Distelvlinders

Woensdag 14 augustus 2019
Eerst kwam de eerste invasie distelvlinders met veel afgevlogen vlinders. Nu komen de verse exemplaren tevoorschijn, best veel geteld dit jaar.

Bij de vlindertelroute Cremermeer zitten veel roodborsttapuiten en ze broeden hier heel goed, dus jonge vogels zijn er genoeg.

’s Middags doe ik gelijk de Vossendelroute er achteraan. Op de eerste sectie zit een harkwesp op het pad.

Na die telling bij het Cremermeer met maar liefst VIER vlinders heb ik er bij de Vossendel gelukkig veel meer: 54 stuks!

Witte en bruine kauw

Dinsdag 13 augustus 2019
Bij het vlinders tellen op de spoorlijn tel ik aardig wat kleine koolwitjes, jammer dat er zo weinig Icarusblauwtjes zijn.
’s Middags ga ik kijken bij het strand. Een jonge zilvermeeuw kijkt mee.

Vanaf de pier zie ik nog heel wat drieteenstrandlopertjes in zomerkleed.

Met hun neuzen dezelfde kant op, tot de volgende golf weer komt, dan rennen ze allemaal weer terug.

Terug langs de jachthaven zie ik een zilvermeeuw die een mossel op de loopplank laat vallen en dat doet hij 4x voordat hij hem op kan eten. Ondanks de harde wind valt de mossel wel steeds op de planken en niet er naast! Best knap.

De witte kauw zie ik nu veel vaker, die witte mutatie heet leucistisch.

Je hebt ook een bruin-mutatie zoals deze kauw, die meer bruin heeft.

Plakkers

Woensdag 7 augustus 2019
Met Joke tel ik vlinders bij de Vossendel. Een klein geaderd witje is gepakt door een tandkaakspin.

We gaan een ijsje eten bij de koffieboerderij. Er zit daar nog één huiszwaluwtje in het nest, maar we zien niet dat er nog gevoerd wordt.

Ik fiets naar de vijver van Velserbeek, daar zitten in deze tijd altijd wel libellen. In ieder geval is het een orgie van roodoogjuffers.

Langs de Stationsweg fiets ik terug, dan zie ik wat op een boom zitten. Het zijn maar liefst 3 vrouwtjes plakker die aan het eitjes leggen zijn.

De pop van de vlinder hangt er naast, met een vervellingshuidje van de rups.

Mooie excursie

Maandag 5 augustus 2019
Met de KNNV loop ik mee met de maandagmorgenexcursie in duingebied Bleek en Berg. Iemand wijst ons op beekpunge. Dat behoort tot het geslacht Veronica (ereprijs), terwijl waterpunge een Primulaceae is (vijf kroonbladen). Punge betekent buidel.

Nog een leuke ontdekking: een wespenorchidee.

We komen precies op het goede moment: een geoorde fuut met een jonkie.

En vlak voor ons zelfs een jong van een dodaars, hij vangt nog een visje ook. Zo lang wil ik al eens jonge dodaars fotograferen en nu zit er zomaar een vlakbij.

Kleine steentijm komt nog maar sporadisch voor in Nederland.

Marja zegt dat als je de heuvel op gaat dan kom je als je het pad volgt gewoon weer op hetzelfde punt uit. Ik wil dus van bovenaf een foto van de groep maken, alleen staan er te veel bomen voor. Ik loop door, maar de groep zie ik niet meer.

Ik ben veel te snel gelopen, want ik kom al bij de parkeerplaats uit en is nog niemand. Heb ik wel mooi de gelegenheid om koolwantsjes te fotograferen en een grote rupsendoder.

Het duurt nog een aardig tijdje voordat ze komen, daarna gaan we met de groep koffie drinken.
Ik hoop dat de jonge dodaars nog zo dichtbij zit, daarom ga ik weer naar de Oosterplas, ja, dat had ik gedroomd, nu zitten ze verder weg. Een jonge fuut jaagt op visjes en dat lukt aardig.

Wel erg leuk dat jonge dodaarsje.

Later op de middag loop ik toch nog met Frank strandwacht. Er liggen grote banken met schelpkokerwormen en daar pikken de zilvermeeuwen van. Ik kan er zelfs een fotograferen. Ik had zo’n beest nog nooit gezien.

Op het fietspad valt mijn oog op een ketting van slakjes op een lantaarnpaal, wat een grappig gezicht.

In het parkeerhuisje kijk ik nog naar nachtvlinders. Jammer dat er een vertrapte groene korstmosuil op de grond ligt.

Het is spreeuwentrek en heel veel spreeuwen strijken neer in de bramenstruiken. Dit is een jonge spreeuw.

Witte kauw

Zondag 4 augustus 2019
Op de heenweg richting strand zie ik de witte kauw weer.
Voor de zekerheid loop ik vandaag in mijn eentje strandwacht, want Frank heeft het in zijn rug. Behalve heel veel halfgeknotte strandschelpen ligt er niet veel bijzonders. Op het strand lopen wat jonge kokmeeuwen, zilvermeeuwen en scholeksters.

Op de terugweg kan ik heel wat foto’s maken van de bijna witte kauw.

België

Donderdag 1 augustus 2019
Lekker ritje met de trein, vanaf Sloterdijk gaat de sneltrein in één keer naar Maastricht. Daar huur ik een OV-fiets en ga richting St. Pietersberg. Onderweg in Maastricht kom ik natuurlijk al mooie plekjes tegen.

Bij een boomgaard hangt een bord dat je daar zelf fruit mag plukken. Dat vind ik wel heel aardig. Ik loop daar een heel tijdje rond op zoek naar insecten, bij de rottende pruimen op de grond zie ik wespen genoeg. Ik pluk 3 pruimen en eet er 2 op, die zijn verrukkelijk. De derde is al half opgevreten, die gooi ik weg.

Ik fiets een stukje en opeens ben ik bij de Sint Pietersberg. Ik zet de fiets op slot en ga daar naar boven. Ik dacht altijd dat het een hele berg zou zijn, maar het is meer een heuvel.

Twee vrouwen vragen of ik een foto van hun wil maken, want dit is het einde van het Pieterpad dat ze hebben gelopen in de loop der jaren. Ze mogen van mij ook een foto maken.

In de nissen van het fort zie ik 2 jonge zwarte roodstaarten. Die ene kan ik mooi in beeld krijgen.

Een bij op een speerdistel.

Na een klein eindje fietsen kom ik al bij de ENCI-groeve uit. Daar sta ik een tijd te kijken want ik hoop daar een oehoe te zien. Ook een andere fotograaf met een telescoop staat te turen, maar niks hoor.

Wel een schitterend gezicht zo.

Er is een uitkijkpunt gemaakt en ik zie beneden schapen lopen.

Vanaf het uitkijkpunt kan je via trappen een heel eind naar beneden lopen.

Zelfs daar waar de schapen lopen mag je wandelen (denk ik).

Ik fiets terug naar waar ik begon bij de ENCI-groeve en ga een heel eind door een bos. Daarna wordt het weer open en in de verte staat het kasteel Cannes.

Ongemerkt ben ik in België beland. Ik ga over de brug die over het Albertkanaal is gebouwd.

Ik wil nog een stukje langs het Albertkanaal fietsen, maar ben toch verkeerd gereden. Ik ga terug en dan kom ik er wel lang. Dan gaat er een weggetje door een bos met een heel smal beekje. Een man staat te kijken naar iets, dan zegt hij iets in het Frans tegen me en ik begrijp dat hij het over beversporen heeft. Hij loopt hier elke dag en heeft niet eerder die sporen gezien zegt hij in het Nederlands.

Ik fiets terug naar Maastricht en kom dan langs het kasteel Cannes. In Maastricht fiets ik een beetje op gevoel richting station en kom opeens langs het Vrijthof.

Bij het station koop ik in een winkel een salade en een flesje en aanvaard de terugreis. Dit heb ik gefietst en gelopen:

Sigaarzakdrager

Dinsdag 30 juli 2019
Met Joke loop ik de Vossendelroute. Ik laat haar 3 soorten zakdragers op een kastanjeboom zien: een gewone zakdrager, een hoornzakdrager en die lange is een sigaarzakdrager. In die zakjes zitten de vrouwtjes van die vlinders.

Ik fiets terug door Schoonenberg en daar poedelen een paar koolmeesjes in een laagje water.

Als ik door Velserbeek fiets ga ik even bij het hertenkamp kijken. Het lijkt wel of er een zomertaling zit, dus ga ik dichterbij kijken, helaas zie ik hem dan niet meer, dus het zal wel gezichtsbedrog geweest zijn. Een blauwe reiger ligt lekker in het zonnetje.

Een stelletje nijlganzen heeft nog maar 1 pulletje die dapper tussen de ouders stapt.

Grote insecten

Maandag 29 juli 2019
Leuke vlindertelling bij de spoorlijn. Een verse distelvlinder landt vlak voor me, een oranje luzernevlinder die wel wil poseren, rupsen van de kompassla-uil en pyjamawantsen aan het paren. Apart is de vrijwel witte kauw die ik zie, daarvoor heb ik niet de goede camera bij me, de foto’s komen nog wel eens.
De rupsen van de kompassla-uil eten het liefst de knoppen van de kompassla.

Heel veel rupsen zelfs van de kompassla-uil.

Een pyjamawants die het hogerop zoekt, zou daar zijn bedje zijn?

De oranje luzernevlinder wilde zelfs poseren.

Ik ga de Cremermeer-vlinderroute lopen. Een behangersbij snijdt stukjes uit een blad om daar haar nest mee te behangen. Leuk dat ik die weer eens zie met een blaadje.

Ja hoor, op het stuk waar ik niet hoef te tellen zie ik 5 distelvlinders, 3 bonte en drie bruine zandoogjes, een icarusblauwtje, een argusvlinder, een hooibeestje en 3 citroenvlinders.

Een harkwesp op koninginnekruid.

Op sectie 3 en 4 zie ik vaak damherten, dit keer zie ik 2 reeën.

Een hermelijnbladroller op de besjes van duindoorn.

Leuk dat er ook een duindoornboorvlieg zit.

Als ik mijn rondje heb gedaan ga ik nog even terug naar het stukje waar zoveel vlinders zaten. Daar tref ik een jonge blauwborst.

Niet zo veel vlinders meer, wel een vrouwtje grote kommazweefvlieg.

Pallopterida muliebris

Zaterdag 27 juli 2019
In het asiel vind ik het vliegje (Pallopterida muliebris) die ik al heel lang op mijn verlanglijstje heb staan, jammer dat het dood is, maar nu kan ik het wel van alle kanten fotograferen.

Op de schuur zit een granietmot op het beton, lekkere camouflage.

’s Avonds ga ik nog fietsen in de Herenduinen. Een jonge roodborsttapuit gezien.

Vlaamse gaai

Dinsdag 23 juli 2019
Het is 27 graden, best warm om vlinders te tellen. Op het weiland van de Vossendel kom ik een eikenpage tegen, de tweede op de route.

Op het andere open stukje een blauwvleugelsprinkhaan.

Maar ook een duinsabelsprinkhaan die niet zo algemeen is.

Aan het eind van de route staat heel veel bosandoorn, het meeste is uitgebloeid, een paar nog niet.

Ik kom op de route 2 jonge bonte spechten tegen. Eerst een op het pad en later een die vrij dicht bij zit, alleen jammer van die takken.

Bij de Cremermeerroute zie ik er nog een bij de strandopgang.
Er zijn niet veel insecten, alleen de soldaatjes vermenigvuldigen zich waar je bij staat.

Drie kleuren Schotse hooglanders op één plaatje.

Het is al bijna 7 uur en nog steeds heel warm. De Vlaamse gaai heeft ook last van de warmte, maar nu heb ik eindelijk het gelukkie dat hij even blijft zitten.

Het is alsof iemand al zijn schoen heeft gezet, wel op een rare plaats.

Na de tankval zie ik maar liefst 7 zanglijsters, een paar jonge en deze mooie.

Prachtdag

Maandag 22 juli 2019
Gezellig dat Helma en Henk een dagje op visite komen. Kan ik ze gelijk de schoonheid van de Kennemermeer laten zien en dat kunnen ze zeker waarderen. Je weet ook niet wat je ziet als je de kleine bloemetjes uitvergroot zoals het sierlijk vetmuur ook wel krielparnassia genoemd.

Het zilt torkruid ziet er uit als een wit schempje tot je het in de macro-stand ziet.

We gaan wat eten en daarna de pier op. Enkele steenlopers in zomerkleed.

Maar 1 enkele paarse strandloper, ook in zomerkleed, wel heel herkenbaar aan de snavel.

Een aalscholver is zijn kleedje aan het drogen.

Op de terugweg ziet Helma een wulp. Ik was al blij dat ze op visite waren, nu is het helemaal super 😉 De wulp heeft een blaasjeskrab te pakken.

Hier ben ik heel blij mee (en Helma ook).

Een jonge spreeuw zit lekker vliegjes tussen het wier te pikken.

Wat was het een hartstikke leuke, gezellige dag.

Keizersmantel

Donderdag 11 juli 2019
Op sectie 3 van de Vossendel komen Joke en ik een keizersmantel tegen die nogal vliegerig is. Op sectie 4 zien we er weer een en misschien is dat dezelfde.

Het einde van sectie 19 is de plek waar de koevinkjes zitten.

Bij sectie 7 zit een bruine pissenbed heel stil, ik fotografeer hem en wil hem dichterbij hebben, maar dan is hij toch snel. Zoef weg is ie.

Vorige keer dacht ik dat de gallen uit de naaldbomen waren gevallen, maar het zijn aardappelgalwespgallen en vallen uit de eiken. Het zijn er meer dan 100. Ik breek er een door zodat ik de binnenkant kan zien.

Sommige geaderde witjes zijn bijna zwart geaderd, andere hebben weer donkergele aders.

Op de Cremermeerroute houden de damherten me altijd in de gaten.

Een jonge blauwborst is zich aan het poetsen en heeft mij niet in de gaten.

Wat een geluk dat het maar een klein stuk is dat verbrand is, potverdorie de duinen zullen maar in de brand staan als ik er rond loop en als ik er niet ben is het al erg genoeg.

In de buurt bij de uitgang staat een ree, ik zie het te laat en fiets even terug. Gelukkig blijft hij staan. Hij heeft maar 1 hoorn (een eenhoornree?).

Wolhandkrab

Maandag 8 juli 2019
Voordat ik het strand op ga fotografeer ik een jonge kokmeeuw in de jachthaven. Het is daar zo ondiep dat het lijkt alsof hij over de bodem loopt.

Een enorme wolhandkrab vinden we op het strand.

Visdiefjes en een jonge grote stern die roept, maar daar wordt niet naar geluisterd.

Jonge kuifeendjes

Vrijdag 5 juli 2019
In het munitiebos toch weer een nieuw soort vlieg gezien: de dikdijbastvlieg. Naam heb ik via Facebook, toch wel handig.

Een vlieg op moederkruid.

Witte halvemaanzweefvlieg nog wapperend met de vleugels.

Klein wespje met flinke biceps.

Vliegende speld op grote klis.

Op een bunker in de Heksloot zitten steeds 2 kneuen, dit keer niet eens zo ver weg.

Gelijk door naar het landje van Gruijters waar ik aan de overkant jonge bergeenden zie.

Een kluut en een lepelaar dicht bij elkaar.

In een sloot bij de weilanden van Velserbroek zit een trotse moeder kuifeend met 6 kleintjes.

Ze doen allemaal hun eigen ding, de voorste ligt op zijn rug, de linker is aan het poetsen, de middelste neemt een duik en de rechtse is aan het relaxen.

Prachtsmalsnuitje

Woensdag 3 juli 2019
Vandaag gaan we wel orchideeën tellen bij het Kennemermeer. Ik tref het dat ik dan net een prachtsmalsnuitje zie, wat een bijzonder vlindertje.

We tellen dus de groenknolorchideeën en de honingorchideeën.

Omdat Maarten er niet is tel ik een deel in m’n eentje. Als ik mijn fototas even neer zet komt er gelijk een ekster op af, die denkt dat er wat lekkers te halen is.

Een steekvlieg op de honingorchidee.

De moeraswespenorchidee tellen we niet, daar staan er zoveel van.

Tegen etenstijd is de ekster er weer, hihi. Hij krijgt een stukje brood met pindakaas. Canon SX60HS

Wilde peen, dat zie je zo, haha.

Dankbare plant, komen insecten op af en woekert niet.

Een duinrouwzwever met meeldraden van de moeraswespenorchidee op z’n kop.

Joop en ik lopen de vlinderroute hier, maar dat gaat in rap tempo en levert niet veel op. We zien denken we knoopkruid alhoewel het er toch anders uit ziet en we nemen er foto’s van. Later hoor ik dat het de bergcentaurie is.

