Duintijger

Woensdag 18 september 2019
Met Joke loop ik de Vossendelroute, het kan nog net met 17 graden, maar we zien wel aardig wat soorten vlinders. In het bos ziet de heksenboter er lekker uit, hihi. Het is een slijmzwam.

Bij de brandnetels kijken we of we nog insecten zien. Het lijkt wel of er een dode vlinder onder een blad hangt. In tegendeel, het is een roesje, die net springlevend uit de pop is gekropen.

Dan moet de pop niet ver weg zijn en dat klopt, die hangt er (linksonder) naast. Ingevouwen in een brandnetelblad.

Er zitten ook meerdere insecten in dat gebiedje, o.a. een tienstippelig en een tienvlek lieveheersbeestje.

Op weg naar de Cremermeerroute vliegen er 4 boompiepers in de buurt van het fietspad.

Op sectie 5 zie ik een groene stinkwants, dan nog een en bovendien nog een vervellingshuidje (rechts). Sony A77ii 18-55mm

Over de hele route staat hier en daar agrimonie, die heeft kleine gele bloemetjes, maar als het uitgebloeid is krijgt het zo’n leuk belletje.

Op heelblaadjes vind ik verschillende kleine rupsjes.

Een huistijger die door de duinen loopt lijkt me een duintijger.

Ze ziet er goed uit en is niet heel bang, dus ik denk dat ze wel een baasje moet hebben.

De koniks hebben een mooi plekje in de Herenduinen gevonden.

Moeraskartelblad

Maandag 16 september 2019
Met de excursie bij het Kennemermeer stuiten we op een hele aparte kleur van het moeraskartelblad.

Jammer dat het wat regenachtig somber weer is. Ach druppels op paddenrus is ook mooi om te zien.

Bij de uitgang kijken we altijd op de bladen van de els. Ja hoor, de nimfen van de gewone kielwants zitten er weer.

Na de koffie ga ik met Irene richting strand. In de duinen daar staan veel soorten planten, zoals het zeewolfsmelk. Daar ga ik op zoek naar de rups van de wolfsmelkpijlstaart, maar tevergeefs.

De paardenstaart woekert hier wel heel erg.

Nog een dagpauwoog op schermhavikskruid.

Melganzevoet ziet er uit als snoepjes.

Ik kom hier zomaar smal vlieszaad tegen. Je ziet het vliesje aan de plant.

De bergen riemwier liggen vandaag al een stuk hoger op het strand.

Kleine zilverreigers

Donderdag 12 september 2019
Volgens waarneming.nl zitten er 2 kleine zilverreigers in de Westhoffplas, dus ik er op af. Ik zie wel een zilverreiger aan de overkant van de plas, maar het is er één en ik weet niet of dat hem is. Ik kom een jongeman tegen die ook op zoek is. Ik ben op de terugweg, maar moet daarbij over een hek klimmen, als ik hoger sta op het hek kan ik net over het riet heen kijken en zie ik ze toch staan. Ik naar die plek toe waar die jonge man ook staat en ik vraag of hij ze kan zien. Hij zegt dat ze nu aan de overkant staan.

Zo ver kan ik geen goede foto’s maken, tot ze opvliegen, dat is wel heel leuk, met mijn Sony A68 met tele 400mm gaat het vrij goed ze in de lucht te fotograferen.

Ze vliegen met een groep kieviten en spreeuwen op.

Ik vind het zo bijzonder dat ik ze toch nog heb gevonden. Het leuke aan deze beesten is dat ze gele voeten hebben.

Ik fiets verder naar de Inlaagpolder en daar vliegt een ooievaar rondjes, eventjes samen met een buizerd, maar die vliegt door.

Even tussendoor een landschapsfoto van de Heksloot met een torenvalk op een hek.

Ik kom nog langs het landje van Gruijters, daar zitten 3 witgatjes (de derde is uit beeld).

