Eitjes huismoeder

Woensdag 9 september 2020
Omdat Marja gister voor niets naar Beeckestijn is geweest, want ze wil ook zo graag de rups van de koninginnenpage fotograferen, maar ze zag niets heb ik haar en Giel uitgenodigd om samen te gaan kijken. Nou, ze zitten er echt nog wel, nu zijn het er nog 4.

De ene rups is veel groener dan de andere.

De meeste planten die er staan zijn aangeplant, er staat echter nog wel een grasje tussen dat uit zichzelf daarheen is gekomen, het is de groene naaldaar.

Ik denk een prachtvliegje te spotten met die gestreepte ogen, maar dit is een sprinkhaanvlieg.

Heel leuk dat Marja een hele trits eitjes van de huismoeder op ijzerhard vindt.

De kleine vuurvlinder heeft een enigszins afwijkende kleur, minder oranje dan normaal.

Buikspitsschildwants

Dinsdag 8 september 2020
Bij de telling van de vlinderroute voor de deur zie ik een buikspitsschildwants, die ben ik nog maar 1 keer eerder tegengekomen en toen als nimf.

Er zijn nu zelfs 2 roze spreeuwen gemeld in het havengebied en ik waag nog een kans. Helaas tussen duizenden spreeuwen zal ik hem niet snel ontdekken.

Ik ga ‘s avonds kijken bij de rupsen van de koninginnenpage want Marja had gebeld dat de struik gesnoeid zou zijn. Gelukkig is dat niet zo. Hier zie je de rups eten van de knop van de venkel.

Het is al niet zo heel licht meer als ik bij het bruggetje sta in Velserbeek. Geinig dat brugspinnen heel vaak aan bruggen hangen.

Slanke trechterzwam

Maandag 7 september 2020
Het is heerlijk weer en ik ga met de excursie mee in de AWD, ingang Zandvoortselaan. Terwijl Marja iets laat zien zit er een knopsprietje op haar mouw, wat een klein sprinkhaantje is dat, ik dacht al aan een doorntje.

Marja laat dus donderkruid zien en dat zie ik nu voor het eerst.

De bleke borstelkrukzwam ziet er van boven heel borstelig uit, maar ook als fluweel. De onderkant is nogal moeilijk te fotograferen omdat ze zo laag bij de grond zitten.

Krakeenden zien er zo lief uit …

Maar het kunnen dus grote vechtersbazen zijn.

Heerlijk die heuvels in de duinen.

Marja weet ook veel van mossen, dit is het grijs kronkelsteeltje.

Plukje boogsterrenmos.

Terwijl de anderen allemaal kijken naar de 4 atalanta’s en de gehakkelde aurelia die op 1 boom zitten, komt er een kleine vuurvlinder bij mij op de grond zitten.
We zien niet zo heel veel herten. Wat heeft dit hert een enorm gewei, kan hij zijn tegenstanders mee uitdagen als straks de bronsttijd weer aan breekt.

Hier en daar staan slanke trechterzwammen.

Na de excursie fiets ik gelijk door naar het strand, daarbij kom ik nog langs het gebied van de wisenten, ze zijn alleen niet te zien.
Hanneke is ook op het strand en zij vindt al gauw veterwier, vind ik wel apart, maar aan het eind van het traject hebben we meer dan 100 stukjes gevonden. We maken er samen een kunstwerkje van.

Wat een grote venusschelp met aparte kleuren.

Hanneke vindt bovendien een wijde mantel.

En ik een levende gewone zeepissenbed.

Aaah, de drieteentjes zijn ook weer gearriveerd uit het verre noorden, met nog een klein beetje rood.

Bij de pier is nog een heel klein beetje water en daar zwemmen visjes in, bizar dat opeens het water wegzakt en de visjes op het droge liggen te spartelen. Het zijn jonge harders en dat is extra jammer omdat er de laatste tijd zoveel dood zijn gegaan hier in de buurt.

Er is denk ik les gegeven op het strand want we zien enkele tuintjes met strandvondsten.

In een van die ‘tuintjes’ ligt een gedroogde horsmakreel.

