Woensdag 3 juni 2026
Op weg naar de Cremermeerroute kom ik langs bloeiende pijpbloemen. Ze staan hier al jaren en breiden zich iets uit. Zeldzame soort.

Torenkruid langs het fietspad verderop heb ik alleen gezien in Thijsse’s Hof, nu dus in het wild en is ook zeldzaam. Met een duinkortkopje bovenop, een kleine wants.

Dit beeld van de Konik en Exmoors roept bij mij iets van een sprookje op.

Mooie banen in het zand.

Wat een schoonheid is de kleine pimpernel met vrouwelijke stempels.

Een roos uit de egelantiergroep.

Gelukkig zie ik de rups van de kleine hageheld op tijd op het pad. Hij kruipt naast een kleine pimpernel.

Categorie archieven: Dieren
Wespendief
Dinsdag 26 mei 2026
Op de poortdeur zit een zwartvlekdwergspanner, net op tijd opgemerkt voordat ik op de fiets stap.

Ik ga vlinders tellen bij de Vossendel. Bij het natte stukje bij de tankval lopen veel oeverkortschildkevertjes (Paederidus ruficollis). Ze zijn heel klein en beweeglijk, toch kan ik met mijn telelens een paar goede foto’s maken.

Er zijn 3 soorten schorpioenvliegen en dit is een vrouwtje weideschorpioenvlieg. Wel een gekke snavelsnuit hebben ze.

Ik ga nog terug naar sectie 19 in de hoop de staartmeesjes te zien, maar in de lucht zie ik heel wat anders: een buizerd en een wespendief. In grootte schelen ze elkaar niet veel.

Mooi zo met dat licht door de vleugels van de wespendief.

Ik ben nu toch in de buurt van hotel Duin en Kruidberg, dus daar eens kijken of er nog libellen rondzoeven. De vuurjuffers zijn niet talrijk dit jaar.

De watersnuffels proberen wel voor uitbreiding te zorgen.

De viervlek heeft in totaal 4 vlekjes op de vleugels.

Op de terugweg nog even door Schoonenberg gefietst. In de warmere periodes zijn daar altijd schildpadden.

Blaasjespistoolkokermot
Vrijdag 22 mei 2026
Bij de Vossendel zie ik staartmeesjes en ik hoop al zo lang op jonge staartmeesjes en ik denk dat ik er nu een op de foto heb. Kenmerk van jonge bedelende vogels is dat ze hun vleugels zo laag houden. Hier is de staart ook heel wijd.

Ook al zou het geen jong zijn, dat zijn ze nog steeds heel leuk.

Aparte tekening heeft de rups van de dubbelstipvoorjaarsuil.

Alweer zie ik een rups van een krakeling, als ik hem fotografeer zit er nog een rups van een perentak naast.

Een boskrabspin zit op het puntje van een blad.

Die streepjes zijn goed te zien op de rups van een kleine voorjaarsuil, maar op de foto zie ik stipjes op de poten en zelfs op de kop is een patroontje!

Nooit verwacht dat ik hier een blaasjespistoolkokermot zou tegen komen, wow.

Wat een prachtig patroon heeft deze hooiwagenvrouw (Platybunus pinetorum), ze zijn zeldzaam, maar de populaties breiden zich wel uit.

Een zanglijster is op het pad insecten aan het zoeken, het lijkt mij een jonge vogel, de mondhoeken zijn nog geel.

’s Avonds ga ik naar de kweektuin in Haarlem voor inventarisatie. Op de Gelderse roos zitten larven van sneeuwbalhaantjes, dat zijn echt vreetmachines.

Op heel veel knoppen van de rododendron zitten rododendronknopvreters, een soort zwammetje.

Er wordt een laken opgezet om te gaan nachtvlinderen, alleen is het nu nog veel te licht en Ben gaat met een paraplu onder de cypres op de takken tikken zodat er insecten in de paraplu vallen. Daarbij is een jeneverbeskielwants in de plu gevallen.

Op de rand van de plu zitten twee schattige kevertjes: Pachyrhinus lethierryi, twee zeldzame exoten die het hier naar hun zin hebben.

Ik doe niet mee met nachtvlinderen en ga op tijd naar huis voordat het helemaal donker wordt.

