Vlaamse gaai

Dinsdag 23 juli 2019
Het is 27 graden, best warm om vlinders te tellen. Op het weiland van de Vossendel kom ik een eikenpage tegen, de tweede op de route.

Op het andere open stukje een blauwvleugelsprinkhaan.

Maar ook een duinsabelsprinkhaan die niet zo algemeen is.

Aan het eind van de route staat heel veel valse salie, het meeste is uitgebloeid, een paar nog niet.

Ik kom op de route 2 jonge bonte spechten tegen. Eerst een op het pad en later een die vrij dicht bij zit, alleen jammer van die takken.

Bij de Cremermeerroute zie ik er nog een bij de strandopgang.
Er zijn niet veel insecten, alleen de soldaatjes vermenigvuldigen zich waar je bij staat.

Drie kleuren Schotse hooglanders op één plaatje.

Het is al bijna 7 uur en nog steeds heel warm. De Vlaamse gaai heeft ook last van de warmte, maar nu heb ik eindelijk het gelukkie dat hij even blijft zitten.

Het is alsof iemand al zijn schoen heeft gezet, wel op een rare plaats.

Na de tankval zie ik maar liefst 7 zanglijsters, een paar jonge en deze mooie.

Orchideeën tellen

Dinsdag 16 juli 2019
Omdat het gebied te groot is om alle orchideeën te tellen voor de statistieken worden er plots van 5 bij 10 meter uitgezet en dan wordt er berekend hoeveel er ongeveer in het gebied zouden kunnen staan. Dat is toch veel meer dan ze verwacht hadden. De groenknolorchidee komt op ruim 27000, alleen zijn ze niet allemaal tot bloei gekomen. Van de honingorchidee zijn ruim 5000 bloeistengels geteld. Dat maakt dit gebied wel heel bijzonder. Ook heel zeldzaam is de bonte paardenstaart waarvan hier een hele cluster staat.

In het natte gedeelte zie ik regelmatig moeraszoutgras.

Er vliegen wel een stuk of 100 gierzwaluwen over ons heen de hele tijd. De steekmuggen zitten laag.
Ik kom ook af en toe een ander insect tegen zoals deze slakkendoder.

Een spin maakt een kunstwerkje van het gras. Een venstersectorspin?

In het hok van de betaalautomaat op de parkeerplaats heb ik al 7 pinokkiomotten gezien en nu kom ik er ook weer een tegen in het wild. Die naam heeft hij gekregen vanwege de lange ‘neus’.

Maarten wil ook de bergcentaurie zien en we gaan even vergelijken met knoopkruid. Bergcentaurie staat dus wijduit.

Knoopkruid is meer beknopt en heeft een prachtige kelk.

Ik heb nog net tijd om de vlinderroute op de spoorlijn te doen en kom o.a. een bruin zandoogje tegen.

Rond wintergroen

Maandag 15 juli 2019
Bij de maandelijkse excursie bij het Kennemermeer kunnen we bijna niet meer om de honingorchideeën heen. Hier en daar staan er veel bij elkaar.

Ik pluk een motje van een grassprietje en die blijft mooi op mijn duim zitten.

Als het even kan laat ik de mensen het rond wintergroen zien, alleen al om de naam die ik de bloem altijd geef en dat slaat dan op de rode aanhangsel.

Thuis heb ik een mooie groene cicade met doorzichtige vleugels.

Keizersmantel

Donderdag 11 juli 2019
Op sectie 3 van de Vossendel komen Joke en ik een keizersmantel tegen die nogal vliegerig is. Op sectie 4 zien we er weer een en misschien is dat dezelfde.

Het einde van sectie 19 is de plek waar de koevinkjes zitten.

Bij sectie 7 zit een bruine pissenbed heel stil, ik fotografeer hem en wil hem dichterbij hebben, maar dan is hij toch snel. Zoef weg is ie.

Vorige keer dacht ik dat de gallen uit de naaldbomen waren gevallen, maar het zijn aardappelgalwespgallen en vallen uit de eiken. Het zijn er meer dan 100. Ik breek er een door zodat ik de binnenkant kan zien.