Hazenpootje

Zondag 8 september 2019
Lekker struinen bij het Kennemermeer. Een klein sluipwespje op de parnassia, maar een nog veel kleiner springstaartje net onder de meeldraad.

Ik zie 51 tinten grijs in de wolken.

Hier en daar hazenpootjes op een kluitje.

Een bosbijvlieg heeft bruine zigzagbandjes over de vleugel.

Ginkelse heide

Woensdag 28 augustus 2019
De hei moet nu in bloei staan, dus hup naar de Ginkelse hei. Ik stap uit de trein in Ede, maar loop al gelijk verkeerd. Wel leuk dat ik nu langs een mooie muurschilderij kom.

Door de droogte is de hei niet uitbundig paars.

Heel fijn dat hier nog klokjesgentianen staan. Ik heb nog gekeken of er heel misschien eitjes op zitten van het gentiaanblauwtje, maar dat zou wel heel toevallig zijn, niet dus.

Er zijn veel hooibeestjes en kleine vuurvlinders.
Hier staan net zo goed veel Amerikaanse vogelkers. Er staat een grote groep bij elkaar met bessen en daar zitten maar liefst een stuk of 7 atalanta’s op, tot ze een voor een weggejaagd worden door een hoornaar.

Ik heb mijn fototoestel op een paal gezet en de zelfontspanner gebruikt, dat is even rennen en kijken of de foto gelukt is, hihi. Ik gebruik vandaag alleen de Sony A68, maar wissel af en toe van lens (18-55 of 70-400mm). Vandaag loop ik op mijn sandalen en dat bevalt me stukken beter dan die zware schoenen.

Wat leuk dat ik een hond in actie zie bij een grote groep schapen.

Even uithijgen.

De herderin heeft 3 honden bij zich en een ervan draagt tassen, met water neem ik aan. Wat een enorme kudde.

Ik kom door het bos De Sijsselt.

Bij dit pad ben ik linksaf geslagen en ik denk dat ik zo naar station Ede-Wageningen loop.

Helaas zie ik op mijn mobieltje dat ik al verder van het station af ga, maar ik heb geen zin om terug te gaan en ik verwacht zo een pad naar rechts zodat ik over de spoorbaan de andere kant op kan. Verdikkeme, het pad gaat niet naar rechts, maar naar links, toch loop ik door en ga door een tunnel die onder de snelweg loopt. Op Google map zie ik geen afslag over het spoor, dus moet ik dat hele stuk terug en ik heb al zo lang gelopen. Dan zie ik dat er toch een overgang over het spoor is en kan ik aan de andere kant terug naar het station, pff gelukkig, want mijn water is bijna op. Ik heb maar liefst 34.602 stappen gedaan.

Herina frondescentiae

Maandag 19 augustus 2019
De parnassia staat nu volop in bloei bij het Kennemermeer. Er zit ook een klein vliegje op met de naam Herina frondescentiae. Het is een ‘prachtvliegje’, dat zie je zo.

Mijn medewandelaars zijn allemaal gek op de parnassia, want ook uitgebloeid is het de moeite waard om goed te bekijken.

Wantsjes komen we ook tegen, zoals deze behaarde schaduwwants.

Doodgewoon peen, hoe mooi kan het zijn.

De bessenwants is een grote wants.

Bloemetje geelhartje en een uitgebloeide er naast.

Een krabspinnetje.

Marja ontdekt weer wat nieuws: de kleine morgenster.

De rode kornoelje zorgt ook voor een verrassing in dit gebied.

Na de koffie ga ik met Hanneke nog even het strand op, er liggen heel veel Amerikaanse zwaardschedes.

Magazine SCHELP

Zondag 18 augustus 2019
Er is een vereniging voor de mensen van de strandhuisjes en die brengt elk jaar een heel mooi magazine uit. Voor dit jaar heb ik foto’s geleverd en vandaag krijg ik een exemplaar. Het ziet er prachtig uit. De voorplaat is van Peter Iskes.

Onder andere op deze pagina’s staan mijn foto’s.