Jonge groenlingen
Donderdag 21 mei 2026
Op de Koningsweg op mijn vlinderroute op het Zuidervlak landt een groenling. Die zijn zo schuw dat ik al blij ben met deze (niet zo scherpe) foto.

Nog blijer ben ik met foto’s van jonge groenlingen!

Als een van de ouders op een takje gaat zitten zie je de rode poten goed.

In de verte komt een kolonne Exmoors mijn kant op. Fantastisch die lichte neuzen. Achter de groep loopt de Shetlander.

Ze zijn al dichterbij gekomen.

Ik ga naar rechts het gebied in, waar de kleine pimpernel bloeit. Bovenin zitten de vrouwelijke rode stempels. De mannelijke helmknoppen hangen beneden.

Paardenstaarten van de koniks.

Sommige koniks zien er wat verwaarloosd uit, maar deze kont ziet er welvarend uit.

Stinkend Vogelmeer
Vrijdag 8 mei 2026
Heerlijk weer om eens naar het Vogelmeer te gaan, ik ben er al een tijd niet geweest en ik ga voor de geoorde futen. Ze zitten vlak voor de vogelhut, beter kan ik het niet treffen.

Ahum, ik heb wel mijn 600-mm-lens op mijn camera, dus ze moeten ook niet te dichtbij komen.

Het stinkt verschrikkelijk, dat komt door de aalscholvers, de stinkerds.

Er zijn takken opgestapeld en daar zitten altijd insecten, zoals wespjes op. Na een tijdje zie ik ook nog een zandhagedisje.

Er loopt een springspinnetje heen en weer, maar ik denk dat dit geen spinnetjes van de springspin is, ze zijn ongeveer 1 mm en het zijn er heel wat.

Ik loop naar de overkant van het fietspad om de meidoorn te bekijken of deze eenstijlig of tweestijlig is en zie prompt een rups van een krakeling, zo gaaf.

Het is trouwens een eenstijlige meidoorn.

Ik fiets op een fietspad dat heet “Doordewoestijn”, vorig jaar stond dat hele gebied onder water, haha. Een kleurig vinkje doet zijn deuntje met vinkerslag. Mooie staart heeft hij!

Even verderop een roodborsttapuit, die gezelschap krijgt van een kneu.

Kneutjes blijven nooit lang zitten, nu gelukkig wel even.

De braamsluiper bij de Waterleidingweg laat zich goed zien.

Veel meer viooltjes dan vorig jaar. Goed voor de parelmoervlinders!.

Argusvlinder
Donderdag 7 mei 2026
Het kan maar net met een temperatuur van 16 graden om vlinders te tellen, met onzekere weersverwachtingen ga ik toch naar het Zuidervlak. Onderweg door Duin en Kruidberg is het bewolkt en ook zonnig.

Speciaal voor de argusvlinder ga ik tellen en ik zie er 3 op de vlinderroute.

Bij sectie 3 zie ik een libel in het water spartelen, voorzichtig vis ik haar er uit, maar ook mond-op-mond-beademing mag niet meer baten, hahaha. Ze is ook al aangevreten zie ik.

Er is geen gemaskerd bal geweest in de duinen, dit is een bekkenbot van een of ander dier.

Ik hoor de koekoek steeds roepen en na de telling ga ik even kijken waar hij zit. Ik zie hem wel, maar te ver weg voor een foto.
Tuinslakken
Zwanen aan de wandel
Vrijdag 1 mei 2026
Ondanks dat het Cremermeergebied heel droog is geworden blijven er altijd natte stukken over waar ik mijn laarzen voor nodig heb voor mijn vlinderroute, ook al is het maar 1 of 2 stappen. Blaartrekkende boterbloem houdt wel van nattigheid.

De dotterbloemen doen het hier goed.

Schitterende kleur heeft zenegroen, vooral in combinatie met de bruinige bloeiende zegge.

Iemand heeft hier denk ik gelopen terwijl hij een appel at en heeft het klokhuis weggegooid zodat er nu een appelboom staat.

Het is hier zwaar genieten omdat ik hier mag komen terwijl het gebied afgesloten is, zo lekker rustig en wat een prachtig gebied.

Enkele bruine winterjuffers bij het watertje van sectie 3. Deze winterjuffers hebben in het voorjaar blauwe ogen.

In het water een gewone poelslak, ze zijn best groot.

