Jonge blauwborst

Vrijdag 21 juli 2017
Misschien kan ik de kemphaan beter op de foto krijgen, daarom ga ik naar Gruijters. Nee, ze laten zich niet mooi zien, ook al staan ze tussen de jonge grutto’s.

De jonge grutto’s beginnen nu al te bakkeleien.

Even gluren of het ijsvogeltje zich nog laat zien bij Fort Benoorden, helaas niet gezien.

In de Westhoffplas zijn steltkluten gesignaleerd. Ik heb er wel 4 op de foto, maar veel te ver weg ;-(. De blauwborst zit in een boompje, vlak voor mijn snufferd.

Een jonge blauwborst in het riet, je ziet zijn rode staart.

Niet helblauw meer zijn blauwe borst, toch blijven het mooie vogels.

Tjonge, hier vliegt de ene vlinder na de ander. Een kleine vos.

Een dagpauwoog.

Een atalanta. Dus hier zitten ze allemaal.

Ik volg een oeverlibel tot ze gaat zitten.

Bij de Ringweg staan veel kaardenbollen. Goed voor insecten, maar puttertjes komen hier ook op af.

Nog een hooibeestje, het kan niet op.

Vanaf de brug kan ik jonge fuutjes bekijken.

Eitje hermelijnvlinder

Woensdag 19 juli 2017
Ik ben toch nieuwsgierig of ik een rups van de hermelijnvlinder kan vinden, dus ga ik naar Duin en Kruidberg. Het eitje van gister kan ik nog wel terugvinden.

Ik ben dan vlak bij het Duinmeer. Daar staan de 3 kleuren van de Schotse hooglanders weer. Met veel kleine mantelmeeuwen.

Ik neem hetzelfde pad terug in de hoop toch nog een rups tegen te komen. Geen rups gezien, maar mijnen van de printplaatmot.

Daarbij zie ik een goudkleurig kevertje, misschien het populierengriendhaantje.

Dichtbij het Cremermeer ligt een kop van een vos. De neusholte links in beeld.

Gekleurde pad

Dinsdag 18 juli 2017
Op weg naar de Cremermeerroute kom ik 3 kleuren Schotse hooglanders tegen.

Verderop op het fietspad een pad.

Drie kleuren in één pad?

Na het vlinders tellen loop ik richting Duinmeer. Aan het eind van het voederseizoen zien de ouders van de graspiepers er verwaarloosd uit. Het is een af- en aanvliegen van voer voor de kleintjes.

Ook al willen ze het niet goedkeuren op waarneming.nl omdat het niet met zekerheid te zeggen is vanwege de details, mag ik het voor mezelf wel houden op de zeldzame gedoornde slakkenhuisbij (Osmia spinulosa).

Mannetje roodborsttapuit.

De fitis vind ik wat geler dan de tjiftjaf.

Groenlingen zijn zo schuw, ik heb ze nog niet echt mooi op de foto kunnen krijgen.

Vrouwtje roodborsttapuit.

Het is niet zo ver naar het Duinmeer als ik dacht. Daar ontdek ik een voetpad, dan zie ik wel waar ik uit kom. Ik zie een man tussen de bladeren kijken. Ik zeg dat er toch geen insecten zijn, hij zegt dat hij op zoek is naar de rups van de hermelijnvlinder. Tja, die is wel erg gaaf inderdaad, maar hier nog niet gevonden. Wel laat hij eitjes zien op de populierenbladeren. Verderop vliegen argusvlinders en er zijn blauwvleugelsprinkhanen.

Op het eind van het voetpad kom ik weer bij het fietspad uit. Er zijn nog steeds rupsen van de sintjacobsvlinders, leuk zo met die zandkorrels op zijn rug.

Nu moet ik nog wel terug om mijn fiets op te halen.

Ik heb zelfs nog tijd om mijn eigen vlinderroute langs de oude spoorbaan te lopen. Daar tref ik een verse distelvlinder.

Scheerlingzaadgalmuggallen

Maandag 17 juli 2017
Excursie van de KNNV bij het Kennemermeer. Engelwortel valt wel op, zo hoog is de plant.

Ik wil de bloemetjes van waternavel laten zien en raap een blaadje op, ook toevallig dat daar net eitjes op blijken te zitten. Het zijn eitjes van een daas.

De laatste tijd zo ontzettend weinig insecten gezien, bijna geen bijen, zweefvliegen, wantsen, enz. Alleen heel veel vliegen. Heel toevallig dus dat er 3 beestjes op 1 foto staan, waarbij de citroenvlinder niet te missen is.

