Harkwesp

Woensdag 18 juli 2018
Op het weiland van de Vossendel staat nog wel veel duinkruiskruid en daar zit een harkwesp op, ook leuk dat de zweefvlieg daar net in de lucht hangt.

Bij de Cremermeerroute kijk ik goed wat er allemaal op heelblaadjes zit, dit keer een metselbijtje met die grijsgevlekte ogen.

Langs het randje van de Koningsweg staan veel heelblaadjes en duindoorns, daar vliegen een paar bonte zandoogjes.

Een langlijfje op heelblaadjes.

Wat vind ik kamperfoelie toch mooi.

Twee sintjansvlinders op koninginnekruid.

Een heel erg afgevlogen grote keizerlibel. Later denk ik dat het een zuidelijke keizerlibel is, want overall staat beschreven dat de grote keizerlibel een groen borststuk heeft en de zuidelijke heeft een bruine. Toch is het de grote, vanwege de twee (licht)blauwe driehoekjes op de achterkant van het borststuk bovenop.

Bij deze foto van een mannetje kan je de kleur beter zien van de driehoekjes.

Een vrouwtje grote keizerlibel heeft groene ogen en een groener achterlijf. Hier zijn de driehoekjes ook te zien in het groen.

Ik denk dat dit drienervige zegge is.

Speerdistel

Maandag 16 juli 2018
We zien bij de excursie bij het Kennemermeer dit jaar maar weinig herfstbitterlingen. En als we een bitterling zien, dan is het zomaar de zomerbitterling die veel zeldzamer is.

Ik weet nu waar het moeraszoutgras staat, dat is heel leuk om te laten zien, zo bijzonder.

Een uitgebloeide speerdistel.

En deze heeft er een extraatje van gemaakt.

Het was even zoeken, maar we hebben de plantjes van de dwergbloem gevonden.

Een zandbijtje die zijn neus in de klaver steekt.

Zilt torkruid staat in het vochtige deel van het gebied.

Na de koffie wil Ernst nog naar de pier en ik ga een eindje mee. In de haven zie ik al jonge visdiefjes bedelen, de ouder trekt zich daar weinig van aan, die kijkt gewoon de andere kant uit.

Grauwe borstel

Zaterdag 14 juli en zondag 15 juli 2018 nachtvlinders
Vanavond is er een nachtvlindernacht georganiseerd bij het Kennemermeer. Omdat ik daar al heel lang eens wilde nachtvlinderen heb ik me daarvoor aangemeld. Een mannetje hopwortelboorder komt eerder op het doek dan de meisjes hopwortelboorder.

Wow, een grauwe borstel. Dat is het leuke als je ook eens ergens anders komt om te nachtvlinderen, dan zie je weer andere soorten.

De vliervlinder is een van de grootste vanavond.

Wat een leukerdje: de hoefijzermot.

De rietvink heb ik nu eens van voren op de foto gezet.

Ik kan wel in het circus werken: de hyena heb ik helemaal naar mijn hand gezet.

Een gewoon soort, toch heb ik hem niet eerder gezien: de variabele spanner.

Is het niet een plaatje?! De strooiselmot.

Je hebt de gele agaatspanner en de oranje, dit is de oranje agaatspanner.

Wat een edelsteentje, met een hele leuke naam: de elfenbankjesmot.

Dit is nog maar één doek. En zo stonden er nog 2 helemaal vol met vlinders.

Ik tref het dat ik net bij het goede doek sta als de grote beer langs komt fladderen. Hij is gelijk weer vertrokken ook (naar het volgende circus?).

Verder heb ik nog een hele grote watertor gezien, een hele grote ligusterpijlstaart, veel beervlinders, de braamvlinder, de vuursteenvlinder en veel micro’s, zoals de sierlijke pedaalmot. Om 4 uur ’s nachts kom ik pas thuis.

Huismoeder

Vrijdag 13 juli 2018
Na het badmintonnen gaan we met z’n allen wat drinken omdat het de laatste keer is van het seizoen.
’s Avonds zie ik een huismoeder in mijn huis, maar volgens mij heeft ze niets gedaan, hahaha, daarom zet ik haar buiten.

