Satijnlichtmot

Maandag 25 september 2017
Toen ik de jas waarmee Nico gevallen was wilde wassen, zag ik een kleine pop van een vlinder op zijn rugkant. Ik heb hem er voorzichtig afgepeuterd en in een potje gedaan en niet meer naar omgekeken. Nu zie ik opeens dat er een vlindertje uitgekomen is en nog wel een bijzondere: de satijnlichtmot.

Dan heb ik nog iets van vorige week: de zaden van de grote waterweegbree had ik meegenomen van het Westelijk tuinbouwgebied voor determinatie.

’s Middags strandwacht met Cora, er valt niet zo veel te beleven, toch blijven de kleine heremietkreeftjes leuk als ze nog leven, ze jagen elkaar uit de huisjes, rennen met het geleende huisje over het zand of ze graven zich in.

Een kleine mantelmeeuw heeft gele poten, deze heeft een ring en die kan ik weer doorgeven aan de ringer.

De laatste tijd zie ik al vaker halfgeknotte strandschelpen half uit het zand steken. Met hun voet graven ze zich in, maar deze heeft zelfs een sleuf gemaakt.

Deze grijze zwemkrab is belaagd geworden door een meeuw en heeft zich proberen in te graven.

Ik wil hem beter bekijken en zet hem in het water, dat wordt dus ook niets om goed te bekijken.

De blaasjeskrab is wel heel mooi, maar hij hoort hier niet.

Deze is nog levend en dat laat hij merken ook.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *