Prachtdag

Maandag 22 juli 2019
Gezellig dat Helma en Henk een dagje op visite komen. Kan ik ze gelijk de schoonheid van de Kennemermeer laten zien en dat kunnen ze zeker waarderen. Je weet ook niet wat je ziet als je de kleine bloemetjes uitvergroot zoals het sierlijk vetmuur ook wel krielparnassia genoemd.

Het zilt torkruid ziet er uit als een wit schempje tot je het in de macro-stand ziet.

We gaan wat eten en daarna de pier op. Enkele steenlopers in zomerkleed.

Maar 1 enkele paarse strandloper, ook in zomerkleed, wel heel herkenbaar aan de snavel.

Een aalscholver is zijn kleedje aan het drogen.

Op de terugweg ziet Helma een wulp. Ik was al blij dat ze op visite waren, nu is het helemaal super 😉 De wulp heeft een blaasjeskrab te pakken.

Hier ben ik heel blij mee (en Helma ook).

Een jonge spreeuw zit lekker vliegjes tussen het wier te pikken.

Wat was het een hartstikke leuke, gezellige dag.

Orchideeën tellen

Dinsdag 16 juli 2019
Omdat het gebied te groot is om alle orchideeën te tellen voor de statistieken worden er plots van 5 bij 10 meter uitgezet en dan wordt er berekend hoeveel er ongeveer in het gebied zouden kunnen staan. Dat is toch veel meer dan ze verwacht hadden. De groenknolorchidee komt op ruim 27000, alleen zijn ze niet allemaal tot bloei gekomen. Van de honingorchidee zijn ruim 5000 bloeistengels geteld. Dat maakt dit gebied wel heel bijzonder. Ook heel zeldzaam is de bonte paardenstaart waarvan hier een hele cluster staat.

In het natte gedeelte zie ik regelmatig moeraszoutgras.

Er vliegen wel een stuk of 100 gierzwaluwen over ons heen de hele tijd. De steekmuggen zitten laag.
Ik kom ook af en toe een ander insect tegen zoals deze slakkendoder.

Een spin maakt een kunstwerkje van het gras. Een venstersectorspin?

In het hok van de betaalautomaat op de parkeerplaats heb ik al 7 pinokkiomotten gezien en nu kom ik er ook weer een tegen in het wild. Die naam heeft hij gekregen vanwege de lange ‘neus’.

Maarten wil ook de bergcentaurie zien en we gaan even vergelijken met knoopkruid. Bergcentaurie staat dus wijduit.

Knoopkruid is meer beknopt en heeft een prachtige kelk.

Ik heb nog net tijd om de vlinderroute op de spoorlijn te doen en kom o.a. een bruin zandoogje tegen.

Rond wintergroen

Maandag 15 juli 2019
Bij de maandelijkse excursie bij het Kennemermeer kunnen we bijna niet meer om de honingorchideeën heen. Hier en daar staan er veel bij elkaar.

Ik pluk een motje van een grassprietje en die blijft mooi op mijn duim zitten.

Als het even kan laat ik de mensen het rond wintergroen zien, alleen al om de naam die ik de bloem altijd geef en dat slaat dan op de rode aanhangsel.

Thuis heb ik een mooie groene cicade met doorzichtige vleugels.

Stippelzegge

Dinsdag 9 juli 2019
We gaan weer orchideeën tellen en vandaag houd ik Maarten gezelschap omdat ik de GPS bedien 😉. We vinden een nieuwe groeiplek van teer guichelheil op een plek waar we dat niet zo verwachtten.

In de buurt staat ook geelhartje.

Maarten laat me een grote plek met dwergbloem zien, het is een onooglijk klein plantje.

Met een ongelooflijk klein bloemetje.

Op een enkele plek staat stippelzegge.

Heel zeldzaam.

Wel lopen we gewoon over het kamgras.

Prachtsmalsnuitje

Woensdag 3 juli 2019
Vandaag gaan we wel orchideeën tellen bij het Kennemermeer. Ik tref het dat ik dan net een prachtsmalsnuitje zie, wat een bijzonder vlindertje.

We tellen dus de groenknolorchideeën en de honingorchideeën.

