Wezeltje

Donderdag 30 augustus 2018
’s Morgens werk ik in het asiel en ik weet ’s middags nog niet of ik nog weg ga. Ik stap toch op de fiets en hoeveel mazzel kan je dan hebben als je een wezeltje ziet lopen. Ik stap gauw van mijn fiets, pak mijn fototoestel en kijk of hij nog tevoorschijn wil komen. Hij huppelt over de keien van de jachthaven en ik kan hem fotograferen, wat een gelukkie. Je ziet zijn pels glimmen.

Hij moet even goed kijken of dat mens er nog staat. De wezel is het kleinste roofdier van Europa, maar een centimeter of 15 – 20 lang.

Bij de pier zitten steenlopers, maar ook een heel mooi gekleurde bonte strandloper.

Zweefvliegen

Dinsdag 28 augustus 2018
Veel woeste sluipvliegen op het eerste stukje van de Vossendel.

Stom dat ik de helmkruidbladwesp niet gelijk herken.

Ik had nog foto’s willen maken van die prachtige oranjerode hertenzwammen, dat doe ik nu ook, alleen zien ze er niet meer zo florissant uit.

Er staan paddenstoelen die ik er nogal goor uit vind zien. Als ik ze goed bekijk zie ik dat er een schimmel op zit, dat ziet er uit als hele fijne stuifsneeuw, dus dichtbij wel mooi.

Een of andere boleet.

Ik volg een vliegende vliegende speld tot hij gaat zitten op een bloem van een braam, dan kan ik een foto maken.

Ik dacht dat ik nog steeds de vliegende speld achtervolg, tot ik zie dat het een andere zweefvlieg is: een van de platvoetjes.

Eerst bedelt een jong kraai bij een van zijn ouders, dan gaat hij zelf maar wat lekkers zoeken op het weiland van de Vossendel.

Bij het Cremermeer kijk ik nog eens heel goed of ik de kolibrievlinders zie bij de bloemetjes van de boksdoorn, helaas niet gezien.

Het paddenstoelenseizoen is al goed op gang gekomen. Hier staan plooirokjes.

Gewone bandspanners vliegen hier genoeg, maar op de foto krijgen is een tweede.

Op het open stuk staat een damhert, hij heeft mij niet in de gaten en ik kan mijn lens op hem richten tot hij opkijkt.

Op het fietspad stop ik voor een rups van de wilgenhoutrupsvlinder. Toevallig staat Dick Groenendijk er bij en hij zegt dat ik hem natuurlijk veilig over zet, dus ik pak de rups op, voelt best eng aan, als een soort rubber. Hij is ook heel groot.

Thuis zit er nog een zweefvlieg op mij te wachten: de menuetzweefvlieg, herkenbaar aan de dikke dijen.

Rosse grutto’s

Maandag 27 augustus 2018
Er liggen nogal wat Amerikaanse ribkwallen op het strand, dat is geen goed teken. Ik heb ze wel gefotografeerd, liggend op het strand, dan zijn het net plumpuddinkjes. Ik moet ze eens in een flesje of bakje doen zodat ik het licht er door kan laten schijnen. Komt nog wel eens. Een vrouwtje helmkrab is ook een mooie vondst.

Ik denk 2 kanoeten te zien, maar Yvonne wijst me er op dat ze lange snavels hebben, dus zijn het rosse grutto’s.

Ze staan steeds op 1 poot, zelfs als ze door de wind weggeblazen worden hippen ze verder op 1 poot.

Hiervoor ga je natuurlijk ook naar het strand, de ruimte, de wolken en het water.

Het licht is zo bijzonder.

De steenlopers zoeken wat dekking voor de wind achter de bergjes apenhaar en wier.

De zon komt net door een kiertje en schijnt op de golven, hoe mooi kan je het hebben.

En dan nog nagenieten op het terras, waar de musjes bedelen om een stukje brood.

Ook de kauw is in de bedelstand.

Oranjerode hertenzwammen

Maandag 20 augustus 2018
Mijn ogen mankeren niets, een hele kleine rups van een kleine beer ontdek ik zomaar op een blaadje van watermunt, terwijl we met de groep van de KNNV bij het Kennemermeer wandelen.

