Slanke trechterzwam

Maandag 7 september 2020
Het is heerlijk weer en ik ga met de excursie mee in de AWD, ingang Zandvoortselaan. Terwijl Marja iets laat zien zit er een knopsprietje op haar mouw, wat een klein sprinkhaantje is dat, ik dacht al aan een doorntje.

Marja laat dus donderkruid zien en dat zie ik nu voor het eerst.

De bleke borstelkrukzwam ziet er van boven heel borstelig uit, maar ook als fluweel. De onderkant is nogal moeilijk te fotograferen omdat ze zo laag bij de grond zitten.

Krakeenden zien er zo lief uit …

Maar het kunnen dus grote vechtersbazen zijn.

Heerlijk die heuvels in de duinen.

Marja weet ook veel van mossen, dit is het grijs kronkelsteeltje.

Plukje boogsterrenmos.

Terwijl de anderen allemaal kijken naar de 4 atalanta’s en de gehakkelde aurelia die op 1 boom zitten, komt er een kleine vuurvlinder bij mij op de grond zitten.
We zien niet zo heel veel herten. Wat heeft dit hert een enorm gewei, kan hij zijn tegenstanders mee uitdagen als straks de bronsttijd weer aan breekt.

Hier en daar staan slanke trechterzwammen.

Na de excursie fiets ik gelijk door naar het strand, daarbij kom ik nog langs het gebied van de wisenten, ze zijn alleen niet te zien.
Hanneke is ook op het strand en zij vindt al gauw veterwier, vind ik wel apart, maar aan het eind van het traject hebben we meer dan 100 stukjes gevonden. We maken er samen een kunstwerkje van.

Wat een grote venusschelp met aparte kleuren.

Hanneke vindt bovendien een wijde mantel.

En ik een levende gewone zeepissenbed.

Aaah, de drieteentjes zijn ook weer gearriveerd uit het verre noorden, met nog een klein beetje rood.

Bij de pier is nog een heel klein beetje water en daar zwemmen visjes in, bizar dat opeens het water wegzakt en de visjes op het droge liggen te spartelen. Het zijn jonge harders en dat is extra jammer omdat er de laatste tijd zoveel dood zijn gegaan hier in de buurt.

Er is denk ik les gegeven op het strand want we zien enkele tuintjes met strandvondsten.

In een van die ‘tuintjes’ ligt een gedroogde horsmakreel.

Toch 48 km gefietst met mijn elektrische fiets en veel gelopen.

Balsempopulier

Zaterdag 5 september 2020
Na het werk in het asiel ga ik gelijk door naar de Vossendelroute, want nu wil ik weten welke bomen daar staan. Het is dus de zwarte balsempopulier. Bij de vlinderroute ga ik daar altijd rechtsaf naar het weiland, nu ga ik eens rechtdoor. Het mooie daarvan is dat de duinen vrij hoog zijn en links van het pad kijk ik een eind de diepte in.

Ik kom nog een vervelling van een pissebed tegen, het bijzondere daarvan is dat ze eerst voor de ene helft vervellen en dan de andere helft. Op 24 september 2017 heb ik daar een mooie foto van gemaakt.

Rupsen koninginnenpage

Vrijdag 4 september 2020
Nu ik weet dat er eitjes gelegd zijn door de koninginnenpage in de kruidentuin van Beeckestijn wil ik ook wel de rupsen zien. Voordat ik vertrek van huis zie ik een goudooggaasvlieg op de schuur zitten.

Ik moet zoeken in de venkel naar de rupsen, al heel snel gevonden en wat is die gaaf zeg.

Deze is wat witter dan de andere, want ik zie er totaal 7.

Nog een beetje van de onderkant gefotografeerd, want ze zijn te leuk.

Ze zijn vrij groot, een centimeter of 6.

Het is een kruidentuin met o.a. wit komkommerkruid.

Er komen hier wat meer insecten voor dan in een natuurgebied en dit is de Europese hoornaar.

Op hemelsleutel zitten veel vliegendoders.

Hier samen met een woeste sluipvlieg.

Een echte vlieg: Graphomya maculata.

Een gewone geurgroefbij snoept van de helmbloem van het helmkruid.

Wat vind ik de karmozijn toch prachtig.