Jonge dodaars

Woensdag 11 juli 2018
Joke en ik zien de eerste Icarusblauwtjes dit seizoen en gelijk wordt er al voor nageslacht gezorgd.

Het is ook tijd voor zwavelzwammen zien we.

Na het tellen nemen we een ijsje bij de koffieboerderij. In het bovenste nest zit nog één jong zover we kunnen zien.

Ik zie dat ik een rupsje meegenomen heb van de Vossendel. Ik laat hem tussen de brandnetels vallen, maar thuis zie ik dat het een rupsje van de zilveren groenuil is en die zit altijd in bomen.

Bij de tankval ga ik kijken of ik een jong dodaarsje zie, het is er inderdaad maar één. Sony A68 400mm

Wat een parmantig schatje.

De heidelibel die hier vliegt is rood, dus de bloedrode heidelibel.

Over het veld met duinkruiskruid zie ik iets fladderen, dat zal de keizersmantel wel zijn.

Bovendien een dagpauwoog. Wat een kleuren!

De tekening op de onderkant van de vleugel van de keizersmantel.

Een roodborstje bij de uitgang van de Herenduinen.

Jonge roodborsttapuit

Maandag 9 juli 2018
In de buurt van de tankval zitten ook veel koevinkjes.

Ik ga de Cremermeerroute tellen. Op sectie 7 zitten 2 bruine blauwtjes.

Op sectie 4 zie ik vrijwel altijd roodborsttapuiten en vandaag een jonge.

Het voorzichtige piepje van een pieper.

Moeraszoutgras

Zondag 8 juli 2018
Nu ik weet waar moeraszoutgras staat bij het Kennemermeer ga ik kijken of ik het mooi op de foto kan krijgen. Eerst zie ik een puntsnuitbladroller die niet algemeen is.

De aardhommel is in slaap gedommeld.

Wonderbaarlijk zoals het moeraszoutgras er uit ziet.

Het staat in de buurt van heel veel heen.

En dwergzegge, maar die staat hier overal.

Ik kom nog een zilverstreepgrasmot tegen.

Ruw walstro.

Ik denk een hele kleine boorvlieg te zien, het is echter de prachtvlieg: Herina frondescentiae. Net op het moment van afdrukken springt hij.

Een bruin zandoogje in de avondzon.

Langs het fietspad ga ik nog even kijken of ik het vierentwintig-stippelig lieveheersbeestje zie. Wel het larfje gevonden, die zitten vaak in de buurt van de vraatsporen.

En daarnaast een ruitrandwants op het zeepkruid.

Kleintjes

Vrijdag 6 juli 2018
Gelukkig heb ik mijn fotospullen meegenomen naar badminton, want als ik daarna langs een sloot fiets zie ik kleine kuifeendjes, die zie ik zelden.

Maar jonge kluutjes heb ik nog nooit gezien, dus ik tref het.

Al helemaal zelfstandig.

Heel schattig.

Langs de Mooie Nel staan heel veel berenklauwen, het lijkt wel een berenbos.

Bij het slootje bij Penningsveer kijk ik naar krabbenscheer, je weet maar nooit of er een groene glazenmaker ooit komt. Ondanks het mooie weer, bijna geen juffertje te zien. Een weidevlekoog vind ik wel leuk, het is een zweefvlieg.

Aan de overkant van het slootje landt een atalanta op een berenklauw.

Langs het fietspad in de Heksloot staat roze duizendguldenkruid.

Landelijk plaatje.

Twee jonge eendenkontjes.

Bij het landje van Gruijters staat een grauwe gans tussen de goudknopjes.

Koevinkjes

Woensdag 4 juli 2018
Alleen het duinkruiskruid doet het nog goed in deze kurkdroge periode. Daar zien Joke en ik nog wel vlinders op, zoals de keizersmantel.

En op sectie 11 zitten er veel koevinkjes op en er komt nog eentje aan vliegen.

Op sectie 17 zitten er zelfs 5 koevinkjes op en één bruin zandoogje.

Ik ga een keer mee met Nico naar het ziekenhuis, maar ik heb geen fototoestel bij me. Ik krijg Nico zijn Olympus E330 mee, dan kan ik nog een rondje om. Vlak bij het ziekenhuis zitten nog piepjonge meerkoetjes.