Sommige geaderde witjes zijn bijna zwart geaderd, andere hebben weer donkergele aders.

Op de Cremermeerroute houden de damherten me altijd in de gaten.

Een jonge blauwborst is zich aan het poetsen en heeft mij niet in de gaten.

Wat een geluk dat het maar een klein stuk is dat verbrand is, potverdorie de duinen zullen maar in de brand staan als ik er rond loop en als ik er niet ben is het al erg genoeg.

In de buurt bij de uitgang staat een ree, ik zie het te laat en fiets even terug. Gelukkig blijft hij staan. Hij heeft maar 1 hoorn (een eenhoornree?).

Stippelzegge

Dinsdag 9 juli 2019
We gaan weer orchideeën tellen en vandaag houd ik Maarten gezelschap omdat ik de GPS bedien 😉. We vinden een nieuwe groeiplek van teer guichelheil op een plek waar we dat niet zo verwachtten.

In de buurt staat ook geelhartje.

Maarten laat me een grote plek met dwergbloem zien, het is een onooglijk klein plantje.

Met een ongelooflijk klein bloemetje.

Op een enkele plek staat stippelzegge.

Heel zeldzaam.

Wel lopen we gewoon over het kamgras.

Jonge kuifeendjes

Vrijdag 5 juli 2019
In het munitiebos toch weer een nieuw soort vlieg gezien: de dikdijbastvlieg. Naam heb ik via Facebook, toch wel handig.

Een vlieg op moederkruid.

Witte halvemaanzweefvlieg nog wapperend met de vleugels.

Klein wespje met flinke biceps.

Vliegende speld op grote klis.

Op een bunker in de Heksloot zitten steeds 2 kneuen, dit keer niet eens zo ver weg.

Gelijk door naar het landje van Gruijters waar ik aan de overkant jonge bergeenden zie.

Een kluut en een lepelaar dicht bij elkaar.

In een sloot bij de weilanden van Velserbroek zit een trotse moeder kuifeend met 6 kleintjes.

Ze doen allemaal hun eigen ding, de voorste ligt op zijn rug, de linker is aan het poetsen, de middelste neemt een duik en de rechtse is aan het relaxen.

Prachtsmalsnuitje

Woensdag 3 juli 2019
Vandaag gaan we wel orchideeën tellen bij het Kennemermeer. Ik tref het dat ik dan net een prachtsmalsnuitje zie, wat een bijzonder vlindertje.

We tellen dus de groenknolorchideeën en de honingorchideeën.

Omdat Maarten er niet is tel ik een deel in m’n eentje. Als ik mijn fototas even neer zet komt er gelijk een ekster op af, die denkt dat er wat lekkers te halen is.

Een steekvlieg op de honingorchidee.

De moeraswespenorchidee tellen we niet, daar staan er zoveel van.

Tegen etenstijd is de ekster er weer, hihi. Hij krijgt een stukje brood met pindakaas. Canon SX60HS

Wilde peen, dat zie je zo, haha.

Dankbare plant, komen insecten op af en woekert niet.

Een duinrouwzwever met meeldraden van de moeraswespenorchidee op z’n kop.

Joop en ik lopen de vlinderroute hier, maar dat gaat in rap tempo en levert niet veel op. We zien denken we knoopkruid alhoewel het er toch anders uit ziet en we nemen er foto’s van. Later hoor ik dat het de bergcentaurie is.

Hondskruid

Maandag 17 juni 2019
De excursie van vandaag begint met het hondskruid, het staat er prachtig bij, ook al is het er maar één. Sony A77ii 18-55mm

Bijna alles wat er staat is zeldzaam, zo ook de bitterling.

Marja vraagt aan mij welke plant ze nu weer gevonden heeft en ik ben gelijk enthousiast want het is schorrenzoutgras. Ook al heb ik dat nooit eerder gezien, ik herken het gelijk. Foto’s komen later nog wel.
Op de heivlinderduin vind ik weer zulke pluisdingetjes, achteraf kom ik er achter dat het haartjeskokermotten zijn, toch leuk om te weten.