De Chinese bieslook is ook al zo apart met die roze streepjes op de knoppen. Nu zit er een menuetzweefvlieg op.

Ik kan maar niet genoeg krijgen van die geweldige rups, toch nog een paar foto’s gemaakt.

Op de terugweg in Velserbeek langs de paddenstoelenplek gegaan, het is veel minder dan een paar jaar geleden, na goed zoeken piepkleine witte bolletjes gevonden.

Verrassing

Woensdag 2 september 2020
Al 2 weken vragen Joke en ik ons af welke boom er staat op onze route van de Vossendel. Ik heb het op het forum van Waarneming gevraagd en uiteindelijk met een foto van de onderkant van het blad blijkt het een zwarte balsempopulier te zijn. Leuker vind ik dat er een heel klein rupsje op het blad zit en met lang zoeken denk ik dat het een bruine wapendrager is.

Op sectie 13 zit een vrouwtje duinsabelsprinkhaan op een boom.

Bij de Cremermeerroute zie ik een dagpauwoog, een gehakkelde aurelia, een atalanta, een bruin zandoogje en kleine koolwitjes op het randje langs het pad waar ik dus niet tel. Nog steeds word ik lastig gevallen door goudoogdazen, soms zitten er wel 2 tegelijk op mijn petje.

In de buurt van sectie 5 zit een vosje, eerst heeft hij er geen erg in dat ik daar loop, hij krabt zich nog even, dan is hij weg.
Er is een nieuwe vogelkijkhut geplaatst bij het Duinmeer, daarom maak ik een uitstapje van mijn vlinderroute om daar te gaan kijken. Een mooie hut, maar heel jammer dat je bijna een trapje nodig hebt om door de kijkgaten te fotograferen. Op mijn tenen kan ik er door kijken (behalve het rechter gat onderaan) en ik hou het gauw voor gezien. Ook weinig te beleven op het meer.

Een wilgenhoutwespmeisje maakt het wel weer goed, wat een gaaf beestje.

Langs het voetpad waar ik vorige jaren een eitje van een hermelijnvlinder heb gefotografeerd zie ik een paddenstoeltje en daarop zit een slakkendodervlieg (Pherbellia cinerella).

Wat een verrassing dat ik bij de 3 bomkraters opeens een ijsvogel zie wegvliegen, wat een prachtige kleuren zo in de zon. Voor een foto was hij veel te snel weg.

Na de storm

Donderdag 27 augustus 2020
Na een paar stormachtige dagen is het opeens vrijwel windstil en kunnen Joke en ik vlinders tellen bij de Vossendel. Op sectie 13 waar altijd zoveel libellen zitten is Joke van plan er een mee naar huis te nemen, hihi.

In IJmuiden is de hoogste windsnelheid gister gemeten. Hier in het bos liggen heel veel takken, bladeren en zelfs een boom op de grond.

Een kleurige paddenstoel valt ons op. Het zou de korrelige taaiplaat kunnen zijn, maar ook de oranje oesterzwam, in ieder geval zeer zeldzaam.

De echte vuurzwammen worden elk jaar mooier op deze boom.

Kolibievlinder

Maandag 24 augustus 2020
Joske en Hanneke lopen mee met de strandwacht. Er ligt niet veel bijzonders op het strand, maar de wolkenluchten zijn indrukwekkend.

Er staan nog behoorlijk hoge golven en de kleur van de zee is groenachtig.

Dreigend, toch blijft het zonnig.

We drinken koffie op de boulevard en Joske is net weg als mijn mond open valt van verbazing, er vliegt opeens een kolibrievlinder vlak naast me. Hij blijft in de buurt en ik kan heel wat foto’s maken.

Witte ekster

Maandag 17 augustus 2020
Het gebied van het Kennemermeer is nog vochtig en dat is te zien op de hageheld die zit te drogen nu de zon schijnt.

Een heel slecht jaar voor de kleine vos, gelukkig zien we er af en toe nog één.

Eerst moet ik zoeken naar de bonte paardenstaart, dan wijst Marja ons een heel gebiedje waar het er vol mee staat.

Iemand ziet een witte ekster en ik kan hem nog net op de foto zetten voordat hij weg vliegt.