Omdat Maarten er niet is tel ik een deel in m’n eentje. Als ik mijn fototas even neer zet komt er gelijk een ekster op af, die denkt dat er wat lekkers te halen is.

Een steekvlieg op de honingorchidee.

De moeraswespenorchidee tellen we niet, daar staan er zoveel van.

Tegen etenstijd is de ekster er weer, hihi. Hij krijgt een stukje brood met pindakaas. Canon SX60HS

Wilde peen, dat zie je zo, haha.

Dankbare plant, komen insecten op af en woekert niet.

Een duinrouwzwever met meeldraden van de moeraswespenorchidee op z’n kop.

Joop en ik lopen de vlinderroute hier, maar dat gaat in rap tempo en levert niet veel op. We zien denken we knoopkruid alhoewel het er toch anders uit ziet en we nemen er foto’s van. Later hoor ik dat het de bergcentaurie is.

Schorrenzoutgras

Zaterdag 22 juni 2019
Met Barbara heb ik ’s middags afgesproken bij het Kennemermeer. Bij de ingang sta ik even stil bij het riet dat zo mooi bloeit.

Dan ga ik kijken of ik Barbara zie. Met Theo komt ze helemaal uit Drente om de bijzondere planten hier te kunnen zien. Ze zijn al een poos in het gebied, maar zijn nog dicht in de buurt, het schiet ook niet op met zoveel moois. Een kleine discussie of dit de bitterkruidbremraap is of de walstrobremraap, het verschil is heel moeilijk te zien. In de buurt staat heel veel walstro, dus zal die het wel zijn.

Er zwemmen kikkervisjes in het poeltje en omdat ik eisnoeren van de rugstreeppad hier gezien heb zullen die het wel zijn.

Ik laat ze de honing- en groenknolorchideeën zien, geelhartje, ogentroost en nog veel meer. Gelukkig kan ik het schorrenzoutgras nog terug vinden. Hier in bloei.

Uitgebloeid.

En vruchtdragend.

Wat was het leuk om Barbara weer eens te zien, genieten vandaag.

Hondskruid

Maandag 17 juni 2019
De excursie van vandaag begint met het hondskruid, het staat er prachtig bij, ook al is het er maar één. Sony A77ii 18-55mm

Bijna alles wat er staat is zeldzaam, zo ook de bitterling.

Marja vraagt aan mij welke plant ze nu weer gevonden heeft en ik ben gelijk enthousiast want het is schorrenzoutgras. Ook al heb ik dat nooit eerder gezien, ik herken het gelijk. Foto’s komen later nog wel.
Op de heivlinderduin vind ik weer zulke pluisdingetjes, achteraf kom ik er achter dat het haartjeskokermotten zijn, toch leuk om te weten.

De blauwe schildwants heb ik wel meer gezien hier, vorige keer ook met nimfen en die zijn rood.

’s Middags fiets ik naar mijn vlinderroute bij het Cremermeer. Onderweg kom ik mest op het fietspad tegen met zwammetjes. Moeder en kind.

En opa en oma en neef en nicht en …. 😉

In het watertje aan het begin van de route zitten al een hele tijd jonge meerkoetjes en ze worden al groter.

Ik heb bijna mijn hele route gelopen niets bijzonders gezien tot ik bij het laatste stuk ben. Ik denk dat ik een vuurlibel zie en ik fotografeer hem van alle kanten. Met de blauwe onderkant van de ogen blijkt het een zwervende heidelibel te zijn.

Hij vliegt ook nog een eindje met me mee (of het zijn er twee?).

Kleine karekieten

Zaterdag 1 juni 2019
Met mooi weer ga ik het liefst naar het Kennemermeer, daar is het altijd wel rustig. Alleen moet de wind ook niet erg zijn, want ik wil de bevertjes fotograferen. Het lukt wel als ik ze vasthoud.

Of als ik wacht tot er even wat minder wind staat.

Ik zie eerst een jonge blauwborst, daarna een mannetje en even later zie ik hem ook met insecten in zijn bek voor het jong.

Nog maar sinds een paar jaar staat er veenpluis in het gebied.

Voor een mooi plaatje ga ik helemaal op de grond liggen met mijn hoofd.