Er wordt getwijfeld aan de naam melkkruid die ik gaf aan dit plantje. Nu Marja een plantje met vruchtjes vindt weten we het zeker dat het melkkruid is.

De bloemetjes van wolfspoot zijn onmiskenbaar.

En dan kom je zomaar zo’n gekke uitgebloeide bloem van de rietorchis tegen.

Ik kan wel zeggen dat mijn ogen superscherp zijn, want zelfs dit allerkleinste springspinnetje zie ik op een blaadje en als ik hem wil fotograferen springt hij op mijn hand. Ter plekke weet ik al dat het een blinkertje is, maar daar zijn ook weer soorten in.

Na het koffiedrinken ga ik het strand op om naar vogels te kijken. De kleine snelle drieteenstrandlopertjes rennen weer heen en weer bij elke golfslag.

Altijd leuk om een kanoet te zien.

Dan komt er een kleinere bij hem lopen en ik denk eerst dat het een jonge kanoet is, maar het is een bonte strandloper.

Toch lopen ze een heel eindje samen op alsof ze bij elkaar horen.

Blauwe lucht en een wolkenband boven land.

Vanaf de pier kijk je op het badritueel van de steenloper …

… en de bonte strandloper zingt daarbij het hoogste lied.

Ik heb nog tijd om naar de Vossendel te gaan om vlinders te tellen. Weinig dagvlinders, maar op het weiland zie ik wel wat weegbreemotten.

Tot mijn verrassing staan er in een holle boomstronk prachtige oranjerode hertenzwammen. Ze zijn nogal bijzonder, dus ik tref het. Ik moet wel flitsen, want erg licht is het hier niet.

Kolibrievlinder

Vrijdag 17 augustus 2018
Deze week moet ik de Cremermeerroute nog lopen en daar is het vandaag een mooie dag voor. Nog even Moppie gedag zeggen, dan ga ik.

Ik hoor de jonge dodaars in de tankval en zie hem vrij dichtbij, maar voordat ik afgestapt ben zitten ouder en kind alweer wat verder weg.

De kleine zwemt al aardig zelfstandig rond.

Op weg naar de vlinderroute kom ik weer een vos tegen. Ik dacht eerst dat het het gewonde vosje was, maar deze is donkerder en wat groter.

Bij de boksdoorn blijf ik even staan kijken en dan zie ik zowaar een kolibrievlinder, heel gaaf, zijn tong heeft even pauze en is opgerold.

Nu met zijn tong languit naar een bloemetje.

Ik maak een paar foto’s van vogels in de boom en opeens zie ik dat het een goudvink is, jammer dat hij op dat moment weg vliegt.

Een groenling blijft wel op een plekje zitten.

Op de terugweg nog even langs de dodaars. Het licht is nu heel anders.

Een reegeit zie je niet zo vaak, ze blijft wel even staan.

Schotse hooglanders

Vrijdag 10 augustus 2018
Bij de tankval probeert een Schotse hooglander bij de takjes te komen, wat niet echt lukt.

Met haar lange tong lukt het toch!

Dicht bij het Vogelmeer zie ik een vosje mank lopen. Hij heeft pittige wonden aan zijn linker pootje.

Het is nog een jong ding.

Vanuit de vogelhut kiek ik het vrouwtje kuifeend. Verder zit er niet veel.

Misschien houden we het niet droog vandaag.

Damherten

Dinsdag 7 augustus 2018
De jonge dodaars in de tankval wordt al aardig groot.

Aparte kleur voor een sprinkhaan die ik zie op mijn vlinderroute op het zuidervlak.

Ik fiets daarna door richting het Vogelmeer. Eindelijk heeft het wat geregend en staat er wat water in de duinen, waar de damherten van profiteren.

Er mag best nog wel een bui vallen.

Ik ben naar het Vogelmeer gegaan om betere foto’s te kunnen maken van de zwaluwen, maar ze zitten niet meer in de boom. Er vliegen er nog wel een paar rond. Een fitis springt van takje naar takje.

