Hondshaai

Zaterdag 20 juni 2010
Het is nog heel lang licht, daarom wordt het wel erg laat als ik nog naar het strand ga voor zeevonk.

Er ligt wel van alles op het strand, het kleine spul is niet te onderscheiden, een kompaskwal wel dus.

Het is al half 12 als ik over het strand loop in de hoop zeevonk te zien, het is bijna donker, toch geen oplichtend zeewater te zien. Wat ik wel zie vind ik heel gaaf: een hondshaai! Helma zal wel zeggen: “Jij vindt altijd wat bijzonders.”

Heel apart die bek met flappen.

Echt een haaienbek, toch niet eng want het beest is net ruim 40 cm lang, dus nog lang niet volwassen, want ze kunnen 80 cm worden.

Erg jammer dat hij dood is, maar zo kan ik hem wel van alle kanten fotograferen.

RIP zwartkop

Donderdag 18 juni 2020
In het duingebied kan je tientallen wijngaardslakken tegenkomen. Dat mensen zo’n beest in hun mond stoppen is toch onbegrijpelijk! Yak.

Na de Vossendelvlindertelling ga ik door naar hotel Duin en Kruidberg. Twee jaar geleden zaten hier sierlijke witsnuitlibellen, het zou leuk zijn als die nog eens terugkomen. Of zouden ze opgevreten zijn door de ruisvoorns?

Ik wil zo graag een smaragdlibel op de foto zetten die hier steeds amper 1 seconde stil hangt. Gelukkig wil een vroege glazenmaker wel even op één plek hangen.

Prachtig die zwanenbloemen en als extraatje een zweefvliegje.

Normaal ga ik nooit langs deze weg en juist nu moet ik een dode vogel op de weg aantreffen. Nog wel een vrouwtje zwartkop. Te veel aso’s, te veel domme mensen, te veel auto’s.

Julikever

Dinsdag 16 juni 2020
Ze zijn niet zeldzaam, toch vind je een julikever zelden. Nu zie ik er een liggen op sectie 6 van de Cremermeerroute. Hij ligt worstelend op zijn rug en ik zet hem op zijn pootjes, maar dat helpt niet lang.

Nog niet helemaal tevreden over de foto van de groenling, maar de kleuren komen beter uit dan alle andere foto’s.

Veel grasmotjes de laatste tijd, er zijn er ook verschillende, waaronder dus deze streepjesgrasmot.

Net uitgeslopen juffer, daar valt echt geen chocola van te maken, hihi. Het larvehuidje zit aan de achterkant van de stengel.

Een fitis of tjiftjaf zit een hele tijd met zijn/haar bek vol te roepen, de kindertjes zijn denk ik al vertrokken.

Papa blauwborst in zijn broedgebied.

En daar hebben we zijn kind even verderop.

Oei, het is de vraag of ik droog thuis kom. Gelukt!!

Bijenorchissen

Maandag 15 juni 2020
De excursie is behoorlijk druk, maar we proberen wel afstand te houden. Gelukkig hebben de meesten een dichtbij-verrekijker bij zich 😉 Zeegroene zegge staat hier volop en bloeit nu.

Vorig jaar heb ik geen kleverige ogentroost gezien en we gaan met z’n allen op zoek, sta ik er bijna op!!!

Ik weet oorsilene te staan.

Volgens mij een zilveren fluitje.

Helaas komen we een aso tegen die met een soort walsje door het terrein scheurt, ik kan daar zo kwaad om worden.
We lopen verder op zoek naar teer guichelheil en opeens komen we tientallen bijenorchissen tegen. Van Jos wist ik dat ze in het terrein moesten staan, alleen wist ik niet waar.

Nu dus gevonden.

We hebben al zoveel rietorchissen gezien en wat zijn ze mooi.

Dan zegt iemand dat er een hele groep gele maskerbloemen staan, daar gaan we kijken, het zijn er misschien wel 100.

Ze zijn mooi, maar het kan een plaag worden.

Er staat moeraszoutgras in de buurt.

We komen weer bij het water en tot onze verbazing kruipt daar een paling rond.

Ik wilde kamgras bij de heivlinderheuvel laten zien, daar kon ik het niet meer vinden en opeens zie ik nog een heleboel bij elkaar staan aan het eind van het pad.

Op weg naar de koffie ziet Marja een mooi vlindertje op slangenkruid, het is een lichte daguil.