Ook de tekst vind ik heel interessant om te lezen (dus niet van mij).

Witte en bruine kauw

Dinsdag 13 augustus 2019
Bij het vlinders tellen op de spoorlijn tel ik aardig wat kleine koolwitjes, jammer dat er zo weinig Icarusblauwtjes zijn.
’s Middags ga ik kijken bij het strand. Een jonge zilvermeeuw kijkt mee.

Vanaf de pier zie ik nog heel wat drieteenstrandlopertjes in zomerkleed.

Met hun neuzen dezelfde kant op, tot de volgende golf weer komt, dan rennen ze allemaal weer terug.

Terug langs de jachthaven zie ik een zilvermeeuw die een mossel op de loopplank laat vallen en dat doet hij 4x voordat hij hem op kan eten. Ondanks de harde wind valt de mossel wel steeds op de planken en niet er naast! Best knap.

De witte kauw zie ik nu veel vaker, die witte mutatie heet leucistisch.

Je hebt ook een bruin-mutatie zoals deze kauw, die meer bruin heeft.

Plakkers

Woensdag 7 augustus 2019
Met Joke tel ik vlinders bij de Vossendel. Een klein geaderd witje is gepakt door een tandkaakspin.

We gaan een ijsje eten bij de koffieboerderij. Er zit daar nog één huiszwaluwtje in het nest, maar we zien niet dat er nog gevoerd wordt.

Ik fiets naar de vijver van Velserbeek, daar zitten in deze tijd altijd wel libellen. In ieder geval is het een orgie van roodoogjuffers.

Langs de Stationsweg fiets ik terug, dan zie ik wat op een boom zitten. Het zijn maar liefst 3 vrouwtjes plakker die aan het eitjes leggen zijn.

De pop van de vlinder hangt er naast, met een vervellingshuidje van de rups.

Goudwesp

Dinsdag 6 augustus 2019
Bij het vlinders tellen op de oude spoorlijn zie ik iets half verborgen in de peen. Het is een prachtig goudwespje. Bij navraag blijkt het de Hedychrum rutilans te zijn en de waardwesp is de bijenwolf, die heb ik hier in de buurt nog niet gezien, maar wat niet is, kan nog komen.

De koniks gaan om de beurt het watertje in.

Ik vertel de konik een grap, ze krijgt tranen in haar ogen van het lachen en roept: “Meid, wat een giller.”

Het is dorstig weer, ook voor de jonge Schotse hooglander.

Mooie excursie

Maandag 5 augustus 2019
Met de KNNV loop ik mee met de maandagmorgenexcursie in duingebied Bleek en Berg. Iemand wijst ons op beekpunge. Dat behoort tot het geslacht Veronica (ereprijs), terwijl waterpunge een Primulaceae is (vijf kroonbladen). Punge betekent buidel.

Nog een leuke ontdekking: een wespenorchidee.

We komen precies op het goede moment: een geoorde fuut met een jonkie.

En vlak voor ons zelfs een jong van een dodaars, hij vangt nog een visje ook. Zo lang wil ik al eens jonge dodaars fotograferen en nu zit er zomaar een vlakbij.

Kleine steentijm komt nog maar sporadisch voor in Nederland.

Marja zegt dat als je de heuvel op gaat dan kom je als je het pad volgt gewoon weer op hetzelfde punt uit. Ik wil dus van bovenaf een foto van de groep maken, alleen staan er te veel bomen voor. Ik loop door, maar de groep zie ik niet meer.

Ik ben veel te snel gelopen, want ik kom al bij de parkeerplaats uit en is nog niemand. Heb ik wel mooi de gelegenheid om koolwantsjes te fotograferen en een grote rupsendoder.

Het duurt nog een aardig tijdje voordat ze komen, daarna gaan we met de groep koffie drinken.
Ik hoop dat de jonge dodaars nog zo dichtbij zit, daarom ga ik weer naar de Oosterplas, ja, dat had ik gedroomd, nu zitten ze verder weg. Een jonge fuut jaagt op visjes en dat lukt aardig.

