Floracursus

Vrijdag 23 juni 2017
De laatste avond van de floracursus is in de tuin van het NME. We beginnen bij de stalkaars.

Maar hier staan bijzondere planten, zoals een soort bananenboom of zo. Het lijkt wel op een narrenkap.

Die paarse kleur in de bloemetjes van de Callicarpa komt later ook weer terug in de besjes.

Bosandoorn.

Wat een enorme bloem heeft de drakenlelie. Die exoten horen natuurlijk niet bij de cursus, maar ze staan hier wel.

Op de klis kijk ik gelijk of er klitboorvliegen op zitten, ja, nou en of!

Kogeldistel.

Na afloop loop ik nog mee om de nachtvlinders op naam te brengen die in de kist zaten. Leuk dat het schaapje er ook tussen zit.

Nog mooier is de meldevlinder.

Het lijkt wel een kunstwerk de stipjesbladroller met weerspiegeling in een potje.

Ik laat de vlinders die op naam zijn gebracht buiten los, zo ook de bosgrasuil.

Hooglandertje

Woensdag 21 juni 2017
Ik loop de Cremermeerroute vandaag alleen. Bij de fietsenstalling in de buurt staan de Koniks in de rij om in bad te gaan.

Aan het eind van mijn route zitten kneutjes op het pad, maar ze vliegen zo snel weg steeds. Ik ben al blij dat ik ze allebei van een afstand kan fotograferen.

Ik stap van mijn fiets omdat er een koevinkje op het pad rondjes aan het draaien is, beetje vreemd. Ik zet hem in het gras.

Bij het Vogelmeer staat een Schotse hooglander met een jong. Wat ziet de moeder en mager uit. Sony A77ii 400mm

Zo moeder, zo zoon.

In de vogelhut zie ik 9 geoorde futen!

Het jong is tussen de kattenstaarten gaan liggen.

Sintjansvlinders

Sintjansvlinders
Dinsdag 20 juni 2017
Laatst zagen Joke en ik op het weiland van de Vossendel de pop en de rups van de sintjansvlinder. Vandaag zien we de vlinders.

’s Avonds is er weer Floracursus. We ontleden knopig helmkruid en dat kan je zien aan de vorm van het staminodium, dat is dat donkere knopje in de bloem. Rechts is de vrucht, de lichte rand dat zijn de zaadjes.

Dwergbloem

Maandag 19 juni 2017
Ik ga weer op stap met de groep van de KNNV. Vanwege het mooie weer zijn we met z’n vijftienen. Er is zoveel te zien dat ik ongemerkt de honingorchideeën die ik wist te staan al voorbij ben gelopen. Die komen we nog wel tegen. Bij het water zit een vroege glazenmaker ik kan hem nog net op de foto krijgen.

Want hij wordt weggejaagd door de grote keizerlibel die nu op dat plekje gaat zitten.

In ieder geval zien we de groenknolorchidee.

Teer guichelheil is bijzonder, in het gebied komen al meer grote groeiplekken. Een grote groene sabelsprinkhaan zit er tussen.

Ik moet wel heel erg mijn best doen om een bloemetje van de dwergbloem te ontdekken en ook nog goed op de foto te krijgen.

Bij thuiskomst ligt Izzy voor pampus op de bank, zo warm is het.

De bloemen die ik heb gekregen zijn uitgebloeid en ik heb ze in de groenbak gegooid. Als ik de deksel weer open doe zie ik een mooie rups, maar weet niet welke. Ik heb het op verschillende fora gepost en bij het forum van waarneming wist Rayan dat het een rups katoendaguil is. Die is meegekomen met de bloemen uit Afrika, want het is geen echt inheems soort.

Zwartsprietdikkopjes

Zondag 18 juni 2017
Op 10 juni had ik ongeveer het eerst zwartsprietdikkopje van het land. Vandaag ga ik weer tellen en op sectie 20, waar de boel niet overhoop is gehaald vanwege het nieuwe fiets- en voetpad, daar tel ik er maar liefst 20! Ze zijn best klein, maar met mooi weer fladderen ze net boven de begroeiing.

Ik ga even bij het Havenfestival kijken. Bij het neerzetten van mijn fiets zie ik het witte vetkruid staan.

Ik ben gauw uitgekeken en ga naar het Kennemermeer. De honingorchissen staan vers in bloei.

Nu een paar geelhartjes bij elkaar, over 2 weken staan er duizenden.

Nou ja, het lijkt alsof die mug de rups gebruikt als stairways to heaven.

De kleine karekiet zingt nog steeds in het riet.

En de rietgors vanaf het topje in het riet.