Toch 48 km gefietst met mijn elektrische fiets en veel gelopen.

Balsempopulier

Zaterdag 5 september 2020
Na het werk in het asiel ga ik gelijk door naar de Vossendelroute, want nu wil ik weten welke bomen daar staan. Het is dus de zwarte balsempopulier. Bij de vlinderroute ga ik daar altijd rechtsaf naar het weiland, nu ga ik eens rechtdoor. Het mooie daarvan is dat de duinen vrij hoog zijn en links van het pad kijk ik een eind de diepte in.

Ik kom nog een vervelling van een pissebed tegen, het bijzondere daarvan is dat ze eerst voor de ene helft vervellen en dan de andere helft. Op 24 september 2017 heb ik daar een mooie foto van gemaakt.

Rupsen koninginnenpage

Vrijdag 4 september 2020
Nu ik weet dat er eitjes gelegd zijn door de koninginnenpage in de kruidentuin van Beeckestijn wil ik ook wel de rupsen zien. Voordat ik vertrek van huis zie ik een goudooggaasvlieg op de schuur zitten.

Ik moet zoeken in de venkel naar de rupsen, al heel snel gevonden en wat is die gaaf zeg.

Deze is wat witter dan de andere, want ik zie er totaal 7.

Nog een beetje van de onderkant gefotografeerd, want ze zijn te leuk.

Ze zijn vrij groot, een centimeter of 6.

Het is een kruidentuin met o.a. wit komkommerkruid.

Er komen hier wat meer insecten voor dan in een natuurgebied en dit is de Europese hoornaar.

Op hemelsleutel zitten veel vliegendoders.

Hier samen met een woeste sluipvlieg.

Een echte vlieg: Graphomya maculata.

Een gewone geurgroefbij snoept van de helmbloem van het helmkruid.

Wat vind ik de karmozijn toch prachtig.

De Chinese bieslook is ook al zo apart met die roze streepjes op de knoppen. Nu zit er een menuetzweefvlieg op.

Ik kan maar niet genoeg krijgen van die geweldige rups, toch nog een paar foto’s gemaakt.

Op de terugweg in Velserbeek langs de paddenstoelenplek gegaan, het is veel minder dan een paar jaar geleden, na goed zoeken piepkleine witte bolletjes gevonden.

Verrassing

Woensdag 2 september 2020
Al 2 weken vragen Joke en ik ons af welke boom er staat op onze route van de Vossendel. Ik heb het op het forum van Waarneming gevraagd en uiteindelijk met een foto van de onderkant van het blad blijkt het een zwarte balsempopulier te zijn. Leuker vind ik dat er een heel klein rupsje op het blad zit en met lang zoeken denk ik dat het een bruine wapendrager is.

Op sectie 13 zit een vrouwtje duinsabelsprinkhaan op een boom.

Bij de Cremermeerroute zie ik een dagpauwoog, een gehakkelde aurelia, een atalanta, een bruin zandoogje en kleine koolwitjes op het randje langs het pad waar ik dus niet tel. Nog steeds word ik lastig gevallen door goudoogdazen, soms zitten er wel 2 tegelijk op mijn petje.

In de buurt van sectie 5 zit een vosje, eerst heeft hij er geen erg in dat ik daar loop, hij krabt zich nog even, dan is hij weg.
Er is een nieuwe vogelkijkhut geplaatst bij het Duinmeer, daarom maak ik een uitstapje van mijn vlinderroute om daar te gaan kijken. Een mooie hut, maar heel jammer dat je bijna een trapje nodig hebt om door de kijkgaten te fotograferen. Op mijn tenen kan ik er door kijken (behalve het rechter gat onderaan) en ik hou het gauw voor gezien. Ook weinig te beleven op het meer.

Een wilgenhoutwespmeisje maakt het wel weer goed, wat een gaaf beestje.

Langs het voetpad waar ik vorige jaren een eitje van een hermelijnvlinder heb gefotografeerd zie ik een paddenstoeltje en daarop zit een slakkendodervlieg (Pherbellia cinerella).