Kunstwerken

Maandag 1 juli 2019
Bij het Kennemermeer zou ik orchideeën gaan tellen dacht ik, toch verkeerd begrepen, er is niemand. Nou ja, kan ik naar de ‘kunstwerken’ kijken op de parkeerplaats.

Ik fiets een rondje in het havengebied en kom langs Semafoor waar volgens Richard een nest torenvalken zit. Ik kijk wel even rond, maar ik weet nu al zeker dat ik het niet kan vinden. Ik pak mijn verrekijker en zie dat ze op Forteiland meeuwen aan het ringen zijn. De man rechts houdt 2 jonge meeuwen in zijn hand. De helmen zijn nodig tegen de aanvallen van de meeuwen die dat niet leuk vinden.

Nog maar een stuk gefietst en ik kom langs de Heerenduinweg. Daar zitten 2 eksters, de ene heeft een extreem lange staart en de ander heeft flink ingeleverd.

’s Avonds ga ik met Richard naar het Semafoor, daar laat hij het nest van de torenvalken zien.

Op de terugweg kom ik langs de Haringkade waar jonge meeuwen op het dak zitten. Ach gossie, die poten!

Kleine mantelmeeuwen hebben gele poten.

Libellenexcursie

Zondag 30 juni 2019
De KNNV doet een wandeling Middenduin voor een libellen- en vlinderexcursie. Deze dikke kever is een kleine julikever.

Tandem watersnuffels.

Die mooie aar van de kalmoes is me nooit eerder opgevallen.

Waar riet is zijn rietkevers denk ik wel eens.

Hier zie ik vaker het zwarte verfdrupje.

Zo’n kans krijg ik niet vaak dat een jong fuutje zo dicht bij zit.

Ze zijn zo leuk.

Met hun geinige maskertjes.

Het is alsof ze zich geen raad weten met hun poten, toch schieten ze soms als een motorbootje vooruit.

We zien ook nog een mooie eikenpage. De gevlekte smalboktor is algemeen, toch is dit de eerste voor mij.

De kleine moeraswapenvlieg staat er netjes op.

Nog niet veel gezien dit jaar: de kleine vuurvlinder. Hier op ratelaar.

Veel larven van een bladwesp op de wederik.

Terwijl Renate druk aan het libellentellen is vind ik een bruine winterjuffer, dat vindt ze heel leuk. Kan ze ons gelijk wijzen op de houding van de vleugels, die aan een kant van het lijf gehouden worden. Ook bijzonder zijn de blauwe ogen.

Ernst ziet blaasjeskruid in het water, dat is een vleesetende plant.

Hooglanders

Donderdag 27 juni 2019
Alhoewel ik weinig sint-Jacobsvlinders heb gezien zijn de rupsen er wel.

Wat lief een jonge Schotse hooglander met sproeten op zijn neus. O nee, dat zijn vliegen.

Met een zorgzame moeder. Bij de tankval.

In de Herenduinen staan een heleboel pijpbloemen bij elkaar.

Op de vlinderroute ‘Cremermeer’ kom ik nog een graspieper tegen.

Een groot dikkopje op veldhondstong.

Een bruin en zwarte hooglander in het mooie landschap waar ik vlinders tel.

Op de terugweg weer gekeken bij de dodaars in de tankval, kom ik thuis zie ik op de foto dat er jong dodaarsje links op het nest zit, had ik dat geweten, dan was ik denk ik toch wat dichterbij gaan staan.

Wesp met diamantjes

Vrijdag 21 juni 2019
Ik ga weer insecten zoeken in het munitiebos. Als ik daar naar toe fiets kom ik 2 groene spechten tegen die op een grasveldje zitten. Jammer, jammer, jammer, dat ik ze niet op de foto heb kunnen krijgen, ze zijn ook zo schuw.
Dankzij goed zoeken vind ik best veel hele kleine insectjes, deze menuetzweefvlieg is daar nog groot bij.

Een aardhommel is sowieso groot.

Ik denk dat dit een goudwesp is, niet eens zo heel klein voor een goudwesp. Het lijken wel diamantjes op zijn lijf.

Marker Wadden

Vrijdag 14 juni 2019
Waarneming en Natuurmonumenten willen soorten tellen op de Marker Wadden en nodigt mensen daarvoor uit op Facebook. Dat is natuurlijk een geweldig aanbod. Toen ik in de trein zat regende het nog. Om 12 uur varen we vanuit Lelystad uit en dan is het prachtig weer. In de haven ligt de Batavia en er voor zie je een hooverflyer die zijn best doet, maar steeds in het water valt.