Vogelenzangse bos

Maandag 6 augustus 2018
De eerste keer dat ik mee ga naar het Vogelenzangse bos op excursie met de KNNV. Het is nog steeds prachtig weer, zodat we grote kans op libellen hebben.

Marja laat iets zien op een blad en ik denk dat het een paddenstoeltje is en vraag het op Facebook in de paddenstoelengroep. Het is heel iets anders: het zijn eitjes van een gaasvlieg!

Juffers hebben lange dunne lijven, de schaduw van de pantserjuffer lijkt nog wel langer.

Dit vind ik leuk: een wespje met wapperende vleugels.

We zien eerst knoppergallen op de grond, verderop zien we verse knoppergallen nog aan de bomen.

Poelslakken zijn heel algemeen in zoet water.

Ik ben op de elektrische fiets en rijd door de duinen terug. Bij het Vogelmeer zitten heel veel boerenzwaluwen in de boom. Helaas heb ik niet opgelet en zie ik thuis dat de foto’s wat wazig zijn doordat de lens vuil is geworden.

Toch een foto wat ingezoomd omdat ik wil weten welke zwaluwtjes het zijn.

Wezepsche heide

Woensdag 1 augustus 2018
Het is weer tijd om mijn vrij-reizen-kaart van de NS te gebruiken. Bij Wezep is een stuk heide en daar ga ik heen. Vanaf het station is het bos al heel dichtbij.

Hier is het nog droger dan bij ons, het geeft wel veel kleur, maar niet de kleur die ik voor ogen had, dat was de paarse heide.

Heidelibellen voelen zich prima thuis op de heide, zoals deze steenrode heidelibel.

Geen strakblauwe luchten meer, misschien komt er binnenkort wat regen!

Er klinkt wel een heel bekend geluid, een soort getik. Als ik de roodborsttapuit zie weet ik het dus zeker.

Hier moeten Schotse hooglanders lopen, eindelijk zie ik een jong exemplaar en even later komt zijn moeder er ook aan.

Wat een enorme stier.

Nog een steenrode heidelibel, op het laatste hei dat nog in bloei staat.

Nog nooit uitgebloeid vingerhoedskruid gezien, toch herken ik het gelijk.

Ik maak geen lange wandeling, trakteer mezelf op een softijs en zo glijdt het landschap in de buurt van Kampen om kwart voor 3 aan me voorbij in de trein. Zo ben ik mooi op tijd weer thuis.

Jonge koekoek

Dinsdag 31 juli 2018
Tuurlijk moet ik even kijken bij de tankval of de jonge dodaars nog te zien is. In het noordelijke deel zie ik hem niet meer. Ik denk dat in het zuidelijke deel de enige jonge nog zit.

Ik ben op weg naar mijn vlinderroute op het zuidervlak. Een deel van de strandopgang hoort daar ook bij.

De duinen zijn gortdroog, het wordt echt tijd voor flinke buien.

Een boomvalk is aan het jagen en daarbij maakt hij wel een hele rare duikeling.

Leuk, een jonge blauwborst laat zich zien.

Eerst dacht ik weer de boomvalk te zien, maar deze vogel gaat op de grond zitten. Het is wel een heel eind weg, maar ik probeer hem toch op de foto te krijgen. Op het schermpje zie ik dat het een jonge koekoek is.

Hier lopen heel vaak damherten omdat het altijd zo rustig is in dit (verboden) gebied (waar ik een vergunning voor heb).

Ik wijk wel van mijn route af want ik zie de koekoek weer vliegen en hij landt verderop op een struik, wat niet helemaal soepel gaat.

Op de secties tel ik meer argusvlinders dan andere vlinders en buiten de secties nog een aantal.

Goudkammetjes

Maandag 30 juli 2018
In andere delen van Nederland zijn goudkammetjes aangespoeld. We hopen dat we ze hier op het strand ook vinden. En ja hoor, hier liggen ze ook, alleen niet zo massaal.

In ieder geval wel tientallen en Cora is daar heel blij mee.

De zilvermeeuwen zijn druk aan het eten van de goudkammetjes.

Bij een open zaagje zie je de spier nog zitten.