Wat een verrassing dat ik bij de 3 bomkraters opeens een ijsvogel zie wegvliegen, wat een prachtige kleuren zo in de zon. Voor een foto was hij veel te snel weg.

Mispoes

Dinsdag 1 september 2020
Ik ga naar het Kennemermeer in de hoop een roze spreeuw en/of de witte ekster te zien, kom ik wel thuis met kleurige vogels, de puttertjes, maar niet de gewenste soorten.

Bij het parkeerhok even controleren of er nachtvlinders zitten. Nee, wel een klein springspinnetje die loert op een vlieg, het duurt even dan valt hij aan …. MISPOES!

Het hele meer rondgelopen op zoek naar de vogels. Ik zie een uitgebloeide moerasmelkdistel, die is anders dan andere uitgebloeide melkdistels.

Jonge lepelaar

Zondag 30 augustus 2020
Bij het landje van Gruijters staan 2 lepelaars in het water te foerageren. Even later komen ze meer naar de kant en dan begint het jong te bedelen.

Hij is nogal opdringerig.

En daar heeft pa/ma genoeg van en dan is het: “Bekijk het maar, je kan zelf ook je eten opscharrelen.”

Ik heb nog nooit zoveel krakeenden gezien bij het Fort Benoorden.

Langs de A9 staan wat wilde planten en daar zit een topzwanger zuringhaantje op zuring.

Ik ontdek ook een weidevlekoog.

En aan de overkant van de sloot een heel gezin nijlgans met 6 al grote jonkies.

Na de storm

Donderdag 27 augustus 2020
Na een paar stormachtige dagen is het opeens vrijwel windstil en kunnen Joke en ik vlinders tellen bij de Vossendel. Op sectie 13 waar altijd zoveel libellen zitten is Joke van plan er een mee naar huis te nemen, hihi.

In IJmuiden is de hoogste windsnelheid gister gemeten. Hier in het bos liggen heel veel takken, bladeren en zelfs een boom op de grond.

Een kleurige paddenstoel valt ons op. Het zou de korrelige taaiplaat kunnen zijn, maar ook de oranje oesterzwam, in ieder geval zeer zeldzaam.

De echte vuurzwammen worden elk jaar mooier op deze boom.

Watergentiaan

Zondag 23 augustus 2020
Voordat ik met de fiets vertrek nog even een foto gemaakt van de zwartvlekdwergspanner die op de poortdeur zit.

Er zit niet veel bijzonders aan insecten op mijn plotje van de Vondelweg, wel blij ben ik met deze mooie wesp, Achaius oratorius.

Nou, ik kom de lieveling hier wel vaak tegen.

Ik denk dat ik hier wel 50 groene rietcicades heb zien springen en enkele nimfen.

Ze kunnen zo lekker fel zijn die kleine fuutjes, misschien is het dezelfde als van 23 juni op de Mooie Nel.

Op het landje van Gruijters zie ik al wintertalingen. Ik fiets terug langs de snelweg en de weilanden van Velserbroek. In een sloot daar bloeit de watergentiaan.

En niet zo’n klein beetje ook.

Bij een scherm van de zwanenbloem heb je gelijk een heel boeket.

Ivoorzweefvlieg

Woensdag 19 augustus 2020
Volgens de Vlinderstichting vliegt de keizersmantel niet meer na half augustus, we zien er toch nog 4 bij de Vossendel, ze zijn wel aan hun laatste vlieguren toe.

Ik kan precies 1 foto maken van de ivoorzweefvlieg voordat hij weg vliegt, toch leuk.

Bij sectie 14 staat mos en ik vermoed boompjesmos en dat wordt bevestigd door waarneming.

Daarna ga ik weer door naar de Cremermeerroute. Bij de boksdoorn vliegt een kolibrievlinder, jammer dat ik nu mijn goede fototoestel niet bij me heb.

Met zijn lange tong weet hij precies in de bloem te komen, knap hoor.

Lekkere vette neus heeft deze vlieg, de Miltogramma germari (als ik het goed heb).

Geinige belletjes heeft de gewone agrimonie als hij uitgebloeid is.