De blauwe schildwants heb ik wel meer gezien hier, vorige keer ook met nimfen en die zijn rood.

’s Middags fiets ik naar mijn vlinderroute bij het Cremermeer. Onderweg kom ik mest op het fietspad tegen met zwammetjes. Moeder en kind.

En opa en oma en neef en nicht en …. 😉

In het watertje aan het begin van de route zitten al een hele tijd jonge meerkoetjes en ze worden al groter.

Ik heb bijna mijn hele route gelopen niets bijzonders gezien tot ik bij het laatste stuk ben. Ik denk dat ik een vuurlibel zie en ik fotografeer hem van alle kanten. Met de blauwe onderkant van de ogen blijkt het een zwervende heidelibel te zijn.

Hij vliegt ook nog een eindje met me mee (of het zijn er twee?).

Marker Wadden

Vrijdag 14 juni 2019
Waarneming en Natuurmonumenten willen soorten tellen op de Marker Wadden en nodigt mensen daarvoor uit op Facebook. Dat is natuurlijk een geweldig aanbod. Toen ik in de trein zat regende het nog. Om 12 uur varen we vanuit Lelystad uit en dan is het prachtig weer. In de haven ligt de Batavia en er voor zie je een hooverflyer die zijn best doet, maar steeds in het water valt.

Het lijkt wel een maanlandschap op het nieuwe land.

Toch begint het al aardig groen te worden.

Want het staat helemaal vol met moerasandijvie.

Ach een klein kluutje en zijn moeder gaat er een tijdje vandoor, even rust voor haar/hem.

Niet gek dat er al korenbloemen staan, ze zijn prachtig.

Dit is de moerasandijvie van dichtbij.

Vanuit de kijkhut ‘Lepelaar’ zie ik heel wat casarca’s, vind ik geweldig. Veertig jaar geleden zag ik zo’n eend in het Noordzeekanaal zitten, daarna nooit meer gezien. Het schijnt dat ze hier ruien.

Iemand zegt dat er een boerenzwaluw voor de hut zit, maar ik zie hem niet. Ik hang mijn fototoestel uit de kijkpost en gok dat ik hem op de foto kan krijgen en dat lukt aardig.

Eindelijk eens het goudknopje van dichtbij kunnen fotograferen.

Copulerende strekspinnen: dus spinnen hebben het eiland al wel veroverd. Sony A77ii 18-55mm

Een hoefbladvedermot zou kunnen kloppen, want er staat genoeg klein hoefblad.

Jammer dat we alweer richting de Willem Barentsz moeten, want half 6 vertrekt die weer.

Toch nog een mooi plaatje van grote klaprozen.

Het wordt weer iets bewolkt en dat geeft een heel bijzondere sfeer over het water.

Ook machtig mooi die zonnenstralen.

Op de heenweg zijn we natuurlijk ook langs dit beeld gevaren. Het staat er vanwege de Exposure 2010.

In Lelystad ga ik wat eten op een terras. Daarna nog een tijdje op de bus wachten en ondertussen de vogels fotograferen die gebruik maken van de gierzwaluwnesten. Een spreeuw gaat naar binnen en buiten en een huismus, waarbij hij zijn staart als steun gebruikt.

Futekes

Zaterdag 8 juni 2019
Met de trein naar Bovenkarspel kom ik langs de weilanden in de buurt van Purmerend, heerlijk die ruimte daar.

Wandelend naar de jarige job wandel ik over de brug over het water waar ik vroeger nog geschaatst heb.

Op de heenweg zag ik al deze fuutjes, nu zijn ze samen met beide ouders. Er staat wel een straffe wind.

Spaarnwoude

Zaterdag 18 mei 2019
Met Nico fiets ik naar Ikea. Het is heerlijk weer om door Spaarnwoude terug te fietsen. Hier in de buurt van de Veerpolder.