Thuis zie ik maar liefst 35 musjes aan de overkant. Ze vliegen steeds op als er fietsers langs komen.

Hageheld

Woensdag 25 juli 2018
Met Joke loop ik de Vossendel. Op sectie 19 zie ik een blauwoog grasmot. Ze verbaast zich dat ik dat zomaar zie.

We hebben heel veel vlinders geteld en wel een ijsje verdiend met dit warme weer. Een huiszwaluwtje steekt steeds zijn kopje uit het nest, dan zien we een zwaluw er bij in kruipen en die komt er even later weer uit. Dat blijkt dus een ouder te zijn.

Er vliegt er weer een in en als even later de ouder weer terug komt doen de jonge zwaluwtjes gelijk hun bekjes wagenwijd open.

Alhoewel die ene al buiten gevlogen heeft, dus zelf ook vliegen kan vangen, bedelt hij net zo hard.

Bij het Cremermeer let ik weer op de heelblaadjes en met success, hele kleine lieveheersbeestjes doen hun best om nog meer kleintjes te maken. Het zijn de ruigtelieveheersbeestjes.

Een graspieper zit vaak op dit plekje.

Ik weet dat ik vorig jaar de duindoornboorvliegjes heb gefotografeerd, maar nu ik ze weer zie verbaast het me toch dat ze zo ontzettend klein zijn.

Een roomvleklieveheersbeestje.

Hoe ik die krabspin met een prooi onder de parnassia zag weet ik niet meer, ik denk dat hij eerst boven op de bloem zat.

Zie ik zomaar een hageheld, ik denk zo vers dat hij nog wat sloom is, want ik haal gewoon de grasjes om hem heen weg.

Ik wist niet dat een vrouw rietgors zulke prachtige kleuren heeft.

Niet alleen op de secties zie ik argusvlinders, ook daar buiten.

Het jonge dodaarsje kan ik wel goed bekijken in de tankval, maar om goed te fotograferen lukt niet.

Harkwesp

Woensdag 18 juli 2018
Op het weiland van de Vossendel staat nog wel veel duinkruiskruid en daar zit een harkwesp op, ook leuk dat de zweefvlieg daar net in de lucht hangt.

Bij de Cremermeerroute kijk ik goed wat er allemaal op heelblaadjes zit, dit keer een metselbijtje met die grijsgevlekte ogen.

Langs het randje van de Koningsweg staan veel heelblaadjes en duindoorns, daar vliegen een paar bonte zandoogjes.

Een langlijfje op heelblaadjes.

Wat vind ik kamperfoelie toch mooi.

Twee sintjansvlinders op koninginnekruid.

Een heel erg afgevlogen grote keizerlibel. Later denk ik dat het een zuidelijke keizerlibel is, want overall staat beschreven dat de grote keizerlibel een groen borststuk heeft en de zuidelijke heeft een bruine. Toch is het de grote, vanwege de twee (licht)blauwe driehoekjes op de achterkant van het borststuk bovenop.

Bij deze foto van een mannetje kan je de kleur beter zien van de driehoekjes.

Een vrouwtje grote keizerlibel heeft groene ogen en een groener achterlijf. Hier zijn de driehoekjes ook te zien in het groen.

Ik denk dat dit drienervige zegge is.

Speerdistel

Maandag 16 juli 2018
We zien bij de excursie bij het Kennemermeer dit jaar maar weinig herfstbitterlingen. En als we een bitterling zien, dan is het zomaar de zomerbitterling die veel zeldzamer is.

Ik weet nu waar het moeraszoutgras staat, dat is heel leuk om te laten zien, zo bijzonder.

Een uitgebloeide speerdistel.

En deze heeft er een extraatje van gemaakt.

Het was even zoeken, maar we hebben de plantjes van de dwergbloem gevonden.

Een zandbijtje die zijn neus in de klaver steekt.

Zilt torkruid staat in het vochtige deel van het gebied.

Na de koffie wil Ernst nog naar de pier en ik ga een eindje mee. In de haven zie ik al jonge visdiefjes bedelen, de ouder trekt zich daar weinig van aan, die kijkt gewoon de andere kant uit.