Na de koffie ga ik met Ernst op zoek naar baardmannetjes, eerst aan de westkant. Daar ziet hij een bremraap en met het boek er bij komt hij op een klavervreter, best bijzonder.

Nog een rietorchis met zachtroze kleur.

Tenslotte nog een groot dikkopje op een ratelaar.

Fort benoorden

Zondag 14 juni 2020
De KNNV Haarlem gaat van alles determineren bij het Fort Benoorden, daar wil natuurlijk ook aan mee doen. Nog voordat ik er ben zie ik boerenzwaluwtjes op een tak, die kans laat ik niet glippen. Wat een enorm lange staart.

Ze zitten vlakbij.

Ik had mijn fiets gauw neergezet en als ik hem weer wil pakken zie ik een sluipwesp op het paaltje. Wat een schoonheid, wel een moeilijke naam: Xiphydria prolongata.

Op het fort is het begroeid en daar kijk ik voornamelijk naar insecten. Uitzicht op de fortgracht en daarachter ligt het landje van Gruijters.

Er staat heel erg veel knoopkruid en daar maken de insecten dankbaar gebruik van zoals deze sintjansvlinder.

Wat ik helemaal geweldig vind is dat ik een wolzwever zie vliegen, het blijkt een Villa hottentotta te zijn (echt waar hoor!).

En dan vind ik ook nog een rups van de sintjansvlinder.

Marja wijst een klein vlindertje aan en ik denk dat het een distelbladroller is, maar daar is hij een beetje te geel voor. Nog leuker is het dat het een kanariepietje is.

Een gladde spieswesp in de bloem van een braam.

Roestbruin kromlijf op een distel.

Waarneming geeft aan dat dit een grote roodoogjuffer is, maar ik heb zo mijn twijfels.

Bij een zanderig stukje barst het van de gladde spieswespjes die daar veel gaatjes hebben gegraven. Ze vangen vliegjes die ze in hun nest leggen voor de nakomelingen. De spieswespjes zijn op zich heel klein.

Het begint te onweren en we gaan naar binnen voor een rondleiding door het fort door Ziegel. Hij wijst een spin aan die daar al lang hangt en beschimmeld is.

Er zijn heel wat tekeningen en schilderijen op de muren aangebracht.

Op de terugweg ga ik weer naar het bruggetje waar de boerenzwaluwen rondvliegen en ze moeten natuurlijk ook poetsen. Sony A68 400mm

De jonge zwaluwtjes zitten bij elkaar op een tak, maar ik heb ze niet één keer gevoerd zien worden, jammer want dan sperren ze die bekjes zo lekker wijd open.

Prachtbeestjes zijn het.

Orchideeën

Vrijdag 12 juni 2020
Op mijn vlinderroute voor de deur bloeit de bonte luzerne, zo mooi die kleuren.

Toch eens van onder bekijken de peen, zeker de moeite waard.

Kraailook is weer present.

’s Middags naar het Kennemermeer, er zullen vast wel een paar insecten zijn als de baardmannetjes zich weer niet laten zien. Mannetje Icarusblauwtje wil poseren met zijn roltongetje.

Een moeraswapenvliegje in het blommetje van de boterbloem.

Jos was nogal pessimistisch over de groenknolorchissen, maar ik ze er aardig wat en met veel bloemen per steel, dus heel florissant.

Midden in het natte gebied loopt een rups van een plakker, daar ben ik fan van.

De bevertjes staan in bloei en hoe!!

Echt een feest.

Ik ben nog op zoek gegaan naar de knopbiesparelmot, die is zo klein dat je die bijna met een loep moet zoeken, ongeveer 2 mm. Dan is de grote parelmot van 4 a 5 mm makkelijker, haha.

Nog even gekeken bij het rond wintergroen, ze staan een beetje verscholen tussen de wilgen.

Daar in de buurt zit een prachtsmalsnuitje, daar ben ik best blij mee.

En dan staan ook nog de honingorchissen in bloei, dus wel hele leuke dingen gezien.

Gestippelde houtvlinder

Woensdag 10 juni 2020
Bij de Vossendel tellen Joke en ik meer hommels dan vlinders. Ik zie een zwartsprietdikkopje, maar hij is al gevlogen voordat ik een foto kan maken, wel jammer, want het is de eerste van het jaar en heel erg vroeg. Het is maar de vraag of hij goedgekeurd wordt in de telling zonder bewijs. Doordat ik nog rond kijk of ik hem zie ontdek ik een gestippelde houtvlinder.