En dan tref ik het wel. Een stel kleine karekieten zijn aan het baltsen en ze hebben helemaal niet door dat ik er sta.

Ze vliegen steeds heen en weer niet ver bij mij vandaan.

Verderop zit een jonge pimpelmees in het riet.

Honderden ratelaars staan er.

Wat is de bijenorchis toch een bijzondere plant, je zou er vrolijk van worden.

Goudvink

Dinsdag 28 mei 2019
Bij de Kromhoutstraat probeer ik al zo’n tijd groenlingen mooi op de foto te krijgen. Nog steeds niet gelukt. Wel grappig dat deze met z’n bek vol zaadjes zit van de asperge.

Het is al half 8, de zon schijnt volop en dan zie ik een goudvink overvliegen. Zo’n mooie kleur rood heb ik nog nooit gezien. Nu maar hopen dat ik hem ook op de foto kan krijgen en laat hij nou voor me gaan zitten op een vrije tak. Dat is bijna teveel geluk voor één mens.

In het gebied van het Kennemermeer staat de vleugeltjesbloem in wit, blauw en roze.

Een paar stengels van het rondbladig wintergroen staan in bloei en links ervan de vruchtjes van vorig jaar.

Een jonge ekster op een dak durft niet zo erg naar beneden te kijken, maar vliegt even later toch weg. Een van de ouders maakt een hoop herrie omdat er onder de boom daar een vos rond loopt.

Pauwoogpijlstaart

Maandag 20 mei 2019
Leuke excursie met de KNNV, ik kan de deelnemers veel laten zien, zoals vlozegge, bloeiend rond wintergroen en melkkruid.

Wat leuk, de bevertjes komen in bloei.

Emmy ziet 2 goudvinken vliegen, o wat zou ik die ook graag willen zien en fotograferen, misschien krijg ik ooit een kans.
Er staan bloeiende orchideeën, daarvan zei de dame gister dat dat brede orchissen zouden kunnen zijn. Ik heb het opgezocht, want ze lijken erg op rietorchissen, die blijken pas half juni te bloeien en dat is het grote verschil met de brede. Toch ben ik niet zeker, op waarneming.nl worden al wel rietorchissen gemeld.

Heel klein bloemetje heeft het veelkleurig vergeet-me-nietje.

Bij het koffiedrinken hebben we het over mierenleeuwen. Ik wil een foto laten zien die ik gemaakt heb bij het nachtvlinderen op 24 augustus 2017, maar die staat helemaal niet op mijn weblog. Ik vind hem zo bijzonder, dus nu alsnog.

Met Ernst ga ik het strand op, hij ziet voor het eerst kanoeten in zomerkleed. Canon SX60HS

Ernst gaat de pier op en ik over het strand terug. Jammer voor Ernst dat hij nu de rosse grutto’s mis loopt. Je kan aan de snavel zien dat die niet helemaal hard is, het uiteinde is flexibel.

Badderen, inzepen en dan goed naspoelen.

De verenpatronen zijn niet alleen aan de bovenkant prachtig, ook aan de onderkant van de vleugels.

Haha, de grote sterns zijn net jonge honden die lekker in het water pletsen.

Paar visdiefjes en grote sterns, waarvan een een vis in zijn bek heeft.

De dwergsterns zijn er ook weer.

Ik ga nog eens naar het Kennemermeer om betere foto’s te maken van iets, dan zie ik iets vreemds in de begroeiing.

Laat dat nou een pauwoogpijlstaart zijn. Ik denk net uit de pop, want als ik de vleugel aan raak blijft hij zitten, maar doet wel de vleugels wijd waarna ik een foto kan maken met de ogen op de achtervleugel.

Bokkenorchissen

Zondag 19 mei 2019
Eerst ga ik schelpen tellen op het strand, daarbij vind ik een reuzenpoot van een grote heremietkreeft. Die mag wel een reuzenwulk als huis hebben gehad.

Na het koffiedrinken ga ik naar het Kennemermeer. Moeraskartelblad staat al in bloei.

Zo koddig, dat zanddoddegras.

Hengeldwergspanner op een jonge scheut van een moeraswespenorchidee.

