Zondag 13 september 2026
Misschien wil de gemeente nog wat aan de spoorlijn doen, daarom blijf ik toch maar vlinders tellen. Bijzonder dat ik hier regelmatig scheefbloemwitjes zie, ze zijn nog maar net uit het zuiden hierheen gekomen.

Hooibeestje op grijskruid.

Op sectie 20 een luipaardlichtmot. Bij het Kennemermeer is die talrijk.

Omdat dit van de gemeente is weet ik nooit of er iets ingezaaid is of spontaan gekomen is, zoals dit duinkruiskruid.

Kompassla is wel natuurlijk en staat al jaren op het stationnetje. Deze plant houdt van een stenige omgeving.

Krijg nou wat, bloeiende sleedoorn en ook nog een vrucht. Het is een voorjaarsbloeier, dus best gek, het zal te maken hebben met die rare droge zomer.

Categorie archieven: Vlinders
Eitjes huismoeder
Zaterdag 12 september 2026
Bij het opruimen van het maaisel bij het Kennemermeer komen de zwartwordende wasplaten tevoorschijn.

We zijn vroeg klaar, daarom kan ik daarna gelijk de vlindertelling doen. Het wordt minder met de dagvlinders, 34 stuks. Maar de huismoeder (een nachtvlinder) heeft wel idioot veel eitjes gelegd op riet.

Doolhofzwammen
Maandag 7 september 2026
Ik ga weer eens met de excursie van Marja mee omdat het in de buurt is. Doolhofzwammen groeien op dood hout en als de boom ligt, dan zijn de doolhofzwammen plat. Bij deze staande boom groeien ze in laagjes.

Omdat het bij de Vossendel is, kan ik gelijk na afloop ook de vlinders tellen. Dat valt vies tegen, slechts 3 Icarusblauwtjes.
Zaadjes berk
Zondag 6 september 2026
Bij het vlinders tellen bij het Kennemermeer zie ik tussen de struiken door een schaduwspikkelspanner verdekt op een boom zitten.

Bij de berk pluk ik een zaadbundeltje en pluk die uit elkaar. De zaadjes lijken wel vlindertjes.

Wat lief van de zilvervlekbladroller dat hij even op een blad gaat zitten.

Plakkaatmos
Woensdag 2 september 2026
De dagpauwoog lijkt wel een bontjasje aan te hebben.

Ik weet niet of dit normaal is dat er zoveel bloemetjes van de fijnstraal zo dicht bij elkaar zijn.

Pas op het eind van de vlindertelling bij het Kennemermeer kom ik meerdere insecten tegen, zoals de grijze glasvleugelwants.

Citroenlieveheersbeestjes zijn heel klein, maar kleurt wel mooi bij de rode ogentroost.

Een onbekende muurwesp.

Al heel lang hier geen tandzaad meer gezien, maar er zit wel een tandzaadboorvlieg op de heelblaadjes.

Ik denk dat deze man sluipwesp van het soort Ichneumon bucculentus is. Het mannetje is geelzwart terwijl het vrouwtje roodzwart is met een witte achterlijfspunt. Canon R100

Een glasvleugelcicade: Cixius distinguendus misschien. Even later zie ik er nog een.

Ik zoek een soort mos tussen de plakkaatmos, ik zie het niet, zeker te droog geweest. Toch vind ik dit plakkaatmos ook geweldig.

Rupsen groot koolwitje
Woensdag 26 augustus 2026
Ik ga nog eens kijken of er nog vlinders zijn bij de oude spoorlijnroute. Dat valt me alles mee: 33 heen en 30 dagvlinders terug. Het grote koolwitje heeft het hier ook naar haar zin gehad met zoveel grote zandkool. Ik tel 9 rupsen.

De Icarusblauwtjes doen het hier ook goed.

Gehakkelde aurelia
Dinsdag 25 augustus 2026
De zwartvlekdwergspanner zit vaak in het parkeerhok bij het Kennemermeer.

Dit is wel een hele witte grote kartuizerslak.

