Rieke heertjes

Maandag 25 mei 2020
Een kleine heremietkreeft rent naar een ander heremietkreeftje en dan lijkt het er op alsof ze gaan paren. Het mannetje houdt het huisje van het vrouwtje vast om haar als zijn bezit te beschouwen en zij komt er af en toe uit. Uit het zand verschijnt nog een heremietje die zit in een gevlochten fuikhoornschelp. Omdat ze altijd een eigen huisje hebben worden ze in Zeeland ook ‘Rieke heertjes’ genoemd.

Zouden dit jonge schelpkokerwormen zijn of toch een ander soort? Schelpkokerwormen hebben normaal zo’n borsteltje boven het water/zand uitsteken.

Eindelijk weer eens gorgelpijp gevonden en nog wel bloeiend (roze bolletjes).

Mijn favoriete schelpje, de venusschelp.

Hanneke is mee om te tellen, voorlopig zijn we daar nog niet klaar mee … Een, twee, veel. Enorm veel halfgeknotte strandschelpen de laatste tijd.

We kunnen wel koffie halen in de strandtent, maar mogen het vanwege corona niet opdrinken op het terras, dan gaan we gezellig bij Cornelis zitten en geven hem ook wat te drinken.

Daar in de buurt staat zeewinde, een vrij bijzondere plant.

Bokkenorchissen

Zondag 24 mei 2020
Joepie, mijn fototoestel Olympus die ik was verloren is gevonden en ik kan hem vanmiddag ophalen, wat een gelukkie. Ik ga gelijk door naar de Heerenduinweg om de bokkenorchissen nog eens te fotograferen. Ik vind ze er nu mooier bij staan dan een paar weken geleden.

Het zijn toch net feestbloemen met die slingers.

Citroenvlinder

Maandag 18 mei 2020
Marja en ik organiseren onze eigen excursie bij het Kennemermeer. Het is nogal kaal, zodoende hoeven we niet te zoeken naar het schorrenzoutgras. Het staat pontificaal in het zicht.

Het zwartpootsoldaatje heeft een heel leuk standje uitgekozen.

Het gebied is weer uitgebreid met een nieuw soort: de gele lis.

Vrouwtje citroenvlinder ziet heel lichtgroen. Als ze wegvliegt denkt Marja zelfs dat het een koolwitje is, maar ik had haar al zien zitten op de ratelaar.

Nog een soldaatje, Cantharis spec., want niet helemaal duidelijke kenmerken.

Vosjes

Vrijdag 15 mei 2020
Er is een oproep geweest van de Vlinderstichting om argusvlinders te tellen, maar wel in een openbaar gebied. Ik vind de duinen achter de Amperestraat daar wel geschikt voor. Ik ben daar een paar jaar eerder geweest en toen zat het hele gebied vol met dit soort rupsjes en alles zat onder de spinsels. Nu is het niet zo erg meer. Het zijn de rupsjes van de kardinaalmutsstippelmot.

Kleine pimpernel staat hier gigantisch veel en op enkele zitten kleine snuitkevertjes wat een mooi kleurencontrast geeft.

Een kleine populierenboktor is een leuke vondst.

Wat vind ik dit duingebied mooi.

Op boterbloemen en braambloemen barst het van de schijnbokjes.

Volgens mij wordt het niet onderhouden, maar er komen zoveel mensen die hier hun honden uitlaten dat er veel paden uitgesleten zijn en zo wordt een open duin gevormd.

Roofvliegen zijn echte rovers. Hier heeft er een een vierbandspannertje te pakken volgens mij.

Ik heb geen enkele argusvlinder gezien, ik had ze hier wel verwacht.
Als ik naar huis wil fietsen neem ik een andere afslag dan ik van plan was en opeens zie ik een vosje lekker in het zonnetje liggen.

Van de andere kant lijkt er wel een kat aan te komen lopen, het is echter nog een vosje. Wat zijn ze ontzettend klein.

Hij drinkt was uit de waterbak en kijkt dan mijn richting uit. Wat een leukerdje om te zien.

Vlinders

Vrijdag 8 mei 2020
’s Morgens loop ik langs de oude spoorlijn. Op de lipbloemige plantjes zit een muntvlindertje, ze zijn nogal klein.

Alsof het klein geaderd witje licht geeft zo tegen de donkere achtergrond.

Bij de Vossendelroute zit een geblokte glasvleugelwants al op de eerste sectie.