Wat leuk dat een vrouwtje blauwborst zo mooi getekend is.

Het mannetje is natuurlijk prachtig van kleur.

Ik raak in gesprek met mensen uit het oosten en zuiden van het land die op zoek zijn naar de groenknolorchis, op dat moment zie ik ze niet in de buurt, maar ik laat wel de dwergbloem zien. Als ik ze nog iets wil laten zien, zie ik bevertjes staan en die vind ik zo leuk, ook al zijn ze weer op hun retour.

Thuis zit het zevenstippelig lieveheersbeestje nog op de muur, maar hij is nu wel uitgekleurd.

Broek in Waterland

Donderdag 15 juni 2017
Vrijwilligers die in de natuur bezig zijn, zijn uitgenodigd voor een dialoogdag in Broek in Waterland. Voorafgaand mogen we meevaren door het gebied. We lopen een eindje door het dorp naar de boot. Onderweg zegt een boswachter die uitleg geeft dat hij 2 kiekendieven ziet met prooioverdracht. Dat zegt hij eigenlijk net te laat, want we zijn al wat verder gevaren. Ik kan ze wel op de foto krijgen.

Uiteraard te ver weg om te zien wat de prooi is.

Maar de vleugels zijn goed te zien.

We varen over een breed water richting Holysloot.

Het is een prachtige dag om te varen. De zwaluwen vliegen af en aan over het water.

We gaan ergens aan land. Daar staat veel dopheide.

Schattig plantje is het.

Ook veel zonnedauw.

Heeeel veel zelfs.

Het lijkt heel wat, maar het is heel klein.

Half 5 lopen we terug langs het water in het dorp.

Daarna krijgen we een heerlijk buffet.
Hanneke en ik hebben niet zo’n zin in de dialoog en gaan in het dorp wandelen. We zitten nog een tijdje met onze voeten in het water. Het is hier heerlijk.

Is het niet een pláátje?

Samen nemen we de bus naar Centraal Station Amsterdam.

Bijenzwerm

Woensdag 14 juni 2017
We gaan weer gezellig met de Groentjes op stap, dit keer naar Zorgvrij. De insecten in de insectentuin zijn op 1 hand te tellen, een enkel sluipwespje zit op het insectenhotel.

We lopen buiten de geurtuin om om wilde planten te bekijken als we worden gewaarschuwd dat er een bijenzwerm aan de andere kant van de hek zit. Vandaar dat we zoveel bijen daar zien vliegen. We gaan toch kijken. De honingbijen zijn nu nog wat verspreid in een struik en langs de grond.

Het zijn er heel veel.

We lopen dan toch verder door de geurtuin, waar een aparte roos staat.

Op de terugweg is de bijenzwerm één geheel geworden, ze zitten allemaal bij elkaar. Ik waarschuw de mevrouw bij de balie van Zorgvrij en zij zou een imker bellen. Dan kunnen wij rustig een bakkie doen.
Op de vlinderroute Cremermeer zien Annemiek en ik alleen hooibeestjes voor onze lijst. Een gestreepte goudspanner is mooi, maar telt niet mee.

Nachtvlinders op vlinderroute

Nachtvlinders op vlinderroute
Dinsdag 13 juni 2017
Ik loop de Vossendel alleen en tel gelijk de planten. Ik kom ook nog een vrouw oeverlibel tegen.

De score voor dagvlinders is 15 stuks, maar zoveel nachtvlinders heb ik overdag nog nooit gezien. Te beginnen met de geoogde bandspanner.

Een groene eikenbladroller.

Een maanmot.

Een zonnesproetbladroller.

Nog een vlieg: de duinrouwzwever.

Af en toe trekt er een atalanta over en die moeten ook wel eens uitrusten.

Deze had ik nooit verwacht: de zilveren groenuil. Vind ik erg leuk om die in het wild te zien.

Ik ben een paar keer een groepje damherten tegengekomen.

Nog even controleren of het ijsvogeltje thuis is. Oeps hij vliegt net weg. Opeens staan hier hele grote campanula’s.

Blauwe reiger: warm he? Ik doe even mijn jas open.

Kleurencombi van de waterhoen: rood-zwart en gifgroen.

Aan de andere kant van het water hipt een winterkoninkje heen en weer met voer in zijn bekje.

Hij heeft daar een nestje en opeens zie ik ze allebei.

Massa eieren op het strand

Zondag 11 juni 2017
Paardenbloemspanners zijn vrij klein, ze kunnen heel licht zijn en donkerder zoals deze.

Dit is de grijze zwemkrab, eindelijk nu echt, want bij eerdere vondsten was het niet duidelijk. De achterste zwempoot heeft een langer dan breed 4e pootlid (het dichtst bij het schild).