Hij/zij zit met zijn vleugels te wapperen, ik denk om feromonen te verspreiden, dat zijn lokstoffen om een mannetje aan te trekken.

Voordat we met de route begonnen sprak een man ons aan, hij had gezien dat er dode dieren waren neergelegd voor jonge vosjes en hij vroeg of wij wisten of het boommarters of zoiets waren, hij had onduidelijke foto’s op zijn telefoon. Omdat wij niet wisten wat het was wilde ik nog gaan kijken of ik het kon vinden en daarbij kom ik in verboden gebied, maar wel mooi. Natuurlijk niks kunnen vinden.

Bij de Cremermeerroute tel ik zelfs maar 1 vlinder: een bruin zandoogje. Op het pad wat nu weer begaanbaar is omdat het water is gezakt zit een bijna zwarte pad. Ik denk dat hij dood is, maar hij vertrekt toch nog heel traag.

Een grasmus heeft het maar druk met het voeren van de kindjes.

’s Avonds laat ga ik nog naar het Kennemermeer waar een rups van een hageheld voor mijn voeten loopt, hihi.

Gelukkig staan de bijenorchissen op de bekende plek in bloei. Ik dacht al dat ze daar weg waren omdat er op andere plekken ze al lang in bloei stonden.

Ze zien er fantastisch uit, veel bloemen per steel.

Kleine kluutjes

Donderdag 21 mei 2020
Bij de vlindertelling voor de deur tel ik alleen kleine koolwitjes. Zo vreselijk jammer dat de kleine vossen die hier altijd zoveel voorkwamen er niet meer zijn, maar wie weet wordt het beter. In de stokrozen zitten stokroossnuitkevertjes die een enorme lange snuit hebben in verhouding.

Daarna ga ik naar de Vondelweg voor de insecten. Er zijn verschillende kevertjes die heel veel op elkaar lijken, maar deze zit op riet en zal de rietkever zijn.

Dan zie ik iets bijzonders: een vlieg die niet helemaal losgekomen is van de lege pop, die zit nog aan de vleugel vast. Het is de zwartvlerkstekelwapenvlieg. Op andere foto’s die ik gemaakt heb zie ik duidelijk 3 stekels zitten achter het borststuk.

Verder zijn er wel heel erg weinig insecten, zelfs als ik door het hoge gras loopt vliegt er niets op. Ik ga door naar het landje van Gruijters, daar tref ik het dat er 3 jonge kluutjes lopen. Zo jong als ze zijn zwiepen ze al met hun snaveltje heen en weer net als de oudere kluten dat doen.

Het wordt nog leuker als een boerenzwaluw voor me gaat zitten zingen.

En hij blijft nog een heel tijdje zitten ook.

Oeps, de kluut was te dichtbij.

Ik hoor al de hele tijd de koekoek en ga op zoek. Hij zit vlak boven me in de boom, maar zien doe ik hem niet, tot hij opvliegt en helemaal naar de andere kant vliegt. Gelukkie: hij komt ook weer terug.

De kluten zijn altijd zo fel als ze kleintjes hebben. “Ophoepelen”, zegt de kluut, “O, sorry hoor, ik ga al”, verontschuldigt zich mevrouw bergeend.

De ene moedereend heeft 5 kleintjes en de andere 7. Zo lief.

Ben ik vechtende tureluurs aan het fotograferen komt er een groep soepganzen in beeld. Als ik ze te pakken krijg, nou dan weet ik het wel, de pan staat al klaar, hahaha.

Ik kan niet genoeg krijgen van de kleine kluutjes. Pa of ma gaat naar het kleintje toe, die kruipt even in haar veren, maar hij wil liever op eigen benen staan.

Zo mooi die kluut.

En met het kleine kluutje.

De kleine plevieren zijn de kamasutra aan het doornemen.

Opeen staat er bij de Stelling heel veel bijenvoer. Hartstikke leuk natuurlijk, vooral omdat er al heel wat bijen en hommels op af zijn gekomen.

Op de terugweg nog even langs de ooievaars in Velserbeek. Ze zitten allebei op het nest.