Een spin die onder water loopt is de poelpiraat.

Het duin achter de koniks is hoog en bovenop is een uitzichtpunt voor wandelaars.

Bij sectie 9 staat een vrij kleine vogel en gelukkig blijft hij staan tot ik een goede foto heb. Gelukkig maar, want ik dacht dat het een groenpootruiter was, maar het is een bosruiter.

Bij de laatste sectie kijk ik achterom en zie dat 2 zwanen rustig voor de koniks uit lopen. Zo geinig.

Rups krakeling
Woensdag 15 april 2026
Al gelijk bij de eerste secties van de Vossendel zie ik een winterkoninkje. Ik moet snel een foto maken, want er komen net mensen aan, maar ze blijven keurig even wachten.

Ach jeetje, er is een hert uit elkaar gevallen, die loopt nu nog maar met één gewei rond.

Zanglijsters laten zich vrij makkelijk fotograferen, alleen moeten ze natuurlijk niet net achter een takje gaan staan.

De vogelkers in volle bloei. Andere jaren zie ik daar veel langsprietmotten op, dit jaar (nog) niet gezien.

Ik raap een stukje vermolmd hout op. Bij inspectie zit er een snuitkevertje en een bodemkrabspin op, allebei van een paar millimeter.

De kniptor Ectinus aterrimus blijft even poseren op mijn vinger.

Ik wil een schildwants fotograferen en draai met het takje, dan ontdek ik daar een rupsje van 1 cm. Eerst dacht ik van de draak, maar het is een rupsje van de krakeling.

De bonte zandoogjes vliegen al volop.

Terug fiets ik langs de van Tuyllweg, de gemeente heeft daar flink zijn best gedaan om er iets moois van te maken. Complementaire kleuren van geel en paars doen het altijd goed. De gele dovenetels en paarse hyacinten.

Dat roze is ook een zoet kleurtje.

Dwergzandbij
Maandag 6 april 2026 2e paasdag
Met de KNNV ga ik vandaag naar stinzeplanten kijken op Beeckestijn. De bosanemonen staan te schitteren in de zon.

De buizerd zit op haar nest, binnenkort weer kleintjes?

Een heel klein bijtje, dan is dwergzandbij wel toepasselijk.

Uiteraard gaat de hondstand ook op de foto.

Niet alleen witte, maar ook gele bosanemonen.

’s Middags hebben we onze gezamenlijke strandwacht en we lopen met een grote groep, de kans op leuke soorten is dan groter. De fluwelen zwemkrab is behoorlijk groot.

Een eikraag van een grote tepelhoren. Je kan de eitjes in de rondjes zien zitten.

Een jong vrouwtje van de helmkrab, nog behoorlijk klein.

Wat een gekke bek heeft die zandspiering.

Er is een dode kleine pieterman gevonden en Ingeborg laat zien waar de giftige stekel zit.

Rykel is vandaag mee en hij vindt een mediterane mossel.

Als we aan de koffie zitten zien we dat de Exmoors nog op het strand lopen.

Spektakel
Zaterdag 4 april 2026
Na de wandeling in de duinen gaan we wat lekkers halen bij High Tide. Tot Audrey opeens roept dat er paarden op het strand lopen. Het zijn de Exmoorpony’s die ontsnapt zijn uit de duinen. Het zou kunnen dat ze over een hek gestapt zijn die overstoven is door zand.

Ze blijven even staan bij mensen, daarbij zullen ze denken: wat doen die mensen op het strand?

De pony’s zijn verder gelopen en een Exmoor en de Shetlander proberen ze in galop in te halen.

Dan gaan er 2 Exmoors en de stokoude Shetlander de andere kant op.

De groep gaat richting pier, maar aan de houding te zien willen ze eerst rollen.

En dat doen ze ook.

Daarna gaan ze nog verder naar de pier.

Een van de twee Exmoors die de andere kant op ging komt in galop terug.

De oude Shetlander gaat daar ook nog in galop achteraan om bij de groep weer aan te sluiten. Dat was een spectaculair middagje.

Kevertjes
Woensdag 1 april 2026
Met Hanneke heb ik afgesproken om de lantaarntjes bij het strand te zien. Maar als ik langs de Badweg rij zie ik 7 damherten voor het Semafoor liggen. Die horen daar niet, ze lopen daar al een tijdje rond en zijn ontsnapt uit de duinen.

