Doolhofzwammen

Maandag 7 september 2026
Ik ga weer eens met de excursie van Marja mee omdat het in de buurt is. Doolhofzwammen groeien op dood hout en als de boom ligt, dan zijn de doolhofzwammen plat. Bij deze staande boom groeien ze in laagjes.

Omdat het bij de Vossendel is, kan ik gelijk na afloop ook de vlinders tellen. Dat valt vies tegen, slechts 3 Icarusblauwtjes.

Zieke Izzy

Vrijdag 21 augustus 2026
Izzy wil niet meer eten en ik ga met haar naar de dierenarts. Ik moet wachten op de bloeduitslag en in die tussentijd loopt ze in de spreekkamer rond. Ze staat tegen de deur op alsof ze zeggen wil: daar kom ik vandaan, daar kan ik er weer uit. De bloeduitslag is uitstekend en ik krijg eetlustopwekkende pilletjes mee, want ze is heel mager geworden.

’s Middags ga ik de Vossendel tellen. Er vliegt een grote libel steeds heen en weer en ik blijf net zo lang wachten tot die gaat zitten. Ik kan een foto maken zodat ik kan zien dat het een vrouw blauwe glazenmaker is.

Veel weegbreemotten dit jaar.

Bij de paardenkastanje speur ik naar de paardenkastanjemineermot. Ze zijn piepklein, 2mm. De bast van de kastanje is ook al zo bijzonder van dichtbij.

Groene korstmosuil

Donderdag 6 augustus 2026
Gelukkig dat ik het vlekje op de muur beter bekijk. Want het is een kakelverse groene korstmosuil, zomaar in mijn eigen huis.

Ik ga vlinders tellen bij de Vossendel. Ik neem een heleboel foto’s van de kolibrievlinder die met zijn lange tong in de zeepkruid zit. Dan blijkt dat het kaartje in mijn fototoestel los te zitten. Gelijk opgelost en lief dat de vlinder er nog steeds zit.

Staartmeesjes blijven het hele jaar in Nederland en vliegen altijd in een groep.

Ik zie een roodborstje samen met een winterkoninkje. Het roodborstje blijft op de plek wachten …

… terwijl het winterkoninkje verstoppertje speelt.

Spinrag tussen de aangetaste bladeren van de paardenkastanje.

Libellen

Dinsdag 14 juli 2026
Leuk toch, zo’n blauwe schildwants op de knopjes van koninginnenkruid.

Altijd even kijken bij de tankval. Die vuurlibel zit wel te pronken, maar als je goed kijkt zie je veel larvenhuidjes van libellen en juffers op de boomstronk.

De witte kwikstaart heeft dorst.

Bruinrode heidelibel op het pad.

In Schoonenberg ga ik nog even kijken of het ijsvogeltje er zit, maar ik heb gehoord dat ze daar niet meer gezien zijn. Een bloedrode heidelibel laat zich rustig fotograferen. Libellen komen toch al heel vaak op hetzelfde takje zitten na een rondje.

Koevinkjes

Woensdag 8 juli 2026
Het eerste koevinkje zit al op me te wachten bij de vlindertelling van de Vossendel.

Het gras is al zo verdroogd dat de oeverlibellen zich niet in de vegetatie meer kan verstoppen.

Het vrouwtje van de pluimvoetbij heeft veel haren aan haar achterpoten waar de stuifmeel aan blijft hangen. Soms zie je ze tussen de tegels een holletje graven waarbij ze het zand achter zich werpen.

Er vliegen meer zwervende heidelibellen dan andere jaren.

Ik heb al veel koevinkjes geteld, maar net na sectie 12 tel ik op 1 plek 29 stuks.

Daar zit ook een groot koolwitje op het duinkruiskruid.

Het is goed dat er duinkruiskruid staat want ook vrouw keizersmantel profiteert er van.

Smalboktor

Dinsdag 30 juni 2026
Dat hartje van de hoyabloem is een schoonheid op zich.

Vreemde kevertjes die viltbandkevers met hun kop helemaal naar beneden.

Meestal hebben wolfspinnen een wit eipakket onder hun lichaam. Ik weet niet waarom het hier groen is, of dat het stadium is of dat dat bij een bepaald soort spin hoort.

Zo, die zwartstipspanner is er even mooi voor gaan zitten.

Nou lekker dan, hang je daar zonder achterlijf. Veldsprinkhaan.

De wolligste hommel is de veldhommel, zo lekker fluffy.

De weegbreemot kom ik zo vaak tegen op het weiland van de Vossendel.