Daarbij kom ik langs de vogelkooi en het valt gelijk op dat de witte pauw in vol ornaat staat. Wat is die staart dan gigantisch groot. Ook mooi die rug en veertjes op zijn kop.

Knobbelzwanen

Woensdag 20 mei 2020
Het is behoorlijk bewolkt met weinig wind en Joke en ik tellen aardig wat vlinders bij de Vossendel. O.a. 2 oranjetipjes in het bosgedeelte.

De grote koolwitjes doen het de laatste 2 jaar beter dan de kleine.

De Shetlandpony’s bij de Cremermeerroute worden oud.

In het gebied staat nog veel water, toch kan ik het zonder laarzen lopen omdat ik het weet te omzeilen. Bij sectie 3 kijk ik nog extra naar libellen en juffers. Een paartje vuurjuffer werkt aan nageslacht.

Opeens zie ik knobbelzwanen verderop vliegen.

Een Schotse hooglander kan nu nog van het water in de poeltjes genieten. Als er weer veel te weinig regen valt staat het hier straks droog.

De ene konik ziet er veel beter uit dan de ander, deze ziet er heel goed uit.

Ah, de knobbelzwanen zijn hier geland.

En twee stuks komen heel dicht in de buurt van de konik.

Die trekt zich niets aan van de zwaan.

Citroenvlinder

Maandag 18 mei 2020
Marja en ik organiseren onze eigen excursie bij het Kennemermeer. Het is nogal kaal, zodoende hoeven we niet te zoeken naar het schorrenzoutgras. Het staat pontificaal in het zicht.

Het zwartpootsoldaatje heeft een heel leuk standje uitgekozen.

Het gebied is weer uitgebreid met een nieuw soort: de gele lis.

Vrouwtje citroenvlinder ziet heel lichtgroen. Als ze wegvliegt denkt Marja zelfs dat het een koolwitje is, maar ik had haar al zien zitten op de ratelaar.

Nog een soldaatje, Cantharis spec., want niet helemaal duidelijke kenmerken.

Hermelijnbladroller

Zondag 17 mei 2020
Ik doe nog een poging om in het duingebied argusvlinders te spotten, wat helaas tevergeefs is.
Omdat hier de bleekvlekwespbij vliegt die parasiteert op de witbaardzandbij is het toch makkelijker om deze zandbij een naam te geven. De mannetjes zijn grijs en de vrouwtjes zijn bruin.

Kleine bladsnuitkevertjes vallen op door hun kleur.

Zo’n mooi duingebied.

En toch zo vlak bij de havens en industrie.

Zandviltvlieg heeft een vachtje van zilvergrijs bont.

Op een plekje vliegen enkele grote dansvliegen.

Een rups van een page-vlinder en ik denk van de kleine vuurvlinder.

Leuk om een bladroller tegen te komen, maar het is niet altijd duidelijk welke naam ik er aan kan plakken, voorlopig doe ik het met de hermelijnbladroller.

Tuimelaar

Maandag 4 mei 2020
Er is een tuimelaar met een zeilschip naar Amsterdam meegezwommen. Met veel moeite hebben ze hem weer terug weten te loodsen naar zee omdat brak water slecht is voor de huid. Nu verblijft hij in de jachthaven en ik kan hem fotograferen vanaf de walkant. Er zitten mensen op de vlonders die het beest bijna aanraken, maar ze zitten wel in de weg voor foto’s. Maar mensen die net naast me stonden zie ik over de vlonders er naar toe lopen, nou dat kan ik ook! Het hek is open en ik kan er op 2 meter afstand van foto’s maken, zelfs met een 18-55mm-lens.

Toch gebruik ik mijn telelens om afstand te houden, ook al ben ik nu alleen overgebleven, samen met 1 meisje. Het lijkt alsof hij zijn oog dicht heeft, maar dat is een litteken, het oog zit vlak achter zijn bek en is hier net onder water nog te zien.

Toen ik aan de kant stond was hij meer onder dan boven, maar nu lijkt hij te slapen en blijft de hele tijd boven water met het spuitgat. Zijn snuit wordt weerspiegeld in de boot.

Wel heel bijzonder om zo’n wild beest zo vlak bij te zien.

Ik spreid mijn armen om te schatten hoe groot hij is. Er wordt beweerd dat hij wel 3 meter was, maar hij is minder dan mijn armlengtes. Helaas is het slecht afgelopen met hem. Hij was dol op boten en dat is hem fataal geworden, door een botsing met een boot heeft hij zelfs zijn staartvin verloren en hij is dood op het strand van Wijk aan Zee gevonden op 12 mei.