In de duinen bij het strand staan de lantaarntjes tussen het bruine mos. Om het mos beter te kunnen bekijken hebben we er water over gegoten en dan wordt het al heel snel groen. Dat is het fascinerende van mosjes. Het is het duinsterretje.

De grijze bolsnuittor vind ik zo vaak dat ik de naam allang ken.

Ook van de bastaardzandloopkever, alhoewel het ook wel eens een strandzandloopkever kan zijn, maar die zijn zeldzaam, deze dus niet. Wat een kaken hebben ze.

Lapsnuitkevers ken ik wel, maar de duinlapsnuitkever is nieuw voor mij.

Op het voorblad
Maandag 23 maart 2026
De foto die van de oranje luzernevlinder op 2 september bij het Kennemermeer gemaakt heb prijkt nu op het voorblad van de Toorts, het blad van IVN Zuid-Kennemerland.

’s Middags fiets ik richting Cremermeerroute, waar een vrouwtje roodborsttapuit luistert naar de roep van een mannetje. Gelukkig, ze zijn er weer, dit is hun gebied waar meerdere paartjes zitten.

Ik nader mijn vlindergebied en ben verbaasd hoe dom je kan zijn om in de buurt van een stier Schotse hooglander te gaan liggen. Ze had hem echt wel gezien.

De andere hooglanders staan wat verspreid over het gebied, waar het dus nog steeds heel nat is.

Een mooie dame in de buurt van het fietspad, schattig die witte wangetjes.

Een echte natuurfoto met een alerte Exmoor-pony.

Aan het eentonige tjiftjafdeuntje herken je de tjiftjaf.

De kievit kan met recht trots zijn op zijn kleuren.

De kwikstaart is naar de juwelier geweest, maar kon niet kiezen tussen de kleuren, hihi.

Piepers zijn makkelijk te fotograferen bovenop een tak, nu maar eens als hij aan het badderen is.

Flevoland
Zaterdag 21 maart 2026
Met de trein ga ik naar Harderwijk waar ik een OV-fiets huur. Bij de oversteek naar de Flevopolder ligt rechts het Veluwemeer en hier kijk je op het Wolderwijd, waar geen enkele vogel zit.

Het is hartstikke koud op de fiets en als ik mijn fiets bij het Harderbos zet hangt daar een handschoen, die ziet er alleen niet zo fris meer uit. Er zit een piepklein springspinnetje op van ongeveer 2 mm.

Ik loop naar de vogelhut in de hoop een zeearend te zien, wat natuurlijk niet lukt met dit grauwe weer. Wel aardig wat soorten op het water, zoals krakeenden, meerkoeten, grauwe ganzen, tafeleenden en enkele pijlstaarten.

Een paartje slobeend komt wat dichterbij.

Er is maar één wandelrondje, beetje saai gebied. Gelukkig komt de zon er door.

Ik dacht in een optimistische bui naar de Oostvaardersplassen te kunnen fietsen, maar elke keer als ik op de kaart kijk op mijn mobiel blijft het ver weg en er is niks te zien. Dan keer ik toch maar om. Ah, daar zie ik dan toch een lief ezelveulentje.

Zo schattig met dat staartje omhoog bij het plassen.

En even knuffelen met ma-ezel.

In Amersfoort wacht Nico op me op het station.
Parende padden
Vrijdag 20 maart 2026
Het wordt weer eens tijd om op insectenjacht te gaan, dus ga ik naar het Kennemermeer, mijn favoriete gebied. Aardhommels genoeg, daar hoef ik niet naar te zoeken.

Verder zijn de insecten zo goed als op denk ik. Bij de paddenpoel zie ik veel eistrengen van de padden.

En ze zijn nog niet klaar, terwijl ze paren hangt er een eistreng aan het vrouwtje.

De bruine kikker is al klaar, want er hangen enkele bollen kikkerdril in het water, met heel veel eitjes.

Dieseltreinwormen
Zondag 8 maart 2026
Zoals ik al meer geschreven heb dat er gigantisch veel exemplaren van soorten aanspoelen op het strand. Vandaag zijn dat de eipakketjes van de gestippelde dieseltreinworm. Elke meter liggen er wel een paar. Het zijn geen groene snotjes en als je goed kijkt zie je de witte stipjes, dat zijn de eitjes.