Zie ik iets donkers op een blaadje, dan valt mij dat op. In dit geval is het een zeer zeldzaam venstervlekmotje, jammer dat het dood is.

Gevlekte smalboktor smikkelt van duinkruiskruid.

Het feest van koevinkjes is losgebarsten. Op de secties alleen al 30, maar hier zitten er 29 bij elkaar, alleen net buiten een telsectie.

Zo’n gewoon krieltje zou je bijna schattig noemen.

Vreemde antennes heeft de eikenlichtmot.

Rupsen hermelijnvlinder

Maandag 22 juni 2026
Soms kom ik bloeiwijzen tegen die zo grappig zijn, zoals bij de smalle weegbree langs het voetpad van de Vossendel.

De twee rupsen van de hermelijnvlinder zitten er nog steeds. Ik denk dat ze nu gauw gaan verpoppen. Zo grappig die harige slofjes. Onderaan zie je ook nog de 2 eitjes waar ze uitgekomen zijn.

Bij de tankval vliegen wat libellensoorten en het mannetje vuurlibel gaat regelmatig zitten.

Best veel watersnuffels vliegen boven het water.

Groot heksenkruid

Dinsdag 16 juni 2026
Ik ben benieuwd of de rupsjes van de hermelijnvlinder er nog zitten bij de Vossendel. Jazeker, nog steeds op dezelfde bladeren zelfs en ze zijn groter gegroeid.

Even verderop een donkere marmeruil, ik krijg hem net op de foto tussen het gras door.

Zijn ze niet om op te vreten de hondsdrafsnoepjes, hihi.

Bij de tankval even naar de libellen kijken. Een man grote keizerlibel laat zich goed zien.

Er vliegt één man vuurlibel rond. Die gaat even op de tak zitten en later zie ik op de foto dat er dan net een wespje achter vliegt.

In het bos staan een paar planten van de bosandoorn.

En heel veel groot heksenkruid.

Er vliegt een groep staartmezen steeds voor me uit, maar heel moeilijk te fotograferen in het bos. Toch gelukt en jeetje van heeft die een lange staart zeg.

Aan de andere kant van het pad een jonge staartmees, beetje in bedelhouding met die staart wijd.

Aan de voet van een vogelkers zit een nest van de vogelkersstippelmot en er zijn al een paar uit de pop.

Ik volg een duinrouwzwever en als die op de grond landt zie ik dat er rechts een tuinhangmatspin er naar toe sprint. De vlieg had hem in de gaten.

Een kunstwerkje van bloeiend gras.

Als ik klaar ben met de vlindertelling zie ik nog een gevlamde bladroller, dat maakt voor de telling niks uit, die telt toch niet.

Hommels

Maandag 1 juni 2026
Ik hoop dat er wat vlinders zijn bij de Vossendelroute. Tja, een vrouw oeverlibel is geen vlinder.

Een kevertje op helmkruid met de toepasselijke naam: donkere helmkruidbladschaver. Het helmkruid moet er niks van hebben en steekt z’n tong uit.

Hele fijne bloempjes van grasmuur.

Oooh, 2 kleine rupsjes van de hermelijnvlinder, bovenop het blad van de balsempopulier. Een verdieping lager zitten de 2 opengebroken eitjes op een blad. Wat gaaf. Volgende keer kijken of de rupsjes er nog zitten en hoe ze gegroeid zijn.

Niet veel vlinders, wel aardig wat hommels, waaronder de tuinhommel met z’n snoet in de bloem van trosglidkruid.

Zelfs thuis heb ik hommels in mijn tuin. De weidehommel heeft bruine banden.

Wespendief

Dinsdag 26 mei 2026
Op de poortdeur zit een zwartvlekdwergspanner, net op tijd opgemerkt voordat ik op de fiets stap.

Ik ga vlinders tellen bij de Vossendel. Bij het natte stukje bij de tankval lopen veel oeverkortschildkevertjes (Paederidus ruficollis). Ze zijn heel klein en beweeglijk, toch kan ik met mijn telelens een paar goede foto’s maken.

Er zijn 3 soorten schorpioenvliegen en dit is een vrouwtje weideschorpioenvlieg. Wel een gekke snavelsnuit hebben ze.

Ik ga nog terug naar sectie 19 in de hoop de staartmeesjes te zien, maar in de lucht zie ik heel wat anders: een buizerd en een wespendief. In grootte schelen ze elkaar niet veel.

Mooi zo met dat licht door de vleugels van de wespendief.

Ik ben nu toch in de buurt van hotel Duin en Kruidberg, dus daar eens kijken of er nog libellen rondzoeven. De vuurjuffers zijn niet talrijk dit jaar.