Wel erg leuk dat jonge dodaarsje.

Later op de middag loop ik toch nog met Frank strandwacht. Er liggen grote banken met schelpkokerwormen en daar pikken de zilvermeeuwen van. Ik kan er zelfs een fotograferen. Ik had zo’n beest nog nooit gezien.

Op het fietspad valt mijn oog op een ketting van slakjes op een lantaarnpaal, wat een grappig gezicht.

In het parkeerhuisje kijk ik nog naar nachtvlinders. Jammer dat er een vertrapte groene korstmosuil op de grond ligt.

Het is spreeuwentrek en heel veel spreeuwen strijken neer in de bramenstruiken. Dit is een jonge spreeuw.

Oranje luzernevlinder

Zaterdag 3 augustus 2019
’s Avonds ga ik naar het Kennemermeer op zoek naar insecten. Een oranje luzernevlinder krijgt al wat slaap en gaat rusten op een blaadje, zo kan ik hem van alle kanten fotograferen.

Gatsie, die libel heeft een ingedeukt oog, wat eng.

Een heelblaadjespalpmot, natuurlijk op heelblaadjes.

Het wordt al aardig duister als ik langs de vissershaven terug fiets.

Vlaamse gaai

Dinsdag 23 juli 2019
Het is 27 graden, best warm om vlinders te tellen. Op het weiland van de Vossendel kom ik een eikenpage tegen, de tweede op de route.

Op het andere open stukje een blauwvleugelsprinkhaan.

Maar ook een duinsabelsprinkhaan die niet zo algemeen is.

Aan het eind van de route staat heel veel bosandoorn, het meeste is uitgebloeid, een paar nog niet.

Ik kom op de route 2 jonge bonte spechten tegen. Eerst een op het pad en later een die vrij dicht bij zit, alleen jammer van die takken.

Bij de Cremermeerroute zie ik er nog een bij de strandopgang.
Er zijn niet veel insecten, alleen de soldaatjes vermenigvuldigen zich waar je bij staat.

Drie kleuren Schotse hooglanders op één plaatje.

Het is al bijna 7 uur en nog steeds heel warm. De Vlaamse gaai heeft ook last van de warmte, maar nu heb ik eindelijk het gelukkie dat hij even blijft zitten.

Het is alsof iemand al zijn schoen heeft gezet, wel op een rare plaats.

Na de tankval zie ik maar liefst 7 zanglijsters, een paar jonge en deze mooie.

Orchideeën tellen

Dinsdag 16 juli 2019
Omdat het gebied te groot is om alle orchideeën te tellen voor de statistieken worden er plots van 5 bij 10 meter uitgezet en dan wordt er berekend hoeveel er ongeveer in het gebied zouden kunnen staan. Dat is toch veel meer dan ze verwacht hadden. De groenknolorchidee komt op ruim 27000, alleen zijn ze niet allemaal tot bloei gekomen. Van de honingorchidee zijn ruim 5000 bloeistengels geteld. Dat maakt dit gebied wel heel bijzonder. Ook heel zeldzaam is de bonte paardenstaart waarvan hier een hele cluster staat.

In het natte gedeelte zie ik regelmatig moeraszoutgras.

Er vliegen wel een stuk of 100 gierzwaluwen over ons heen de hele tijd. De steekmuggen zitten laag.
Ik kom ook af en toe een ander insect tegen zoals deze slakkendoder.

Een spin maakt een kunstwerkje van het gras. Een venstersectorspin?

In het hok van de betaalautomaat op de parkeerplaats heb ik al 7 pinokkiomotten gezien en nu kom ik er ook weer een tegen in het wild. Die naam heeft hij gekregen vanwege de lange ‘neus’.

Maarten wil ook de bergcentaurie zien en we gaan even vergelijken met knoopkruid. Bergcentaurie staat dus wijduit.

Knoopkruid is meer beknopt en heeft een prachtige kelk.