Je ziet hoe kwetsbaar zo’n koppie is.

In het water zwemmen er 2 en op het eilandje nog 4.

Ik wil het pad door de Heksloot fietsen zoals gewoonlijk, maar opeens staat er een bord dat het alleen voor voetgangers is. Nou ja, dan maar een stukje met de fiets aan de wandel, want mijn fototoestel zit in mijn fietstas. Toevallig kom ik daar ook Maarten tegen die zegt dat ze morgen orchideeën gaan tellen bij het Kennemermeer en hij vraagt of ik ook kom. In het slootje tref ik nog 2 jonge fuutjes. Eentje krijgt nog zwemles: spreid-sluit-spreid.

Duiken gaat ook nog niet zoals het hoort, het lijkt meer op watertrappelen boven water.

Jong puttertje

Dinsdag 3 juli 2018
Vandaag loop ik de Cremermeerroute, ik zou wat vroeger beginnen, maar ik vind het zo heet, dat ik weer niet vroeg ben, terwijl het buiten heerlijk is. Ik tref het dat een jong puttertje even blijft poseren.

Op de koningsweg kom ik regelmatig een kleine parelmoervlinder tegen.

Op het voetpad zit een zwartsprietdikkopje en een groot dikkopje op slangenkruid.

Terug op mijn vlinderroute zit een roodborsttapuit, die zit daar altijd in hetzelfde gebiedje.

Opeens sta ik oog in oog met een damhert.

Die er even later als een haas vandoor gaat.

De koniks staan er als gewoonlijk heel relaxed bij. Het is net alsof er bergen op de achtergrond zijn.

Op de terugweg kijk ik bij de tankval of ik dodaarsjes zie met kleintjes. Die niet, wel 7 jonge meerkkoeten met hun ouders. Ik denk dat ze hier gevoerd worden, want zodra je daar gaat staan, dan komen ze naar je toe.

Bevertjes

Maandag 2 juli 2018
Met Hanneke ga ik een rondje Kennemermeer doen. Het zou een hele warme dag zijn, hier valt het gelukkig mee, het is ideaal weer. Ik zie iets roods in een plant, oeps, het zijn 2 moertjes met rode vleugeltjes, laat ik ze maar met rust laten.

We zijn allebei gek op bevertjes, zo leuk.

Gevleugeld hertshooi.

De zeegroene zegge die we van het voorjaar zo prachtig in bloei zagen staan heeft nu vruchten.

We kijken nog naar rond wintergroen, daar staat kwelderzegge in de buurt. We kunnen deze zegge mooi determineren omdat hij precies voldoet aan de tekening (51).

We lopen tussen de struiken door waar een smal paadje is, daar staan mooie grasjes tussen.

We gaan wat eten op het terras van een strandtent. Bij de strandopgang staat het helm ons toe te wuiven.

We gaan het gebied weer in op zoek naar zoutgras, dat is moeilijk te vinden, maar is wel gelukt. Ondertussen hoor ik een rietgors en het leuke is dat ik hem zie en niet zie, omdat hij op een rietstengel zit die steeds naar beneden buigt door de wind. Een citroenvlinder snoept van de ratelaar.

Hier en daar staan een paar plukjes veenpluis.

Hanneke ziet nog knoopkruid waar ik zomaar aan voorbijgelopen ben. Ik had het hier ook niet verwacht.

Libellenexcursie

Zondag 1 juli 2018
Ik rij door de duinen naar de libellenexcursie en ik heb meer dan 100 vlinders gezien onderweg. Ik ben op tijd vertrokken zodat ik nog even langs de plek kan gaan waar het hartgespan zou moeten staan. Helaas niet gevonden en een bruinrode heidelibel lacht me uit.

Aan de waterkant bij Midden-duin staat moerasspirea.

Libellen zien we haast niet, wel eikenpages en keizersmantels.

Tussen het groen valt een grote groene sabelsprinkhaan bijna niet te ontdekken, maar bovenop het koninginnenkruid poseert deze dame mooi.

Moeraslathyrus in bloei.

In het water staat lidsteng als kleine kerstboompjes.