De watersnuffels proberen wel voor uitbreiding te zorgen.

De viervlek heeft in totaal 4 vlekjes op de vleugels.

Op de terugweg nog even door Schoonenberg gefietst. In de warmere periodes zijn daar altijd schildpadden.

Blaasjespistoolkokermot

Vrijdag 22 mei 2026
Bij de Vossendel zie ik staartmeesjes en ik hoop al zo lang op jonge staartmeesjes en ik denk dat ik er nu een op de foto heb. Kenmerk van jonge bedelende vogels is dat ze hun vleugels zo laag houden. Hier is de staart ook heel wijd.

Ook al zou het geen jong zijn, dat zijn ze nog steeds heel leuk.

Aparte tekening heeft de rups van de dubbelstipvoorjaarsuil.

Alweer zie ik een rups van een krakeling, als ik hem fotografeer zit er nog een rups van een perentak naast.

Een boskrabspin zit op het puntje van een blad.

Die streepjes zijn goed te zien op de rups van een kleine voorjaarsuil, maar op de foto zie ik stipjes op de poten en zelfs op de kop is een patroontje!

Nooit verwacht dat ik hier een blaasjespistoolkokermot zou tegen komen, wow.

Wat een prachtig patroon heeft deze hooiwagenvrouw (Platybunus pinetorum), ze zijn zeldzaam, maar de populaties breiden zich wel uit.

Een zanglijster is op het pad insecten aan het zoeken, het lijkt mij een jonge vogel, de mondhoeken zijn nog geel.

’s Avonds ga ik naar de kweektuin in Haarlem voor inventarisatie. Op de Gelderse roos zitten larven van sneeuwbalhaantjes, dat zijn echt vreetmachines.

Op heel veel knoppen van de rododendron zitten rododendronknopvreters, een soort zwammetje.

Er wordt een laken opgezet om te gaan nachtvlinderen, alleen is het nu nog veel te licht en Ben gaat met een paraplu onder de cypres op de takken tikken zodat er insecten in de paraplu vallen. Daarbij is een jeneverbeskielwants in de plu gevallen.

Op de rand van de plu zitten twee schattige kevertjes: Pachyrhinus lethierryi, twee zeldzame exoten die het hier naar hun zin hebben.

Ik doe niet mee met nachtvlinderen en ga op tijd naar huis voordat het helemaal donker wordt.

Gewone ereprijs

Maandag 4 mei 2026
Op het weiland van de Vossendel staat gewone ereprijs, samen met zachte ooievaarsbek.

Als de witte vlindertjes gaan zitten zijn ze wel te determineren. Dit is duidelijk een klein geaderd witje.

Insecten en spinnen weten dat ze voer zijn voor vogels, daarom leggen ze enorm veel eitjes en daar komen dan kleine spinnetjes uit bij de eitjes van de kruisspin.

Een (Vlaamse) gaai met een eikel krijg ik net goed voor de lens voordat hij weer verder vliegt.

Veldhondstong in bloei.

Vrouwtje oranjetipje heeft geen oranje tipje aan de vleugels.

De Europese hoornaar lijkt wel heel boos te kijken, maar dat kan ik ook.

Grote velden gele dovenetels in de bermen, ook hier in het bos, alleen niet zo dicht opeen.

Op het hekje een paar rupsen van de kleine en van de grote wintervlinder.

Sierlijke schildwants

Woensdag 22 april 2026
De sierlijke schildwants is heel zeldzaam, toch al de derde keer dat ik hem hier zie op de route van de Vossendel, of zou het steeds dezelfde zijn?

Ik dacht dat er niet zo veel soorten bloedbijen zijn, wel dus. Ja, dan houd ik het op bloedbij spec.

De bloedbij parasiteert op zandbijen. De witbaardzandbij steekt net haar holletje in een holletje.

Rups krakeling

Woensdag 15 april 2026
Al gelijk bij de eerste secties van de Vossendel zie ik een winterkoninkje. Ik moet snel een foto maken, want er komen net mensen aan, maar ze blijven keurig even wachten.

Ach jeetje, er is een hert uit elkaar gevallen, die loopt nu nog maar met één gewei rond.

Zanglijsters laten zich vrij makkelijk fotograferen, alleen moeten ze natuurlijk niet net achter een takje gaan staan.

De vogelkers in volle bloei. Andere jaren zie ik daar veel langsprietmotten op, dit jaar (nog) niet gezien.