Nog even nagenieten van een mooie zonsondergang achter de nieuwe sluizen die nog lang niet klaar zijn.

Zingende blauwborst

Maandag 27 april 2020
Goed vlinderweer en ik begin bij de Vossendel. Weinig vlinders, misschien komt dat wel omdat er al meer rupsenaaskevers komen.

Vanwege de corona wordt geadviseerd om zoveel mogelijk thuis te blijven, nou je ziet het, het is akelig druk in de duinen.

Gelukkig staat de Koningsweg nog onder water, daar komen geen mensen en ik heb mijn laarzen aan en de blauwborst zingt alleen voor mij.

Eindelijk het zuurstokroze van de kneu op de foto.

Slechte foto’s, maar o zo leuk die groenlingen.


Wel verbaast het me dat de foto van de torenvalk zo scherp is geworden, terwijl die toch wat verder weg zit.

Hazelaaruil uit pop

Donderdag 23 april 2020
Ik wil kijken of ik baltsende geoorde futen kan fotograferen bij het Vogelmeer. Haha, dat lukt wel, maar ze zitten te ver weg, dat moet over! Een zomertaling zit ook wel ver, maar die foto is toch wel beter.

Een gekraagde roodstaart zit toch mooi te fluiten en blijft nog zitten om zijn prachtige rode borst te laten zien.

Ik loop de Vossendelroute om vlinders te tellen. Er zijn dit jaar heel weinig smaragdlangsprietmotten in het gebied. Ik zie een paar mannetjes een vrouwtje op een beschaduwde plek, terwijl ze normaal in de zon zitten. Leuk dat ronde tongetje.

Een rupsenaaskever is net geland en heeft de ondervleugels nog niet onder de dekvleugels gevouwen.

Je hebt verschillende kniptoren, dit is wel een hele mooie: de Deense kniptor.

Thuis bedenk ik opeens dat ik nog moet kijken of de pop die ik 4 november uit de duinen heb meegenomen al uitgekomen is. Jaaaa, het is een hazelaaruil geworden, wat leuk.

Ik breng hem ’s avonds naar Velserbeek en ga door naar de ooievaars. Ze zitten beide op het nest te flikflooien, maar ze klepperen niet.

Zou een ouderwetse kwaker ontsnapt zijn?

Leuk dat de herten net voor het houtwerk van ‘Velserbeek’ lopen.

Oorkwallen

Dinsdag 21 april 2020
Er waait een behoorlijke oosten wind, jammer voor het tellen van schelpen want alles wordt onderstoven door het zand. In de eblijn ligt nog wel het een en ander zoals Amerikaanse ribkwal, een zeedruif en meer dan honderd oorkwallen.

Twee strandkrabben zitten aan elkaar, maar de ene is dood en de ander leeft nog.

De ene keer zie je bijna geen vogel op het strand en vandaag zijn er rosse grutto’s, grote sterns, meeuwen en visdiefjes, allemaal dicht bij elkaar.

Zes rosse grutto’s, twee nog in winterkleed en de andere vier al heel mooi rood.

Achter de visdiefjes zijn de grote sterns zich weer aan het uitsloven.

De streepjes over de blaasjeskrab dat zijn zandkorrels die overstuiven, zo hard waait het.

Tere platschelp.

Het verbaast me dat de pier nog open is. De golven die op de pier slaan stuiven alle kanten op. Geeft wel een mooi regenboogeffect.

Geweldig dat ik ook nog regenwulpen zie, het zijn er 6.

En dan nog in de vlucht ook.

Wilgen

Maandag 20 april 2020
Omdat er geen excursies gegeven mogen worden met meerdere personen door het corona-virus gaan Marja en ik samen naar het Kennemermeer. Daar staan wilgensoorten die met elkaar gekruist kunnen zijn, dus het is moeilijk om precies te weten welk soort het is. Deze wilg met smalle bladeren kennen we al helemaal niet.

Vrouwelijke bloeiwijze van waarschijnlijk de kruipwilg.

Mannelijke bloeiwijze.

Er staat maar één cluster van de gulden sleutelbloem.