Ik wijs de excursiegroep op de strandpaal die in het gebied staat, hier was vroeger het strand en de eblijn is tegenwoordig een kilometer hier vandaan. Even verderop staat hennepnetel.

Hier zie ik een gewone citroenzweefvlieg (niet te verwarren met de citroenpendelvlieg).

Op weg naar de koffie zie ik een klein dingetje in de duinaveruit, niemand weet wat het is, dus gevraagd op het forum. Het is door een sluipwespje gemaakt nadat zij een rups heeft geparasiteerd.

Met Sieneke ga ik nog het strand op. Dit is geen jonge zilvermeeuw dat zien we wel, we vermoeden een jonge kleine mantelmeeuw en dat klopt.

De ene keer is er op het strand geen vogel te bekennen en andere keren zit het vol, zoals hier met grote sterns en visdiefjes, ook met jonge er tussen.

We gaan de planten bekijken op de nieuwe duintjes die hier op het strand zijn gevormd. Daar loopt een basterdzandloopkever, die heeft een afwijkende kleur, want die donkere patroontjes op het dekschild moeten wit zijn.

Zoals bij deze basterdzandloopkever met prachtige kleuren.

De lucht breekt even op, maar ik ben toch blij dat ik gauw naar huis ben gefietst omdat het begint te hozen als ik net binnen ben.

Een satijnvleugelsikkelmot heeft een droog plekje uitgezocht op mijn schuur.

Russenbladvlo

Zondag 16 augustus 2020
Voordat ik het gebied van het Kennemermeer in ga kijk ik eerst bij het parkeerbetaalhok. Er zit een kleine hageheld te rusten.

Helaas was deze grote beer in het spinnenweb beland.

Bij de hennepnetel en heggenrank kijk ik goed of er nog iets leuks bij is, ja hoor, een zesvlekkige groefbij.

De gamma-uilen vliegen volop dit jaar.

De russenbladvlo nestelt in de zomprus en dat is goed te zien.

’s Avonds krijgen we toch een hoosbui zodat de riolen het niet kunnen verwerken.

Recordaantal

Vrijdag 14 augustus 2020
Vanwege het bloedhete weer van de week gaan Joke en ik vandaag pas vlinders tellen. We zien nog wat keizersmantels vliegen bij de Vossendel. Daarna ga ik door naar de Cremermeerroute. Ik heb wel last van de goudoogdazen, maar wel een recordaantal vlinders, maar liefst 90!!! Ik heb daar ook een heivlinder gezien, helaas mocht die niet mee doen voor de telling. Langs de Koningsweg staat heel veel munt en heelblaadjes waar veel vlinders en insecten op af komen. Slakkenhuisbijtje met leuke oogjes.

Dit gebied is nog goed voor argusvlinders, ook al neemt het hier af.

Een paar soorten doen het wel heel erg goed dit jaar, waaronder de citroenpendelvlieg, nog nooit zulke aantallen gezien overal waar ik kom in de natuur.

Een sluipvlieg thuis op de schuur, de Mintho Rufipens die parasiteert op de rupsen van bepaalde vlindertjes die ik hier nog nooit gezien heb (drielijnuil en maisboorder).

Sallandse heuvelrug

Dinsdag 4 augustus 2020
Nieuwe poging om de Sallandse heuvelrug te bereiken. De treinreis loopt heel voorspoedig langs de Oostvaardersplassen, waar wel heel erg veel koniks lopen.

Het huren van de fiets gaat nu goed en even later ben ik in het gebied. Na het bosachtige deel kom ik op de hei en daar wandel ik een tijdje. Vind ik zomaar gouden eitjes. Die zullen wel van de smalle randwants zijn, die zie ik hier veel op de sporkenhoutboom.

Zijn er twee smalle randwantsen nogal private dingen aan het doen komt er eentje bovenop, die wil ook meedoen.

De heide staat in bloei.

Het is inderdaad nogal heuvelachtig.

Nog meer eitjes, nu van een veelvraat, de rupsjes zijn er al uit, dus heeft de veelvraat van een spin het nakijken.

Normaal zijn de takjes van de struikhei groen, hier zijn ze rood.

Het is de roodborst aan te zien dat er kleintjes zijn.

