennemermeer. Daar staat altijd van alles, zoals ossentong, smal vlieszaad, zandambrosia en zeepkruid. Ik kijk goed in het zeepkruid of ik het vierentwintigstippelige lieveheersbeestje zie, die niet, wel een ander kevertje: het walstrohaantje.

De zeedistel is bijna overal uitgebloeid, alleen op het fietspad omhoog staan er nog een paar in bloei.

In het gras langs de Heerenduinweg staan wel 15 peenplanten met veel gallen van de scheerlingzaadgalmug.

Veel tinten groen in de bomen en struiken.

Grijskruid met een spierwit bloemetje.

Beetje stijf plantje.

De hazenpootjes zijn zo leuk.

Inktzwammetjes in het gras.

Printplaatmot

Printplaatmot
Woensdag 16 augustus 2017
De aardhommel vliegt van de ene bloem naar de andere op de spoorlijnroute.

Hier staan populieren, dus even kijken of hier ook printplaatmotten patronen hebben gemaakt. Ja hoor, hier zitten ze ook.

Dan ontdek ik een grote plant van de reuzenbalsemien, familie van de springzaad.

’s Avonds fiets ik richting pier. In de jachthaven hebben de knobbelzwanen het naar hun zin.

Opspattend water in de avondzon.

Zingende zagen

Maandag 14 augustus 2017
Na de vlinderroutes Vossendel en Cremermeer ga ik het wandelpad op nadat ik eerst nog kijk bij de heelblaadjes, waar ik nu 3 citroenvlinders zie, terwijl Annemiek en ik al uit ons dak gingen op sectie 3 waar we er één zagen.

Op het wandelpad richting Duinmeer jaagt een kleine parelmoervlinder de andere vlinders weg die in de buurt komen.

Verderop vliegen twee argusvlinders. Jammer dat ze tussen de stekels vliegen, want hun vleugels raken aardig beschadigd.

Ook hier heb ik nog last van goudoogdazen.

In de buurt van het Duinmeer vliegen maar liefst 5 buizerds.
Ik zie de mannetjes van de blauwvleugelsprinkhaan steeds met hun achterpoten bewegen. Sprinkhanen maken geluid door met hun gekartelde poten over hun lichaam te wrijven. Dit heet zingen, dus heeft deze blauwe zingende zagen, alleen is het bij de blauwvleugelsprinkhaan niet te horen.

Slanke gentiaan

Woensdag 9 augustus 2017
Joke en ik waren al blij met de eerste keizersmantel dit jaar op onze route, maar met de derde vandaag net zo goed.

Bij de Cremermeerroute vliegt een boomvalk.

Er staat nog maar heel weinig water in de bomkraters. Net een bloeiend takje aarvederkruid steekt boven het water uit.

Niet alleen bij het Kennemermeer is heel veel watermunt aangetast, ook hier staan heel veel plantjes met watermuntbloesemmijtgallen.

De slanke gentiaan is een laatbloeier.

Insectenjacht

Zondag 6 augustus 2017
Vanwege de inventarisatie van insecten bij het Kennemermeer ga ik nog maar eens op insectenjacht. Ontstellend weinig insecten, ik ben al blij als ik een gewone roodpootspinnendoder zie. Grappig zoals hij het zand omhoog gooit.

De eerste bijenwolf dit jaar (en waarschijnlijk de laatste).

Een wespje die over de grond loopt volg ik, best moeilijk want hij kruipt onder de begroeiing door. Het is een mierwesp.

Gaasvlieg op peen.

Ik raak aan de praat met mensen. Ze hebben een hele rode bloem gezien in het gebied en weten niet wat het is. Gelukkig weten ze hem nog wel te staan en ik kan ze vertellen dat het niet een bloem is, maar een bedeguargal, een vergroeiing op rozen.

Met de excursie van de KNNV bij het Kennemermeer heb ik de mensen laten zien dat de ene kattenstaart een lange stamper heeft en korte meeldraden (links) en de andere kattenstaart een korte stamper en lange meeldraden (rechts). De bloemen voorkomen hiermee dat de stamper in aanraking komt met z’n eigen meeldraden zodat er meer kruisbestuiving plaats vindt.

Er vliegen hier maar liefst 2 distelvlinders rond, een record 😉

Zulke lange antennes heeft een struiksprinkhaanman.

Een elzenvlag ontstaat door een schimmel.