Citroenpendelvlieg op heelblaadjes.

Onderkant van de vleugels van de gehakkelde aurelia.

En omdat het de enige gehakkelde aurelia is dit jaar die ik heb gezien, ook een foto van de bovenkant.

Zieke Izzy
Vrijdag 21 augustus 2026
Izzy wil niet meer eten en ik ga met haar naar de dierenarts. Ik moet wachten op de bloeduitslag en in die tussentijd loopt ze in de spreekkamer rond. Ze staat tegen de deur op alsof ze zeggen wil: daar kom ik vandaan, daar kan ik er weer uit. De bloeduitslag is uitstekend en ik krijg eetlustopwekkende pilletjes mee, want ze is heel mager geworden.

’s Middags ga ik de Vossendel tellen. Er vliegt een grote libel steeds heen en weer en ik blijf net zo lang wachten tot die gaat zitten. Ik kan een foto maken zodat ik kan zien dat het een vrouw blauwe glazenmaker is.

Veel weegbreemotten dit jaar.

Bij de paardenkastanje speur ik naar de paardenkastanjemineermot. Ze zijn piepklein, 2mm. De bast van de kastanje is ook al zo bijzonder van dichtbij.

Rups viervlakvlinder
Grote beer
Maandag 17 augustus 2026
Op de derde maandag van de maand geef ik altijd de excursies bij het Kennemermeer in de zomermaanden. De groep is wat kleiner, maar het enthousiasme is groot. De vorige keer schreef ik dat de bonte mijtenwesp zeer zeldzaam was, maar ik zie op waarneming.nl dat ze de laatste tijd veel worden waargenomen.

Het nazomergitje is een klein zweefvliegje.

Bruine kleuren van de gestreepte goudspanner, meestal zijn ze geler.

Therèse laat een foto zien van een uitgebloeide parnassia en geeft de parnassia aan mij, mag ik ook een foto maken, jammer, niet zo mooi als die van Therèse.

Ik loop iets achter en word opeens heel enthousiast geroepen, ze hebben een grote beer gevonden! Hij lijkt me heel vers. En zo leuk dat rode begin van de voorpootjes.

’s Middags heb ik nog schelpentelverplichting. Leuk dat ik zo vaak word gevraagd wat het allemaal is. Bij de pier zijn de paardenanemonen goed te zien. Dat roze erboven is denk ik puntig korstmoswier.

Anouk heeft een strandkrabje gevonden met gekleurde patronen.

Oranje luzernevlinder
Zondag 16 augustus 2026
Een muntvlindertje is een klein nachtvlindertje.

Nog een nachtvlindertje die niet meedoet voor de vlindertelling, een anjerbladroller.

Ik denk een wespje te fotograferen, is het een mier met vleugels.

Dit is al de zoveelste zwartvlekgrasmot die ik tegen kom.

De oranje luzernevlinder is een trekvlinder en ze zijn talrijk dit jaar.

Pyjamawantsen, nog even gezocht naar nimfen want die zijn zo schattig, maar helaas

Mannetje roodbandbeer ziet een beetje bleekjes.

Kaneelglasvleugelwants op uitgebloeide rode klaver.

Zonsverduistering
Woensdag 12 augustus 2026
’s Middags tel ik vlinders bij de spoorlijn en het schijnt dat deze vuurvlinder vroeg in het seizoen is.

Nico en ik gaan ’s avonds naar de pier om naar de zonsverduistering te kijken. Vanaf de pier neem ik een foto van de mensenmassa, die zich in een baan vanaf de strandopgang naar de zee verzameld heeft.

Ik heb mijn Sony A77ii meegenomen omdat ik daar de instellingen goed van kan regelen. Toch had ik nog beter een filter op de lens kunnen zetten.

Nico heeft nog een foto genomen van mij met m’n eclipsbrilletje van 1999.

De verduistering is zo goed als afgelopen als we alweer naar huis fietsen, maar ik stap nog wel even af bij de Vissershaven voor een plaatje.