Het pad op sectie 10 en 11 is van droog zand waar veel zandbijtjes vliegen. Een parasiet kan daar haar slag slaan, zoals deze bleekvlekwespbij. Ze parasiteert op de witbaardzandbij, dat is dus het bijtje die ik hier ook vaak zie.

Een behoorlijk lange hazelworm schiet de begroeiing in.

Als ik klaar ben met de telling zie ik nog een mannetje oranjetipje die nog even wil poseren.

Viervlek

Donderdag 7 mei 2020
Lekker rustig weer om de Cremermeerroute te lopen. Wel mijn laarzen aan zodat ik de hele route kan lopen. Al gauw zit er een viervlek voor mijn neus.

Ik zie aardig wat vlinders, waaronder enkele argusvlinders. Bij de 3 ronde poeltjes vind ik witte slakkenhuizen in het gras, het zijn gewone poelslakken die in het water bruin zijn.

Ik vind het leuk om in mijn tuin naar insecten te kijken, helaas zijn er niet zo veel. Af en toe komt er een hommel van de geraniums snoepen.

Engels gras

Dinsdag 5 mei 2020
Ik ga na het kattenknuffelen door naar de bokkenorchissen op de Heerenduinweg. Ze staan er ietwat verdroogd bij, ze zijn niet zo helder van kleur door de droogte.

Misschien zit de tuimelaar er nog en kan ik hem met daglicht fotograferen. Hij schijnt weer de zee opgegaan te zijn. Bij de jachthaven weet ik Engels gras te staan, dat is ook een feestje.

Op de terugweg stop ik even bij de gele ribes die langs het fietspad staat.

Het is een zeldzame plant en je ziet hem zelden, daarom vind ik het zo leuk dat hij hier in de buurt staat.

Kaneelglasvleugelwants

Donderdag 30 april 2020
Ik moest de vlinders nog tellen langs de spoorlijn, dus op pad! Zie ik nu pas dat er een appelboom staat.

Al behoorlijk groot, dus hij moet er al langer staan.

De gemeente heeft lipbloemige plantjes in bakken op het stationnetje gezet en daar komen heel veel insecten op af. Voor het eerst een kaneelglasvleugelwants.

Rosse metselbijen zitten hier meer.

In de poort vind ik een dode bij, maar zo kan ik hem wel van alle kanten fotograferen. Wat een prachtige kleuren hebben de haren aan zijn poten. Misschien is het een zwartbronzen zandbij.

Bloeiende grasjes

Zondag 26 april 2020
Nico is weer eens gevallen, maar nu met de fiets doordat een jongetje plotseling overstak. Als hij thuiskomt zit eer een elzenvlieg op zijn jas, die hij ergens opgedaan heeft onderweg, waarschijnlijk Overveen.

Ik breng de elzenvlieg naar het Kennemermeer. Daar staan zaadbolletjes, heel leuk, helaas nog geen naam van mij gekregen.

Zeegroene zegge staat hier ontzettend veel en het bloeit nu.

Een man tapuit pikt steeds in de vegetatie en kijkt af en toe op.

Op een prachtig bloeiend grasje zit een hele kleine dansmug.

Haarlems klokkenspel

Maandag 20 april 2020
’s Middags wil ik de ooievaars op de foto zetten, maar ze zijn er niet. Dan fiets ik door naar Beeckestijn om naar de stinzeplanten te kijken. In het gebiedje waar het normaal vol staat is nu weinig te zien. Gelukkig staat het Haarlems klokkenspel even verderop volop te bloeien. Op de foto zie ik dat ze ook klierharen hebben.

Het is een bijzonder plantje.

En heel mooi.

Ik ga de kruidentuin in. Komkommerkruid vind ik zo bijzonder.

Bloemen van een of andere bes.

Gele bloemen van boerenkool met een heleboel luisjes.

Rode kool heeft ook gele bloempjes.

Op de terugweg zitten de ooievaars wel op hun plek. Een op het nest en de ander is aan het dutten.

Maar hij staat even later fier rechtop.

Moppie was ook op rust, totdat vrouwtje thuis komt.

Wilgen

Maandag 20 april 2020
Omdat er geen excursies gegeven mogen worden met meerdere personen door het corona-virus gaan Marja en ik samen naar het Kennemermeer. Daar staan wilgensoorten die met elkaar gekruist kunnen zijn, dus het is moeilijk om precies te weten welk soort het is. Deze wilg met smalle bladeren kennen we al helemaal niet.