Ik volg Nico naar Santpoort waar de ooievaar weer ter plekke is. Mooie locatie zo in het paardenweiland.

Tot iemand haar paard komt halen, dan vliegt de ooievaar op.

Zomerse kanoeten

Donderdag 16 mei 2019
Ik ga vanaf de pier het strand op omdat ik 4 goudplevieren zie in zomerkleed. Helaas vliegen ze weg als er een helikopter over vliegt. Later blijken het zilverplevieren te zijn.

Geweldig, die kanoeten in zomerkleed.

Het geringde drieteenstrandlopertje dat ik op 18 februari had gefotografeerd, loopt er nog steeds, nu in zomerkleed. Hij staat tussen de andere drieteentjes en bonte strandlopers. Geregeld vliegen ze op. Links zie je ook de rode kanoet.

Ze vliegen een rondje (of twee) en komen vaak op dezelfde plek weer terug.

De vele visdiefjes bivakkeren nog op het strand. Die met de zwarte snavels met gele punt zijn de grote sterns.

Een stuk of 6 oeverlopers op het begin van de pier. Omdat ze zo klein zijn lijkt het net alsof er een enorme rots uit zee steekt. Het is een van de betonblokken van de pier, wel heel oud ondertussen.

Achter het hek bij de Kromhoutstraat wordt niet gemaaid, daar zitten steeds zoveel vogeltjes. O.a. veel kneutjes.

Man roodborsttapuit.

Dialoogdag

Woensdag 15 mei 2019
’s Morgens kan ik nog de vlinderroute langs de spoorlijn lopen. Even kijken of de stokroossnuitkevertjes in de stokrozen zitten. Ja hoor, heel herkenbaar aan die hele lange snuit, maar klein dat ze zijn!

In de Hortus in Amsterdam is dit jaar de dialoogdag. Dat is lopend goed te doen vanaf het CS-station, daarbij kom ik langs het scheepvaartmuseum.

Ondanks dat er een hele grote groep mee gaat met de excursie door Amsterdam is de gids heel goed te volgen en het is heel interessant. Bij het begin zien we al een tong- en een steenbreekvaren op de muur van de poort.

Op het bijenvoer zitten meer honingbijen dan wilde bijen. Toch een beetje jammer.

We krijgen wat te eten, heel apart, ik weet niet wat het is.

Wies geeft een hele leuke rondleiding in de Hortus. Links staat de Anna Paulowna-boom.

Even mijn neus snuiten met de zakdoekjes van de zakdoekjesboom.

Dat de bekerplanten zulke mooie bloemen kan hebben wist ik niet.

Rups perentak

Dinsdag 14 mei 2019
Joke en ik doen vandaag de vlinderroute bij de Vossendel. Het begint gelijk leuk met een rups van een perentak op mijn jas.

De eerste Icarusblauwtjes, vers van de pers.

Gelukkig gaat dit vrouwtje oranjetipje zitten, vliegend is het bijna niet te zien welk soort het is.

Ligt er een damhert lekker te rusten, wordt hij verstoord door vlindermensen.

Kleine geaderde witjes zijn aan het dollen, hier 3 bij elkaar.

Bij de volgende vlinderroute zie ik een paar argusvlinders en 2 viervlekken. Bij het begin van sectie 4 zit een vrouw zandhagedis in de meidoorn. Het zal me niets verbazen als ze van de meidoornstippelmotrupsen eet.

Omdat dit gebied niet vrij toegankelijk is, wanen de vossen zich onbespied, dan schrikken ze toch wel van zo’n eng mens opeens in de buurt.

Vuurjuffers daarentegen trekken zich er niets van aan.

Nog een vos op het open terrein.

Op de terugweg kijk ik nog bij de tankval of de dodaars te zien zijn. Eentje zit op een nestje in het water en de ander zwemt daar in de buurt.

Vogeldag

Zondag 12 mei 2019
Er is een regionale vogeldag bij Fort Benoorden. Ik loop om het fort heen en kom al verschillende leuke insecten tegen. Een moeraspendelvlieg is nieuw voor mij.