Ik weet hier een wollige sneeuwbal te staan, er staan echter veel meer struiken van de Gelderse roos.

Ik kom een leuke vrouw tegen uit Cappelle. Ze zegt dat ze rond zonnedauw weet te staan hier, dus ik loop heel verbaasd met haar mee. Blijkt het om rond wintergroen te gaan, hahaha. Iedereen heeft dat wel eens. Ze zegt wel dat de bokkenorchis er nu mooi bij staat, daar ga ik dus nog even langs.

Vergeet-me-nietje

Maandag 15 april 2019
Ondanks dat het helemaal geen slecht weer is zijn er maar weinig mensen voor de KNNV-excursie bij het Kennemermeer. Er bloeit nog maar heel weinig en wat er bloeit is wel heel erg klein, zoals dit moeras- of zompvergeet-me-nietje.

Roek

Woensdag 3 april 2019
Ik ga naar het Kennemermeer om te kijken of ik daar mijn telefoon ben verloren en inderdaad lag hij daar op mij te wachten, wel wat nat geworden, maar hij doet het nog. Weinig vogels te horen, gelukkig wil de ekster nog wel poseren.

Ik ga naar de pier. Een aalscholver vangt de ene na de andere botervis.

Na de bocht zitten er 3 paarse strandlopers.

En op de terugweg een enkel drieteenstrandlopertje.

Dichter bij de haven een rotgans.

Maar op de terugweg, vrij dicht bij mijn huis moet ik 2 x goed kijken. Zit daar nou een roek??? Ja dus.

Kleurige spreeuw

Zondag 31 maart 2019
Op weg naar het Kennemermeer kom ik een groenling tegen die niet gelijk de benen neemt.

Bij de Kromhoutstraat loopt een zilvermeeuw steeds heen en weer zijn eigen spiegelbeeld te bewonderen. De meeste tijd kijkt hij er naar alsof hij er niks van snapt.

Bij het Kennemermeer staan de wilgen volop in bloei.

De vrouwelijke katjes zijn heel poezelig.

Ik buk om de schrijvertjes te fotograferen, daarbij het ik er geen erg in dat mijn telefoon uit mijn jaszak valt, ’s avonds zoek ik me wezenloos er naar.

Het zijn net lampjes die wilgenkatjes.

Wat een kleuren hebben die spreeuwen.

Noorse hartschelp

Maandag 18 maart 2019
Af en toe lopen er ganzen of eenden in het natte gebied van het Kennemermeer. Vandaag lopen er 4 grauwe ganzen.

Na de excursie bij het Kennemermeer drinken we koffie en daarna ga ik nog met Ernst, Hanneke en Linda het strand op. Af en toe vliegen er een heleboel meeuwen omhoog.

Er liggen best veel Amerikaanse zwaardschedes en daartussen een dubbele otterschelp.

Linda vindt een dubbelen Noorse hartschelp en ik krijg hem van haar. Een hele mooie vondst. Hier op de foto voor een eipakket van de tepelhoren.

’s Avonds maak ik thuis nog een foto van de Noorse hartschelp met pastelkleuren aan de binnenkant.

Pluimwier

Zondag 24 februari 2019
We zien een levende strandkrab op het strand.

Ik vind een garnaal met een worm er aan, wie wie nu op eet zal een raadsel blijven.

Zo ook de naam van de worm die in het water valt. Er liggen heel veel rechte donker zandkleurige staafjes van 1 cm bij, misschien wormpjes, maar het kunnen ook poepjes zijn van een of ander beest.

Verder meer dan 100 witte wormen van 5 tot 15 cm lang, maar we weten niet welk soort het is.
Ik pak een pluk zeedraad waar van alles in zit. Probeer hier maar eens wijs uit te worden. Ik zie dus lange zeedraad, tweetandzeedraad, roodwier, schelpjes van nog geen millimeter, wat plantaardig materiaal en een vinger (o, die is van mij, hahaha).

Het roodwier heb ik mee naar huis genomen en op een vel papier gedroogd. Volgens mij is het veelvertakt pluimwier.

Ik ga nog even naar het Kennemermeer op sporenjacht. Ik vind weer van die kleine sporen, nu ook met een holletje er bij.