Herfstbitterling en vaag er achter de parnassia.

Het zal wel niet goed zijn voor de salomonszegel, maar die aantasting ziet er wel mooi uit.

Jammer dat het op de foto niet uit komt, er staat water in de peen en dat glanst zo mooi. Een extraatje is de groene strekspin onder het scherm.

Ik ontdek iets heel aparts denk ik op de peen. Het blijken scheerlingzaadgalmuggallen te zijn. Iemand maakt een bolletje open en daar zit een klein larfje in.

Ik zie een blauwvleugelsprinkhaan landen, dus ik weet waar die zit. Ook al wijs ik hem met de schaduw van mijn vinger hem aan, anderen zien hem niet totdat hij weer opvliegt.

’s Middags ga ik vlinders tellen met Joke bij de Vossendel. We gaan uit ons dak als we een keizersmantel op onze route zien.

Apart standje van een koevinkje.

Ik zie een grote vogel die landt op een tak. Joke en ik denken een grote lijster, maar volgens waarneming.nl moet het een zanglijster zijn!?!?

Dravende koniks

Maandag 10 juli 2017
Met Joke ga ik de vlinderroute Vossendel lopen. Bij het neerzetten van mijn fiets zie ik een grootvlekstippelmot.

Gelijk ga ik door naar de tweede vlinderroute ‘Cremermeer’ die ik vandaag in mijn eentje loop. Heel weinig dagvlinders gezien. De nachtvlinder bosspanner lijkt wel heel erg op de roomkleurige stipspanner die ik 6 juli had, maar is toch nog net even anders.

Genietmoment als ik de koniks zie draven.

Oerpaarden zijn het.

Ze passen zo mooi in het landschap.

Visjes

Zondag 9 juli 2017
Met de strandwacht zien we een school visjes zwemmen in heel ondiep water. Je ziet eerder dat ze daar zwemmen aan hun schaduw dan dat je de visjes zelf ziet.

Vrij hoog op de pier zitten nog paardenanemonen.

Na de strandwacht kijk ik nog even bij het Kennemermeer, alleen kokmeeuwen. Een jong en een volwassen exemplaar.

’s Avonds zit er in de keuken een huismotje, klein maar fijn (of niet fijn?).

Icarusblauwtjes

Zaterdag 8 juli 2017
Vandaag mijn spoorlijnvlinderroute maar eens lopen. Valt mee, ik zie een bruin blauwtje.

Een wormkruidbij op duizendblad.

De kleine bijvlieg vindt dat ook lekker.

Ik heb me rot gezocht naar de naam van dit rupsje. Het blijkt uiteindelijk van de vrij zeldzame vijfpuntzwartwitmot te zijn. Toen ik de naam eindelijk had heb ik ook iemand anders op het forum er mee kunnen helpen.

Vrouwtje Icarusblauwtje lijkt wel op een bruin blauwtje, maar die is wat kleiner en meer uitgesproken bruin.

Gelukkig zie ik nog zwartsprietdikkopjes.

Zandhagedissen

Vrijdag 7 juli 2017
Met Dirk gaan we hoog in de eiken kijken naar eikenpages. Af en toe zien we een vlindertje fladderen, maar dat vind ik toch niet zo interessant. Liever kijk ik dan naar iets wat dichterbij is, zoals deze sprinkhaan.

Met Ok ga ik Middenduin nog in. Het is prachtig weer en de zandhagedissen kan je dan zien zitten zonnen, zoals dit mannetje.

Een vrouwtje kruipt toch weg voor ons.

Een ander blijft even vrouwtje poseren.

Vers groot koolwitje.

In het water op het grote veld staat een bijzondere plant: lidsteng.

De grote egelskop is veel algemener.

We wilden graag de zuidelijke keizerlibel zien, maar alleen de grote keizerlibellen vliegen hier.

In een dichtgegroeid watertje staat blauwe waterereprijs.

Op de terugweg zie ik een boomleeuwerik met zijn vrolijke kuif.

Ik hoop dat de keizersmantels nog op het zelfde plekje als gister zitten, maar nee, ze zijn vertrokken. Een geoogde worteluil vind ik ook leuk.

Keizersmantels

Donderdag 6 juli 2017
Op weg naar de vlinderroute ‘Cremermeer’ kom ik langs de tuintjes in de duinen. Grappig zoals die merel naar dat vliegende koolmeesje kijkt.