Bij het Kennemermeer weet ik slanke gentiaan te staan, hier staan ze dus ook!

Witte ekster

Maandag 17 augustus 2020
Het gebied van het Kennemermeer is nog vochtig en dat is te zien op de hageheld die zit te drogen nu de zon schijnt.

Een heel slecht jaar voor de kleine vos, gelukkig zien we er af en toe nog één.

Eerst moet ik zoeken naar de bonte paardenstaart, dan wijst Marja ons een heel gebiedje waar het er vol mee staat.

Iemand ziet een witte ekster en ik kan hem nog net op de foto zetten voordat hij weg vliegt.

Ik wijs de excursiegroep op de strandpaal die in het gebied staat, hier was vroeger het strand en de eblijn is tegenwoordig een kilometer hier vandaan. Even verderop staat hennepnetel.

Hier zie ik een gewone citroenzweefvlieg (niet te verwarren met de citroenpendelvlieg).

Op weg naar de koffie zie ik een klein dingetje in de duinaveruit, niemand weet wat het is, dus gevraagd op het forum. Het is door een sluipwespje gemaakt nadat zij een rups heeft geparasiteerd.

Met Sieneke ga ik nog het strand op. Dit is geen jonge zilvermeeuw dat zien we wel, we vermoeden een jonge kleine mantelmeeuw en dat klopt.

De ene keer is er op het strand geen vogel te bekennen en andere keren zit het vol, zoals hier met grote sterns en visdiefjes, ook met jonge er tussen.

We gaan de planten bekijken op de nieuwe duintjes die hier op het strand zijn gevormd. Daar loopt een basterdzandloopkever, die heeft een afwijkende kleur, want die donkere patroontjes op het dekschild moeten wit zijn.

Zoals bij deze basterdzandloopkever met prachtige kleuren.

De lucht breekt even op, maar ik ben toch blij dat ik gauw naar huis ben gefietst omdat het begint te hozen als ik net binnen ben.

Een satijnvleugelsikkelmot heeft een droog plekje uitgezocht op mijn schuur.

Russenbladvlo

Zondag 16 augustus 2020
Voordat ik het gebied van het Kennemermeer in ga kijk ik eerst bij het parkeerbetaalhok. Er zit een kleine hageheld te rusten.

Helaas was deze grote beer in het spinnenweb beland.

Bij de hennepnetel en heggenrank kijk ik goed of er nog iets leuks bij is, ja hoor, een zesvlekkige groefbij.

De gamma-uilen vliegen volop dit jaar.

De russenbladvlo nestelt in de zomprus en dat is goed te zien.

’s Avonds krijgen we toch een hoosbui zodat de riolen het niet kunnen verwerken.

Recordaantal

Vrijdag 14 augustus 2020
Vanwege het bloedhete weer van de week gaan Joke en ik vandaag pas vlinders tellen. We zien nog wat keizersmantels vliegen bij de Vossendel. Daarna ga ik door naar de Cremermeerroute. Ik heb wel last van de goudoogdazen, maar wel een recordaantal vlinders, maar liefst 90!!! Ik heb daar ook een heivlinder gezien, helaas mocht die niet mee doen voor de telling. Langs de Koningsweg staat heel veel munt en heelblaadjes waar veel vlinders en insecten op af komen. Slakkenhuisbijtje met leuke oogjes.

Dit gebied is nog goed voor argusvlinders, ook al neemt het hier af.

Een paar soorten doen het wel heel erg goed dit jaar, waaronder de citroenpendelvlieg, nog nooit zulke aantallen gezien overal waar ik kom in de natuur.

Een sluipvlieg thuis op de schuur, de Mintho Rufipens die parasiteert op de rupsen van bepaalde vlindertjes die ik hier nog nooit gezien heb (drielijnuil en maisboorder).

Pyjamawantsen

Donderdag 6 augustus 2020
’s Nachts zit er een taxusspikkelspanner in huis.

Ik tel de vlinders op de oude spoorlijn en kom daarbij 2 pyjamawantsen tegen op peen.