Wilgenkatjes

Dinsdag 19 februari 2019
Gister zagen we tijdens de excursie hele kleine sporen en ik denk dat ze van een wezeltje waren. Nieuwsgierig als ik ben ga ik weer kijken of ik betere foto’s kan maken van de sporen, helaas heeft het gisteravond geregend en zijn de sporen bijna niet meer te zien.
Toevallig kom ik wel bandgroei in de duindoorn tegen. Dat kan veroorzaakt zijn door een bacterie of door beschadiging.

Wat zijn de haartjes van de wilgenkatjes sneeuwwit.

Strandtekening

Donderdag 14 februari 2019
Vanaf de pier zie ik een roodhalsfuut en vanaf het strand vliegen de drieteenstrandlopertjes naar de pier. Niet scherp helaas, maar zo mooi met die weerspiegeling.

O, wow, ze gaan weer een strandtekening maken, maar ze zijn nog maar net begonnen.

Omdat ik wil weten wat ze gaan maken ga ik een rondje om. Bij het gebouwtje van de parkeerautomaat van het Kennemermeer ga ik kijken naar mossen en korstmossen. Hier en daar plukjes gewoon muursterretje.

Nog mooier is het korstmos schotelmos. Het groeit op de voegen en dit is dus maar 1 cm hoog!

Ik loop een rondje Kennemermeer waar wat brilduikers en meerder tafeleenden en kuifeenden zitten. Daarna ga ik terug naar de pier. Ze schieten al op met de strandtekening, nu wil ik zeker zien als hij klaar is, daarom ga ik nog even de pier op.

Tjonge, tref ik het even, een grijze zeehond op een pierblok, hij ligt daar lekker in de zon en moet steeds gapen.

Dan ziet hij opeens mij.

En denkt dan: O, nee, daar heb haar weer.

Dan maar gewoon even lekker rekken en strekken.

De twee mannen zijn klaar met de strandtekening en laten een drone er boven vliegen om de tekening te filmen.

Slibanemonen

Maandag 21 januari 2019
Met de maandelijkse excursie neem ik de mensen mee het strand op, er is ook net strandwacht, dan kunnen we met z’n allen zoeken. Bij de eblijn ligt niet veel en bij de hoogwaterlijn ligt nog ijzig sneeuw.

In de boorgaten van de klompen veen vindt Hanneke slibanemonen, dat is heel leuk.

Wat is de natuur toch artistiek!

Na de koffie loop ik een rondje langs het Kennemermeer. In het water tussen het ijs zitten veel zilvermeeuwen en kokmeeuwen te poetsen.

Daarna op de fiets naar de pier. De kuifaalscholver herken ik wel als hij dichtbij zit.

Op de terugweg zie ik een stelletje brilduiker die ik op de heenweg niet zag. Het mannetje komt net boven na een duik.

Het vrouwtje moet zich even uitrekken.

Kleine rietgans

Maandag 15 oktober 2018
Bij het begin van de excursie zijn ze aan het speculeren welke gans daar nu zwemt. Ik breng uitkomst want ik heb op waarneming.nl gezien dat een kleine rietgans hier al een tijdje zit.

Frans ziet een paardenbijter hangen en die blijft een tijdje hangen zodat de anderen hem ook kunnen zien.

Een gewone hoornbloem. Uitgebloeid is het net een hoorntje.

Oei, ik loop achteraan en vind een rups van een veelvraat op het pad, waar de anderen dus gelukkig net niet op getrapt hebben.

Een galletje van de kruipwilg wordt opgesneden, nu is het larfje heel goed te zien.

We hebben al 3 zilverreigers over zien vliegen en nu vliegt er weer een over. Sny A68 400mm

Ik laat de aangetaste bloem van het harig wilgenroosje zien, maar we weten nog niet wat het precies is. De bruidssluier bloeit volop.

Na de koffie ga ik met Hanneke naar de pier. De drieteenstrandlopertjes doen een wedstrijdje wie het langst op 1 poot kan staan, verliest er eentje, dan moet die vooraan staan om de wind op te vangen ?

Bij de jachthaven weet ik Engels gras te staan en dat laat ik aan Hanneke zien.