Op de terugweg fiets ik langs het Vogelmeer, daar is niet veel te beleven. Een kwikstaart loopt parmantig met een juffer in zijn bek.

Stad Amsterdam

Donderdag 28 juni 2018
Ik ga nog even bij de pier kijken, vogels zijn er bijna niet. De Stad Amsterdam vaart net naar zee.

Ik fiets langs de Heerenduinweg terug en zie daar een keizersmantel heel gevaarlijk tussen de auto’s door vliegen. Daarna landt hij voor mijn voeten in de berm.

Geelpurperen spanner

Woensdag 27 juni 2018
Op het weiland van de Vossendelroute staat duinkruiskruid waar nog vlinders op af komen, zoals de sintjansvlinder.

Kleine koolwitjes zie ik niet veel, daarentegen doen de grote koolwitjes het onwijs goed dit jaar.

Kleine geaderde witjes willen ook uitbreiden.

Bij de Cremermeerroute staat veenwortel samen met rode waterereprijs in een poeltje.

Als ik weer doorloop naar de plek van de rupsen van de hermelijnvlinder zie ik daar een geelpurperen spanner, daar ben ik heel blij mee.

Honingorchissen

Maandag 25 juni 2018
Leuk dat er vandaag een paar andere mensen meelopen bij de excursie van het Kennemermeer. Ik wil ze de bijenorchis laten zien, maar die is al uitgebloeid. Oorsilene is ook leuk. Ik weet een plek waar de honingorchis staat en daar staat ook een groenknolorchis bij, maar later komen we langs een plek waar een hele groep honingorchissen staan.

We lopen langs een stengel waar een pop van een sintjansvlinder aan zit en dan vinden we ook nog de rups.

Prachtige grote plekken met teer guichelheil.

’s Middags loop ik de vlinderroute langs de spoorlijn, helaas is het stukje gemaaid waar ik voorgaande jaren het zwartsprietdikkopje als eerste van het land zag. Ik zie er nog wel 5 voor de telling, maar als ik naar de middenberm loop waar niet gemaaid is tel ik daar zomaar 34 stuks op een stukje van 20 meter.

Hartgespan

Zaterdag 23 en zondag 24 juni 2018
Vanavond is de tweede nationale nachtvlindernacht. Gisteravond was het in de AWD, maar dat vind ik te ver en te druk. Ik ben al vroeg bij het hek van NME en fotografeer hier ook de stokroossnuitkevers. Het is nog licht en Marja en ik maken alvast een rondje. Hier is een kweektuin en ik kom toevallig hartgespan tegen, daar wilde ik van de week naar op zoek gaan.

Twee seringensteltmotten zwerven hier.

Rups van een schedeldrager.

De kleine zomervlinder fladdert heen en weer, zit soms op het hek en gelukkig zie ik hem op de grond zitten, vlak voor iemands voeten die er geen erg in heeft.

De houtspaander zit ook op de grond, maar vlak bij het doek.

De gele tijger kan ik nog net fotograferen op het doek, daarna vliegt hij de struiken in.

De lijnsnuituil die ik vanavond ook in mijn tuin had die ziet er van voren zo uit 😉

Voor de eerste keer een groot avondrood.

Donkere marmeruil komt uit de kist.

Geelzwarte walstrowants.

Eikenlichtmot.

Huiszwaluwen

Woensdag 20 juni 2018
Tot onze verrassing zien Joke en ik bij de Vossendel meerdere eikenpages.

Na het vlinders tellen gaan we wat drinken bij de boerderij. Daar zitten elk jaar huiszwaluwen en nu dus ook. Ze klimmen al bijna hun nestje uit.

Ikke, ikke, ikke.

Bekkie vol.

Wat een leukerdjes

Ik ga door naar mijn Cremermeerroute. Op het eerste stuk zie ik een bruinrode heidelibel.

Weer loop ik door om te zien of de rups van de hermelijnvlinder er nog zit. Die kleine van vorige week is aardig gegroeid, hij heeft alleen nog niet zo’n leuke roze rand rond z’n koppie.

