Bijenorchissen

Maandag 15 juni 2020
De excursie is behoorlijk druk, maar we proberen wel afstand te houden. Gelukkig hebben de meesten een dichtbij-verrekijker bij zich 😉 Zeegroene zegge staat hier volop en bloeit nu.

Vorig jaar heb ik geen kleverige ogentroost gezien en we gaan met z’n allen op zoek, sta ik er bijna op!!!

Ik weet oorsilene te staan.

Volgens mij een zilveren fluitje.

Helaas komen we een aso tegen die met een soort walsje door het terrein scheurt, ik kan daar zo kwaad om worden.
We lopen verder op zoek naar teer guichelheil en opeens komen we tientallen bijenorchissen tegen. Van Jos wist ik dat ze in het terrein moesten staan, alleen wist ik niet waar.

Nu dus gevonden.

We hebben al zoveel rietorchissen gezien en wat zijn ze mooi.

Dan zegt iemand dat er een hele groep gele maskerbloemen staan, daar gaan we kijken, het zijn er misschien wel 100.

Ze zijn mooi, maar het kan een plaag worden.

Er staat moeraszoutgras in de buurt.

We komen weer bij het water en tot onze verbazing kruipt daar een paling rond.

Ik wilde kamgras bij de heivlinderheuvel laten zien, daar kon ik het niet meer vinden en opeens zie ik nog een heleboel bij elkaar staan aan het eind van het pad.

Op weg naar de koffie ziet Marja een mooi vlindertje op slangenkruid, het is een lichte daguil.

Na de koffie ga ik met Ernst op zoek naar baardmannetjes, eerst aan de westkant. Daar ziet hij een bremraap en met het boek er bij komt hij op een klavervreter, best bijzonder.

Nog een rietorchis met zachtroze kleur.

Tenslotte nog een groot dikkopje op een ratelaar.

Orchideeën

Vrijdag 12 juni 2020
Op mijn vlinderroute voor de deur bloeit de bonte luzerne, zo mooi die kleuren.

Toch eens van onder bekijken de peen, zeker de moeite waard.

Kraailook is weer present.

’s Middags naar het Kennemermeer, er zullen vast wel een paar insecten zijn als de baardmannetjes zich weer niet laten zien. Mannetje Icarusblauwtje wil poseren met zijn roltongetje.

Een moeraswapenvliegje in het blommetje van de boterbloem.

Jos was nogal pessimistisch over de groenknolorchissen, maar ik ze er aardig wat en met veel bloemen per steel, dus heel florissant.

Midden in het natte gebied loopt een rups van een plakker, daar ben ik fan van.

De bevertjes staan in bloei en hoe!!

Echt een feest.

Ik ben nog op zoek gegaan naar de knopbiesparelmot, die is zo klein dat je die bijna met een loep moet zoeken, ongeveer 2 mm. Dan is de grote parelmot van 4 a 5 mm makkelijker, haha.

Nog even gekeken bij het rond wintergroen, ze staan een beetje verscholen tussen de wilgen.

Daar in de buurt zit een prachtsmalsnuitje, daar ben ik best blij mee.

En dan staan ook nog de honingorchissen in bloei, dus wel hele leuke dingen gezien.

Eksters

Donderdag 11 juni 2020
Verdorie, weer heel weinig te zien bij het Kennemermeer. Er zitten een stuk of 10 eksters in een boom en door de ondergaande zon lijken ze wel roze.

Gestippelde houtvlinder

Woensdag 10 juni 2020
Bij de Vossendel tellen Joke en ik meer hommels dan vlinders. Ik zie een zwartsprietdikkopje, maar hij is al gevlogen voordat ik een foto kan maken, wel jammer, want het is de eerste van het jaar en heel erg vroeg. Het is maar de vraag of hij goedgekeurd wordt in de telling zonder bewijs. Doordat ik nog rond kijk of ik hem zie ontdek ik een gestippelde houtvlinder.

Hij/zij zit met zijn vleugels te wapperen, ik denk om feromonen te verspreiden, dat zijn lokstoffen om een mannetje aan te trekken.

Voordat we met de route begonnen sprak een man ons aan, hij had gezien dat er dode dieren waren neergelegd voor jonge vosjes en hij vroeg of wij wisten of het boommarters of zoiets waren, hij had onduidelijke foto’s op zijn telefoon. Omdat wij niet wisten wat het was wilde ik nog gaan kijken of ik het kon vinden en daarbij kom ik in verboden gebied, maar wel mooi. Natuurlijk niks kunnen vinden.