Icarusblauwtje

Zondag 13 oktober 2018
Het loopt tegen het einde van het plantenseizoen, daarom ga ik bij het Kennemermeer kijken of er nog iets te beleven valt voor morgen. Het is echt zoeken naar insecten, zo weinig zijn er dit jaar. En ik ben echt niet blind, zoals deze blinde bij (die ook niet blind is, maar hij heeft haren op zijn ogen). Hij zit op bezemkruiskruid.

Er vliegen nog een paar Icarusblauwtjes.

Op zoek naar insecten valt een bloem van het harig wilgenroosje op. Daar zit denk ik een schimmel op.

Geveerde witvleugeluil

Vrijdag 5 oktober 2018
Na het badminton fiets ik nog naar het Kennemermeer. Ik tref het wel, want op het parkeerhok zitten twee geveerde witvleugeluilen.

De tweede zit net om het hoekje in de schaduw en die fotografeer ik met flits.

Ik ga op zoek naar insecten, maar na goed zoeken heb ik alleen wat muggen en vliegen gezien. Het is echt treurig met de insecten. Een cotoneaster is geen wilde plant, misschien hier gekomen door vogels die de zaden uitgepoept hebben.

Ook op de melkdistel zit geen insect.

Een ouder zilvermeeuw vliegt over met 2 jongen schreeuwend er achteraan.

Grote gaap

Dinsdag 25 september 2018
De blauwe reiger staat een beetje te dommelen op de steiger van de jachthaven en moet dan even gapen.

Als het vrouwtje wilde eend zich uit schudt zie je de mooie kleuren goed.

Zonnig weer met dreigende wolken.

Aalscholver naast de pier.

Ik ga naar het Kennemermeer op zoek naar insecten, alleen een muurwesp op de witte honingklaver.

Op de fiets langs de Heerenduinweg zie ik een bedeguargal, dus even van dichtbij bekijken. Er zit een krabspin op.

In die bedeguargal zitten dus larfjes van wespjes en daar komt een ander sluipwespje op af: de Torymus bedeguaris, die legt haar eitjes op of in die larfjes.

Zandambrosia

Maandag 17 september 2018
Bij de wandeling door het gebied van het Kennemermeer bekijken we de peultjes van de moerasrolklaver.

De rozetbladeren van de oorsilene, zou daar de naam van komen, het lijkt op oortjes.

Deze oorsilene staat nog vol in bloei.

Er komt iemand met een plantje met de vraag welke dat is. Bij de anderen is het niet bekend, ik weet het wel. Het is zandambrosia. We gaan op zoek naar meerdere exemplaren, maar kunnen ze niet meer vinden.
Dit zou zomaar zomerbitterling kunnen zijn.

Net voordat ik mijn fiets pad staan er nog een paar zwartwordende wasplaten voor mijn voeten.

Na de koffie fiets ik over het fietspad langs het Kennemermeer en daar staat het volop van de zandambrosia.

Van dichtbij ziet het er zo uit.

Ook de asperge heeft hele mooie bloempjes.

Een akkerhommel profiteert nog van het bloeiende slangenkruid.

’s Avonds is er een mooie zonsondergang met op de voorgrond meerkoetjes die het water in sjezen.

Stadsreus

Vrijdag 31 augustus 2018
Meissie Moppie.

Ik ga naar het Kennemermeer er zal toch wel wat te insecteren zijn? Ik zal vooral de heelblaadjes goed inspecteren. Ja hoor, een donker miniwespje met legboor. Thuis zie ik dat ze mooi groen is.

Een stadsreus in de vrije natuur.

Een limonadewesp heeft een dambordvlieg te pakken.

Een purperen stipspanner, een klein vlindertje.

Peen met 2 mieren.

Bij het water vliegen enkele paardenbijters.

Ik vraag me steeds af welke vogeltjes steeds in het gras zitten en piepend wegvliegen als ik er aan kom. Logisch dat dat graspiepers zijn.

De doodshoofdzweefvlieg fotografeer ik meestal op de rug omdat die tekening zo duidelijk is. Zo van voren zijn ze hartstikke leuk, vooral met dat uitstekende tongetje.