Niet alleen zitten de kamertjes van de eitjes van de gevlochten fuikhoren op de Amerikaanse zwaardschedes, ze zijn ook losgeslagen en bedekken een laagje op het strand. En dan te bedenken dat in elk kamertje 100 a 200 eitjes zitten!

In de doorzichtige gelei kan je kleine dwergpijlinktvisjes zien.

In het begin leek het moeilijk om gorgelpijp van pennenschaft te onderscheiden. Hier zie je hoe eenvoudig het kan zijn als je het naast elkaar ziet. Links gorgelpijp, rechts pennenschaft.

De blauwe haarkwal kan veel irritatie geven door de lange tentakels, op het strand kan het niet zo veel kwaad meer.

Niet alleen naar beneden kijken, ook om je heen kijken is de moeite waard.

We hebben nog nooit zoveel helmkrabben op 1 dag gezien: meer dan 75!! Links het vrouwtje, rechts man met die lange poten.

Mooi glimmend eikapsel van een stekelrog.

Nog meer eitjes: een hele kolonie van de grote tepelhoren. Daar hebben we ook meerdere van gevonden.

De fluwelen zwemkrab vinden we niet vaak meer. Deze kleuren van zijn zwempoot zijn wel bijzonder.

Het enige Nederlandse koraal is de dodemansduim. Onder water heel mooi, op het strand is het net een oud stukje kauwgom (en het stinkt ook nog enorm na een dag in de zon gelegen te hebben).

Thuisgekomen vind ik nog een zwartkamdwergspanner op de poortdeur.

Merel

Zaterdag 10 juni 2017
Een kauw heeft het zaad in onze tuin ontdekt, ondertussen zit een andere kauw op het schuurdakje te kijken.

De merel zingt letterlijk zijn hoogste lied.

Een zwartbandspanner zit op de schuurdeur.

Bijna donker

Vrijdag 9 juni 2017
Nu zie ik ook nog een larf van een 14-stippelig lieveheersbeestje in mijn tuin. Nou moet je natuurlijk niet denken dat daar 2 7-stippelige uit komen 😉

Vanavond gaan we op plantenexcursie naar de Waarderweg. De hoornbloem heet zo omdat het uitgebloeide bloempje op een hoorntje lijkt.

Zonlicht dwaalt over de margrieten.

Er staan er veel.

Het is hier ooit ingezaaid en zo kunnen we zomaar blaassilene aantreffen.

De zon zakt al aardig als ik terug fiets langs de Heksloot.

De zon is zelfs al bijna onder gegaan.

Bij het landje van Gruijters aangekomen heeft de zon het water in een gouden gloed gezet.

Een lepelaar scharrelt zijn kostje nog bij elkaar.

Ook al is het te donker voor foto’s, ik moet dit grote genieten vastleggen.

Vooral als de grutto’s gaan vliegen.

Het is volle maan.

Een mooie avond voor de lepelaars die nog even gaan zwemmen bij het naaktstrandje 😉

Weidevlekoog

Donderdag 8 juni 2017
Met Marja ga ik weer het Westelijk tuinbouwgebied inventariseren op insecten. Algemeen is de Melieria omissa, een prachtvlieg.

De spitskopjes (sprinkhaansoort) doen het goed dit jaar.

Helmkruid staat aan de oever van een slootje.

Op het Ramplaanspad zien we de kleine zeefwesp.
Belangrijk is dat ik de wantsen dit jaar doorgeef aan waarneming.nl, want ze willen een wantsenatlas maken. Dit zijn Heterogaster urticae wantsjes.

We gaan verder naar het Houtmanpad, waar een vrouw distelboktor zich verschuilt achter een stengel. Het vrouwtje is groter en bruiner dan het mannetje die we later nog tegen komen.

Kleine vliegjes kunnen zulke grote ogen hebben dat hun kop alleen uit oog lijkt te bestaan.

Ik vind het leuk dat ik de naam van deze lange dunne wesp heb gevonden. Het is de Calameuta filiformis.

Een koppeltje viltvliegen. Ik kan ze mooi fotograferen omdat ze op het kleefkruid zitten 😉

Groot dikkopje.

Dit vindt Dik leuk: een larf van een distelschildkever met poep op zijn rug als camouflage.

Veel brandnetelmotjes hier.

Ik wist niet dat er zweefvliegen waren met vlekken op hun ogen. De weidevlekoog heeft dat dus wel.

Vrouwtje van de grote groene sabelsprinkhaan.