Er zijn al zoveel bloedcicades!

Ik bezoek nog een lezing en bekijk een heel mooi boek met getekende karkassen van vogels. De zon lokt me toch weer naar buiten. Misschien zijn dit twee verschillende bijvliegen: ik denk de kegelbijvlieg en rechts de kleine bijvlieg.

Hier leven al jaren een heel stel soepganzen.

Geen mooie foto, maar het is zo moeilijk om vliegende (huis)zwaluwtjes te fotograferen.

Zo koddig die kleine vleugeltjes aan die hummeltjes van meerkoeten.

Duinen Heemskerk

Donderdag 9 mei 2019
Ik moet ’s middags even in Beverwijk zijn, dat is een mooie gelegenheid om door te fietsen naar Heemskerk, naar de waterberging. Daar zitten niet al te ver weg knobbelzwanen. Daarmee vergeleken is de lepelaar niet erg groot.

Zo alleen staand zijn ze wel imposant.

Mooie Friese veulens in de wei langs de Noordermaatweg, waar ik ook ooit mijn Friese veulen had staan.

Nu ik toch in de buurt ben kan ik net zo goed door de duinen fietsen. Bij Geversduin ga ik de duinen in. Ik hoor hier en daar een koekoek, uiteraard nergens te bekennen. Bij een ven stap ik af, ik hoop ooit eens de roerdomp te kunnen zien. Voorlopig moet ik het met een graspieper doen.

Grasmus is ook al zo’n soort die je heel vaak bovenop een struik ziet.

Maar Dartmoors hebben wij in het zuiden niet, toch een beetje jammer.

Een geringde fitis.

De kolonies aalscholvers hebben zich aardig uitgebreid.

Ik had jonge aalscholvers op de foto willen krijgen, dat lukte dus niet. Tussen deze hele groep zullen wel jonge zitten, dat is zo niet te zien.

Misschien sta ik hier bij de Hoefijzerplas, ik ben hier niet meer zo bekend.

Op een of andere manier vind ik de duinen hier mooier dan in het zuiden.

Ach wat lief, een Dartmoor-veulen.

Lekker liggen in de buurt van mama.

Aardhommel

Zondag 5 mei 2019
De Foto7daagse is weer begonnen. Het thema van vandaag is ‘Transport’. Deze foto heb ik ingezonden met de tekst: De hommels vergaren stuifmeel aan hun achterpoten en zorgen zo voor transport naar hun nest.

Wat hebben we toch een mooi uitzicht op het Noordzeekanaal vanuit huis. Prachtig als die cruiseschepen weer voorbij komen.

Bij de bouw van de nieuwe grote sluis zijn er heel wat hijskranen in gebruik. De zonnestralen torenen daar wel bovenuit.

Temmincks strandloper

Vrijdag 26 april 2019
Toch weer naar het landje van Gruijters na het badmintonnen. Jonge meerkoetjes lopen parmantig achter hun ouders aan.

Zwarte ruiters heb ik al jaren niet meer gezien hier.

Zo leuk als je een lepelaar ziet foerageren, steeds zwiepend van links naar rechts en terug.

Ja hoor, vlak voor mijn neus, bijna een vrouwtje verdrinken.

De huiszwaluwtjes halen hier grond vandaan om hun nestjes te bouwen.

Een heel klein strandlopertje, het blijkt later dat het de Temmincks strandloper is, nog kleiner dan de oeverloper.

Prachtig weer met die imposante wolken.

Ik rij een heel stuk door en dat heb ik goed gedaan. Ik zie 3 appelvinken, wouwie, daar ben ik blij mee, ook al zitten ze hoog in de boom.

Spaarnwoude, vlak bij de klimtoren.

Koolmeeseitjes

Dinsdag 23 april 2019
Omdat Joke later in de middag kan, ga ik eerst de Cremermeervlinderroute lopen. Weer kom ik een blauwborst tegen, deze is zelfs geringd.