Vrouwelijke bloeiwijze van waarschijnlijk de kruipwilg.

Mannelijke bloeiwijze.

Er staat maar één cluster van de gulden sleutelbloem.

Pfoe, de Amerikaanse vogelkers staat hier al in knop, dat is niet zo leuk. Misschien weten de snuitkevertjes er wel raad mee, alhoewel ik zie dat ze alleen van het blad vreten.

De oprolpissebed is de enige pissebed die zich op rolt.

Als we nog eens op zoek gaan naar kandelaartjes, dan weet ik nu een grote plek met honderden te vinden.

Alsof de rietkruisspin zomaar in de lucht hangt.

Vogelmelk

Woensdag 8 april 2020
De vlinderroute voor de deur tel ik vandaag. Één hele vlinder geteld. De gemeente heeft hier best leuke bolletjes geplant, o.a. vogelmelk.

Een akkerhommel snoept van de plantjes die hier gekomen zijn nadat alles overhoop is gehaald.

En ik denk dat dit mooie bijtje een vosje is.

Afwijkende kleur

Dinsdag 7 april 2020
Er zit een mus met een afwijkende kleur in mijn tuin. Ik weet niet of het een mannetje of een vrouwtje is.

Ik vermoed een vrouwtje, want een mannetje heeft een soort stropdasje.

Met gepaste afstand loop ik met Joke de Vossendelroute. Bij de Hollandse vogelkers verwacht ik smaragdlangsprietmotten, die zijn afwezig, een struikhangmatspannetje heeft ze misschien weggejaagd, hihi.

Op een blad daar dichtbij zit een wespje, ik gok een bronswespje, maar ik weet er niet zo veel van.

Als ik de Cremermeerroute nog wil lopen, wil ik wel weten of ik daar een kano voor nodig heb. Ja dus. Het gebied staat heel erg onder water.

Ik sta daar een hele tijd te kijken en opeens zie ik de blauwborst in een struikje. Daarna niet meer tot ik hem onder de struik zie rondscharrelen en dan heb ik hem even heel fraai in beeld.

Hij heeft er geen erg in dat ik daar sta en even later zit hij bovenop het struikje te zingen en met zijn staart op en neer te wippen, prachtig.

Misschien zakt het water snel weg als het een tijdje droog blijft.

Zo’n kleur kan de tuinslak hebben, is het niet geweldig?

Waterpiepers

Maandag 6 april 2020
Nieuw projectje om insecten te tellen: op een graslandje bij de Vondelweg, erg weinig nog gevonden daar. Weinig plantensoorten, een grote vossenstaart springt daarom al gauw in het oog.

Kluten zijn altijd al zo fraai, met dat kransje van druppels om zijn snavel is het helemaal leuk.

Helemaal aan de andere kant van het water ontdek ik 3 waterpiepers.

De slobeenden halen hun snavel niet vaak uit het water, dus het is wachten, wachten, wachten en opeens gaan die koppies omhoog.

Terwijl de ene kluut staat te smikkelen vliegen de andere elkaar in de veren.

Aanvulluh!

Woensdag 1 april 2020
Izzy, geconcentreerd voor de aanval op het takje.

Ik moet wel uitkijken, want ze heeft zulke scherpe nageltjes.

Ik ga naar Velserbeek kijken of de ooievaars daar te zien zijn. Nou en of, vol in beeld.

Er zitten ook wat stelletjes kleine mantelmeeuw.

En verderop in het bos tref ik een gaai, eindelijk een beetje fatsoenlijk op de foto.

In Beeckestijn mag je tegenwoordig niet meer fietsen, jammer, nu kom ik er bijna nooit meer, terwijl het best leuk is, vooral met gele bosanemonen, hondstong en zomerklokje.

En die bomenlaan is prachtig met dat contrast van zon en donkere wolken.

Dwerggras

Vrijdag 27 maart 2020
Eens kijken of het dwerggras nog bij de Vossendel staat. Ik was van plan om daar ook te gaan wandelen, maar het is onwijs druk, het hele parkeerterrein staat vol. Na het bekijken van het dwerggras, dat er dus staat, fiets ik een eindje om.

Ik hoop dat ik het ijsvogeltje nog eens zie bij Schoonenberg. Ik hoor van mensen dat ze hem al een tijdje niet meer gezien hebben. Het wordt toch nog even gezellig als ik Ada daar tegenkom.
Een kuifeend is ook een beauty. Vorige keer was hij groen, nu is hij meer paars.