Hele lange snuit

Dinsdag 19 juni 2018
Bij de spoorlijn staan stokrozen, dat vraagt natuurlijk naar onderzoek naar de stokroossnuitkever. Die heeft een hele lange snuit, maar als je dan denkt aan een olifant, dan heb je het mis. Deze kever moet je bijna met een vergrootglas bekijken zo klein is hij (en zij).

Bij de renovatie van de spoorlijn is de den gespaard gebleven, daar zitten heel veel Aziatische lieveheersbeestjes op, ze zijn heel variabel.

De eerste zwartsprietdikkopjes van dit seizoen.

Een kraamwebspin maakt een heel huisje van rag.

‘s Avonds ga ik naar het Kennemermeer, de bijenorchissen staan mooi in bloei, het zijn er echter niet zo veel.

Vooral ’s avonds vliegen er veel ratelaarspanners. Ik zie ze ook regelmatig hun eitjes leggen op de ratelaars.

Naast de bevertjes staat nog een heel mooi grasje.

Aha, ik heb een honingorchis gevonden.

Op de heivlinderheuvel staan veel nachtsilenes.

Ratelaars in de avondzon.

Man steekvlieg met zijn grote pluimen, gelukkig steken de mannetjes niet.

Nachtvlinderen

Vrijdag 15 juni 2018
Vanavond is er weer nachtvlinderen. Ik begin thuis al met een lijnsnuituil, die is vrij gewoon, ik verwacht in het donker toch mooie soorten. Zeker leuk is de neushoornkever.

Een mooi soort is de wegendoornspanner, net als ik afdruk gaat hij vliegen.

Zo mooi zijn de lege eierdopjes van de veelvraat.

Ik heb Ben betrapt, die wilde denk ik stiekem een rozenblaadje mee naar huis nemen.

Ook vliegjes komen op het doek zitten, eentje met hele lange antennes: Macrocera phalerata.

Een Noordse kakkerlak

Ik vind de gevlamde bladroller meer een glimmende bladroller. Het kleine witje motje heeft ook nog een naam gekregen van Ben: de witte oogklepmot.

Groot visstaartje.

Vooruit, het is volop zomer, dan mag de kleine zomervlinder niet ontbreken.

Stompvleugelgrasuil.

Ik vind het leuk dat ik het pinguintje gelijk herken.

De vlinders vliegen om ons heen en soms in onze haren, zoals deze satijnvlinder.

Mooie afsluiter om kwart over 12 van het streepkokerbeertje.

Boksdoorn

Woensdag 13 juni 2018
Bij de Vossendel zijn al heel wat vogelkersstippelmotten uitgekomen. Leuk rijtje zo.

Meestal als roofvliegen paren heeft het vrouwtje een insect van het mannetje gekregen, nu niet. Misschien is dit een ander soort, dit zijn baardroofvliegen.

Eindelijk zien we een koevinkje en op een boom een hele verse gehakkelde aurelia.

Bij de strandopgang van de Cremermeerroute loop ik iets verder door, daar zie ik een bijzondere struik staan. Ik moet de naam opzoeken: het is de boksdoorn.

Er zit een goudwesp op een van de palen van de strandopgang, terwijl ik hem in de gaten hou zie ik zomaar een stel zakdragers op de paal zitten. Ik denk algenzakdragers, want er zit helemaal een plakaatje alg op het zakje. Binnenin zit het vrouwtje van dit vlindertje.

Vrouw oeverlibel met haar reebruine ogen.

Uitgebloeide sleutelbloem op sectie 1.

Daarna loop ik door over de Koningsweg voor de rups van de hermelijnvlinder. Maar eerst zit er een kleine sprinkhaan in de weg 😉

Toch gevonden! Op het kleine struikje van de populier zit op een blad mooi in het zicht de rups van de hermelijnvlinder, nog maar net uit het ei. Een verdieping lager zit nog het eitje op het blad.

Op de terugweg zie ik zelfs nog een rups, die is een week ouder ongeveer. Helaas is het rond zijn kop nog niet zo zuurstokroze, wat ik zo geinig vind.

Op het wandelpad zit een vrouw zandhagedis, ze blijft rustig zitten als ik foto’s neem.

Niet zoveel teken heeft ze, alleen één in haar oksel.