Vorige keer bij Raalte zag ik al roeken in een weiland, hier zijn ze ook, heel herkenbaar aan de snavel.

Ik heb de Sallandse heuvelrug allang achter me gelaten en ben bij de Regge aan het fietsen.

Even het viaduct op de foto zetten met de OV-fiets, dan weet ik later misschien nog waar ik geweest ben.

Ik fiets een eind langs de Regge en op een terras De Wijngaardbaan neem ik koffie en appelgebak. Dan kan ik er weer tegen. Bij de Midden-Regge is een trapje naar het water, daar kan ik op het vlondertje staan zodat mijn voeten in sandalen nat worden, heerlijk.

Ook hier kom ik weer op een punt waar ik al geweest ben. Daar heb ik op de heenweg een weidebeekjuffer gespot, maar nu zit hij even beter voor de foto.

Het lukt me om weer in Nijverdal uit te komen en daar neem ik een heerlijke salade op een terras.

Ik sluit de dag af met een mooie zonsondergang vanuit de trein.

Bij Zorgvrij

Vrijdag 31 juli 2020
Met de groene meisjes ga ik planten determineren in de buurt van Zorgvrij. We zijn verrukt van de bloeiende grasjes zoals glanshaver.

Ik zie een stadsreus, de grootste zweefvlieg.

Eindelijk, de eerste kleine vos dit jaar. Samen met een citroenvlinder op koninginnekruid.

Wat kunnen varkens toch een gelukzalige uitdrukking hebben.

Het begint aardig warm te worden en de koeien zoeken de koelte op in de sloot bij het Vondelkwartier.

Hier ga ik even door met grasachtige planten zoals pitrus.

Alleen al aan het web kan je de tijgerspin herkennen, maar het vrouwtje is ook overduidelijk.

En dan zie ik een kuifeend met kleintjes, wat superleuk.

Als moeder kuifeend duikt, dan is het plop plop plop plop en de kleintjes zijn ook onder.

Maar ja, als je dan weer boven komt, waar is moeder dan gebleven?

’s Avonds naar het strand voor zeevonk, de kans is wel groot, wat jammer dat het er niet is. Nog een tijd door het water gelopen, lekkere temperatuur.

Het is volle maan, weerspiegeld in het water is dat dan wel weer leuk.

Harkwespen

Woensdag 22 juli 2020
Geen gekke score bij het vlinders tellen langs de oude spoorlijn. Het weer werkt ook wel mee, weinig wind.

De laatste tijd zie ik vrij veel harkwespen, maar zo’n grote als die rechtse heb ik nog nooit gezien, ik schat een centimeter of 4!

Volgens de wetenschap moet het niet uitmaken de grootte van een mannetje of vrouwtje, maar deze lijkt echt wel indruk te willen maken.

Op het open veldje zie ik een wesp met een nimf sprinkhaan slepen, zij heeft haar best gedaan zeg!

Op helmkruid zit een helmkruidbladwesp.

Nogal wat atalanta’s dit jaar.

Zo jammer dat ik bij de Cremermeerroute maar 2 bruine zandoogjes en 2 hooibeestjes tel. Zeegroene zegge is een van de zegges die ik direct herken aan de patroontjes op de vruchten.

De vruchten zijn eerst groen.

Slaapbijtjes

Dinsdag 14 juli 2020
Het zou slecht weer zijn vandaag, maar het valt erg mee, ’s avonds schijnt de zon zelfs en ik wil richting pier fietsen. Totdat ik bij de jachthaven kom en me bedenk, want daar staan zoveel bijzondere planten. Helaas zijn er plannen om dit mooie veldje te gaan bebouwen.

Er staat o.a. nachtsilene.

En muurpeper.

Meer bijzonder is de strandbiet.

Ook zeldzaam de zeekool.

Zeevenkel.

Teunisbloem gaat maar 1 nacht open en valt dan in de loop van de volgende dag al weer af.

De pluimvoetbijtjes zijn al in rust gegaan.

Er is geen regen voorspeld toch ziet het er dreigend uit als ik op de pier sta.

Op de terugweg schijnt een vals zonnetje op de strandhuisjes van het kleine strand.