Bij de Cremermeerroute tel ik zelfs maar 1 vlinder: een bruin zandoogje. Op het pad wat nu weer begaanbaar is omdat het water is gezakt zit een bijna zwarte pad. Ik denk dat hij dood is, maar hij vertrekt toch nog heel traag.

Een grasmus heeft het maar druk met het voeren van de kindjes.

’s Avonds laat ga ik nog naar het Kennemermeer waar een rups van een hageheld voor mijn voeten loopt, hihi.

Gelukkig staan de bijenorchissen op de bekende plek in bloei. Ik dacht al dat ze daar weg waren omdat er op andere plekken ze al lang in bloei stonden.

Ze zien er fantastisch uit, veel bloemen per steel.

Steenhommel

Dinsdag 9 juni 2020
Ik fiets weer eens langs de Heerenduinweg, misschien staan hier nog bijenorchissen. Er staat maar één aardaker, een soort lathyrusssoort.

Nog maar eens kijken bij het Kennemermeer. Op de olijfwilg zit een wilgenbladvlo, die is amper 2 mm groot.

Maar de steenhommel die ik later zie is gigagroot.

Poelruit

Vrijdag 5 juni 2020
Ik wil zo graag eens een baardmannetje fotograferen. Ze zijn gesignaleerd bij het Kennemermeer. Helaas niet gelukt. Poelruit staat nu volop te bloeien.

Ik denk een schorsvlieg te zien, maar het klopt niet helemaal. Waarneming geeft de mooie naam: Zophomyia temula, een sluipvlieg.

Citroenvlinder

Maandag 18 mei 2020
Marja en ik organiseren onze eigen excursie bij het Kennemermeer. Het is nogal kaal, zodoende hoeven we niet te zoeken naar het schorrenzoutgras. Het staat pontificaal in het zicht.

Het zwartpootsoldaatje heeft een heel leuk standje uitgekozen.

Het gebied is weer uitgebreid met een nieuw soort: de gele lis.

Vrouwtje citroenvlinder ziet heel lichtgroen. Als ze wegvliegt denkt Marja zelfs dat het een koolwitje is, maar ik had haar al zien zitten op de ratelaar.

Nog een soldaatje, Cantharis spec., want niet helemaal duidelijke kenmerken.

Zomerkleedjes

Donderdag 14 mei 2020
Grote sterns en visdiefjes op het strand. Er wordt een visje aangeboden, maar mevrouw moet hem niet. Een grote bek kan hij krijgen.

Drieteenstrandlopertjes zijn al zo leuk en nu zijn ze nog heel deftig in zomerkleed ook.

Wat een prachtige vogeltjes.

De rosse grutto heeft ook het zomerkleedje aangetrokken.

En hup, allemaal even showen.

Net als de steenloper, de kleuren spatten er af.

Iets minder van kleur, deze rosse grutto. Wat een flinke hap heeft hij te pakken.

Na het strand nog even naar het Kennemermeer, wie weet zitten er nog insecten. Ja hoor, 1 bessenzweefvlieg.

Bloeiende grasjes

Zondag 26 april 2020
Nico is weer eens gevallen, maar nu met de fiets doordat een jongetje plotseling overstak. Als hij thuiskomt zit eer een elzenvlieg op zijn jas, die hij ergens opgedaan heeft onderweg, waarschijnlijk Overveen.

Ik breng de elzenvlieg naar het Kennemermeer. Daar staan zaadbolletjes, heel leuk, helaas nog geen naam van mij gekregen.

Zeegroene zegge staat hier ontzettend veel en het bloeit nu.

Een man tapuit pikt steeds in de vegetatie en kijkt af en toe op.

Op een prachtig bloeiend grasje zit een hele kleine dansmug.

Oorkwallen

Dinsdag 21 april 2020
Er waait een behoorlijke oosten wind, jammer voor het tellen van schelpen want alles wordt onderstoven door het zand. In de eblijn ligt nog wel het een en ander zoals Amerikaanse ribkwal, een zeedruif en meer dan honderd oorkwallen.

Twee strandkrabben zitten aan elkaar, maar de ene is dood en de ander leeft nog.

De ene keer zie je bijna geen vogel op het strand en vandaag zijn er rosse grutto’s, grote sterns, meeuwen en visdiefjes, allemaal dicht bij elkaar.

Zes rosse grutto’s, twee nog in winterkleed en de andere vier al heel mooi rood.

Achter de visdiefjes zijn de grote sterns zich weer aan het uitsloven.

De streepjes over de blaasjeskrab dat zijn zandkorrels die overstuiven, zo hard waait het.

Tere platschelp.

Het verbaast me dat de pier nog open is. De golven die op de pier slaan stuiven alle kanten op. Geeft wel een mooi regenboogeffect.

Geweldig dat ik ook nog regenwulpen zie, het zijn er 6.

En dan nog in de vlucht ook.

Wilgen

Maandag 20 april 2020
Omdat er geen excursies gegeven mogen worden met meerdere personen door het corona-virus gaan Marja en ik samen naar het Kennemermeer. Daar staan wilgensoorten die met elkaar gekruist kunnen zijn, dus het is moeilijk om precies te weten welk soort het is. Deze wilg met smalle bladeren kennen we al helemaal niet.

Vrouwelijke bloeiwijze van waarschijnlijk de kruipwilg.

Mannelijke bloeiwijze.

Er staat maar één cluster van de gulden sleutelbloem.

Pfoe, de Amerikaanse vogelkers staat hier al in knop, dat is niet zo leuk. Misschien weten de snuitkevertjes er wel raad mee, alhoewel ik zie dat ze alleen van het blad vreten.

De oprolpissebed is de enige pissebed die zich op rolt.

Als we nog eens op zoek gaan naar kandelaartjes, dan weet ik nu een grote plek met honderden te vinden.

Alsof de rietkruisspin zomaar in de lucht hangt.

Tandjes

Dinsdag 31 maart 2020
Eindelijk wat minder wind en een blauwe lucht. Ik doe een rondje Kennemermeer, het is al aardig opgedroogd, dus het gaat net.

Alleen hoor en zie ik bar weinig vogels. Ook heel weinig insecten, alleen maar een paar blinde bijen.

Op de terugweg nog door Schoonenberg gefietst en daar pikken 2 zanglijsters hun maaltje bij elkaar in het gras.

’s Avonds zit Izzy op bed, met een grote gaap laat ze even haar gebit zien, er zat een bobbeltje bij de getrokken kies (niet dat het nu te zien is op de foto).

Tjiftjaf

Maandag 23 maart 2020
Op zoek naar het kandelaartje op de heivlinderheuvel van het Kennemermeer. Daar staan een paar in bloei, nu herken ik het blad ook gelijk.

Tjiftjaf hoor ik gelukkig anders is het altijd de vraag of het misschien de fitis is.

Klein hoefblad

Woensdag 11 maart 2020
Eindelijk zijn de musjes weer terug in mijn tuin. Man mus heeft moeite om een pit weg te krijgen.

Bij het Kennemermeer moeten ergens kandelaartjes staan, maar niet gevonden. Hier sta ik bij de duinen bij PBN. Sony A77ii 18-55mm

Klein hoefblad is zo herkenbaar, aan de bloemen en aan de stelen.

Hoog water

Maandag 17 februari 2020
Met de excursie van de KNNV gaan we het strand op, maar we kunnen alleen langs de vloedlijn lopen omdat het water wel heel hoog staat.
Door een geul stroomt heel veel water achter de nieuwe duinen op het strand zodat daar bijna een meer ontstaat.
hoogwater_strand_pier
Als ik mijn fiets weer ophaal bij het Kennemermeer zie ik dat daar zelfs wat afkalving plaats vindt door de harde wind.
Kennemermeer
Gelukkig staat de klimtoren nog wel recht overeind.
klimtoren_Kennemermeer

Kleine alk

Zondag 10 november 2019
Nog eens proberen bij het Kennemermeer of ik baardmannetjes kan spotten. Jammer genoeg helemaal niets gezien, behalve een paar eksters, terwijl ik achteraf zag dat er een humus bladkoning en een bonte kraai hebben gezeten ;-(
Ik ga eens kijken of er iets bij de pier zit. Bij de jachthaven zie ik een fotograaf die zijn toestel op het water heeft gericht. Ik denk een zeekoet te zien, maar daar is dat beestje veel te klein voor. Het blijkt een kleine alk te zijn, dus toch nog heel veel geluk dat ik hier langs ben gegaan.

Riet

Woensdag 30 oktober 2019
Bij de pier zit niets bijzonders. Ik denk dat er een kanoet zit, thuis zie ik op de foto dat het een bonte strandloper is.

Misschien zie ik wat bij het Kennemermeer. Yep, ik zie een baardmannetje vliegen en in het riet landen, maar niet meer te zien, wat valt me dat van hem tegen.

Groenling

Woensdag 23 oktober 2019
Op weg naar het Kennemermeer loopt er een rups van de kleine beer in de weg. Voor de zekerheid zet ik hem in het gras.

Zo profileert IJmuiden zich: goor en grauw.

Op het plekje waar ik mijn fiets altijd neer zet zit nu een jonge groenling lekker te badderen.

Bij het water van het meer vliegen nog heel wat parende heidelibellen rond.

Een mooie vondst: een rups van een hageheld.