Bij sectie 3 vliegen nog maar een paar libellen en ik zie er 1 dood in het water liggen, ik denk dat dat een paardenbijter is.

Een kraai zit niet zo ver weg in een hoopje te pikken, even later vliegt hij de andere kant op. Ik heb hem niet de hele tijd in de gaten gehouden, maar hij zit opeens een pad uit elkaar te trekken.

Hokjespeul

Maandag 11 juni 2018
Op zoek naar de hokjespeul kom ik blaassilene tegen.

En terwijl ik daar foto’s van maak struikel ik bijna over de hokjespeul 😉

Af en toe kom ik nog wel eens insecten tegen, zoals deze strontvlieg op akkerdistel.

Ha, nog meer vliegjes, vliegjes op het meer. Sony A68 400mm

Ik denk dat dit het zilveren fluitje is.

Zomprus.

Eigenlijk ben ik op zoek naar de eierdopmot op rond wintergroen, omdat ik die niet kan vinden is het wintergroen zelf wel een plaatje waard.

Vanwege de stippeltjes zou je denken dat dit de struiksprinkhaan is, maar daar is ze te groot voor. Dit is dus de grote groene sabelsprinkhaan.

In de buurt van de wollige sneeuwbal zit een rups van de donsvlinder.

Bloeiend heen.

Kleine parelmoervlinder op de bloem van een braam.

Er is laatst gemaaid langs het fietspad van de Dokweg en ik was al bang dat de blauwe bremraap die daar precies stond al niet meer terug zou komen. Toch zie ik er nog 2.

Graswortelvlinder

Vrijdag 8 juni 2018
Nico roept ‘s avonds dat er een vlinder in de badkamer zit. Daar ben ik blij mee, een graswortelvlinder.

Nou ja, als ik hem buiten zet, zie ik dat er nog een vlinder in de kamer zit. De gestreepte goudspanner, die zoekt het buiten verder maar uit.

Sierlijke witsnuitlibel

Donderdag 7 juni 2018
Vandaag lopen Joke en ik de Vossendel. Niet alleen veel vlinders van het grote koolwitje dit jaar, vandaag zien we zelfs een rups.

Omdat we best goed opletten of we vlinders zien, ontgaat de smaragdlibel in het bos ons ook niet.

Ik ga naar het landgoed Duin en Kruidberg voor libellen en Joke gaat gezellig mee. Het is hier heerlijk toeven bij het water met dit schitterende weer.

Ik ga uit mijn dak als ik een sierlijke witsnuitlibel ontdek, die had ik hier helemaal niet verwacht, ook al was hij wel in de buurt van Spaarnwoude gemeld. Hij trekt zich niets aan van een grote roodoogjuffer.

De vroege glazenmaker heeft een bruin lijf en groene ogen.

Een vrouw gewone oeverlibel is net uit de larvenhuid gekropen, dat zie je aan de zilverachtige vleugels.

De ene viervlek heeft bijna geen tekening in de vleugels en deze is juist heel mooi getekend.

Dit is een libellenhuid van een larf, waar de libel uit kruipt.

We hebben samen nog wat gedronken op het terras van het hotel.

Het is hier een feest van libellen en juffers. Parende azuurjuffers.m

In een donker hoekje van het water ziet Joke jonge waterhoentjes. Bijzondere foto zo met dat groen en de weerspiegeling van het kopje.

Twee waterhoentjes lopen tussen de rododendrons.

Ik vind de gezichten van libellen niet echt mooi, maar de kleuren van de ogen van de vrouw oeverlibel wel.

Joke tikt tegen de sigaar van de lisdodde en er komt toch een hoop zaad uit gewaaid.

Er staan kunstwerken langs het water en ik ben helemaal gek van de lepelaar.

Het Friese paard van Yvonne Piller is ook geweldig.

In het water zwemmen ruisvorens (met dank aan Ben).

De grote roodoogjuffer is zo licht als een veertje.

Man sierlijke witsnuitlibel. Ze zijn zeldzaam, maar na vandaag denk ik niet meer, want hier zie ik al 3 mannetjes.

Een echte witte snuit heeft de libel.

Thuis word ik nog verrast door een zwartkamdwergspanner.