Die snotjes ken ik zo langzamerhand wel, maar welk beestje zo’n sierlijk patroontje maakt weet ik niet.

Een levende dwergtong wordt voor de foto even in een plastic bakje gelegd en daarna weer in het water gelegd.

Het beestje van de gewone alikruik komt er maar een beetje uit. Jammer, ik had graag de antennes met de zebrastreepjes op de foto willen zetten.

Werkdag Kennemermeer
Boomleeuwerik
Woensdag 25 februari 2026
Na het Hubertuspad kom ik wandelend bij het Duinmeer. Bij de vogelhut een stuk of 10 mannetjes slobeend en een paar vrouwtjes met die abnormale snavel.

De mannetjes kuifeend krijgen die mooie kleuren in het voorjaar als de zon er op schijnt.

Terug op de Koningsweg hoor ik al een tijd een boomleeuwerik en het riedeltje komt al dichterbij. Yep, ik zie hem in de boom en niet eens ver weg.

Ik moet dezelfde weg terug over het Hubertuspad en de koolmeesjes vliegen daar heen en weer.

De zandvlakte waar ik vorige week een foto van had gemaakt, ziet er van de zijkant ook mooi uit met die schaduwen.

Ik ben dicht bij het Zuidervlak, waar 7 Schotse hooglanders staan. Hun ogen zijn vaak niet te zien door de lange kuif. Ze zijn dus bruin. Deze koe mist een hoorn.

Ze heeft in ieder geval geen zakdoek nodig.

En haar tong gebruikt ze als washandje om de andere koe schoon te likken.

Zijn stuur staat scheef, hihi.

Vlakte Zuidervlak
Vrijdag 20 februari 2026
Ik ga kijken bij het Zuidervlak of het al een beetje droog wordt daar. Mijn vlinderroute staat nog onder water, maar niet zo erg als vorig jaar. Daar in de buurt is een grote vlakte kaal gemaakt. Daar lopen 3 Exmoorpony’s en in het midden het oude Shetlandertje.

Op de heenweg vond ik deze boom zo mooi afsteken tegen de lucht. Op de terugweg toch maar afgestapt voor een foto, alhoewel het denk ik mooier was geweest als de lucht blauw was.

Bruinvissen
Maandag 9 februari 2026
Ik hoop nog dat de bultrug zich laat zien tegen beter weten in. Er staan weinig mensen op de pier en voor mij alleen komt hij zeker niet. Toch wel schattig die drieteenstrandlopertjes die met z’n allen op de pier zitten en af en toe verkassen.

Ik denk al een tijdje bruinvissen te zien en ja hoor, aan het eind van de pier zie ik steeds de vinnen boven water komen. Ik richt mijn camera op een plek waar ze net te zien waren en wat een mazzel dat net twee tegelijk boven het water uit komen met hun bolle rug (nee geen bultrug).

Nog eentje vlak bij met een klein fonteintje.

En wat een gigantische grijze zeehond zwemt er voorbij.

Lezing boek
Zaterdag 7 februari 2026
Ik ga naar de lezing over het boek dat Jelle en Henk gemaakt hebben over Nationaal Park Zuid-Kennemerland. Dit is voor mij de tweede keer en veel nieuws heb ik niet gehoord en het vervelende is dat juist vandaag de bultrug voor de laatste keer bij de pier is gezien.
Het is mooi weer en ik fiets door de duinen terug. Nu zie ik een hele grote gele trilzwam, heel lichtgeel, dus vers.

Er staat een groepje Exmoor-pony’s te grazen en ik denk dat deze ene moet opletten of er gevaar dreigt. Gelukkig hoeven we hier nog geen rekening met wolven te houden.

Wisenten
Dinsdag 20 januari 2026
Omdat ik na badminton toch in de buurt van de duinen moet zijn ga ik via het Visserspad richting de wisenten. Aan de zuidkant zegt een man dat ze te zien zijn, meer naar het noorden. Ik fiets naar de noordkant en loop het wisentenpad op richting het zuiden. Ze zijn niet te missen, want ze zijn er allemaal, alle 19 stuks.

Er zijn vorig jaar 4 jongen geboren en de achterste heeft kleine hoorntjes, dus een jong.