Dit jaar heb ik geen boerenwormkruid gezien bij het Kennemermeer. Dus of dit een wormkruidbij is weet ik niet. Ik heb er meer dan één gezien.

Breedbekmeeuw

Maandag 21 oktober 2019
Er is geen animo voor de excursie bij het Kennemermeer vanwege de stortregens vanmorgen. Om half 11 valt het wel mee, dan ga ik alleen op pad. De duinstinkzwam bij de bushalte is toch uit het ei gekropen.

Een zilvermeeuw heeft een schar te pakken.

En die gaat met huid en haar naar binnen.

Het lijkt alsof deze zilvermeeuwen staan te wachten tot de bui weer over is.

Er zijn nog steeds visdiefjes. Een jong visdiefje landt op de pier en blijft daar zitten tot er een auto aan komt. (Er zijn werkzaamheden aan de pier.)

Ik neem het fietspad langs het Kennemermeergebied terug naar huis. Er zijn heel wat vinken op trek, daartussen zit ook een roodborstje op het fietspad. Een ekster vliegt niet eens weg als ik mijn fototoestel op hem richt.

Gewone kielwants

Zondag 22 september 2019
Op zondag is het overal druk, behalve bij het Kennemermeer, daarom ga ik graag op zondag daar naar toe. Een Icarusblauwtje geniet ook van de rust.

Ik wil me meer verdiepen in planten en ik denk dat dit de vertakte leeuwentand is.

Stijve ogentroost ken ik al lang.

Eindelijk eens gelukt de vleugeltjesbloem een beetje fatsoenlijk op de foto te krijgen.

Nog eens kijken of de gewone kielwantsjes er nog zitten. Oei, wat zijn ze gegroeid, ze zijn al één vervelling verder, behalve eentje.

En op een ander blad zitten er nog meer in een stadium eerder dus.

Bloemetjes van de heggenrank.

Moeraskartelblad

Maandag 16 september 2019
Met de excursie bij het Kennemermeer stuiten we op een hele aparte kleur van het moeraskartelblad.

Jammer dat het wat regenachtig somber weer is. Ach druppels op paddenrus is ook mooi om te zien.

Bij de uitgang kijken we altijd op de bladen van de els. Ja hoor, de nimfen van de gewone kielwants zitten er weer.

Na de koffie ga ik met Irene richting strand. In de duinen daar staan veel soorten planten, zoals het zeewolfsmelk. Daar ga ik op zoek naar de rups van de wolfsmelkpijlstaart, maar tevergeefs.

De paardenstaart woekert hier wel heel erg.

Nog een dagpauwoog op schermhavikskruid.

Melganzevoet ziet er uit als snoepjes.

Ik kom hier zomaar smal vlieszaad tegen. Je ziet het vliesje aan de plant.

De bergen riemwier liggen vandaag al een stuk hoger op het strand.

Hazenpootje

Zondag 8 september 2019
Lekker struinen bij het Kennemermeer. Een klein sluipwespje op de parnassia, maar een nog veel kleiner springstaartje net onder de meeldraad.

Ik zie 51 tinten grijs in de wolken.

Hier en daar hazenpootjes op een kluitje.

Een bosbijvlieg heeft bruine zigzagbandjes over de vleugel.

Sikkelwants

Vrijdag 23 augustus 2019
Dit jaar waren er veel distelvlinders en atalanta’s in Nederland.

Ik ben op zoek naar insecten bij het Kennemermeer en ontdek daarbij een kogelspin, misschien een hangmatspin?

Toch nog een insect: een weidevlekoog.

Een honingbij op munt.

Een akkerhommel op klaver.

En na goed zoeken nog een nimf sikkelwants: Nabis numbatis.

Een strekpoot heb ik al een tijdje niet meer gezien, aparte hooiwagen.

Herina frondescentiae

Maandag 19 augustus 2019
De parnassia staat nu volop in bloei bij het Kennemermeer. Er zit ook een klein vliegje op met de naam Herina frondescentiae. Het is een ‘prachtvliegje’, dat zie je zo.

Mijn medewandelaars zijn allemaal gek op de parnassia, want ook uitgebloeid is het de moeite waard om goed te bekijken.

Wantsjes komen we ook tegen, zoals deze behaarde schaduwwants.

Doodgewoon peen, hoe mooi kan het zijn.

De bessenwants is een grote wants.

Bloemetje geelhartje en een uitgebloeide er naast.

Een krabspinnetje.

Marja ontdekt weer wat nieuws: de kleine morgenster.

De rode kornoelje zorgt ook voor een verrassing in dit gebied.

Na de koffie ga ik met Hanneke nog even het strand op, er liggen heel veel Amerikaanse zwaardschedes.