Op de terugweg hoor ik op 2 plaatsen de koekoek.
Met Joke loop ik de eerste secties naast het weiland, maar als we naar het weiland willen gaan, komen we de jonge Schotse hooglanders tegen met hun moeder, precies op ons pad.

We wachten even tot we er redelijk langs kunnen. De moeder vind ik vrij klein en dat met 2 jongen.

Vorige week zag ik al een rupsenaaskever, nu zien we er 2 zelfs parend.

Leuk, de smaragdlangsprietmotten zijn er weer.

De pendelzweefvliegen doen het ook.

Ach wat jammer, we zien dat er een nestje van een koolmeesje uit de boom is gevallen.

Er zaten zeker 5 kleine eitjes in.

’s Avonds ga ik nog naar het landje van Gruijters. Het lijkt wel of de bergeend het kwikstaartje wil platstampen.

Moeders met de pulletjes is er ook weer.

Ik zie de rietzanger goed zingen. Mensen vragen aan mij of ik de snor gehoord heb, maar nee, die was er nog niet. Ze zijn nog maar net verder gefietst of ik hoor de snor en ik zie hem ook vliegen, dan kan ik ook zien waar hij gaat zitten. Natuurlijk tussen de rietstengels, maar hij is te bijzonder om over te slaan.

En dan zakt de zon zo langzaam maar zeker.

Springspinnetjes

Woensdag 10 april 2019
Bij het Vogelmeer ga ik kijken of de zomertalingen er nog zitten, of anders de geoorde futen. Op het houtwerk bij de vogelhut zie ik 2 springspinnetjes.

Ik denk de schorszebraspin.

Ik loop het hele meer rond in de hoop de geoorde futen te zien, dat zit er niet in. Een sluipvlieg (Gonia ornata) heeft wel een hele brede snoet. Die zitten altijd in de buurt van viooltjes.

Dus nu eens een foto van de andere kant van het Vogelmeer.

Een bij steekt zijn lange tong in het hart van een viooltje.

Heggenmussen zingen altijd hetzelfde riedeltje.

De kluten zijn er

Zondag 17 maart 2019
Ondanks de harde wind ga ik toch een eindje fietsen. Ik ga kijken of de kluten al gearriveerd zijn bij het landje van Gruijters. En ja hoor, ze zijn er weer!

Wat hebben ze toch een smalle snavel, ze eten ook heel klein grut.

De grutto’s zitten nogal beschut vanwege de wind.

De wintertalingen varen dicht langs de kant.

Wat hebben ze toch een prachtig koppie die kleine eendjes.

Het barst de laatste tijd van de bergeenden. Het mannetje heeft een veel grotere snavel dan het vrouwtje.

De wilde eenden zijn maar aan het rondjes vliegen.

Dan gaat het landingsgestel uit en gaan ze in het water achter het vrouwtje aan.

Ik dacht eerst dat er een geelpootmeeuw op het eilandje zat, maar het zal wel een kleine mantelmeeuw zijn die daar yoga-oefeningen doet.

De grutto’s hebben ook even de benen gestrekt.

Op de terugweg mooie wolkenpartijen, met een helderblauwe hemel.

De nieuwe elektriciteitsmasten zijn heel hoog geworden.

Baltsende kieviten

Woensdag 27 februari 2019
Ik hoorde dat het ijsvogeltje weer in Schoonenberg is gesignaleerd, daarom ga ik daar kijken. Een heel veld met krokussen, wat een heerlijk gezicht.

Een aardhommel profiteert van de nectar en zo hoort het ook in het voorjaar.

De schildpadden zijn ook weer uit hun winterslaap en hebben de zon opgezocht.

Geen ijsvogel, maar een waterhoentje, die mogen er ook zijn hoor.

Ik fiets naar het Vogelmeer, waar aan de noordkant veel zangvogeltjes heen en weer vliegen. Heel blij ben ik met een keep.

Als ik mijn fiets neer zet om naar de vogelhut te gaan zijn er net 2 kieviten aan het baltsen.

Kievit heet in het Engels lapwing, het is inderdaad een hele lap die vleugel, haha.