Ik zeg tegen de boswachter dat dit de andere bultruggen zijn die ik had willen zien en dat is helemaal gelukt, hihi.

Op de terugweg nog bij het Vogelmeer gekeken, niets. Bij de Waterleidingweg een grote groep koniks.

In het zonnetje gezet
Zondag 18 januari 2026
We zijn vandaag met veel mensen van de strandwacht en dat is wel nodig, want er ligt heel veel. Zo leuk dat iemand een bosje hondshaaieikapsels vindt.

Een knotszakpijp wordt op het droge erg rimpelig, in het water staat deze rechtop.

Heel bijzonder dat Frank vingerwier vindt. Ik zou dit nooit herkend hebben, maar Frank is de wierenman en hij het gelijk. Het vingerwier is heel zeldzaam.

Eerst wordt er 1 levende gevlochten fuikhoorn gevonden, dan nog 1 en nog 1, we komen voor de lijst op meer dan 10 stuks.

Zoveel ovaalronde krabben nog steeds op het strand. Deze is heel vers met die haren en sprankelende kleuren.

Links een ouder exemplaar, jammer dat dus ook jonge exemplaren aanspoelen.

Als we met z’n allen aan de koffie zitten neem Frank het woord om mij in het zonnetje te zetten omdat ik al zo lang coördinator ben. Ik word schandalig verwend en word er verlegen van, want ik heb dat helemaal niet verwacht. Heel lief van ze, want ik doe het graag.
We zitten nog als er een bultrug bij de pier wordt gemeld en we sprinten van tafel om te kijken of we nog een glimp op kunnen vangen. We turen de zee af, geen bultrug. Een groepje drieteenstrandlopers komt voorbij vliegen, links in beeld een bruine, dat is de bonte strandloper en in het links in het midden een steenloper.

Een zeehond blijft een hele tijd zo met z’n neus boven water, zo slapen ze.

Het wordt koud en we gaan naar het begin van de pier. Daar zwemt een vrouwtje middelste zaagbek. Er is een stukje van de snavel af.

Audrey heeft de vlokreeftjes meegenomen om terug te zetten in het water, maar eerst nog even een paar foto’s. ik denk dat het sprinkhaanvlokreeftjes zijn.

Sneeuw
Dinsdag 6 januari 2026
Het heeft gesneeuwd, maar ik waag het er op om naar badminton te fietsen en dat gaat prima. Op de weilanden blijft de sneeuw liggen, op het fietspad is het goed te doen bij het Schoterkerkpad. De Canadese gans houdt alles in de gaten.

Ik verwacht mooie plaatjes te schieten in de duinen, daarom heb ik mijn fototoestel meegenomen. Het is heel mooi bij de Oosterplas, alleen mis ik de sneeuw op de bomen.

Dus ook geen sneeuw rondom de ransuil. Ik spreek Gé daar en hij heeft er 14 geteld.

Ik sta hier op hetzelfde punt als 26 november met die mysterieuze bomen, dit is een heel ander plaatje, ook vanwege een ander fototoestel, dit is met de Lumix FZ300

Niet overal valt evenveel sneeuw. Dit is bij de Leidingweg in Duin en Kruidberg, waar de meeste sneeuw nog op de looppaden van de herten en koeien ligt.

Ik had graag een serie foto’s willen maken van Schotse Hooglanders in de sneeuw, maar deze stier staat een beetje suf te herkauwen.

Dutch Beach Art
Zondag 21 december 2025
Met Anouk ga ik vogelen op de pier, ik wil haar graag de ijsduiker laten zien. Laat die nu gister gevlogen zijn! We zijn allebei op de fiets, dus kunnen we makkelijk naar het eind gaan. Toch leuk dat er net een zeehond op een pierblok klimt. We kunnen hem heel goed bekijken en hij ziet er prima uit.

Anouk vindt het leuk dat hij precies tussen 2 zilvermeeuwen in zit.

We zijn op tijd terug om mee te lopen met de strandwacht. We zijn met een grote groep, alleen wordt er weinig bijzonders gevonden, ondanks veel aanspoelsel. Alleen een levend porseleinkrabbetje tussen de pennenschaft.

Ik ben altijd blij als ik er bij ben als Dutch Beach Art weer bezig is een grote mandala te maken.

Als die klaar is zetten ze het resultaat op Instagram.