Ik heb nog net tijd om de vlinderroute op de spoorlijn te doen en kom o.a. een bruin zandoogje tegen.

Rond wintergroen

Maandag 15 juli 2019
Bij de maandelijkse excursie bij het Kennemermeer kunnen we bijna niet meer om de honingorchideeën heen. Hier en daar staan er veel bij elkaar.

Ik pluk een motje van een grassprietje en die blijft mooi op mijn duim zitten.

Als het even kan laat ik de mensen het rond wintergroen zien, alleen al om de naam die ik de bloem altijd geef en dat slaat dan op de rode aanhangsel.

Thuis heb ik een mooie groene cicade met doorzichtige vleugels.

Keizersmantel

Donderdag 11 juli 2019
Op sectie 3 van de Vossendel komen Joke en ik een keizersmantel tegen die nogal vliegerig is. Op sectie 4 zien we er weer een en misschien is dat dezelfde.

Het einde van sectie 19 is de plek waar de koevinkjes zitten.

Bij sectie 7 zit een bruine pissenbed heel stil, ik fotografeer hem en wil hem dichterbij hebben, maar dan is hij toch snel. Zoef weg is ie.

Vorige keer dacht ik dat de gallen uit de naaldbomen waren gevallen, maar het zijn aardappelgalwespgallen en vallen uit de eiken. Het zijn er meer dan 100. Ik breek er een door zodat ik de binnenkant kan zien.

Sommige geaderde witjes zijn bijna zwart geaderd, andere hebben weer donkergele aders.

Op de Cremermeerroute houden de damherten me altijd in de gaten.

Een jonge blauwborst is zich aan het poetsen en heeft mij niet in de gaten.

Wat een geluk dat het maar een klein stuk is dat verbrand is, potverdorie de duinen zullen maar in de brand staan als ik er rond loop en als ik er niet ben is het al erg genoeg.

In de buurt bij de uitgang staat een ree, ik zie het te laat en fiets even terug. Gelukkig blijft hij staan. Hij heeft maar 1 hoorn (een eenhoornree?).

Stippelzegge

Dinsdag 9 juli 2019
We gaan weer orchideeën tellen en vandaag houd ik Maarten gezelschap omdat ik de GPS bedien 😉. We vinden een nieuwe groeiplek van teer guichelheil op een plek waar we dat niet zo verwachtten.

In de buurt staat ook geelhartje.

Maarten laat me een grote plek met dwergbloem zien, het is een onooglijk klein plantje.

Met een ongelooflijk klein bloemetje.

Op een enkele plek staat stippelzegge.

Heel zeldzaam.

Wel lopen we gewoon over het kamgras.

Jonge kuifeendjes

Vrijdag 5 juli 2019
In het munitiebos toch weer een nieuw soort vlieg gezien: de dikdijbastvlieg. Naam heb ik via Facebook, toch wel handig.

Een vlieg op moederkruid.

Witte halvemaanzweefvlieg nog wapperend met de vleugels.

Klein wespje met flinke biceps.

Vliegende speld op grote klis.

Op een bunker in de Heksloot zitten steeds 2 kneuen, dit keer niet eens zo ver weg.

Gelijk door naar het landje van Gruijters waar ik aan de overkant jonge bergeenden zie.

Een kluut en een lepelaar dicht bij elkaar.

In een sloot bij de weilanden van Velserbroek zit een trotse moeder kuifeend met 6 kleintjes.

Ze doen allemaal hun eigen ding, de voorste ligt op zijn rug, de linker is aan het poetsen, de middelste neemt een duik en de rechtse is aan het relaxen.

Prachtsmalsnuitje

Woensdag 3 juli 2019
Vandaag gaan we wel orchideeën tellen bij het Kennemermeer. Ik tref het dat ik dan net een prachtsmalsnuitje zie, wat een bijzonder vlindertje.

We tellen dus de groenknolorchideeën en de honingorchideeën.