Het lijkt wel een maanlandschap op het nieuwe land.

Toch begint het al aardig groen te worden.

Want het staat helemaal vol met moerasandijvie.

Ach een klein kluutje en zijn moeder gaat er een tijdje vandoor, even rust voor haar/hem.

Niet gek dat er al korenbloemen staan, ze zijn prachtig.

Dit is de moerasandijvie van dichtbij.

Vanuit de kijkhut ‘Lepelaar’ zie ik heel wat casarca’s, vind ik geweldig. Veertig jaar geleden zag ik zo’n eend in het Noordzeekanaal zitten, daarna nooit meer gezien. Het schijnt dat ze hier ruien.

Iemand zegt dat er een boerenzwaluw voor de hut zit, maar ik zie hem niet. Ik hang mijn fototoestel uit de kijkpost en gok dat ik hem op de foto kan krijgen en dat lukt aardig.

Eindelijk eens het goudknopje van dichtbij kunnen fotograferen.

Copulerende strekspinnen: dus spinnen hebben het eiland al wel veroverd. Sony A77ii 18-55mm

Een hoefbladvedermot zou kunnen kloppen, want er staat genoeg klein hoefblad.

Jammer dat we alweer richting de Willem Barentsz moeten, want half 6 vertrekt die weer.

Toch nog een mooi plaatje van grote klaprozen.

Het wordt weer iets bewolkt en dat geeft een heel bijzondere sfeer over het water.

Ook machtig mooi die zonnenstralen.

Op de heenweg zijn we natuurlijk ook langs dit beeld gevaren. Het staat er vanwege de Exposure 2010.

In Lelystad ga ik wat eten op een terras. Daarna nog een tijdje op de bus wachten en ondertussen de vogels fotograferen die gebruik maken van de gierzwaluwnesten. Een spreeuw gaat naar binnen en buiten en een huismus, waarbij hij zijn staart als steun gebruikt.

Poelruit

Zondag 9 juni 2019
Bij het Kennemermeer staat de hokjespeul nog niet in bloei, de blaassilene die er bij staat wel.

Er zijn gigantische ‘kunstwerken’ geplaatst op de parkeerplaats.

Ik zie 2 goudvinken vliegen, ik weet niet waar ze landen en geef het op. Ik hoor al een maand lang de (tuin)fluiter hier, helaas nog niet één keer kunnen zien. Dan ga ik maar insecten zoeken. Ik heb bijna een vergrootglas nodig voor deze knutjes.

Ik kom Anneke tegen en terwijl we staan te praten wijst ze moeraszoutgras aan, daar ben ik natuurlijk heel blij mee.

Wilgenhaantjes zijn best klein.

Tussen het riet staat blauw glidkruid.

Dat is in de buurt van poelruit, dat nu bloeit.

Een wegslak op het pad.

Futekes

Zaterdag 8 juni 2019
Met de trein naar Bovenkarspel kom ik langs de weilanden in de buurt van Purmerend, heerlijk die ruimte daar.

Wandelend naar de jarige job wandel ik over de brug over het water waar ik vroeger nog geschaatst heb.

Op de heenweg zag ik al deze fuutjes, nu zijn ze samen met beide ouders. Er staat wel een straffe wind.

Konijntje

Donderdag 6 juni 2019 (keizerlibel niet gedaan)
Nadat ik met Joke de Vossendel heb geteld, waarbij we maar 5 vlinders zagen, ga ik door naar de Cremermeerroute. Onderweg zie ik een schattig konijntje die even blijft zitten voor een foto.

Weer een hele kudde koniks bij het begin van mijn volgende route. Eentje doet rek- en strekoefeningen.

Grasmussen zitten heel vaak boven in de bomen en struiken en zijn niet zo heel moeilijk om te fotograferen.

Op de terugweg nog een kleine parelmoervlinder gezien.

Bij de tankval kijk ik of ik misschien kleine dodaarsjes zie. Ja hoor, dat is wel grappig, het is net alsof vader ze naar de crèche brengt, daarna gaat hij verder met het bouwen van het nest voor de volgende generatie. Ze zijn superschattig.