Pfoe, de Amerikaanse vogelkers staat hier al in knop, dat is niet zo leuk. Misschien weten de snuitkevertjes er wel raad mee, alhoewel ik zie dat ze alleen van het blad vreten.

De oprolpissebed is de enige pissebed die zich op rolt.

Als we nog eens op zoek gaan naar kandelaartjes, dan weet ik nu een grote plek met honderden te vinden.

Alsof de rietkruisspin zomaar in de lucht hangt.

Eikenpurpermot

Donderdag 16 april 2020
Lekker dat mijn vlinderroute voor de deur begint en goed dat ik een dichtbij-verrekijker bij me heb, want anders zou ik alle witjes voor kleine koolwitjes uitmaken en nu zie ik dat er een klein geaderd witje bij zit. Op de aangeplante plantjes zitten de meeste insecten, o.a. een gele halvemaanzweefvlieg.

Omdat het mooi weer is en ik nog wat oranjetipjes verwacht bij de Vossendel ga ik daar ook tellen. Wel wat oranjetipjes gezien, helaas maar 1 op een sectie. Twee eikenpurpermotjes op een blad, leuk dat ik hem goed kan fotograferen.

Ik ga nog naar de Cremermeerroute om te kijken of het nog wat wordt deze week om te tellen. Nou het ziet er niet naar uit.

Zie ik dat nou goed, als ik voorbij die boom fiets? Ja, hoor, zomaar 2 eenzame schoenen onder de boom.

Jonge sperwer

Woensdag 15 april 2020
Ik ga naar mijn nieuwe insectenprojectje bij de Vondelweg. Het is turen naar insectjes, daarom is een man wilde eend een makkelijkere prooi voor mijn camera.

Best veel pendelvliegen zwerven hier, zoals dit vrouwtje.

Makkelijk te onthouden naam voor deze vlieg, want het is een dambordvlieg.

Er is een greppel gegraven om het water af te voeren. Die greppel heeft een rechte kant en daar nestelen veel rosse metselbijen. Ze vliegen in en uit de holletjes, gelukkig blijft er eentje zitten voor een foto.

Ik zie 2 vogels verderop die het met elkaar aan de stok hebben, ik denk dat het een buizerd en een kraai is. Als die ene over vliegt maak ik gauw één foto en dan blijkt het om een jonge sperwer te gaan. Heb ik effe mazzel.

Nog even doorgefietst naar het landje van Gruijters, waar weinig grutto’s zijn. Wel meerdere kluten.

Kuifduiker

Zondag 12 april 2020
Een zuringwants hoort niet in mijn kamer, die zet ik lekker buiten.

Lekker lang licht, dus kan ik ’s avonds nog wel naar de pier. Het is vrijwel windstil, dat is helemaal mooi om de kuifduiker te fotograferen.

Er zwemt een man eider voorbij, die laat ik ook niet schieten.

Nu is het hoog water en de kuifduiker zit precies op een plekje waar ik bij de waterlijn kan zitten, dus een mooi laag standpunt. Soms zit het mee.

De lucht kleurt wat rood en geeft een prachtig gekleurd beeld op het water, met de aalscholver in broedkleed er bij.

Fantastisch gezicht zo met die ondergaande zon zo over de jachthaven.

Aanvulluh!

Woensdag 1 april 2020
Izzy, geconcentreerd voor de aanval op het takje.

Ik moet wel uitkijken, want ze heeft zulke scherpe nageltjes.

Ik ga naar Velserbeek kijken of de ooievaars daar te zien zijn. Nou en of, vol in beeld.

Er zitten ook wat stelletjes kleine mantelmeeuw.

En verderop in het bos tref ik een gaai, eindelijk een beetje fatsoenlijk op de foto.

In Beeckestijn mag je tegenwoordig niet meer fietsen, jammer, nu kom ik er bijna nooit meer, terwijl het best leuk is, vooral met gele bosanemonen, hondstong en zomerklokje.

En die bomenlaan is prachtig met dat contrast van zon en donkere wolken.

Zoveel water

Dinsdag 24 maart 2020
In de duinen “Groot Olmen” staat nog steeds heel veel water.

Ik hoor een vogel en vind het melodietje op die van een nachtegaal lijken, maar dan lieflijker. Gelukkig zie ik hem zitten, het is de boomleeuwerik.

Een paar kieviten bij het Vogelmeer.