De bovenste 2 roodoogjuffers zien we eerst boven water, maar ze zakken steeds verder naar beneden, waar nog een roodoogjuffer zit. Ze kunnen wel een uur onder water blijven zegt Marja.

Misschien zakken deze 2 ook al verder naar beneden, maar nu heb ik nog even mooi de weerspiegeling er bij.

Bij thuiskomst vliegen er 2 grote narcisvliegen in mijn tuin.

Verder zit er een klein vlindertje op het raam, de oranje oogbladroller. Hij vliegt naar de zwarte brommerkoffer, gelukkig kan ik hem volgen, want het is een mooi vers exemplaar.

Roofvlieg

Maandag 5 juni 2017
Op het hout van de fietsenstalling bij de Vossendel zit een roofvlieg.

Terwijl de zon volop schijnt zien Joke en ik toch maar 8 vlinders op de route van de Vossendel.
De Cremermeerroute loop ik alleen en het is nog iets warmer geworden. De laatste tijd lopen de Koniks steeds hier in de buurt.

En zelfs precies op mijn route, want die loopt om de krater heen.

In het water leggen de grote keizerlibellen hun eitjes.

Heel veel viervlekken hier ondertussen gezien, maar dit is de mooiste foto.

Vrouwtje platbuik zit verderop meer in de begroeiing.

Bovenop de wilgen zie ik regelmatig roodborsttapuiten zitten, nu zit er een fitis met zijn bek vol.

Donkere jota-uil

Zaterdag 3 juni, zondag 4 juni 2017
We gaan weer nachtvlinderen en het wordt een latertje omdat het zo laat donker wordt.
Het vierstipbeertje komt pas kwart voor 12 op het doek.

Soms is de hommelnestmot grauw, maar hier zie ik dat hij ook prachtige kleuren kan hebben.

Zo donker getekend heb ik de gerande spanner niet eerder gezien.

Een ligusterpijlstaart is in de kist gevlogen.

Witte haakbladroller.

En een purperrode haakbladroller. Zo zie je maar dat ze met de zelfde achternaam totaal niet op elkaar lijken.

Ben is bij de kist geweest en komt enthousiast terug: hij heeft nu toch een prachtige vlinder in zijn potje en wil hem laten zien. Wat een toeval: er vliegt er nog zo een op het doek, hahaha. Het is de donkere jota-uil.

De bonte brandnetelmot lijkt totaal niet op het kleine brandnetelmotje.

De blauwbandspanner die we vandaag het eerst zagen is niet mensenschuw en komt op de jas van Marja zitten.

Ben denkt dat dit de kastanjebruine pedaalmot is, wel een twijfelgeval want die komt in deze streek helemaal niet voor.

De ligusterpijlstaart wacht op zijn vrijlating, dat zal niet zo lang meer duren 😉

De rode dennenspanner is nieuw voor mij.

Op het moment van afbreken komt er nog een populierenpijlstaart aan vliegen.

Terwijl de agaatspanner en de hagendoornvlinder al de hele avond op rust zijn op het laken.

Geoorde futen

Vrijdag 2 juni 2017
Na het badmintonnen ga ik nu eens naar het Vogelmeer in de duinen. Eerst kom ik door het Rijkerspark in Santpoort, daar wil ik de tulpenboom zien bloeien, ik kan hem helaas niet vinden. Er staan hele grote zadelzwammen op boomstronken. Een gaai vliegt in de buurt heen en weer en hij blijft zowaar even zitten in het zicht.

Naar de duinen toe kom ik langs de ruïne van Brederode.

Aan de noordkant van het Vogelmeer zitten ook geoorde futen en er vliegt een mannetje oeverlibel die even poseert.

De geoorde futen zijn zo schattig fluffy.

De jonge meerkoetjes worden al aardig zelfstandig.

Eindelijk een foto van een enkel puttertje waar ik wel tevreden over ben.

Aan de andere kant van het fietspad staat veel bilzekruid, bij het rondkijken zie ik er al meer. Er ligt een boomstronk met een dikke paddenstoel: de roodgerande houtzwam.

Tussen de bladeren van het bilzekruid zie ik meerdere bessenschildwantsen.

Wat is het toch een schitterende plant dat bilzekruid.

Zo’n mooie dennenappel heb ik nog nooit gezien.

In de veldhondstong zit een rups van een grote beer, de vlinder zelf heeft bruinwitte koeienvlekken met oranje ondervleugels.

Eerst zie ik de gekraagde roodstaart verderop, gelukkig komt hij dichterbij.

Zelfs heel dichtbij, jippie, hij trekt zich weinig van me aan. Hij heeft ook wel wat anders te doen, de kleintjes moeten gevoerd worden.