Een gekraagde roodstaart zie ik zomaar op een tak zitten. Die zal het wel zwaar gehad hebben met het voeren van de jongen.

Langs het voetpad bij mijn route staan heel veel heelblaadjes en ik kijk daar goed naar of er nog nachtvlindertjes op zitten. Helaas is een lieveheersbeestje geen nachtvlindertje, maar toch wel leuk, want het is een zevenstippelige en geen Aziaat.

Strandduizendguldenkruid en een grasje.

Russenbladvlo is een gal op een rus.

Kamperfoelie bijna verborgen tussen de struiken.

Roomkleurige stipspanner.

Als ik bijna bij de uitgang Herenduinen ben kijk ik nog goed of ik keizersmantels zie en warempel ik zie een mannetje. Geweldig, ik kan hem van alle kanten fotograferen.

Bovendien zit er nog een vrouwtje.

Met haar lange tong zuigt ze nectar uit het duinkruiskruid.

Heksenbos

Maandag 3 juli 2017
Met Joke loop ik de Vossendel-vlinderroute. Vanwege de harde wind verwachten we weinig vlinders, maar er zijn er best veel. We zien op het weiland al 2 sintjansvlinders op duinkruiskruid.

Dat zien we niet zo vaak, een bruin zandoogje met zijn vleugels wijd.

We zien het meest koevinkjes.

Het lijkt wel een heksenbos. Er staat veel groot heksenkruid en ook heksenboter (een slijmzwam).

Harkwesp

Zondag 2 juli 2017
Ik begreep van Marja dat er 2 huidjes van libellen bij het Cremermeer moeten zitten, dus ga ik daar kijken. Ik zie denk ik 2 huidjes hangen, maar als ik mijn fototoestel wil pakken heb ik het verkeerde toestel mee. Ik ga terug naar huis om mijn camera met telelens te halen. Als ik terug kom zijn de ‘huidjes’ verdwenen. Dat zullen dus wel juffertjes geweest zijn die weggevlogen zijn, of ze zijn lager op de paal gaan zitten. Achteraf bedoelde Marja heel iets anders. Ze had op mijn weblog gekeken en dat had ik helemaal niet verwacht. Ze bedoelde de foto van 31 mei en dan zie ik ook dat dat 2 huidjes zijn.

Ik ga de Cremermeerroute lopen, want er is van de week niets van gekomen. In de buurt van sectie 7 staan heel veel distels en een fitis vliegt net op.

Maar eigenlijk volgde ik de grasmus die een bessenschildwants in zijn bek heeft en die van het ene takje naar het andere vliegt.

Langs het wandelpad staat heel veel te bloeien, daar profiteert een harkwesp van.

Ook hier maar 9 vlinders geteld. Op het eind van de route zie ik nog een konijn.

Puntige zoomspanner

Maandag 26 juni, dinsdag 27 juni 2017
Ik hoopte ooit deze prachtige puntige zoomspanner voor de lens te krijgen en kijk eens hoe mooi die is!

De graswortelvlinder vind ik heel herkenbaar door de donkere strepen in zijn kraag.

Ik kom ook de wielwebspin tegen op het smeer.

In de kist zit een zomervlinder.

Op het doek een oranje eikenlichtmot.

Wapendrager

Maandag 26 juni 2017
Op het weiland van de Vossendel zien Joke en ik de eerste Sint Jansvlinder.

Dat vind ik nou echt leuk! Een wapendrager die ik zomaar zie zitten op een blad.

’s Middags ga ik nog schelpen tellen op het strand. We zien 3 soorten kwallen: oorkwal, kompaskwal en de blauwe haarkwal. Verder niet veel bijzonders. Ook niet met vogels, de visdiefjes zijn in de zomer heel gewoon.

Floracursus

Vrijdag 23 juni 2017
De laatste avond van de floracursus is in de tuin van het NME. We beginnen bij de stalkaars.

Maar hier staan bijzondere planten, zoals een soort bananenboom of zo. Het lijkt wel op een narrenkap.

Die paarse kleur in de bloemetjes van de Callicarpa komt later ook weer terug in de besjes.

Bosandoorn.

Wat een enorme bloem heeft de drakenlelie. Die exoten horen natuurlijk niet bij de cursus, maar ze staan hier wel.

Op de klis kijk ik gelijk of er klitboorvliegen op zitten, ja, nou en of!

Kogeldistel.

Na afloop loop ik nog mee om de nachtvlinders op naam te brengen die in de kist zaten. Leuk dat het schaapje er ook tussen zit.