Ik wil naar de vogelhut bij het Vogelmeer, maar het pad staat daar helemaal onder water, daarom ga ik bovenlangs kijken of ik er kan komen. Van bovenaf zie ik niets bijzonders, daarom ga ik terug naar mijn fiets.

Op de terugweg zie ik Schotse hooglanders die aan het oefenen zijn.

Corona-virus

Zondag 15 maart 2020
’s Morgens is er een excursie van de KNNV in Midden Herenduinen. Ik vroeg me al af of het door zou gaan, want het corona-virus woedt al ruim een week in Nederland. We zijn met een groep van 12!
Geinig bloemetje van de kruisbes laat Dik zien.

Marja weet dan weer dat dit mannetjes en vrouwtjes van het zandhaarmos zijn. Het vreemde is dat het mannetje de vrouwtjes kunnen ruiken.

Dik wijst blaadjes aan van een kandelaartje, ik geloof hem niet omdat in mijn gedachte een kandelaartje er anders uit ziet, maar hij heeft gelijk. Ik heb nooit zo op de blaadjes gelet, alleen altijd het rode kaarsje met het witte ‘vlammetje’ gezien. Er naast staat de vroegeling, daar moet ik ook goed op het blad letten, want de bloemetjes lijken op kleine veldkers, daarvan weet ik dan wel dat de blaadjes rond zijn.

Op een eik zit eikvaren, de vuurzwam is niet per se de eikenvuurzwam, kan ook wat anders zijn. Fraai patroontje aan de onderkant.

Dik weet ook een pop van een koolwitje te hangen. Lastig te fotograferen, het is ook niet zulk helder weer.

’s Middags loop ik mee met de strandwacht met Frank, Jurgen en Rinke.
Ik vraag me af hoe dit patroon van schuim nou weer kan ontstaan.

Ik zeg tegen Rinke dat het corona-virus al op het strand ligt.

We drinken na afloop nog wat en we zijn nog net op tijd, want even daarna worden alle horeca-gelegenheden gesloten vanwege COVID-19 virus (Corona). Hierna mogen ook niet meer groepen samen komen, dus vanaf nu worden alle excursies en vergaderingen afgelast.

Klein hoefblad

Woensdag 11 maart 2020
Eindelijk zijn de musjes weer terug in mijn tuin. Man mus heeft moeite om een pit weg te krijgen.

Bij het Kennemermeer moeten ergens kandelaartjes staan, maar niet gevonden. Hier sta ik bij de duinen bij PBN. Sony A77ii 18-55mm

Klein hoefblad is zo herkenbaar, aan de bloemen en aan de stelen.

Duinen Heemskerk

Zaterdag 7 maart 2020
Nico en ik gaan naar de begrafenis van lieve, eigengereide Johanna van 93 jaar in Beverwijk.

Daarna fiets ik door naar de waterberging in Heemskerk. Daar zitten wel aardig wat soorten: kieviten, kemphanen, zilvermeeuwen, knobbelzwanen, tureluurs, scholeksters, grauwe ganzen, kokmeeuwen en kluten.

Verder is er niet veel te beleven en ik ga de duinen bij Heemskerk in. Bij de waterbubbel “de kwal” ga ik ook een stukje wandelen.

Daar in de buurt is een uitzichtpunt waar ik ook even ga kijken.

’s Avonds hebben we een verjaardagsfeestje en we wandelen langs de watertoren die verbouwd is tot appartementen, het lijkt me leuk om daar te wonen.

In de krant

Woensdag 4 maart 2020
Toevallig staan ze de Telegraaf uit te delen bij AH, dat treft. Het is een heel leuk artikel geworden met nog meer info dan ik gegeven had, dus Marie heeft zich er wel in verdiept. De foto vind ik ook leuk geworden.
Telegraaf interview schelpen
Eindelijk breekt de zon door als ik terugkom van het asiel waar ik een bange kat heb kunnen knuffelen. Ik ga het weer proberen om de ijsvogel te spotten nu de zon schijnt. Ik sta er 3 kwartier en nu komt er bijna niemand langs, maar ook de ijsvogel laat zich niet zien. Een roodborstje komt wel regelmatig een riedeltje geven.
Roodborst
Deze man kuifeend lijkt wel heel tevreden met zichzelf en gelijk heeft hij.
Man kuifeend
De takken steken mooi af tegen de blauwe lucht.
Bomen lucht