Rode halsbandwants

Zondag 28 juni 2020
Ik loop mee met de excursie in Middenduin. We treffen het weer met het weer. We komen voor de libellen en vlinders, maar de kleine insecten zijn net zo leuk. Zoals deze nimf van de zuringrandwants.

Iemand wil een foto maken van de rode halsbandwants als hij op mijn vinger zit. Ik wist niet dat ze steken konden, maar dat deed hij op dat moment wel, dus de dader is bekend, hihi.

Een lantaarntje heeft een prooi te pakken.

Ik probeer een sintjansvlinder van alle kanten te fotograferen en zo belandt hij op mijn hand.

Ik zet hem terug op het gras en zie dat er een blauwe gloed over zijn lijf zit.

We komen een plant tegen waarvan Marie José gelukkig de naam weet, het is penningkruid.

Na de excursie fiets ik nog het Duinpieperpad af op zoek naar wisenten die zich niet laten zien. Dan terug langs het Vogelmeer.

Daar zie ik een stelletje geoorde futen.

Oeps, zelfs te dichtbij bij de vogelhut.

Zeevonk

Donderdag 25 juni 2020
Vandaag helemaal warm. Bij de Vossendel veel bruine zandoogjes en kleine geaderde witjes gezien. Ook keizersmantels. Op de laatste sectie zit nog een terrasjeskommazweefvlieg op groot heksenkruid.

Nog grotere kans op zeevonk vanwege de warmte en ik weet nu waar ik wezen moet. Heel lastig om goede foto’s te maken omdat het zo donker is, maar wat is dit magisch! Ik plons door het water dat oplicht en de golfjes die uitwaaieren op het zand zijn ook verlicht.

Villa hottentotta

Woensdag 24 juni 2020
Bij mijn vlinderroute op de spoorlijn tel ik vandaag de bloeiende planten, daar staat o.a. slangenkruid. Ze zeggen dat de bloemen verkleuren als een insect de bloem bezocht heeft, maar of dat zo duidelijk te zien is weet ik niet, dan zou ik eens een bepaalde plant in de gaten moeten houden.

Ik kijk op de kompasslaplanten of er al rupsjes van de kompassla-uil op zitten, die niet, wel een klein boksnuitkevertje, Bruchela rufipes als ik het goed heb.

Grappig dat ik de Villa hottentotta nu op mijn vlinderroute ook zie, het zijn er zelfs 3.

’s Middags in het asiel zit er een grote sluipwesp op het raam binnen.

Omdat het warm weer was vandaag is er kans op zeevonk, dus waag ik nog een poging om het te zien en het wordt al behoorlijk donker als ik op het strand ben. Wow, ik heb het wel gezien, geen goede foto’s kunnen maken omdat het toch te donker was.

Jonge haviken

Maandag 22 juni 2020
Ik moest even naar Haarlem voor bankzaken, daarna fiets ik langs de Zeeweg en kom langs Middenduin waar ik a.s. zondag met de libellenexcursie mee ga.

Ik wil nog kijken of de wisenten zich laten zien, weer een stuk gefietst zonder resultaat. Verder dan maar naar mijn vlinderroute, daarbij even afgestapt bij het Vogelmeer. Niet veel te zien, alleen een kwikstaartje die daar een beetje rondscharrelt.

De mustangs zijn weer present op de vlinderroute.

Lekker weer, dus wel enkele vlinders geteld en een paar kneutjes knus bij elkaar gezien.

Ik weet een nest van een vogel in Duin en Kruidberg en laat daar nu opeens 2 of 3 jonge haviken in zitten. Ik zie 3 vogels, maar weet niet of daar een volwassen vogel tussen zit.

Hondshaai

Zaterdag 20 juni 2010
Het is nog heel lang licht, daarom wordt het wel erg laat als ik nog naar het strand ga voor zeevonk.

Er ligt wel van alles op het strand, het kleine spul is niet te onderscheiden, een kompaskwal wel dus.

Het is al half 12 als ik over het strand loop in de hoop zeevonk te zien, het is bijna donker, toch geen oplichtend zeewater te zien. Wat ik wel zie vind ik heel gaaf: een hondshaai! Helma zal wel zeggen: “Jij vindt altijd wat bijzonders.”