Op de heenweg tel ik 57 dagvlinders en op de terugweg maar 32. Een bruin blauwtje op weegbree.

’s Avonds nog naar de tuin van Beeckestijn gegaan, daar heeft een koninginnenpage een eitje gelegd op venkel, maar die heb ik natuurlijk niet kunnen vinden.

Zwervende pantserjuffer

Woensdag 5 augustus 2020
Bij het tellen van de Vossendel zien Joke en ik tellen wel 60 vlinders, verder niet iets bijzonders. Dan door naar de Cremermeerroute. Daar zie ik bij de strandopgang een zwervende pantserjuffer, toch leuk, want zeldzaam.

Langs de Koningsweg vliegen de meeste vlinder, alleen hoef ik daar niet te tellen. Wel mooi zo’n citroenvlinder op munt.

Sallandse heuvelrug

Dinsdag 4 augustus 2020
Nieuwe poging om de Sallandse heuvelrug te bereiken. De treinreis loopt heel voorspoedig langs de Oostvaardersplassen, waar wel heel erg veel koniks lopen.

Het huren van de fiets gaat nu goed en even later ben ik in het gebied. Na het bosachtige deel kom ik op de hei en daar wandel ik een tijdje. Vind ik zomaar gouden eitjes. Die zullen wel van de smalle randwants zijn, die zie ik hier veel op de sporkenhoutboom.

Zijn er twee smalle randwantsen nogal private dingen aan het doen komt er eentje bovenop, die wil ook meedoen.

De heide staat in bloei.

Het is inderdaad nogal heuvelachtig.

Nog meer eitjes, nu van een veelvraat, de rupsjes zijn er al uit, dus heeft de veelvraat van een spin het nakijken.

Normaal zijn de takjes van de struikhei groen, hier zijn ze rood.

Het is de roodborst aan te zien dat er kleintjes zijn.

Vorige keer bij Raalte zag ik al roeken in een weiland, hier zijn ze ook, heel herkenbaar aan de snavel.

Ik heb de Sallandse heuvelrug allang achter me gelaten en ben bij de Regge aan het fietsen.

Even het viaduct op de foto zetten met de OV-fiets, dan weet ik later misschien nog waar ik geweest ben.

Ik fiets een eind langs de Regge en op een terras De Wijngaardbaan neem ik koffie en appelgebak. Dan kan ik er weer tegen. Bij de Midden-Regge is een trapje naar het water, daar kan ik op het vlondertje staan zodat mijn voeten in sandalen nat worden, heerlijk.

Ook hier kom ik weer op een punt waar ik al geweest ben. Daar heb ik op de heenweg een weidebeekjuffer gespot, maar nu zit hij even beter voor de foto.

Het lukt me om weer in Nijverdal uit te komen en daar neem ik een heerlijke salade op een terras.

Ik sluit de dag af met een mooie zonsondergang vanuit de trein.

Grote bloedbij

Zondag 2 augustus 2020
Nog een keer ga ik een poging wagen om Betonie te vinden langs de Heerenduinweg, dan geef ik het op. De bijvoetgalmug doet het wel erg goed in de bijvoet.

Ik ben aan het vergelijken geweest met de gele composieten, die met die witte haartjes is de kleine leeuwentand.

Toch weer naar het plekje met de blauwe zeedistel. Zou het vrouwtje duinvilla nu eitjes aan het leggen zijn?

Een woest sluipvlieg.

Mooi, een harkwesp en een grote bloedbij op de blauwe zeedistel.

Bij Zorgvrij

Vrijdag 31 juli 2020
Met de groene meisjes ga ik planten determineren in de buurt van Zorgvrij. We zijn verrukt van de bloeiende grasjes zoals glanshaver.

Ik zie een stadsreus, de grootste zweefvlieg.

Eindelijk, de eerste kleine vos dit jaar. Samen met een citroenvlinder op koninginnekruid.

Wat kunnen varkens toch een gelukzalige uitdrukking hebben.

Het begint aardig warm te worden en de koeien zoeken de koelte op in de sloot bij het Vondelkwartier.

Hier ga ik even door met grasachtige planten zoals pitrus.