Omdat Maarten er niet is tel ik een deel in m’n eentje. Als ik mijn fototas even neer zet komt er gelijk een ekster op af, die denkt dat er wat lekkers te halen is.

Een steekvlieg op de honingorchidee.

De moeraswespenorchidee tellen we niet, daar staan er zoveel van.

Tegen etenstijd is de ekster er weer, hihi. Hij krijgt een stukje brood met pindakaas. Canon SX60HS

Wilde peen, dat zie je zo, haha.

Dankbare plant, komen insecten op af en woekert niet.

Een duinrouwzwever met meeldraden van de moeraswespenorchidee op z’n kop.

Joop en ik lopen de vlinderroute hier, maar dat gaat in rap tempo en levert niet veel op. We zien denken we knoopkruid alhoewel het er toch anders uit ziet en we nemen er foto’s van. Later hoor ik dat het de bergcentaurie is.

Hondskruid

Maandag 17 juni 2019
De excursie van vandaag begint met het hondskruid, het staat er prachtig bij, ook al is het er maar één. Sony A77ii 18-55mm

Bijna alles wat er staat is zeldzaam, zo ook de bitterling.

Marja vraagt aan mij welke plant ze nu weer gevonden heeft en ik ben gelijk enthousiast want het is schorrenzoutgras. Ook al heb ik dat nooit eerder gezien, ik herken het gelijk. Foto’s komen later nog wel.
Op de heivlinderduin vind ik weer zulke pluisdingetjes, achteraf kom ik er achter dat het haartjeskokermotten zijn, toch leuk om te weten.

De blauwe schildwants heb ik wel meer gezien hier, vorige keer ook met nimfen en die zijn rood.

’s Middags fiets ik naar mijn vlinderroute bij het Cremermeer. Onderweg kom ik mest op het fietspad tegen met zwammetjes. Moeder en kind.

En opa en oma en neef en nicht en …. 😉

In het watertje aan het begin van de route zitten al een hele tijd jonge meerkoetjes en ze worden al groter.

Ik heb bijna mijn hele route gelopen niets bijzonders gezien tot ik bij het laatste stuk ben. Ik denk dat ik een vuurlibel zie en ik fotografeer hem van alle kanten. Met de blauwe onderkant van de ogen blijkt het een zwervende heidelibel te zijn.

Hij vliegt ook nog een eindje met me mee (of het zijn er twee?).

Marker Wadden

Vrijdag 14 juni 2019
Waarneming en Natuurmonumenten willen soorten tellen op de Marker Wadden en nodigt mensen daarvoor uit op Facebook. Dat is natuurlijk een geweldig aanbod. Toen ik in de trein zat regende het nog. Om 12 uur varen we vanuit Lelystad uit en dan is het prachtig weer. In de haven ligt de Batavia en er voor zie je een hooverflyer die zijn best doet, maar steeds in het water valt.

Het lijkt wel een maanlandschap op het nieuwe land.

Toch begint het al aardig groen te worden.

Want het staat helemaal vol met moerasandijvie.

Ach een klein kluutje en zijn moeder gaat er een tijdje vandoor, even rust voor haar/hem.

Niet gek dat er al korenbloemen staan, ze zijn prachtig.

Dit is de moerasandijvie van dichtbij.

Vanuit de kijkhut ‘Lepelaar’ zie ik heel wat casarca’s, vind ik geweldig. Veertig jaar geleden zag ik zo’n eend in het Noordzeekanaal zitten, daarna nooit meer gezien. Het schijnt dat ze hier ruien.

Iemand zegt dat er een boerenzwaluw voor de hut zit, maar ik zie hem niet. Ik hang mijn fototoestel uit de kijkpost en gok dat ik hem op de foto kan krijgen en dat lukt aardig.

Eindelijk eens het goudknopje van dichtbij kunnen fotograferen.

Copulerende strekspinnen: dus spinnen hebben het eiland al wel veroverd. Sony A77ii 18-55mm

Een hoefbladvedermot zou kunnen kloppen, want er staat genoeg klein hoefblad.