Heel apart die bek met flappen.

Echt een haaienbek, toch niet eng want het beest is net ruim 40 cm lang, dus nog lang niet volwassen, want ze kunnen 80 cm worden.

Erg jammer dat hij dood is, maar zo kan ik hem wel van alle kanten fotograferen.

RIP zwartkop

Donderdag 18 juni 2020
In het duingebied kan je tientallen wijngaardslakken tegenkomen. Dat mensen zo’n beest in hun mond stoppen is toch onbegrijpelijk! Yak.

Na de Vossendelvlindertelling ga ik door naar hotel Duin en Kruidberg. Twee jaar geleden zaten hier sierlijke witsnuitlibellen, het zou leuk zijn als die nog eens terugkomen. Of zouden ze opgevreten zijn door de ruisvoorns?

Ik wil zo graag een smaragdlibel op de foto zetten die hier steeds amper 1 seconde stil hangt. Gelukkig wil een vroege glazenmaker wel even op één plek hangen.

Prachtig die zwanenbloemen en als extraatje een zweefvliegje.

Normaal ga ik nooit langs deze weg en juist nu moet ik een dode vogel op de weg aantreffen. Nog wel een vrouwtje zwartkop. Te veel aso’s, te veel domme mensen, te veel auto’s.

Julikever

Dinsdag 16 juni 2020
Ze zijn niet zeldzaam, toch vind je een julikever zelden. Nu zie ik er een liggen op sectie 6 van de Cremermeerroute. Hij ligt worstelend op zijn rug en ik zet hem op zijn pootjes, maar dat helpt niet lang.

Nog niet helemaal tevreden over de foto van de groenling, maar de kleuren komen beter uit dan alle andere foto’s.

Veel grasmotjes de laatste tijd, er zijn er ook verschillende, waaronder dus deze streepjesgrasmot.

Net uitgeslopen juffer, daar valt echt geen chocola van te maken, hihi. Het larvehuidje zit aan de achterkant van de stengel.

Een fitis of tjiftjaf zit een hele tijd met zijn/haar bek vol te roepen, de kindertjes zijn denk ik al vertrokken.

Papa blauwborst in zijn broedgebied.

En daar hebben we zijn kind even verderop.

Oei, het is de vraag of ik droog thuis kom. Gelukt!!

Bijenorchissen

Maandag 15 juni 2020
De excursie is behoorlijk druk, maar we proberen wel afstand te houden. Gelukkig hebben de meesten een dichtbij-verrekijker bij zich 😉 Zeegroene zegge staat hier volop en bloeit nu.

Vorig jaar heb ik geen kleverige ogentroost gezien en we gaan met z’n allen op zoek, sta ik er bijna op!!!

Ik weet oorsilene te staan.

Volgens mij een pluimvoetbij op schermhavikskruid.

Helaas komen we een aso tegen die met een soort walsje door het terrein scheurt, ik kan daar zo kwaad om worden.
We lopen verder op zoek naar teer guichelheil en opeens komen we tientallen bijenorchissen tegen. Van Jos wist ik dat ze in het terrein moesten staan, alleen wist ik niet waar.

Nu dus gevonden.

We hebben al zoveel rietorchissen gezien en wat zijn ze mooi.

Dan zegt iemand dat er een hele groep gele maskerbloemen staan, daar gaan we kijken, het zijn er misschien wel 100.

Ze zijn mooi, maar het kan een plaag worden.

Er staat moeraszoutgras in de buurt.

We komen weer bij het water en tot onze verbazing kruipt daar een paling rond.

Ik wilde kamgras bij de heivlinderheuvel laten zien, daar kon ik het niet meer vinden en opeens zie ik nog een heleboel bij elkaar staan aan het eind van het pad.

Op weg naar de koffie ziet Marja een mooi vlindertje op slangenkruid, het is een lichte daguil.

Na de koffie ga ik met Ernst op zoek naar baardmannetjes, eerst aan de westkant. Daar ziet hij een bremraap en met het boek er bij komt hij op een klavervreter, best bijzonder.

Nog een rietorchis met zachtroze kleur.

Tenslotte nog een groot dikkopje op een ratelaar.