Geelhartje
Dinsdag 11 augustus 2026
Bij het Kennemermeer tel ik naast de vlinders dit keer ook de bloeiende planten. De bloemetjes van het wilgenroosje hebben frisse kleuren.

Niet alleen het bloemetje van het geelhartje is een schoonheid, de vruchtdoosjes zijn ook prachtig.

Heel fijn dat ik de slanke gentiaan tegenkom, dan kan ik die volgende week bij de excursie laten zien.

Altijd lastig te zien welk witje er vliegt, zodra ze gaan zitten is het beter te zien, vooral als het er twee zijn!

Dat dit een sluipvlieg is zie ik wel, maar die naam ‘Peleteria rubescens’ moest ik laten opzoeken door OBS.

Rode halsbandwants op heelblaadjes.

Mooie telling met 129 dagvlinders!
Knopsprietje
Kustvlekoog
Zaterdag 8 augustus 2026
Bij mijn wekelijkse telrondje bij het Kennermermeer kom ik een heel groen vrouwtje van de citroenvlinder tegen.

Een pyjamawants zoekt zijn bedje op in de uitgebloeide peen.

Er zijn niet alleen weidevlekogen, maar ook kustvlekogen, deze dus.

De duinvilla is een wolzwever die haar eitjes ‘schiet’ in een nest van bijen en wespen. De larven van de duinvilla eten dan de eitjes of larven van de bij of wesp op.

Ik heb liever dat een daas op een heelblaadjes zit dan om mijn oren zoemt.

Vrouwtjes van een akkerhommel zijn stukken groter dan de mannetjes.

Boomvalken
Vrijdag 7 augustus 2026
Ik hoop nog wat vlinders te kunnen tellen bij de Cremermeerroute. Ze trekken zich niets van de paarden en Schotse hooglanders aan, maar het is gewoon geen vlinderrijk gebied.

Een kolibrievlinder verwacht ik hier niet, maar ze zijn nogal talrijk dit jaar.

Eerst zie ik al een boomvalk onderweg en ook een jonge klauwier.

Aan het eind van de telling sta ik met Jelle te praten als ik achter me een hoop geplons hoor. De koniks staan in het watertje verkoeling te zoeken.

Kijk hem eens lachen: “Haha, die ander denkt dat het limonade is, maar ik heb er stiekem in gepiest.”

De twee gaan in galop naar de groep die al verderop staat.

Met Jelle ga ik kijken naar de grauwe klauwieren. Ze zitten best ver weg, wel leuk een kleintje met z’n pappie.

Jelle zegt dat er zelfs meer boomvalken vliegen. Het valt niet mee om ze vliegend op de foto te krijgen.

Groene korstmosuil
Donderdag 6 augustus 2026
Gelukkig dat ik het vlekje op de muur beter bekijk. Want het is een kakelverse groene korstmosuil, zomaar in mijn eigen huis.

Ik ga vlinders tellen bij de Vossendel. Ik neem een heleboel foto’s van de kolibrievlinder die met zijn lange tong in de zeepkruid zit. Dan blijkt dat het kaartje in mijn fototoestel los te zitten. Gelijk opgelost en lief dat de vlinder er nog steeds zit.

Staartmeesjes blijven het hele jaar in Nederland en vliegen altijd in een groep.

Ik zie een roodborstje samen met een winterkoninkje. Het roodborstje blijft op de plek wachten …

… terwijl het winterkoninkje verstoppertje speelt.

Spinrag tussen de aangetaste bladeren van de paardenkastanje.

Giraffemot
Dinsdag 4 augustus 2026
’s Avonds ga ik een stukje fietsen en kom bij het parkeerhok van het Kennemermeer uit. Een onbekend bladrollertje zit in een hoekje, het blijkt een giraffemot te zijn. Weer een nieuw soort voor mij.

Zo’n rode dansmug moet toch te determineren zijn, nou nee, er zijn er te veel dansmuggen.