Ik raap een stukje vermolmd hout op. Bij inspectie zit er een snuitkevertje en een bodemkrabspin op, allebei van een paar millimeter.

De kniptor Ectinus aterrimus blijft even poseren op mijn vinger.

Ik wil een schildwants fotograferen en draai met het takje, dan ontdek ik daar een rupsje van 1 cm. Eerst dacht ik van de draak, maar het is een rupsje van de krakeling.

De bonte zandoogjes vliegen al volop.

Terug fiets ik langs de van Tuyllweg, de gemeente heeft daar flink zijn best gedaan om er iets moois van te maken. Complementaire kleuren van geel en paars doen het altijd goed. De gele dovenetels en paarse hyacinten.

Dat roze is ook een zoet kleurtje.

Boomblauwtje

Woensdag 8 april 2026
Bij de Vossendel kijken Audrey en ik of we nog meer dwerggras kunnen vinden. Helaas alleen nog dat ene kleine plukje.

Een boomblauwtje fladdert vrij hoog, als hij even later voor mijn neus gaat zitten, weet ik in ieder geval zeker dat het een boomblauwtje is en geen Icarusblauwtje.

Kokerjuffers

Donderdag 19 maart 2026
Audrey en ik gaan op zoek naar dwerggras bij de Vossendel. Audrey met haar arendsogen heeft het gevonden en wat is het klein.

Ik loop een stuk vooruit langs het slootje en zie kokerjuffers over de takjes in het water lopen. Kokerjuffers zijn de larven van schietmotten (zoals de rupsen larven zijn van vlinders).

Er zijn 58 soorten schietmotten in Nederland, waarvan maar 15 algemeen en de rest is zeldzaam of zeer zeldzaam. Ik vermoed omdat dat komt omdat de larven helder water nodig hebben. Bij de pijl zie je het beestje zitten.

Deze is creatief met uitgebloeide pitrus.

Ze maken hun kokertjes van allerlei materiaal, zoals blaadjes, schelpjes, takjes, enz.

Thuis zit de zuidelijke schildwants nog op de schuur sinds gister. Nu zie ik dat deze dood is, waarschijnlijk heeft een spin hem te grazen genomen. Er hangt ook nog een springstaartje in de spinnendraad.

Wasplaten

Vrijdag 17 oktober 2025
Het is geen vlinderweer, toch ga ik naar de Vossendel, dit keer voor de paddenstoelen. Bij het voetpad valt me de vraatsporen aan de eikenbladen op, het zijn er wel erg veel, waarschijnlijk van een vouwmot.

Op het weiland moeten veel paddenstoelen staan en ja, de parasolzwammen staan daar al te pronken.

Wat een schattig bloemetje van grasmuur.

Een klein zwammetje dat het groot mosklokje heet.

Gele knotszwammen zijn slierten, dus waar die naam vandaan komt?

Wasplaten zijn de orchideeën onder de paddenstoelen, vanwege de kleur en dat ze bijzonder zijn.

Misschien elfenwasplaten?

Er zijn best veel rode wasplaten, dit zou de scharlakenrode kunnen zijn.

Zo fragiel is de dooiergele mestzwam.

Dat is ook de sneeuwvloksatijnzwam.

Hoornaarsnest

Zaterdag 27 september 2025
De wingerd bij de Vossendel wordt al roder.77
De prachtvlamhoed heeft zich een beetje verstopt.

Sponzige kaaszwam, maar ik weet niet of deze te eten is.

Bij een kruising van voetpaden komen wat mensen langs die vragen waar we naar kijken. Nou, we kijken naar een hoornaarsnest met hoornaars. Die nesten zijn geweldig om te zien.

Het lijkt wel een boeket die witte bultzwammen.

Haakjesschildwants

Vrijdag 19 september 2025
Ik tel de Vossendel in m’n eentje. Vorig jaar stonden er langs secties 1, 2 en 3 veel zwarte elzen, nu nog maar een paar. Jammer want daar zaten vaak rupsen op. Nu zit er nog wel een larfje van een bladwesp (Eriocampa ovata) op.

Er zijn ook kleine schildwantsjes, zoals de haakjesschildwants.

Nog veel kleiner is de bodemnetwants, klein maar fijn.

In het bos kom ik een vreemde schimmel tegen. Misschien is dat witte wel hetzelfde als het (vergroeide?) kogelzwammetje er onder.

Veel galletjes van de satijnen knoopjesgalwesp, ze glimmen tussen de dauwdruppels.

De biefstukzwammen worden alweer groot, het bloed drupt er langs.

Volmaakt spinnenweb glinsterend in de zon.