Jammer dat we alweer richting de Willem Barentsz moeten, want half 6 vertrekt die weer.

Toch nog een mooi plaatje van grote klaprozen.

Het wordt weer iets bewolkt en dat geeft een heel bijzondere sfeer over het water.

Ook machtig mooi die zonnenstralen.

Op de heenweg zijn we natuurlijk ook langs dit beeld gevaren. Het staat er vanwege de Exposure 2010.

In Lelystad ga ik wat eten op een terras. Daarna nog een tijdje op de bus wachten en ondertussen de vogels fotograferen die gebruik maken van de gierzwaluwnesten. Een spreeuw gaat naar binnen en buiten en een huismus, waarbij hij zijn staart als steun gebruikt.

Futekes

Zaterdag 8 juni 2019
Met de trein naar Bovenkarspel kom ik langs de weilanden in de buurt van Purmerend, heerlijk die ruimte daar.

Wandelend naar de jarige job wandel ik over de brug over het water waar ik vroeger nog geschaatst heb.

Op de heenweg zag ik al deze fuutjes, nu zijn ze samen met beide ouders. Er staat wel een straffe wind.

Spaarnwoude

Zaterdag 18 mei 2019
Met Nico fiets ik naar Ikea. Het is heerlijk weer om door Spaarnwoude terug te fietsen. Hier in de buurt van de Veerpolder.

Ik volg Nico naar Santpoort waar de ooievaar weer ter plekke is. Mooie locatie zo in het paardenweiland.

Tot iemand haar paard komt halen, dan vliegt de ooievaar op.

Zomerse kanoeten

Donderdag 16 mei 2019
Ik ga vanaf de pier het strand op omdat ik 4 goudplevieren zie in zomerkleed. Helaas vliegen ze weg als er een helikopter over vliegt. Later blijken het zilverplevieren te zijn.

Geweldig, die kanoeten in zomerkleed.

Het geringde drieteenstrandlopertje dat ik op 18 februari had gefotografeerd, loopt er nog steeds, nu in zomerkleed. Hij staat tussen de andere drieteentjes en bonte strandlopers. Geregeld vliegen ze op. Links zie je ook de rode kanoet.

Ze vliegen een rondje (of twee) en komen vaak op dezelfde plek weer terug.

De vele visdiefjes bivakkeren nog op het strand. Die met de zwarte snavels met gele punt zijn de grote sterns.

Een stuk of 6 oeverlopers op het begin van de pier. Omdat ze zo klein zijn lijkt het net alsof er een enorme rots uit zee steekt. Het is een van de betonblokken van de pier, wel heel oud ondertussen.

Achter het hek bij de Kromhoutstraat wordt niet gemaaid, daar zitten steeds zoveel vogeltjes. O.a. veel kneutjes.

Man roodborsttapuit.

Dialoogdag

Woensdag 15 mei 2019
’s Morgens kan ik nog de vlinderroute langs de spoorlijn lopen. Even kijken of de stokroossnuitkevertjes in de stokrozen zitten. Ja hoor, heel herkenbaar aan die hele lange snuit, maar klein dat ze zijn!

In de Hortus in Amsterdam is dit jaar de dialoogdag. Dat is lopend goed te doen vanaf het CS-station, daarbij kom ik langs het scheepvaartmuseum.

Ondanks dat er een hele grote groep mee gaat met de excursie door Amsterdam is de gids heel goed te volgen en het is heel interessant. Bij het begin zien we al een tong- en een steenbreekvaren op de muur van de poort.

Op het bijenvoer zitten meer honingbijen dan wilde bijen. Toch een beetje jammer.

We krijgen wat te eten, heel apart, ik weet niet wat het is.

Wies geeft een hele leuke rondleiding in de Hortus. Links staat de Anna Paulowna-boom.

Even mijn neus snuiten met de zakdoekjes van de zakdoekjesboom.

Dat de bekerplanten zulke mooie bloemen kan hebben wist ik niet.