Twee boomkruipers zie ik in de bomen.

De schildpadden hebben de ‘winter’ ook weer overleefd.

De halsbandparkiet zit van de knoppen van de paardenkastanje te smikkelen.

Druk met vogeltjes, o.a. twee boomklevertjes, die herrieschoppers.

Tjiftjaf

Maandag 23 maart 2020
Op zoek naar het kandelaartje op de heivlinderheuvel van het Kennemermeer. Daar staan een paar in bloei, nu herken ik het blad ook gelijk.

Tjiftjaf hoor ik gelukkig anders is het altijd de vraag of het misschien de fitis is.

Prutsnavel

Zondag 22 maart 2020
Er zijn 2 groepjes met kluten. Er komt een motor voorbij die zijn knalpijp laat knallen en alles gaat de lucht in. Giel en Yvonne staan ook te kijken, maar we houden wel afstand i.v.m. corona.

Even later landen ze weer, met de grutto voorop.

Lekkere prutsnavel heeft de grutto.

Kijk de tureluur eens parmantig staan.

Mooi manneke wintertaling.

Ik fiets verder door Spaarnwoude en eindelijk zijn daar de aardhommels die snoepen van de bloesems.

De klimmuur staat daar al jaren in Spaarnwoude. Die ronde schijf kwam in beeld bij het programma van Koot en De Bie (vroeger).

Bomen.

Tijger in de tuin

Woensdag 18 maart 2020
Geen grutto’s vandaag op het landje van Gruijters. Groot hoefblad tiert hier welig.

Drie dodaasjes op de Mooie Nel, al in zomerkleed.

Veel kluten op de Westhoffplas.

Al een tijd niet meer gezien: muskuseenden. Het vrouwtje vooraan heeft een groenzwart verendek en het mannetje grijs.

Wat een mooi wild eendje.

Nog niet veel bladeren voor de lepelaars, alleen nog steeds veel te veel takken.

De blauwe reigers hebben hier hun nesten en daar profiteren de lepelaars van.

Wat een lepels van oren heeft de haas in de Hekslootpolder.

Hij trommelt steeds met zijn voorpootjes in de lucht.

’s Avonds zie ik kleine slakjes in mijn tuin. Eentje heeft een mooi tijgerprintje.

Huiszebraspin

Maandag 16 maart 2020
De excursie bij het Kennemermeer gaat nog wel door, we zijn maar met z’n vieren en we houden zoveel mogelijk afstand van elkaar. Helaas is er niets te beleven en het terrein is bovendien nog heel nat. We kunnen niet meer in de horeca terecht, daarom kan ik al gauw mijn eigen gang gaan. Ik ben op zoek naar zilvermos op het parkeerhuisje bij het strand. Het is wel heel erg klein, foto’s zijn mislukt. Wel gelukt is de foto van het huiszebraspinnetje. Geinige beestjes, ik zie er daar 6.

Aalscholvers zijn nu in broedkleed en hebben een witte kraag en witte broedvlek op de buik. Ze hadden de gewone aalscholver ook wel kuifaalscholver kunnen noemen, kijk maar naar zijn kuif.

Hertshoornweegbree op de pier.

Ik fiets verder de pier op en dan kom ik verrassend genoeg Barbara tegen met Theo. Ze komt helemaal uit Drente om even de pier op te gaan en dat terwijl er vrijwel geen vogel te zien is, behalve 2 zilvermeeuwen.

Gister zag ik met de excursie 2 grote zaagbekken in de tankval en ik ga kijken of ze er nog zitten. Ja hoor, man en vrouw zitten er nog.

Ik laat daar het galwespje uit mijn huis los.

Corona-virus

Zondag 15 maart 2020
’s Morgens is er een excursie van de KNNV in Midden Herenduinen. Ik vroeg me al af of het door zou gaan, want het corona-virus woedt al ruim een week in Nederland. We zijn met een groep van 12!
Geinig bloemetje van de kruisbes laat Dik zien.

Marja weet dan weer dat dit mannetjes en vrouwtjes van het zandhaarmos zijn. Het vreemde is dat het mannetje de vrouwtjes kunnen ruiken.

Dik wijst blaadjes aan van een kandelaartje, ik geloof hem niet omdat in mijn gedachte een kandelaartje er anders uit ziet, maar hij heeft gelijk. Ik heb nooit zo op de blaadjes gelet, alleen altijd het rode kaarsje met het witte ‘vlammetje’ gezien. Er naast staat de vroegeling, daar moet ik ook goed op het blad letten, want de bloemetjes lijken op kleine veldkers, daarvan weet ik dan wel dat de blaadjes rond zijn.