Alleen al aan het web kan je de tijgerspin herkennen, maar het vrouwtje is ook overduidelijk.

En dan zie ik een kuifeend met kleintjes, wat superleuk.

Als moeder kuifeend duikt, dan is het plop plop plop plop en de kleintjes zijn ook onder.

Maar ja, als je dan weer boven komt, waar is moeder dan gebleven?

’s Avonds naar het strand voor zeevonk, de kans is wel groot, wat jammer dat het er niet is. Nog een tijd door het water gelopen, lekkere temperatuur.

Het is volle maan, weerspiegeld in het water is dat dan wel weer leuk.

Telling

Donderdag 30 juli 2020
De 2 mannen van de vrienden van het Kennemerstrand hebben het gebied rond het Kennemermeer al geteld op honing- en groenknolorchissen. Alleen het natte gedeelte gaan we vandaag met meerdere personen doen en dan alleen 8 afgezette stukken. Maarten en ik nemen 2 voor onze rekening, maar hoe goed we ook zoeken, we zien niets. In de andere 6 vakken zijn er ook maar 48 geteld. Dat is behoorlijk teleurstellend dus. De honingorchis heeft het wel heel goed gedaan dit jaar, maar de groenknol is het aantal gehalveerd. Maarten laat me nog wel de bonte paardenstaart zien, die is heel zeldzaam.

Misschien zie ik vandaag wel heivlinders op het stukje langs het Kennemermeer, want die wordt ook heel zeldzaam. Niet gezien. In de peen zit een nestje nimfen van de groene schildwants, ze zijn net uit de eitjes gekropen.

Nog Betonie gezocht langs de Heerenduinweg, ik kan het niet vinden. Late ogentroost staat hier wel.

Heivlinder

Woensdag 29 juli 2020
Op weg naar de Vossendel kom ik op het fietspad een moedereend met 4 pulletjes tegen die geen kant op kunnen. Ik bel de dierenambulance, maar het duurt zo lang dat ik het maar aan andere mensen over laat om ze op te wachten.

Aan de ene kant zijn tuinen en aan de andere kant een dicht hek.

En moeder maar met ze heen en weer aan het lopen.

Eindelijk weer Icarusblauwtjes.

Bij de Cremermeerroute ga ik eerst het strand op.

De wolken zijn zo verschillend de laatste tijd.

Waarom zijn de schelpen hier allemaal nog heel, terwijl ik in IJmuiden het meest puin zie? Vast ook omdat het daar veel drukker is dan hier.

Tegen het hek van de duinen is een hele rand duinen die vrij kaal zijn en hier staat de blauwe zeedistel en gelukkig zie ik hier 2 heivlinders, ze zijn nog niet helemaal uitgestorven.

De dagpauwogen doen het de laatste week nog goed.

Daarna ga ik toch mijn vlinderroute lopen en kom een gras tegen, waarvan ik natuurlijk weer de naam wil weten. Het is duinriet.

Bij sectie 4 staat kamperfoelie, even van dichtbij bekeken.

Vuurwants

Dinsdag 28 juli 2020
Sieneke liet me vorige week een foto van een plantje zien dat Betonie blijkt te zijn en dat staat langs de Heerenduinweg. Dat is een hele lange weg en dat wordt zoeken, zoeken, zoeken. Ik denk kleine tijm gevonden te hebben, dat blijkt dan ook nog grote tijm te zijn, dus helaas niet zeldzaam.

Dat scherm van de peen is een pracht verstopplaats voor insecten zoals de struiksprinkhaan.

Het fietspad langs het Kennemermeer eindigt in het zuiden bij het strand, lekker om ook even het strand op te gaan, waar de strandhuisjes keurig op rij staan.

Onvoorspelbaar hoe het strand er uit ziet. In het midden van die leuke bultjes en daarachter weer helemaal glad.

Op weg naar huis stop ik bij zeepkruid, misschien zit het 24-stippelig lieveheersbeestje er in. Tot mijn verbazing zie ik wel een vuurwants, die is dus behoorlijk noordwaarts aan het trekken.