Fort benoorden

Zondag 14 juni 2020
De KNNV Haarlem gaat van alles determineren bij het Fort Benoorden, daar wil natuurlijk ook aan mee doen. Nog voordat ik er ben zie ik boerenzwaluwtjes op een tak, die kans laat ik niet glippen. Wat een enorm lange staart.

Ze zitten vlakbij.

Ik had mijn fiets gauw neergezet en als ik hem weer wil pakken zie ik een sluipwesp op het paaltje. Wat een schoonheid, wel een moeilijke naam: Xiphydria prolongata.

Op het fort is het begroeid en daar kijk ik voornamelijk naar insecten. Uitzicht op de fortgracht en daarachter ligt het landje van Gruijters.

Er staat heel erg veel knoopkruid en daar maken de insecten dankbaar gebruik van zoals deze sintjansvlinder.

Wat ik helemaal geweldig vind is dat ik een wolzwever zie vliegen, het blijkt een Villa hottentotta te zijn (echt waar hoor!).

En dan vind ik ook nog een rups van de sintjansvlinder.

Marja wijst een klein vlindertje aan en ik denk dat het een distelbladroller is, maar daar is hij een beetje te geel voor. Nog leuker is het dat het een kanariepietje is.

Een gladde spieswesp in de bloem van een braam.

Roestbruin kromlijf op een distel.

Waarneming geeft aan dat dit een grote roodoogjuffer is, maar ik heb zo mijn twijfels.

Bij een zanderig stukje barst het van de gladde spieswespjes die daar veel gaatjes hebben gegraven. Ze vangen vliegjes die ze in hun nest leggen voor de nakomelingen. De spieswespjes zijn op zich heel klein.

Het begint te onweren en we gaan naar binnen voor een rondleiding door het fort door Ziegel. Hij wijst een spin aan die daar al lang hangt en beschimmeld is.

Er zijn heel wat tekeningen en schilderijen op de muren aangebracht.

Op de terugweg ga ik weer naar het bruggetje waar de boerenzwaluwen rondvliegen en ze moeten natuurlijk ook poetsen. Sony A68 400mm

De jonge zwaluwtjes zitten bij elkaar op een tak, maar ik heb ze niet één keer gevoerd zien worden, jammer want dan sperren ze die bekjes zo lekker wijd open.

Prachtbeestjes zijn het.

Orchideeën

Vrijdag 12 juni 2020
Op mijn vlinderroute voor de deur bloeit de bonte luzerne, zo mooi die kleuren.

Toch eens van onder bekijken de peen, zeker de moeite waard.

Kraailook is weer present.

’s Middags naar het Kennemermeer, er zullen vast wel een paar insecten zijn als de baardmannetjes zich weer niet laten zien. Mannetje Icarusblauwtje wil poseren met zijn roltongetje.

Een moeraswapenvliegje in het blommetje van de boterbloem.

Jos was nogal pessimistisch over de groenknolorchissen, maar ik ze er aardig wat en met veel bloemen per steel, dus heel florissant.

Midden in het natte gebied loopt een rups van een plakker, daar ben ik fan van.

De bevertjes staan in bloei en hoe!!

Echt een feest.

Ik ben nog op zoek gegaan naar de knopbiesparelmot, die is zo klein dat je die bijna met een loep moet zoeken, ongeveer 2 mm. Dan is de grote parelmot van 4 a 5 mm makkelijker, haha.

Nog even gekeken bij het rond wintergroen, ze staan een beetje verscholen tussen de wilgen.

Daar in de buurt zit een prachtsmalsnuitje, daar ben ik best blij mee.

En dan staan ook nog de honingorchissen in bloei, dus wel hele leuke dingen gezien.

Gestippelde houtvlinder

Woensdag 10 juni 2020
Bij de Vossendel tellen Joke en ik meer hommels dan vlinders. Ik zie een zwartsprietdikkopje, maar hij is al gevlogen voordat ik een foto kan maken, wel jammer, want het is de eerste van het jaar en heel erg vroeg. Het is maar de vraag of hij goedgekeurd wordt in de telling zonder bewijs. Doordat ik nog rond kijk of ik hem zie ontdek ik een gestippelde houtvlinder.

Hij/zij zit met zijn vleugels te wapperen, ik denk om feromonen te verspreiden, dat zijn lokstoffen om een mannetje aan te trekken.