Haar eierstokken rammelen, maar in zijn sambaballen zit weinig muziek, hij vliegt weg.

Vrouwtjes tafeleend, oftewel tafeldames, dichtbij vanuit de vogelkijkhut.

En nog meer zangvogeltjes: een heggenmus aan het zingen, een paar koolmeesjes en enkele puttertjes.

Kleine vos

Dinsdag 26 februari 2019
Waar zouden de grauwe ganzen naar kijken?

De knobbelzwaan is zijn veren aan het poetsen, maar zo te zien aan zijn buik is hij nog lang niet klaar.

Als ik in de buurt van Fort Benoorden ben zie ik een ongelukkige kleine vos op het fietspad fladderen. Ik pak hem op voordat hij dood gereden wordt.

Bij het landje van Gruijters zit niets bijzonders en ik fiets door naar de lepelaars, misschien zitten ze er al. Ja hoor er zijn er al een stuk of 7. Nu nog mooi vrij doordat er geen bladeren zijn.

Zo lekker onhandig met die lange poten en snavel.

In het slootje zwemmen twee futen, zo lang ze niet wegvliegen zitten ze heel dichtbij en als ze onderduiken schuif ik een knotwilg op zodat ik ze vrij dicht kan benaderen.

Ik fiets terug door Penningsveer. Het is wel erg smal bij de brug, maar ik heb net nog een plekje voor mijn fiets. Daar kan ik ook futen fotograferen en die zitten net in de weerspiegelingsbaan van het riet, terwijl er net een speedboot voorbij is gegaan. Vandaar die golven.

Ik fiets altijd dat rondje extra langs de Mooie Nel. Daar op het weiland heeft het nijlganzenstel al negen kleintjes.

In de weilanden van de Heksloot rent een haas. Ik heb een aardig rondje gefietst en het wordt al wat donker als ik bij het bruggetje bij Spaarndam kom.

De Putten

Maandag 25 februari 2019
Wat leuk, Marja belt of ik mee ga naar De Putten. Het is er prachtig weer voor, dus ik ben enthousiast. We gaan even bij het strand kijken, gek dat hier helemaal geen meeuwen of andere vogels bij de vloedlijn lopen. Het is er bar stil. Er is hier een brede rij duinen extra aangelegd als dijkversterking.

We gaan bij de plassen kijken. Ook die zijn onder handen genomen en er zijn eilandjes gevormd.

Mannetje smient bewaakt zijn vrouwtje.

Iedere aalscholver op zijn eigen steen.

Het is maar goed dat Marja ook haar telescoop mee heeft, zo kunnen we de goudplevieren ook goed bekijken.

De kemphaan herken ik wel die achter de zwarte ruiter loopt. De zwarte ruiter heb ik op Facebook gevraagd.

Het is een grappig gezicht als heel veel meerkoeten in ganzenpas naar het water lopen. Er zit ook een dodaarsje op de kant.

Dat is nog eens een aantal brandganzen. Op de voorgrond links ook bergeenden en rechts smienten.

Opeens gaan ze op de vleugels, een machtig gezicht.

Het zijn er nogal wat.

En dat allemaal boven dat weidse landschap.

Marja zegt steeds dat ze nog geen wulp gezien heeft tot we bij het tweede watertje komen. Daar zitten ze allemaal!

We hebben maar liefst 30 soorten kunnen herkennen!

Mistboog

Woensdag 20 februari 2019
Er zijn maar liefst 5 mannen en 5 vrouwtjes nonnetje bij Fort Benoorden. Ze zitten vrij ver weg, toch zie ik op de foto dat een vrouwtje een visje heeft gevangen.

Mannetje en vrouwtje wintertaling. Het mannetje heeft een ring, maar het is niet te zien welk nummer er op staat.

Over de Amsterdamse weg vliegen grauwe ganzen met een soepgans er tussen.

Een heel apart verschijnsel. In plaats van een regenboog is dit een mistboog. De zon schijnt op zulke kleine druppeltjes dat het heel veel kleur verspreidt en wel zoveel dat het wit wordt.