Nog mooier is de meldevlinder.

Het lijkt wel een kunstwerk de stipjesbladroller met weerspiegeling in een potje.

Ik laat de vlinders die op naam zijn gebracht buiten los, zo ook de bosgrasuil.

Hooglandertje

Woensdag 21 juni 2017
Ik loop de Cremermeerroute vandaag alleen. Bij de fietsenstalling in de buurt staan de Koniks in de rij om in bad te gaan.

Aan het eind van mijn route zitten kneutjes op het pad, maar ze vliegen zo snel weg steeds. Ik ben al blij dat ik ze allebei van een afstand kan fotograferen.

Ik stap van mijn fiets omdat er een koevinkje op het pad rondjes aan het draaien is, beetje vreemd. Ik zet hem in het gras.

Bij het Vogelmeer staat een Schotse hooglander met een jong. Wat ziet de moeder en mager uit. Sony A77ii 400mm

Zo moeder, zo zoon.

In de vogelhut zie ik 9 geoorde futen!

Het jong is tussen de kattenstaarten gaan liggen.

Sintjansvlinders

Sintjansvlinders
Dinsdag 20 juni 2017
Laatst zagen Joke en ik op het weiland van de Vossendel de pop en de rups van de sintjansvlinder. Vandaag zien we de vlinders.

’s Avonds is er weer Floracursus. We ontleden knopig helmkruid en dat kan je zien aan de vorm van het staminodium, dat is dat donkere knopje in de bloem. Rechts is de vrucht, de lichte rand dat zijn de zaadjes.

Dwergbloem

Maandag 19 juni 2017
Ik ga weer op stap met de groep van de KNNV. Vanwege het mooie weer zijn we met z’n vijftienen. Er is zoveel te zien dat ik ongemerkt de honingorchideeën die ik wist te staan al voorbij ben gelopen. Die komen we nog wel tegen. Bij het water zit een vroege glazenmaker ik kan hem nog net op de foto krijgen.

Want hij wordt weggejaagd door de grote keizerlibel die nu op dat plekje gaat zitten.

In ieder geval zien we de groenknolorchidee.

Teer guichelheil is bijzonder, in het gebied komen al meer grote groeiplekken. Een grote groene sabelsprinkhaan zit er tussen.

Ik moet wel heel erg mijn best doen om een bloemetje van de dwergbloem te ontdekken en ook nog goed op de foto te krijgen.

Bij thuiskomst ligt Izzy voor pampus op de bank, zo warm is het.

De bloemen die ik heb gekregen zijn uitgebloeid en ik heb ze in de groenbak gegooid. Als ik de deksel weer open doe zie ik een mooie rups, maar weet niet welke. Ik heb het op verschillende fora gepost en bij het forum van waarneming wist Rayan dat het een rups katoendaguil is. Die is meegekomen met de bloemen uit Afrika, want het is geen echt inheems soort.

Nachtvlinders op vlinderroute

Nachtvlinders op vlinderroute
Dinsdag 13 juni 2017
Ik loop de Vossendel alleen en tel gelijk de planten. Ik kom ook nog een vrouw oeverlibel tegen.

De score voor dagvlinders is 15 stuks, maar zoveel nachtvlinders heb ik overdag nog nooit gezien. Te beginnen met de geoogde bandspanner.

Een groene eikenbladroller.

Een maanmot.

Een zonnesproetbladroller.

Nog een vlieg: de duinrouwzwever.

Af en toe trekt er een atalanta over en die moeten ook wel eens uitrusten.

Deze had ik nooit verwacht: de zilveren groenuil. Vind ik erg leuk om die in het wild te zien.

Ik ben een paar keer een groepje damherten tegengekomen.

Nog even controleren of het ijsvogeltje thuis is. Oeps hij vliegt net weg. Opeens staan hier hele grote campanula’s.

Blauwe reiger: warm he? Ik doe even mijn jas open.

Kleurencombi van de waterhoen: rood-zwart en gifgroen.

Aan de andere kant van het water hipt een winterkoninkje heen en weer met voer in zijn bekje.

Hij heeft daar een nestje en opeens zie ik ze allebei.

Massa eieren op het strand

Zondag 11 juni 2017
Paardenbloemspanners zijn vrij klein, ze kunnen heel licht zijn en donkerder zoals deze.

Dit is de grijze zwemkrab, eindelijk nu echt, want bij eerdere vondsten was het niet duidelijk. De achterste zwempoot heeft een langer dan breed 4e pootlid (het dichtst bij het schild).