Ik ga nog even bij het Spartelmeer kijken, veel grauwe ganzen en in de buurt hoor ik een koekoek. Een bastaard zandloopkever op het pad.

Als ik terug kom bij het Vogelmeer zitten er veel jonge spreeuwen op een tak.

In de vogelhut heb ik nu eens het geluk dat de geoorde futen heel dichtbij komen.

Zo schattig die witte buik.

Zelfs zo dichtbij dat hij niet helemaal op de foto past.

Als ik de hut uit kom vluchten er wel heel veel grauwe ganzen naar het grote water.

Op de terugweg in de buurt van de tankval hoor ik een koekoek, hij moet ergens dichtbij in een boom zitten. Ik zie niets tot ik bij de tankval ga kijken, daar zit hij in een kale boom. Ik heb hem wel op de foto, maar niet mooi.

Schotse hooglanders

Woensdag 31 mei 2017
Het is wel mooi weer, maar nou niet om te zeggen het is bloedheet (18 graden). Toch lijken de Schotse hooglanders last van de warmte te hebben. Deze jongen heeft zijn kop op het fietspad neergevlijd.

Een ander ligt rustig te herkauwen.

Eentje zoekt verkoeling in het water. De zwaan blij, want hij stond net erg dicht bij haar plekje, waar ze wilde gaan liggen.

Ik loop de route nog eens alleen om de nectarplanten voor vlinders te tellen. Ik kom nog Icarusblauwtjes tegen die een koppelpoging doen, maar hij vliegt weg, hij heeft hoofdpijn.

Klaverspanners zitten natuurlijk ook in de duinen en niet alleen langs de oude spoorlijn.

Ik dacht dat deze takjes bij zilte ranonkel hoorde, maar het is kransblad.

Dit is het bloemetje van zilte ranonkel.

Een mannetje platbuik gaat steeds op het zelfde takje zitten, daar kan ik mooi op focussen, maar vaag er achter zie ik ook een grote keizerlibel.

Dit is hem.

Ik denk dat ik een klein vlindertje zie vliegen. Als het landt op een takje in het water kan ik foto’s maken. Hij lijkt wel belaagd te worden door een bootsmannetje, maar hij kan ontsnappen doordat ik hem uit het water vis. Het is een bijzonder wantsje: een duinkortkopje.

In het andere poeltje vliegen libellen en juffers die ik op de foto neem, dan zie ik dat er op een stengel een huidje zit van een libel. (Het zijn er dus 2, met dank aan Marja.)

Het is een blauwe lucht met leuke wolkenluchten.

Langsprietmotje

Maandag 29 mei 2017
Het is nu helemaal bewolkt en Joke en ik verwachten niet zoveel vlinders te zien op de Vossendel-route, valt ook niet echt mee met 9 dagvlinders. Wel leuk dat ik op één stengeltje een pop en een rups van een sintjansvlinder zie.

Om thuis uit te zoeken welk vlindertje dit is neem ik foto’s, de flits geeft daarbij flitsende kleuren op het hertshooilangsprietmotje.


’s Middags kijk ik op het strand of daar nog iets leuks is. Ik weet niet of een geringde zilvermeeuw echt leuk is, nou ja, toch wat.

De laatste tijd zijn er zo weinig insecten dat ik al heel blij ben met een akkerhommel in mijn tuin.

Parelmotten

Zondag 28 mei 2017
Poelruit bloeit nu bij het Kennemermeer.

Ik ga voor de knopbiesparelmot, maar heb de grote parelmot op de foto.

Overal staan vleugeltjesbloemen in het terrein.

Ik heb toch de knopbiesparelmot te pakken.

De bruine omwindselbladen van heen lijken wel gevlochten.

Een kleine wespenboktor valt op door de gele kleuren.

Ik ben precies op tijd voor het hondskruid, volgende week kan het wel weer uitgebloeid zijn.

Jonge kwikstaart

Vrijdag 26 mei 2017
Na het badmintonnen fiets ik naar het landje van Gruijters. Een jonge kwikstaart is net zo hard aan het vliegjes vangen als een van zijn ouders, maar het is natuurlijk altijd opletten geblazen.

De kluten zijn elkaar een beetje aan het pesten, maar er moet ook gegeten worden.

Met deze foto ben ik heel blij, eindelijk een kluut vlak voor me.

En niet te vergeten de kleine plevier.

Thuis zijn op het raam de eitjes van het lieveheersbeestje uitgekomen, de larfjes zijn nog heel klein. Ik schraap ze voorzichtig van het glas en zet ze in de hibiscus waar heel veel luizen in zitten.