Jonge dodaars

Woensdag 11 juli 2018
Joke en ik zien de eerste Icarusblauwtjes dit seizoen en gelijk wordt er al voor nageslacht gezorgd.

Het is ook tijd voor zwavelzwammen zien we.

Na het tellen nemen we een ijsje bij de koffieboerderij. In het bovenste nest zit nog één jong zover we kunnen zien.

Ik zie dat ik een rupsje meegenomen heb van de Vossendel. Ik laat hem tussen de brandnetels vallen, maar thuis zie ik dat het een rupsje van de zilveren groenuil is en die zit altijd in bomen.

Bij de tankval ga ik kijken of ik een jong dodaarsje zie, het is er inderdaad maar één. Sony A68 400mm

Wat een parmantig schatje.

De heidelibel die hier vliegt is rood, dus de bloedrode heidelibel.

Over het veld met duinkruiskruid zie ik iets fladderen, dat zal de keizersmantel wel zijn.

Bovendien een dagpauwoog. Wat een kleuren!

De tekening op de onderkant van de vleugel van de keizersmantel.

Een roodborstje bij de uitgang van de Herenduinen.

Jonge roodborsttapuit

Maandag 9 juli 2018
In de buurt van de tankval zitten ook veel koevinkjes.

Ik ga de Cremermeerroute tellen. Op sectie 7 zitten 2 bruine blauwtjes.

Op sectie 4 zie ik vrijwel altijd roodborsttapuiten en vandaag een jonge.

Het voorzichtige piepje van een pieper.

Kleintjes

Vrijdag 6 juli 2018
Gelukkig heb ik mijn fotospullen meegenomen naar badminton, want als ik daarna langs een sloot fiets zie ik kleine kuifeendjes, die zie ik zelden.

Maar jonge kluutjes heb ik nog nooit gezien, dus ik tref het.

Al helemaal zelfstandig.

Heel schattig.

Langs de Mooie Nel staan heel veel berenklauwen, het lijkt wel een berenbos.

Bij het slootje bij Penningsveer kijk ik naar krabbenscheer, je weet maar nooit of er een groene glazenmaker ooit komt. Ondanks het mooie weer, bijna geen juffertje te zien. Een weidevlekoog vind ik wel leuk, het is een zweefvlieg.

Aan de overkant van het slootje landt een atalanta op een berenklauw.

Langs het fietspad in de Heksloot staat roze duizendguldenkruid.

Landelijk plaatje.

Twee jonge eendenkontjes.

Bij het landje van Gruijters staat een grauwe gans tussen de goudknopjes.

Koevinkjes

Woensdag 4 juli 2018
Alleen het duinkruiskruid doet het nog goed in deze kurkdroge periode. Daar zien Joke en ik nog wel vlinders op, zoals de keizersmantel.

En op sectie 11 zitten er veel koevinkjes op en er komt nog eentje aan vliegen.

Op sectie 17 zitten er zelfs 5 koevinkjes op en één bruin zandoogje.

Ik ga een keer mee met Nico naar het ziekenhuis, maar ik heb geen fototoestel bij me. Ik krijg Nico zijn Olympus E330 mee, dan kan ik nog een rondje om. Vlak bij het ziekenhuis zitten nog piepjonge meerkoetjes.

Je ziet hoe kwetsbaar zo’n koppie is.

In het water zwemmen er 2 en op het eilandje nog 4.

Ik wil het pad door de Heksloot fietsen zoals gewoonlijk, maar opeens staat er een bord dat het alleen voor voetgangers is. Nou ja, dan maar een stukje met de fiets aan de wandel, want mijn fototoestel zit in mijn fietstas. Toevallig kom ik daar ook Maarten tegen die zegt dat ze morgen orchideeën gaan tellen bij het Kennemermeer en hij vraagt of ik ook kom. In het slootje tref ik nog 2 jonge fuutjes. Eentje krijgt nog zwemles: spreid-sluit-spreid.

Duiken gaat ook nog niet zoals het hoort, het lijkt meer op watertrappelen boven water.