Niet alleen zitten de kamertjes van de eitjes van de gevlochten fuikhoren op de Amerikaanse zwaardschedes, ze zijn ook losgeslagen en bedekken een laagje op het strand. En dan te bedenken dat in elk kamertje 100 a 200 eitjes zitten!

In de doorzichtige gelei kan je kleine dwergpijlinktvisjes zien.

In het begin leek het moeilijk om gorgelpijp van pennenschaft te onderscheiden. Hier zie je hoe eenvoudig het kan zijn als je het naast elkaar ziet. Links gorgelpijp, rechts pennenschaft.

De blauwe haarkwal kan veel irritatie geven door de lange tentakels, op het strand kan het niet zo veel kwaad meer.

Niet alleen naar beneden kijken, ook om je heen kijken is de moeite waard.

We hebben nog nooit zoveel helmkrabben op 1 dag gezien: meer dan 75!! Links het vrouwtje, rechts man met die lange poten.

Mooi glimmend eikapsel van een stekelrog.

Nog meer eitjes: een hele kolonie van de grote tepelhoren. Daar hebben we ook meerdere van gevonden.

De fluwelen zwemkrab vinden we niet vaak meer. Deze kleuren van zijn zwempoot zijn wel bijzonder.

Het enige Nederlandse koraal is de dodemansduim. Onder water heel mooi, op het strand is het net een oud stukje kauwgom (en het stinkt ook nog enorm na een dag in de zon gelegen te hebben).

Thuisgekomen vind ik nog een zwartkamdwergspanner op de poortdeur.

Merel

Zaterdag 10 juni 2017
Een kauw heeft het zaad in onze tuin ontdekt, ondertussen zit een andere kauw op het schuurdakje te kijken.

De merel zingt letterlijk zijn hoogste lied.

Een zwartbandspanner zit op de schuurdeur.

Weidevlekoog

Donderdag 8 juni 2017
Met Marja ga ik weer het Westelijk tuinbouwgebied inventariseren op insecten. Algemeen is de Melieria omissa, een prachtvlieg.

De spitskopjes (sprinkhaansoort) doen het goed dit jaar.

Helmkruid staat aan de oever van een slootje.

Op het Ramplaanspad zien we de kleine zeefwesp.
Belangrijk is dat ik de wantsen dit jaar doorgeef aan waarneming.nl, want ze willen een wantsenatlas maken. Dit zijn Heterogaster urticae wantsjes.

We gaan verder naar het Houtmanpad, waar een vrouw distelboktor zich verschuilt achter een stengel. Het vrouwtje is groter en bruiner dan het mannetje die we later nog tegen komen.

Kleine vliegjes kunnen zulke grote ogen hebben dat hun kop alleen uit oog lijkt te bestaan.

Ik vind het leuk dat ik de naam van deze lange dunne wesp heb gevonden. Het is de Calameuta filiformis.

Een koppeltje viltvliegen. Ik kan ze mooi fotograferen omdat ze op het kleefkruid zitten 😉

Groot dikkopje.

Dit vindt Dik leuk: een larf van een distelschildkever met poep op zijn rug als camouflage.

Veel brandnetelmotjes hier.

Ik wist niet dat er zweefvliegen waren met vlekken op hun ogen. De weidevlekoog heeft dat dus wel.

Vrouwtje van de grote groene sabelsprinkhaan.

De bovenste 2 roodoogjuffers zien we eerst boven water, maar ze zakken steeds verder naar beneden, waar nog een roodoogjuffer zit. Ze kunnen wel een uur onder water blijven zegt Marja.

Misschien zakken deze 2 ook al verder naar beneden, maar nu heb ik nog even mooi de weerspiegeling er bij.

Bij thuiskomst vliegen er 2 grote narcisvliegen in mijn tuin.

Verder zit er een klein vlindertje op het raam, de oranje oogbladroller. Hij vliegt naar de zwarte brommerkoffer, gelukkig kan ik hem volgen, want het is een mooi vers exemplaar.

Roofvlieg

Maandag 5 juni 2017
Op het hout van de fietsenstalling bij de Vossendel zit een roofvlieg.

Terwijl de zon volop schijnt zien Joke en ik toch maar 8 vlinders op de route van de Vossendel.
De Cremermeerroute loop ik alleen en het is nog iets warmer geworden. De laatste tijd lopen de Koniks steeds hier in de buurt.