Ik ga nog even kijken bij het stationnetje of er al wat aan de plantenbakken is gedaan. Niet dus. Er staat smalle weegbree die ik even van dichtbij bekijk. Wonderbaarlijk die meeldraden en helmknoppen.

Hooibeestje
Zaterdag 1 augustus 2026
De onderkant van de vleugels van een distelvlinder vind ik zelfs nog mooier dan de bovenkant.

Tientallen wantsjes van de kruiskruidnysius en dan meestal met de achterlijven aan elkaar. Ze zijn heel klein, net aan 3 mm.

Opeens staat het Kennemermeergebied vol met parnassia. Een van de paradepaardjes van het gebied.

Vandaag begin van de hooimaand en gelijk komen de hooibeestjes tevoorschijn.

Zandhalmuiltje
Keizersmantel
Bijenwolven
Maandag 27 juli 2026
De gevlekte scheerling is een schermbloem zoals de peen, de vruchten daarvan zijn zo leuk.

Dat is dicht bij de fietsenstalling van de Cremermeerroute en ik zie dat er een bewaker stiekem een oogje in het zeil houdt.

De dodaarsjes worden al wat groter. Ze zijn daar steeds met z’n drietjes.

Er vliegen enkele bijenwolven bij de Koningsweg en meerdere honingbijen. Ik sta een tijdje te wachten in de hoop dat een bijenwolf een honingbij pakt, nee, niet waar ik bij sta.

Wat lief dat de man grauwe klauwier even mooi vrij gaat zitten.

Terug bij het eerste vennetje zie ik Sjek daar zitten. Hij fotografeert een jonge blauwborst, kan ik ook gelijk mee profiteren.

Mooie telling
Zaterdag 25 juli 2026
Alweer een bruine daguil op sectie 14 van het Kennemermeer.

Om de witjes van elkaar te onderscheiden maak ik als het kan een foto. Hier duidelijk een klein koolwitje.

Vrouw citroenvlinder op koninginnekruid.

Gewone koekoekshommel parasiteert op verschillende hommelsoorten.

Ik zie al meer prachtmotten, vandaag zelfs 5 en allemaal met hun koppie naar beneden.

Grote bloedbijen leven op zandgronden, waar ook de blauwe zeedistel te vinden is.

Blauwe lucht met een geel veld van heelblaadjes en rolklaver.

Insecten zijn dol op heelblaadjes, zoals de duinkegelbij.

Springspinnetjes zijn klein, maar heel snel. Ook wachten ze in een bloemetje zoals de parnassia tot er een vliegje in de buurt komt en die is dan de pineut.

Vossendel
Jonge vogels
Dinsdag 21 juli 2026
Op weg naar de Cremermeerroute zie ik de ouwe strandracer staan, lekker op haar gemakkie onder een boom.

Daarbij vliegt er wel iets over de grond en ik ben net op tijd om met mijn kleine toestel een foto van de licht daguil te maken.

Op de Koningsweg staan struiken langs het pad, daar zitten veel vogels te broeden en het is nu druk met jonge vogels, zoals een jonge roodborsttapuit.

Nu zie ik pas de eerste heidelibel dit jaar, zijn ze nou zo laat of heb ik er niet op gelet? Nou ja, de eerste roodbruine heidelibel dus.

Een klein stukje zand tussen alle grassen en struiken en gelijk zijn daar de blauwvleugelsprinkhanen. Het vrouwtje heeft sjans van 2 mannetjes.

Oeps, is die ree nou van mij geschrokken?

Natuurlijk gelijk er van door.

Dit vind ik nou van die krengen die de hele tijd om mijn hoofd zoemen en als het even kan mij bijten, ik denk dat er al heel wat dazen met mijn DNA rondvliegen, want ze hebben bloed nodig om eitjes te kunnen produceren.

Wat kijkt die jonge graspieper guitig naar me.

Dit vind ik nou leuk, een putter met 2 jonge puttertjes.

En even later nog een roodborsttapuit met zijn nageslacht.