Jong puttertje

Dinsdag 3 juli 2018
Vandaag loop ik de Cremermeerroute, ik zou wat vroeger beginnen, maar ik vind het zo heet, dat ik weer niet vroeg ben, terwijl het buiten heerlijk is. Ik tref het dat een jong puttertje even blijft poseren.

Op de koningsweg kom ik regelmatig een kleine parelmoervlinder tegen.

Op het voetpad zit een zwartsprietdikkopje en een groot dikkopje op slangenkruid.

Terug op mijn vlinderroute zit een roodborsttapuit, die zit daar altijd in hetzelfde gebiedje.

Opeens sta ik oog in oog met een damhert.

Die er even later als een haas vandoor gaat.

De koniks staan er als gewoonlijk heel relaxed bij. Het is net alsof er bergen op de achtergrond zijn.

Op de terugweg kijk ik bij de tankval of ik dodaarsjes zie met kleintjes. Die niet, wel 7 jonge meerkkoeten met hun ouders. Ik denk dat ze hier gevoerd worden, want zodra je daar gaat staan, dan komen ze naar je toe.

Libellenexcursie

Zondag 1 juli 2018
Ik rij door de duinen naar de libellenexcursie en ik heb meer dan 100 vlinders gezien onderweg. Ik ben op tijd vertrokken zodat ik nog even langs de plek kan gaan waar het hartgespan zou moeten staan. Helaas niet gevonden en een bruinrode heidelibel lacht me uit.

Aan de waterkant bij Midden-duin staat moerasspirea.

Libellen zien we haast niet, wel eikenpages en keizersmantels.

Tussen het groen valt een grote groene sabelsprinkhaan bijna niet te ontdekken, maar bovenop het koninginnenkruid poseert deze dame mooi.

Moeraslathyrus in bloei.

In het water staat lidsteng als kleine kerstboompjes.

Op de terugweg fiets ik langs het Vogelmeer, daar is niet veel te beleven. Een kwikstaart loopt parmantig met een juffer in zijn bek.

Huiszwaluwen

Woensdag 20 juni 2018
Tot onze verrassing zien Joke en ik bij de Vossendel meerdere eikenpages.

Na het vlinders tellen gaan we wat drinken bij de boerderij. Daar zitten elk jaar huiszwaluwen en nu dus ook. Ze klimmen al bijna hun nestje uit.

Ikke, ikke, ikke.

Bekkie vol.

Wat een leukerdjes

Ik ga door naar mijn Cremermeerroute. Op het eerste stuk zie ik een bruinrode heidelibel.

Weer loop ik door om te zien of de rups van de hermelijnvlinder er nog zit. Die kleine van vorige week is aardig gegroeid, hij heeft alleen nog niet zo’n leuke roze rand rond z’n koppie.

Blauwe haarkwal

Maandag 18 juni 2018
Zoveel blauwe haarkwallen heb ik nog nooit op het strand gezien, meer dan honderd.

Als er veel aanspoelt zijn er ook altijd veel (zilver)meeuwen.

Miljoenen schelpkokerwormen op het strand en ik vind het vreemd dat ze ook op de pierblokken omhoog steken, net alsof daar eerst een laag zand heeft gelegen en dat nu het zand is weggespoeld, maar de wormen zijn blijven zitten.

Cora en ik vinden ook nog een dode Jan-van-Gent. Zie ik er eindelijk eens een is ie dood.

Boksdoorn

Woensdag 13 juni 2018
Bij de Vossendel zijn al heel wat vogelkersstippelmotten uitgekomen. Leuk rijtje zo.

Meestal als roofvliegen paren heeft het vrouwtje een insect van het mannetje gekregen, nu niet. Misschien is dit een ander soort, dit zijn baardroofvliegen.

Eindelijk zien we een koevinkje en op een boom een hele verse gehakkelde aurelia.

Bij de strandopgang van de Cremermeerroute loop ik iets verder door, daar zie ik een bijzondere struik staan. Ik moet de naam opzoeken: het is de boksdoorn.

Er zit een goudwesp op een van de palen van de strandopgang, terwijl ik hem in de gaten hou zie ik zomaar een stel zakdragers op de paal zitten. Ik denk algenzakdragers, want er zit helemaal een plakaatje alg op het zakje. Binnenin zit het vrouwtje van dit vlindertje.