En zelfs precies op mijn route, want die loopt om de krater heen.

In het water leggen de grote keizerlibellen hun eitjes.

Heel veel viervlekken hier ondertussen gezien, maar dit is de mooiste foto.

Vrouwtje platbuik zit verderop meer in de begroeiing.

Bovenop de wilgen zie ik regelmatig roodborsttapuiten zitten, nu zit er een fitis met zijn bek vol.

Donkere jota-uil

Zaterdag 3 juni, zondag 4 juni 2017
We gaan weer nachtvlinderen en het wordt een latertje omdat het zo laat donker wordt.
Het vierstipbeertje komt pas kwart voor 12 op het doek.

Soms is de hommelnestmot grauw, maar hier zie ik dat hij ook prachtige kleuren kan hebben.

Zo donker getekend heb ik de gerande spanner niet eerder gezien.

Een ligusterpijlstaart is in de kist gevlogen.

Witte haakbladroller.

En een purperrode haakbladroller. Zo zie je maar dat ze met de zelfde achternaam totaal niet op elkaar lijken.

Ben is bij de kist geweest en komt enthousiast terug: hij heeft nu toch een prachtige vlinder in zijn potje en wil hem laten zien. Wat een toeval: er vliegt er nog zo een op het doek, hahaha. Het is de donkere jota-uil.

De bonte brandnetelmot lijkt totaal niet op het kleine brandnetelmotje.

De blauwbandspanner die we vandaag het eerst zagen is niet mensenschuw en komt op de jas van Marja zitten.

Ben denkt dat dit de kastanjebruine pedaalmot is, wel een twijfelgeval want die komt in deze streek helemaal niet voor.

De ligusterpijlstaart wacht op zijn vrijlating, dat zal niet zo lang meer duren 😉

De rode dennenspanner is nieuw voor mij.

Op het moment van afbreken komt er nog een populierenpijlstaart aan vliegen.

Terwijl de agaatspanner en de hagendoornvlinder al de hele avond op rust zijn op het laken.

Geoorde futen

Vrijdag 2 juni 2017
Na het badmintonnen ga ik nu eens naar het Vogelmeer in de duinen. Eerst kom ik door het Rijkerspark in Santpoort, daar wil ik de tulpenboom zien bloeien, ik kan hem helaas niet vinden. Er staan hele grote zadelzwammen op boomstronken. Een gaai vliegt in de buurt heen en weer en hij blijft zowaar even zitten in het zicht.

Naar de duinen toe kom ik langs de ruïne van Brederode.

Aan de noordkant van het Vogelmeer zitten ook geoorde futen en er vliegt een mannetje oeverlibel die even poseert.

De geoorde futen zijn zo schattig fluffy.

De jonge meerkoetjes worden al aardig zelfstandig.

Eindelijk een foto van een enkel puttertje waar ik wel tevreden over ben.

Aan de andere kant van het fietspad staat veel bilzekruid, bij het rondkijken zie ik er al meer. Er ligt een boomstronk met een dikke paddenstoel: de roodgerande houtzwam.

Tussen de bladeren van het bilzekruid zie ik meerdere bessenschildwantsen.

Wat is het toch een schitterende plant dat bilzekruid.

Zo’n mooie dennenappel heb ik nog nooit gezien.

In de veldhondstong zit een rups van een grote beer, de vlinder zelf heeft bruinwitte koeienvlekken met oranje ondervleugels.

Eerst zie ik de gekraagde roodstaart verderop, gelukkig komt hij dichterbij.

Zelfs heel dichtbij, jippie, hij trekt zich weinig van me aan. Hij heeft ook wel wat anders te doen, de kleintjes moeten gevoerd worden.

Ik ga nog even bij het Spartelmeer kijken, veel grauwe ganzen en in de buurt hoor ik een koekoek. Een bastaard zandloopkever op het pad.

Als ik terug kom bij het Vogelmeer zitten er veel jonge spreeuwen op een tak.

In de vogelhut heb ik nu eens het geluk dat de geoorde futen heel dichtbij komen.

Zo schattig die witte buik.

Zelfs zo dichtbij dat hij niet helemaal op de foto past.

Als ik de hut uit kom vluchten er wel heel veel grauwe ganzen naar het grote water.

Op de terugweg in de buurt van de tankval hoor ik een koekoek, hij moet ergens dichtbij in een boom zitten. Ik zie niets tot ik bij de tankval ga kijken, daar zit hij in een kale boom. Ik heb hem wel op de foto, maar niet mooi.