Voordat we met de route begonnen sprak een man ons aan, hij had gezien dat er dode dieren waren neergelegd voor jonge vosjes en hij vroeg of wij wisten of het boommarters of zoiets waren, hij had onduidelijke foto’s op zijn telefoon. Omdat wij niet wisten wat het was wilde ik nog gaan kijken of ik het kon vinden en daarbij kom ik in verboden gebied, maar wel mooi. Natuurlijk niks kunnen vinden.

Bij de Cremermeerroute tel ik zelfs maar 1 vlinder: een bruin zandoogje. Op het pad wat nu weer begaanbaar is omdat het water is gezakt zit een bijna zwarte pad. Ik denk dat hij dood is, maar hij vertrekt toch nog heel traag.

Een grasmus heeft het maar druk met het voeren van de kindjes.

’s Avonds laat ga ik nog naar het Kennemermeer waar een rups van een hageheld voor mijn voeten loopt, hihi.

Gelukkig staan de bijenorchissen op de bekende plek in bloei. Ik dacht al dat ze daar weg waren omdat er op andere plekken ze al lang in bloei stonden.

Ze zien er fantastisch uit, veel bloemen per steel.

Kleine kluutjes

Donderdag 21 mei 2020
Bij de vlindertelling voor de deur tel ik alleen kleine koolwitjes. Zo vreselijk jammer dat de kleine vossen die hier altijd zoveel voorkwamen er niet meer zijn, maar wie weet wordt het beter. In de stokrozen zitten stokroossnuitkevertjes die een enorme lange snuit hebben in verhouding.

Daarna ga ik naar de Vondelweg voor de insecten. Er zijn verschillende kevertjes die heel veel op elkaar lijken, maar deze zit op riet en zal de rietkever zijn.

Dan zie ik iets bijzonders: een vlieg die niet helemaal losgekomen is van de lege pop, die zit nog aan de vleugel vast. Het is de zwartvlerkstekelwapenvlieg. Op andere foto’s die ik gemaakt heb zie ik duidelijk 3 stekels zitten achter het borststuk.

Verder zijn er wel heel erg weinig insecten, zelfs als ik door het hoge gras loopt vliegt er niets op. Ik ga door naar het landje van Gruijters, daar tref ik het dat er 3 jonge kluutjes lopen. Zo jong als ze zijn zwiepen ze al met hun snaveltje heen en weer net als de oudere kluten dat doen.

Het wordt nog leuker als een boerenzwaluw voor me gaat zitten zingen.

En hij blijft nog een heel tijdje zitten ook.

Oeps, de kluut was te dichtbij.

Ik hoor al de hele tijd de koekoek en ga op zoek. Hij zit vlak boven me in de boom, maar zien doe ik hem niet, tot hij opvliegt en helemaal naar de andere kant vliegt. Gelukkie: hij komt ook weer terug.

De kluten zijn altijd zo fel als ze kleintjes hebben. “Ophoepelen”, zegt de kluut, “O, sorry hoor, ik ga al”, verontschuldigt zich mevrouw bergeend.

De ene moedereend heeft 5 kleintjes en de andere 7. Zo lief.

Ben ik vechtende tureluurs aan het fotograferen komt er een groep soepganzen in beeld. Als ik ze te pakken krijg, nou dan weet ik het wel, de pan staat al klaar, hahaha.

Ik kan niet genoeg krijgen van de kleine kluutjes. Pa of ma gaat naar het kleintje toe, die kruipt even in haar veren, maar hij wil liever op eigen benen staan.

Zo mooi die kluut.

En met het kleine kluutje.

De kleine plevieren zijn de kamasutra aan het doornemen.

Opeen staat er bij de Stelling heel veel bijenvoer. Hartstikke leuk natuurlijk, vooral omdat er al heel wat bijen en hommels op af zijn gekomen.

Op de terugweg nog even langs de ooievaars in Velserbeek. Ze zitten allebei op het nest.

Daarbij kom ik langs de vogelkooi en het valt gelijk op dat de witte pauw in vol ornaat staat. Wat is die staart dan gigantisch groot. Ook mooi die rug en veertjes op zijn kop.