Maagdelijk wit zijn de parnassia’s.

Boekweit

Woensdag 2 augustus 2017
Bij het vlinders tellen op de spoorlijn zie ik een vette rups, maar weinig vlinders.

Op de route Vossendel tellen we er toch wel 18!

Ik heb een alleraardigst plantje in mijn tuin, helaas ontbreekt eerst de naam, maar Google brengt uitkomst als ik intik: ‘wit bloemetje met hartvormig blad’, het blijkt dus boekweit te zijn.

Koereiger

Maandag 31 juli 2017
Ik fiets richting Spaarnwoude, maar kan het toch niet laten om de jonge damhertjes in het park op de foto te zetten.

Ha, hier in Spaarnwoude zijn de boerenzwaluwtjes aan het vliegen. De jongeren blijven nog mooi op de weg zitten ook.

Hier zit regelmatig de grote zilverreiger, maar wat ik nu zie vliegen is veel kleiner. Het zal toch niet de koereiger zijn???

Ik kan een hele serie foto’s maken als hij tussen de koeien loopt. Dan vliegt hij weg met een muis of zo in zijn bek.

Ik ga die kant op, want zo’n kans krijg ik voorlopig misschien niet meer. Tja, van de andere kant heb ik hem helemaal niet in beeld. Gelukkig vliegt hij weer terug en ik sta weer op dezelfde plek als de eerste keer. Die houding vind ik mooi, maar ook die achtergrond.

Ook op zijn rug heeft hij een lichtbruine vlek.

Ik dacht dat ik mijn lens op autofocus had staan, niet dus. Ik moest handmatig focussen en heel toevallig is deze precies goed.

Heel tevreden fiets ik door naar het landje van Gruijters. Daar staan de koeien in het water, maar geen koereiger te bekennen, whahaha.

Veel kieviten, verder niet zoveel. Een lepelaar staat aan iets te trekken in het water. Opeens komt er een behoorlijke tak omhoog en daar schrikt hij zo van dat hij achteruit de lucht in springt.

De kemphanen zien er nog prachtig uit.

Als ik verder fiets en door Spaarndam kom zitten daar 2 baltsende futen. Die kragen zijn imponerend.

Bij de Westhoffplas zie ik de steltkluten niet meer. De vlinders doen het hier nog goed, vooral de argusvlinder.

Vliegende jonge bergeenden.

In het water een stelletje witgatjes.

Met de pont van Buitenhuizen ga ik over omdat ik toch in Velsen-Noord moet zijn, ik rijd daarbij nog een heel stuk om omdat ik hier de weg niet weet en ik ben niet eens op mijn elektrische fiets ;-(
De enige mazzel is dat ik een kiekendief zie. Hij jaagt vlak boven het land, veel te ver voor een goede foto helaas.

Heelblaadjespalpmot

Donderdag 27 juli 2017
Voordat ik naar mijn vlinderroute ga wil ik eerst de keizersmantel spotten. Maar goed dat ik alleen moet lopen, want een vrouw houdt me een tijd aan de praat bij de Boshut. Bijna gegarandeerd dat de keizersmantel daar zit, bovendien nog 4 insecten op de gulden roede.

Ik ben net zo blij met het landkaartje in zomerkleding.

Ik denk een vlindertje te fotograferen op mijn vlinderroute, blijkt het een wantsje te zijn, oftewel de slanke diksprietblindwants.

Een boompieper ziet er gehavend uit, het is ook hard werken om je jonkies te voeren.

Halverwege de route zie ik een boomvalk.

Op zoek naar heelblaadjespalpmot vind ik er meerdere op het blad van het heelblaadje.

Waterpunge.

Ik kom nog een gerande spanner in het wild tegen, maar daar heb ik met de nachtvlindernachten mooiere foto’s van kunnen maken. De onderkant van de vleugels van de argusvlinder is spannend genoeg.

Argeloos blijft het jonge kneutje zitten.

Op mijn route staat een hele kudde koniks. Ze staan lekker te socialiseren.

Een enter staat nog onder toezicht lijkt het wel.

Eens kijken of het gras hier beter smaakt.

Jammie, gras met parnassia en een paar muntblaadjes, dat smaakt!

Alleen staat de Shetlander eenzaam te staan, die heeft geen maatje om te knabbelen, daarom sta ik haar een tijdje te aaien.

Zo zie ik dat ze heel veel eitjes van een horzel op haar huid heeft.