Op een eik zit eikvaren, de vuurzwam is niet per se de eikenvuurzwam, kan ook wat anders zijn. Fraai patroontje aan de onderkant.

Dik weet ook een pop van een koolwitje te hangen. Lastig te fotograferen, het is ook niet zulk helder weer.

’s Middags loop ik mee met de strandwacht met Frank, Jurgen en Rinke.
Ik vraag me af hoe dit patroon van schuim nou weer kan ontstaan.

Ik zeg tegen Rinke dat het corona-virus al op het strand ligt.

We drinken na afloop nog wat en we zijn nog net op tijd, want even daarna worden alle horeca-gelegenheden gesloten vanwege COVID-19 virus (Corona). Hierna mogen ook niet meer groepen samen komen, dus vanaf nu worden alle excursies en vergaderingen afgelast.

Buishyacinten

Zaterdag 14 maart 2020
In Schoonenberg is een groot veld helemaal bedekt met sneeuwroem, er voor staan de lichte buishyacinten. Het trekt veel bekijks.

Op de weilanden in Spaarnwoude hipt een witte kwikstaart.

Het begint er op te kijken bij Gruijters: 60 grutto’s.

Mooi zo allemaal de lucht.

Nou ja, ’s avonds heb ik een galwespje in mijn keuken. Ik doe hem wel in een potje om morgen aan Dik te laten zien.

Klein hoefblad

Woensdag 11 maart 2020
Eindelijk zijn de musjes weer terug in mijn tuin. Man mus heeft moeite om een pit weg te krijgen.

Bij het Kennemermeer moeten ergens kandelaartjes staan, maar niet gevonden. Hier sta ik bij de duinen bij PBN. Sony A77ii 18-55mm

Klein hoefblad is zo herkenbaar, aan de bloemen en aan de stelen.

Grote zaagbekken

Maandag 6 januari 2020
Marja begint dit jaar met een excursie bij Leyduin, dat is nogal een aardig stukje fietsen voor mij, met de elektrische fiets gaat het wel in een uur.
Witte bultzwammen liggen als schoteltjes op de boom, overgroeid met alg zoals gewoonlijk.

Wat zijn er toch aparte boomstructuren, deze boom heeft zijn beste tijd wel gehad.

Paarse knoopzwammen heb ik al jaren niet meer gezien.

We drinken nog heel gezellig wat, daarna ga ik door naar de AWD ingang Oase. Voordat ik bij de vogelhut kom zie ik aan de overkant 3 damherten grazen.

Uitzicht vanuit de vogelhut.

Heel veel vogels hebben een boze blik, de grote zaagbekken hebben juist een heel vriendelijke blik, waarschijnlijk doordat hun snavel iets omhoog gaat.

De wintertaling is een klein eendje, de grote zaagbek kijkt echt schattig.

Vrouwtje zaagbek had net hiervoor een enorme vis in haar bek en werd achternagezeten door de mannen.

Verderop zit een merel mos te verzamelen, misschien voor een nest?

Ik weet niet of ik hier al eerder geweest ben.

O ja, de pruikenzwam zit bij de ingang, hij is nu op z’n mooist zie ik.

Plantenjacht

Zaterdag 28 december 2019
Ik heb snel gewerkt in het asiel en ga gelijk door naar het Koevlak. Daarbij kom ik langs de Oosterplas en het is nog zo vroeg dat ik daar makkelijk nog een kijkje kan nemen, wie weet zit de parelduiker er opeens weer, hihi.

De groep is behoorlijk groot, daarbij enkele nieuwe leden die mee op jacht naar nog bloeiende planten gaan. De gevlekte/gestreepte dovenetel is een ontsnapte tuinplant. Telt wel mee omdat hij bloeit.

Ontzettend veel vruchtjes van de klimop, we zien geen bloeiende tot een volhouder er toch één vindt.

Kruldistel ziet er raar uit bij de stengel, wel een mooie bloem.

Uitgebloeide bosrank.

Kropaar met allemaal kleurtjes.

Dik vindt een cocon van een wespspin in het gras.

Verdord slangenkruid heeft wel wat.

Terug bij het bezoekerscentrum vind ik een vuurzwam met ijs er op. Ik had geen idee dat het zo fris is. Des te beter smaakt even later de chocomel.