Vrouw oeverlibel met haar reebruine ogen.

Uitgebloeide sleutelbloem op sectie 1.

Daarna loop ik door over de Koningsweg voor de rups van de hermelijnvlinder. Maar eerst zit er een kleine sprinkhaan in de weg 😉

Toch gevonden! Op het kleine struikje van de populier zit op een blad mooi in het zicht de rups van de hermelijnvlinder, nog maar net uit het ei. Een verdieping lager zit nog het eitje op het blad.

Op de terugweg zie ik zelfs nog een rups, die is een week ouder ongeveer. Helaas is het rond zijn kop nog niet zo zuurstokroze, wat ik zo geinig vind.

Op het wandelpad zit een vrouw zandhagedis, ze blijft rustig zitten als ik foto’s neem.

Niet zoveel teken heeft ze, alleen één in haar oksel.

Bij sectie 3 vliegen nog maar een paar libellen en ik zie er 1 dood in het water liggen, ik denk dat dat een paardenbijter is.

Een kraai zit niet zo ver weg in een hoopje te pikken, even later vliegt hij de andere kant op. Ik heb hem niet de hele tijd in de gaten gehouden, maar hij zit opeens een pad uit elkaar te trekken.

Grote bonte specht

Dinsdag 12 juni 2018
Ik zit een beetje veel achter de computer, daarom stap ik ’s avonds op de fiets voor een lekker stukje fietsen door de duinen. Leuke houding van de grote bonte specht bij de volkstuintjes.

Pijpbloemen staan hier volop.

Ik fiets helemaal door naar het strand en ga daar lopend naar boven bij de strandopgang. Daar heb ik een mooi overzicht over het Zuidervlak waar ook mijn vlinderroute ligt.

Op het hoogste punt heb ik uitzicht op het brede strand van IJmuiden.

Sierlijke witsnuitlibel

Donderdag 7 juni 2018
Vandaag lopen Joke en ik de Vossendel. Niet alleen veel vlinders van het grote koolwitje dit jaar, vandaag zien we zelfs een rups.

Omdat we best goed opletten of we vlinders zien, ontgaat de smaragdlibel in het bos ons ook niet.

Ik ga naar het landgoed Duin en Kruidberg voor libellen en Joke gaat gezellig mee. Het is hier heerlijk toeven bij het water met dit schitterende weer.

Ik ga uit mijn dak als ik een sierlijke witsnuitlibel ontdek, die had ik hier helemaal niet verwacht, ook al was hij wel in de buurt van Spaarnwoude gemeld. Hij trekt zich niets aan van een grote roodoogjuffer.

De vroege glazenmaker heeft een bruin lijf en groene ogen.

Een vrouw gewone oeverlibel is net uit de larvenhuid gekropen, dat zie je aan de zilverachtige vleugels.

De ene viervlek heeft bijna geen tekening in de vleugels en deze is juist heel mooi getekend.

Dit is een libellenhuid van een larf, waar de libel uit kruipt.

We hebben samen nog wat gedronken op het terras van het hotel.

Het is hier een feest van libellen en juffers. Parende azuurjuffers.m

In een donker hoekje van het water ziet Joke jonge waterhoentjes. Bijzondere foto zo met dat groen en de weerspiegeling van het kopje.

Twee waterhoentjes lopen tussen de rododendrons.

Ik vind de gezichten van libellen niet echt mooi, maar de kleuren van de ogen van de vrouw oeverlibel wel.

Joke tikt tegen de sigaar van de lisdodde en er komt toch een hoop zaad uit gewaaid.

Er staan kunstwerken langs het water en ik ben helemaal gek van de lepelaar.

Het Friese paard van Yvonne Piller is ook geweldig.

In het water zwemmen ruisvorens (met dank aan Ben).

De grote roodoogjuffer is zo licht als een veertje.

Man sierlijke witsnuitlibel. Ze zijn zeldzaam, maar na vandaag denk ik niet meer, want hier zie ik al 3 mannetjes.

Een echte witte snuit heeft de libel.

Thuis word ik nog verrast door een zwartkamdwergspanner.